Home

Richtlijn van de Raad van 26 juli 1971 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende de reminrichtingen van bepaalde categorieën motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan (71/320/EEG)

Richtlijn van de Raad van 26 juli 1971 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende de reminrichtingen van bepaalde categorieën motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan (71/320/EEG)

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap, inzonderheid op artikel 100,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Gezien het advies van het Europese Parlement(1),

Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité(2),

  1. Overwegende dat de technische voorschriften waaraan motorvoertuigen krachtens de nationale wetgevingen moeten voldoen, onder meer betrekking hebben op de reminrichting van bepaalde categorieën motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan;

  2. Overwegende dat deze voorschriften van Lid-Staat tot Lid-Staat verschillen; dat het derhalve noodzakelijk is dat alle Lid-Staten dezelfde voorschriften aannemen, hetzij ter aanvulling, hetzij in plaats van hun huidige regeling, met name ten einde voor ieder type voertuig de E.E.G.-goedkeuringsprocedure van de richtlijn van de Raad van 6 februari 1970 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de Lid-Staten betreffende de goedkeuring van motorvoertuigen en aanhangwagens daarvan(3), te kunnen invoeren;

  3. Overwegende dat de geharmoniseerde voorschriften de veiligheid van het wegverkeer op het gehele grondgebied van de Gemeenschap moeten waarborgen,

HEEFT DE VOLGENDE RICHTLIJN VASTGESTELD:

Artikel 1

1.

In de zin van deze richtlijn wordt onder „voertuig” verstaan een voertuig als gedefinieerd in artikel 2 van Richtlijn 70/156/EEG.

De voertuigcategorieën worden gedefinieerd in bijlage II A bij Richtlijn 70/156/EEG.

2.

Ten aanzien van categorie M geldt dat gelede voertuigen bestaande uit twee niet scheidbare, doch onderling beweegbare delen worden beschouwd als één enkel voertuig.

3.

Ten aanzien van categorie N geldt dat met goederen zijn gelijkgesteld de apparaten en installaties welke men aantreft op bepaalde speciale voertuigen die niet zijn bestemd voor het vervoer van personen (kraanwagens, rijdende werkplaatsen, reclamevoertuigen, enz.).

Artikel 2

De Lid-Staten mogen de EEG-goedkeuring of de nationale goedkeuring van een motorvoertuig om redenen die verband houden met de reminrichtingen niet weigeren indien het motorvoertuig is uitgerust met de in de relevante bijlagen bedoelde inrichtingen en indien deze inrichtingen in overeenstemming zijn met de in deze bijlagen opgenomen voorschriften.

Artikel 2 bis

De Lid-Staten mogen de verkoop, de inschrijving, het in het verkeer brengen of het gebruik van voertuigen niet weigeren of verbieden om redenen in verband met de reminrichtingen daarvan, indien het voertuig is uitgerust met de in de relevante bijlagen bedoelde inrichtingen en indien deze inrichtingen in overeenstemming zijn met de in deze bijlagen opgenomen voorschriften.

Artikel 3

De Lid-Staat die de goedkeuring heeft verricht, treft de nodige maatregelen om op de hoogte te worden gesteld van elke wijziging van een der in bijlage I, punt 1.1 genoemde elementen of kenmerken. De bevoegde autoriteiten van deze Staat beoordelen of op het gewijzigde prototype nieuwe proeven moeten worden verricht en of daarom een nieuw keuringsrapport moet worden opgesteld. Indien uit de proeven blijkt dat niet is voldaan aan de voorschriften van deze richtlijn, wordt de wijziging niet toegestaan.

