Home

Verordening (EG) nr. 1262/2001 van de Commissie van 27 juni 2001 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1260/2001 van de Raad, met betrekking tot de aankoop en verkoop van suiker door de interventiebureaus

Verordening (EG) nr. 1262/2001 van de Commissie van 27 juni 2001 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1260/2001 van de Raad, met betrekking tot de aankoop en verkoop van suiker door de interventiebureaus

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1260/2001 van de Raad van 19 juni 2001 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector suiker(1), inzonderheid op artikel 7, lid 5, en artikel 9, lid 3,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Artikel 7, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1260/2001 voorziet in interventiemaatregelen door middel van aankoop van sommige soorten suiker.

  2. Voor de uitvoering van de communautaire interventiemaatregelen moet de suiker door de interventiebureaus op een bepaalde plaats worden overgenomen. Daartoe dient te worden voorgeschreven dat slechts suiker wordt overgenomen die zich ten tijde van de offerte in een erkende opslagplaats bevindt. De interventieregeling is slechts van toepassing op suiker die vervaardigd is uit de in de Gemeenschap geoogste suikerbieten of suikerriet en geeft alleen een afzet- en prijsgarantie voor fabrikanten die over een basisquotum beschikken.

  3. De ervaring in de suikersector heeft het belang van vrije mededinging voor de afzet van suiker aangetoond. Deze vrije mededinging kan worden bevorderd door de activiteit van de onafhankelijke suikerhandel. Het lijkt dus aangewezen om de positie van deze firma's in de suikersector te versterken. Hiertoe is het met name dienstig voor deze firma's de mogelijkheid te openen om Gemeenschapssuiker voor interventie aan te bieden, zodat zij hun transacties onder normale voorwaarden kunnen afwikkelen.

  4. De interventiebureaus zijn verantwoordelijk voor de gekochte goederen. Zij moeten dus als suiker voor interventie wordt aangeboden de nodige maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de suiker onder de voorwaarden voor een goede bewaring ervan wordt opgeslagen. Daarom moet met het oog op een goed functioneren van de interventieregeling de mogelijkheid worden gegeven dat tussen het interventiebureau en de verkoper een opslagcontract wordt gesloten.

  5. Bij de bepaling van de voorwaarden voor het verlenen en intrekken van de erkenning van opslagplaatsen, moet rekening worden gehouden met de eisen voor goede bewaring en de mogelijkheid tot overname van de suiker, de ligging van de opslagplaats, de door de aanvrager van de erkenning gewaarborgde uitslagcapaciteit en, naar gelang van het geval, de door hem gegarandeerde opzakcapaciteit in het geval van overname van aangeboden suiker.

  6. In verband met de uitbreiding van de mogelijkheid van interventie tot de gespecialiseerde suikerhandelaren, moeten voor het verlenen en het intrekken van de erkenning van deze activiteit objectieve beoordelingsmaatstaven worden vastgesteld, inzonderheid met betrekking tot een significante activiteit in de suikerhandel. Het is wenselijk aan iedere lidstaat de bevoegdheid te laten eventueel aanvullende voorwaarden op te leggen en de erkenning in te trekken wanneer niet aan die voorwaarden wordt voldaan. Het is dienstig voor te schrijven dat iedere maatregel waarbij deze erkenning verlengd of ingetrokken wordt, aan de Commissie wordt medegedeeld.

  7. In Verordening (EEG, Euratom) nr. 3954/87 van de Raad van 22 december 1987 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar(2), gewijzigd bij Verordening (EEG, Euratom) nr. 2218/89(3), is de procedure vastgelegd die in geval van stralingsgevaar moet worden gevolgd voor de bepaling van de toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders die op de markt worden gebracht. Bijgevolg komen landbouwproducten met een hogere radioactieve besmetting niet voor interventieaankoop in aanmerking.

  8. Interventie dient te worden geweigerd voor suiker die kenmerken vertoont waardoor de latere afzet kan worden belemmerd en waardoor kwaliteitsverlies tijdens de opslag kan worden veroorzaakt.

  9. Om het normale beheer van de interventieregeling te vergemakkelijken, dient te worden voorgeschreven dat de suiker in partijen moet worden aangeboden en dat daartoe moet worden bepaald welke hoeveelheid een partij vormt.

  10. Het interventiebureau moet in staat worden gesteld met kennis van zaken na te gaan of de offerte aan de gestelde voorwaarden voldoet. Te dien einde dient de aanbieder alle nodige gegevens aan het interventiebureau mede te delen.

