Home

Verordening (EG) nr. 2423/2001 van de Europese Centrale Bank van 22 november 2001 met betrekking tot de geconsolideerde balans van de sector monetaire financiële instellingen (ECB/2001/13)

Verordening (EG) nr. 2423/2001 van de Europese Centrale Bank van 22 november 2001 met betrekking tot de geconsolideerde balans van de sector monetaire financiële instellingen (ECB/2001/13)

DE RAAD VAN BESTUUR VAN DE EUROPESE CENTRALE BANK,

Gelet op Verordening (EG) nr. 2533/98 van de Raad van 23 november 1998 met betrekking tot het verzamelen van statistische gegevens door de Europese Centrale Bank(2), inzonderheid op artikel 5, lid 1 en artikel 6, lid 4,

Gelet op Verordening (EG) nr. 2531/98 van de Raad van 23 november 1998 met betrekking tot de toepassing van reserveverplichtingen door de Europese Centrale Bank(3), inzonderheid op artikel 6, lid 4,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Verordening (EG) nr. 2819/98 van de Europese Centrale Bank van 1 december 1998 met betrekking tot de geconsolideerde balans van de sector monetaire financiële instellingen (ECB/1998/16)(4) is al gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1921/2000 (ECB/2000/8)(5). Nu de genoemde verordening opnieuw aanzienlijk wordt gewijzigd, is het wenselijk dat de relevante bepalingen opnieuw geordend worden door deze in deze verordening in één tekst onder te brengen.

  2. Het Europees Stelsel van centrale banken (ESCB) heeft voor de uitvoering van zijn taken een geconsolideerde balans van de sector monetaire financiële instellingen (MFI) nodig. Het belangrijkste doel daarvan is de Europese Centrale Bank (ECB) een volledig statistisch beeld te geven van de monetaire ontwikkelingen in de deelnemende lidstaten, die als één economisch gebied worden beschouwd. Deze statistieken bestrijken de geaggregeerde financiële activa en passiva, in termen van standen en kwalitatief hoogwaardige stromen van leningen, alsook verbeterde stromen van aangehouden effecten.

  3. Overeenkomstig de bepalingen van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap (hierna het „Verdrag” te noemen) en krachtens de in de Statuten van het ESCB en van de ECB (hierna de „statuten” te noemen) neergelegde voorwaarden, stelt de ECB verordeningen op, voorzover deze nodig zijn voor de uitvoering van de taken van het ESCB overeenkomstig de statuten en in sommige gevallen overeenkomstig de in artikel 107, lid 6, van het Verdrag genoemde door de Raad aangenomen bepalingen.

  4. Artikel 5.1 van de statuten vereist dat de ECB, bijgestaan door de nationale centrale banken (NCB's), hetzij bij de bevoegde nationale autoriteiten of rechtstreeks bij de economische subjecten de voor de vervulling van de taken van het ESCB benodigde statistische gegevens verzamelt. Artikel 5.2 van de statuten bepaalt dat de NCB's voorzover mogelijk de in artikel 5.1 omschreven taken uitvoeren.

  5. Het kan voor de NCB's noodzakelijk zijn, en het kan de rapportagelast verlichten om bij de werkelijke populatie van informatieplichtigen — binnen een breder kader voor statistische rapportage dat de NCB's onder eigen verantwoordelijkheid overeenkomstig communautaire of nationale wetgeving respectievelijk gevestigd gebruik opzetten en dat ook andere statistische doeleinden dient — de statistische gegevens te verzamelen die nodig zijn om aan de statistische rapportageverplichtingen van de ECB te voldoen, vermits de statistische verplichtingen van de ECB worden nagekomen. Het is in deze gevallen voor een grotere doorzichtigheid gepast de informatieplichtigen ervan in kennis te stellen dat de gegevens voor andere statistische doeleinden worden verzameld. In specifieke gevallen kan de ECB ter voldoening aan haar verplichtingen gebruikmaken van de aldus verzamelde statistische gegevens.

  6. De ECB is ingevolge artikel 3 van Verordening (EG) nr. 2533/98 gehouden om de werkelijke populatie van informatieplichtigen te bepalen uit de referentiegroep van informatieplichtigen en is gerechtigd om bepaalde categorieën informatieplichtigen geheel of gedeeltelijk vrij te stellen van hun rapportageverplichtingen. Artikel 6, lid 4, bepaalt dat de ECB verordeningen mag vaststellen tot nadere bepaling van de voorwaarden waaronder het recht tot verificatie of de gedwongen verzameling van statistische gegevens mag worden uitgeoefend.