Artikel 4

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

LIJST VAN BIJLAGEN

BIJLAGE IDefinities, constructie- en montagevoorschriften, aanvraag van EG-typegoedkeuring, verlening van EG-typegoedkeuring, wijzigingen van het type en wijziging van goedkeuringen, overeenstemming van de productie

BIJLAGE IIRemproeven en prestaties van de remsystemen

Aanhangsel(zie punt 1.1.4.2)Verdeling van de remkracht over de voertuigassen

BIJLAGE IIIMethode voor het meten van de reactietijd bij voertuigen met drukluchtremmen

AanhangselVOORBEELD VAN EEN SIMULATOR(zie bijlage III, punt 3)

BIJLAGE IVEnergiereservoirs en -bronnen

BIJLAGE VVeerremmen

BIJLAGE VIParkeerrem met mechanische vergrendeling van de remcilinders

BIJLAGE VIIGevallen waarin de proeven van het type I en/of II (of IIA) of III niet behoeven te worden uitgevoerd op het ter typegoedkeuring aangeboden voertuig

Aanhangsel 1Alternatieve procedures voor proeven van het type I of type III voor aanhangwagenremmen

Aanhangsel 2Modelrapport van de beproeving van de referentieas zoals voorgeschreven in punt 3.6 van aanhangsel 1

BIJLAGE VIIIKeuringsvoorwaarden voor voertuigen uitgerust met oploopremmen

Aanhangsel 1Illustratieve diagrammen

Aanhangsel 2Beproevingsrapport betreffende het bedieningsorgaan

Aanhangsel 3Beproevingsrapport betreffende de rem

Aanhangsel 4Beproevingsrapport over de verenigbaarheid van het bedieningsorgaan, de overbrenging en de remmen

BIJLAGE IXGoedkeuringsdossier

Aanhangsel 1

Aanhangsel 2Beproevingsrapport

Aanhangsel 3Lijst van voertuiggegevens in verband met de goedkeuringen overeenkomstig bijlage XV

BIJLAGE XVoorschriften voor de proef met voertuigen met een antiblokkeerremsysteem

Aanhangsel 1Symbolen en definities

Aanhangsel 2Gebruik van de wrijvingscoëfficiënt

Aanhangsel 3Prestaties op een wegdek met verschillende wrijvingscoëfficiënten

Aanhangsel 4Methode voor de selectie van een oppervlak met een lage wrijvingscoëfficiënt

BIJLAGE XIBeproevingsomstandigheden voor aanhangwagens met een elektrisch remsysteem

AanhangselVerenigbaarheid van de vertragingsfactor van de aanhangwagen en de gemiddelde remvertraging van de trekker/aanhangwagencombinatie(Beladen en onbeladen aanhangwagen)

BIJLAGE XIITraagheidsdynamometertest voor remvoeringen

BIJLAGE XIIIRem- en afwijkingsproef voor voertuigen met een reservewiel/band voor tijdelijk gebruik

BIJLAGE XIVAlternatieve procedure voor de beproeving van het antiblokkeerremsysteem (ABS) van aanhangwagens

Aanhangsel 1Goedkeuringsrapport voor een antiblokkeerremsysteem van aanhangwagens

Aanhangsel 2Symbolen en definities

BIJLAGE XVTypegoedkeuring van vervangingsremvoeringsets als technische eenheid

Aanhangsel 1Samenstelling van het goedkeuringsmerkteken en de goedkeuringsgegevens(Zie de punten 4.4 en 6.5 van deze bijlage)

Aanhangsel 2Voorschriften voor vervangingsremvoeringsets voor voertuigen van de categorieën M1, M2 en N1

Aanhangsel 3Voorschriften voor vervangingsremvoeringsets voor voertuigen van de categorieën O1 en O2

Aanhangsel 4Bepaling van het wrijvingsgedrag aan de hand van beproeving met een machine

BIJLAGE XVI

BIJLAGE XVII

BIJLAGE XVIIIINLICHTINGENFORMULIER Nr. …overeenkomstig bijlage I bij Richtlijn 70/156/EEG(*******************************************) betreffende de EEG-typegoedkeuring van een voertuig met betrekking tot het remsysteem van motorvoertuigen(Richtlijn 71/320/EEG, laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 98/12/EG)

BIJLAGE XIXINLICHTINGENFORMULIER Nr. …overeenkomstig bijlage I bij Richtlijn 70/156/EEG(***************************************************) betreffende de EG-typegoedkeuring van een voertuig met betrekking tot het remsysteem van aanhangwagens met andere dan oploopremmen(Richtlijn 71/320/EEG, laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 98/12/EG)