  11. Het interventiebureau kan, indien het zulks noodzakelijk acht, de aanvaarding van de offerte afhankelijk stellen van het sluiten van een opslagcontract met de verkoper. Derhalve dienen met het oog op de uniformiteit de voornaamste bepalingen te worden vastgesteld die in een dergelijk contract moeten voorkomen, met name ten aanzien van de geldigheidsduur.

  12. De suiker moet in de erkende silo's en opslagplaatsen onder optimale omstandigheden kunnen worden opgeslagen en voorts wordt algemeen aangenomen dat suiker gedurende ongeveer twaalf maanden kan worden opgeslagen zonder gevaar voor kwaliteitsverlies, indien aan de gestelde voorwaarden is voldaan. Ingeval met de verkoper een opslagcontract is gesloten, is het daarom juist dat de verkoper, ongeacht het ogenblik van eigendomsovergang, voor een periode van in principe hoogstens twaalf maanden aansprakelijk blijft voor de kwaliteit van de betrokken suiker.

  13. In artikel 7, lid 5, van Verordening (EG) nr. 1260/2001 is bepaald dat in het kader van de uitvoeringsbepalingen de tabellen met de op de interventieprijs toe te passen toeslagen en kortingen worden vastgesteld, waarbij rekening wordt gehouden met de kwaliteit van de aangeboden suiker. Voor de vaststelling van deze tabellen is het noodzakelijk de suiker in verschillende kwaliteitscategorieën in te delen. Deze indeling en de daaruit voortvloeiende toeslagen en kortingen kunnen worden vastgesteld op basis van de objectieve gegevens waarvan in de handel over het algemeen wordt uitgegaan.

  14. Ter voorkoming van discriminatie bij de behandeling van de betrokkenen en gelet op de administratieve gebruiken in iedere lidstaat, dienen uniforme voorwaarden te worden vastgesteld voor betaling en overneming van de goederen, met of zonder opslagcontract, met name ten aanzien van de termijnen voor betaling en overneming.

  15. Het kan noodzakelijk blijken dat de voor interventie aangeboden suiker met het oog op zijn latere bestemming in zakken wordt geleverd. Het interventiebureau moet de mogelijkheid hebben om bepaalde in de handel algemeen gebruikelijke wijzen van verpakking te verlangen, op voorwaarde dat dit bureau daarvan de kosten draagt, die forfaitair worden vastgesteld.

  16. Wanneer het interventiebureau bepaalde verpakkingswijzen voorschrijft, worden de kosten door dit bureau forfaitair vastgesteld voor zakken in perfecte staat. Daarom moet worden voorgeschreven dat, ingeval van een opslagcontract met de aanbieder, deze kosten worden betaald nadat de staat van de zakken is geconstateerd.

  17. Verordening (EEG) nr. 1265/69 van de Commissie van 1 juli 1969 betreffende de methoden welke van toepassing zijn bij de bepaling van de kwaliteit voor suiker die is gekocht door de interventiebureaus(4), gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1280/71(5), heeft slechts betrekking op de technische aspecten van deze methoden. Aangezien deze methoden bovendien geen volstrekt exacte resultaten opleveren, dient een marge te worden toegestaan om met mogelijke fouten rekening te houden. Voorts dient in de nodige arbitrageprocedures te worden voorzien voor de regeling van geschillen die voortvloeien uit de vergelijking van analyseresultaten die van elkaar verschillen.

  18. Via interventie moeten producten voorlopig uit de markt kunnen worden genomen als het marktevenwicht is verstoord om ze weer op de markt te kunnen brengen zodra deze zich heeft hersteld. Daarom moeten de voor interventie aangeboden of opgeslagen producten al naar gelang van het geval geschikt zijn voor menselijke consumptie of diervoeding.

  19. De suiker waarover de interventiebureaus beschikken, moet zonder discriminatie tussen de kopers van de Gemeenschap en tegen de economisch het meest interessante voorwaarden worden verkocht. Deze doeleinden worden over het algemeen door het houden van inschrijvingen bereikt. Om te voorkomen dat de suiker bij een ongunstige marktsituatie wordt afgezet, is het dienstig de inschrijving afhankelijk te maken van een voorafgaande machtiging. Bepaalde bijzondere omstandigheden kunnen het gebruik van andere procedures dan de inschrijvingsprocedures evenwel gewenst maken.

