Home

Beschikking van de Commissie van 29 juli 1983 inzake de lijst van inrichtingen in het Gemenebest Australië die erkend zijn voor de invoer van vers vlees in de Gemeenschap (83/384/EEG)

Beschikking van de Commissie van 29 juli 1983 inzake de lijst van inrichtingen in het Gemenebest Australië die erkend zijn voor de invoer van vers vlees in de Gemeenschap (83/384/EEG)

[Tekst geldig vanaf 23-07-1986 tot 22-03-2014]

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 29 juli 1983

inzake de lijst van inrichtingen in het Gemenebest Australië die erkend zijn voor de invoer van vers vlees in de Gemeenschap

(83/384/EEG)



DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 72/462/EEG van de Raad van 12 december 1972 inzake gezondheidsvraagstukken en veterinairrechtelijke vraagstukken bij de invoer van runderen en varkens en van vers vlees uit derde landen ( 1 ), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 83/91/EEG ( 2 ), en met name op artikel 4, lid 1, en artikel 18, lid 1, sub a) en b).

Overwegende dat aan inrichtingen in derde landen slechts kan worden toegestaan vers vlees naar de Gemeenschap te exporteren wanneer zij aan de bij Richtlijn 72/462/EEG vastgestelde algemene en bijzondere voorwaarden voldoen;

Overwegende dat Australië overeenkomstig artikel 4, lid 3, van Richtlijn 72/462/EEG een lijst heeft medegedeeld van de inrichtingen die naar de landen van de Gemeenschap mogen exporteren;

Overwegende dat bij een groot aantal van deze inrichtingen door de Gemeenschap een bezoek ter plaatse is verricht, waarbij is gebleken dat zij op hygiënisch gebied voldoende waarborgen bieden en derhalve kunnen worden opgenomen in een eerste lijst van inrichtingen opgesteld overeenkomstig artikel 4, lid 1, van voornoemde richtlijn, van waaruit de invoer van vers vlees mag worden toegestaan;

Overwegende dat met betrekking tot de overige door Australië voorgestelde inrichtingen een nieuw onderzoek moet worden verricht op basis van aanvullende gegevens ten aanzien van de situatie op hygiënisch gebied en de mogelijkheden om zich snel aan de communautaire wetgeving aan te passen;

Overwegende dat intussen, om de bestaande handelsstromen niet abrupt te onderbreken, aan deze inrichtingen tijdelijk toestemming kan worden verleend om verder vers vlees uit te voeren naar de Lid-Staten die bereid zijn dit vlees te accepteren;

Overwegende dat deze beschikking derhalve opnieuw zal moeten worden bezien en eventueel gewijzigd aan de hand van de ter zake genomen initiatieven en tot stand gebrachte verbeteringen;

Overwegende dat de invoer van vers vlees, voortkomende van de bedrijven voorkomend op de bijgevoegde lijst, onderworpen blijft aan de maatregelen elders genomen, alsook aan de algemene bepalingen van het Verdrag; dat meer in het bijzonder de invoer uit derde landen en de doorzending naar andere Lid-Staten van bepaalde soorten vlees, zoals vlees van minder dan 3 kg of vlees dat residuen bevat van bepaalde substanties voor dewelke een gemeenschappelijke regeling nog niet van toepassing is of voor dewelke de harmonisering nog moet aangevuld worden, aan de veterinairrechtelijke voorschriften van de Lid-Staat van invoer onderworpen blijft onder eerbiediging van de algemene bepalingen van het Verdrag;

Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Permanent Veterinair Comité,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:



Artikel 1

1.  De instellingen in Australië die zijn opgenomen in de bijlage, worden overeenkomstig deze bijlage erkend voor de invoer van vers vlees in de Gemeenschap.

2.  De invoer uit de in lid 1 bedoelde inrichtingen valt verder onder toepassing van de overige communautaire voorschriften op veterinair gebied.

Artikel 2

1.  De Lid-Staten verbieden de invoer van vers vlees van herkomst uit andere dan de in de bijlage vermelde inrichtingen.

2.  De Lid-Staten mogen evenwel de invoer van vers vlees, afkomstig van inrichtingen die niet zijn vermeld in de bijlage maar die officieel op  7 april 1983 ◄ door de Australische autoriteiten erkend en voorgesteld zijn overeenkomstig artikel 4, lid 3, van Richtlijn 72/462/EEG nog toelaten tot en met  30 april 1984 ◄ , behoudens andersluidende beslissing vóór 1 mei 1984 ten aanzien van deze inrichtingen genomen overeenkomstig artikel 4, lid 1, van voornoemde richtlijn.

De lijst van bedoelde inrichtingen wordt door de Commissie aan de Lid-Staten medegedeeld.

Artikel 3

Deze beschikking is van toepassing met ingang van 1 oktober 1983.

Artikel 4

Deze beschikking wordt opnieuw bezien en zo nodig gewijzigd vóór 1 februari 1984.

Artikel 5

Deze beschikking is gericht tot de Lid-Staten.



BIJLAGE

LIJST VAN DE INRICHTINGEN



( 1 ) PB nr. L 302 van 31. 12. 1972, blz. 28.

( 2 ) PB nr. L 59 van 5. 3. 1983, blz. 34.