  20. Gezien de veranderingen in de regelingen voor interventiemaatregelen, is het dienstig nieuwe bepalingen betreffende de verkoop bij inschrijving van suiker door de interventiebureaus vast te stellen.

  21. Om alle gegadigden in de Gemeenschap een gelijke behandeling te waarborgen, moeten de door de interventiebureaus te houden inschrijvingen aan uniforme beginselen beantwoorden. In dit verband is het noodzakelijk bepalingen vast te stellen die waarborgen dat de suiker voor het beoogde doel wordt gebruikt.

  22. In verband met de specifieke kenmerken van de suikersector zijn een aantal bijzondere regels nodig. Het is met name dienstig de mogelijkheid te openen om, voor de hoeveelheid suiker die wordt verkocht, een maximum per inschrijver vast te stellen zodat zoveel mogelijk gegadigden aan de inschrijving deel kunnen nemen. Voorts is het, gezien de snelle wijzigingen van de prijzen en noteringen voor suiker, dienstig de inschrijver niet te verplichten zijn offerte te handhaven wanneer de toewijzing plaatsvindt na een door hem aangegeven datum en tijdstip.

  23. Met name in verband met de opslagkosten is nadere bepaling van het tijdstip van de eigendomsoverdracht van de suiker noodzakelijk.

  24. Het is dienstig om voor de constatering van de categorie van de verkochte witte suiker en van het rendement van de verkochte ruwe suiker dezelfde criteria aan te houden als die welke zijn vastgesteld voor de aankoop van suiker door de interventiebureaus. Een gelijke behandeling van de gegadigden kan slechts gewaarborgd worden door vaststelling van uniforme en strikte voorschriften voor het aanpassen, naar gelang van het geval, van de verkoopprijs, de denatureringspremie en de uitvoerrestitutie, alsmede voor de rectificatie van het uitvoercertificaat, indien wordt vastgesteld dat de kwaliteit afwijkt van de in het bericht van inschrijving vermelde kwaliteit.

  25. De bij deze verordening vastgestelde uitvoeringsbepalingen komen in de plaats van die welke zijn vastgesteld bij Verordening (EEG) nr. 258/72 van de Commissie van 3 februari 1972 houdende vaststelling van de uitvoeringsbepalingen voor de verkoop bij inschrijving van suiker door de interventiebureaus(6), gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 260/96(7), en bij Verordening (EEG) nr. 2103/77 van de Commissie van 23 september 1977 houdende uitvoeringsbepalingen voor de aankoop door de interventiebureaus van suiker vervaardigd uit suikerbieten of suikerriet geoogst in de Gemeenschap(8), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 260/96, die bijgevolg ingetrokken moeten worden.

  26. De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor suiker,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

TITEL I AANKOOP

HOOFDSTUK I Algemene bepalingen

Artikel 1

1.

Het interventiebureau koopt slechts suiker indien die wordt aangeboden door:

  1. degene die over een basisquotum beschikt;

  2. een gespecialiseerde suikerhandelaar die is erkend door de lidstaat op het grondgebied waarvan zijn bedrijf is gevestigd.

2.

De offertes voor interventie worden schriftelijk gedaan aan het interventiebureau van de suikerproducerende lidstaat op het grondgebied waarvan de aangeboden suiker zich ten tijde van de offerte bevindt.

3.

Alleen suiker die zich ten tijde van de offerte in een erkende opslagplaats bevindt, kan worden overgenomen.

De erkenning wordt verleend door de bevoegde autoriteit van de betrokken lidstaat.

HOOFDSTUK II Erkenning

Artikel 2

Artikel 3

HOOFDSTUK III Offerte

Artikel 4

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

Artikel 8

HOOFDSTUK IV Opslagcontract

Artikel 9

Artikel 10

Artikel 11

HOOFDSTUK V Koopprijs

Artikel 12

Artikel 13

Artikel 14

Artikel 15

Artikel 16

HOOFDSTUK VI Overneming

Artikel 17

Artikel 18

Artikel 19

Artikel 20

TITEL II VERKOOP

HOOFDSTUK I Algemene bepalingen

Artikel 21

HOOFDSTUK II Verkoop bij inschrijving

Artikel 22

Artikel 23

Artikel 24

Artikel 25

Artikel 26

Artikel 27

Artikel 28

Artikel 29

Artikel 30

Artikel 31

Artikel 32

Artikel 33

Artikel 34

Artikel 35

Artikel 36

Artikel 37

Artikel 38

Artikel 39

Artikel 40

TITEL III SLOTBEPALINGEN

Artikel 41

Artikel 42