  7. Artikel 5 van Verordening (EG) nr. 2531/98 geeft de ECB de bevoegdheid tot het aannemen van verordeningen of beschikkingen teneinde bepaalde instellingen vrij te stellen van de verplichting tot het aanhouden van minimumreserves, om de voorwaarden te omschrijven waaronder bepaalde verplichtingen jegens enigerlei andere instelling niet hoeven te worden opgenomen in of in mindering kunnen worden gebracht op de reservebasis, en om voor specifieke categorieën verplichtingen afwijkende reserveratio's vast te stellen. Artikel 6 van genoemde verordening geeft de ECB het recht om bij instellingen de voor de toepassing van reserveverplichtingen noodzakelijke gegevens in te zamelen en om de juistheid en kwaliteit van door instellingen verstrekte informatie te verifiëren teneinde te controleren of deze aan hun reserveverplichtingen hebben voldaan. Het is voor het verminderen van de algemene rapportagelast wenselijk de statistische informatie over de maandelijkse balans ook te gebruiken voor de regelmatige berekening van de reservebasis van de kredietinstellingen die aan reserveverplichtingen onderhevig zijn.

  8. Artikel 4 van Verordening (EG) nr. 2533/98 bepaalt dat de lidstaten op het gebied van statistische informatie hun eigen organisatie dienen in te richten en volledig met het ESCB dienen samen te werken ter verzekering van de vervulling van de uit artikel 5 van de statuten voortvloeiende verplichtingen.

  9. Verordeningen die door de ECB uit hoofde van artikel 34.1 van de statuten worden vastgesteld kennen weliswaar geen rechten toe en leggen geen verplichtingen op aan niet-deelnemende lidstaten, maar artikel 5 van de statuten is desalniettemin zowel op deelnemende als niet-deelnemende lidstaten van toepassing. Verordening (EG) nr. 2533/98 herinnert eraan dat artikel 5 van de statuten, samen met artikel 5 van het Verdrag, voor de niet-deelnemende lidstaten, om deelnemende lidstaten te kunnen worden, de verplichting inhoudt om op nationaal niveau alle maatregelen te nemen en uit te voeren die zij dienstig achten voor de verzameling van de statistische gegevens die nodig zijn om te voldoen aan de door de ECB opgelegde statistische rapportageverplichtingen, evenals voor het tijdig treffen van voorbereidingen op het gebied van statistieken.

  10. Om het liquiditeitenbeheer van de ECB en de kredietinstellingen te vergemakkelijken, dienen reserveverplichtingen uiterlijk op de eerste dag van de reserveperiode te worden bevestigd; bij uitzondering zou het kunnen zijn dat kredietinstellingen herzieningen van de reservebasis of van bevestigde reserveverplichtingen moeten rapporteren; de procedures voor bevestiging of aanvaarding van reserveverplichtingen laten de verplichting van informatieplichtigen onverlet om altijd correcte statistische informatie te rapporteren en eventueel reeds gerapporteerde onjuiste statistische informatie te herzien.

  11. De vaststelling van specifieke procedures voor fusies en splitsingen van kredietinstellingen is noodzakelijk ter verduidelijking van de reserveverplichtingen van deze instellingen; de in deze verordening vastgelegde definities van fusies en splitsingen zijn gebaseerd op bestaande definities in aanvullende communautaire wetgeving inzake naamloze vennootschappen. Deze definities zijn aangepast voor de toepassing van deze verordening; deze procedures laten de mogelijkheid onverlet dat minimumreserves via een bemiddelende instelling worden aangehouden.

  12. De monetaire statistieken van de ECB worden afgeleid van MFI balansstatistieken die worden verzameld overeenkomstig de in fase II van de economische en monetaire unie voorbereide Verordening (EG) nr. 2819/98 (ECB/1998/16), en werden derhalve slechts beschouwd als de voor monetaire beleidsdoeleinden minimaal vereiste set gegevens. Bovendien bestreek de verordening alleen de verzameling van balansstanden en niet de rapportage van gegevens betreffende herwaarderingsaanpassingen die vereist zijn om stroomstatistieken samen te stellen voor tegenposten van een ruim monetair aggregaat M3, waarvan de groeicijfers worden afgeleid. Met het oog op de beperkingen van deze set gegevens was het noodzakelijk de MFI balansstatistieken uit te breiden.

  13. Het is noodzakelijk om de maandelijkse verplichtingen uit te breiden voor het verschaffen van een maandelijkse uitsplitsing van depositoverplichtingen naar subsector en voorts naar looptijd/valuta en van leningen naar subsector/looptijd en doel aangezien zij als essentieel worden beschouwd voor monetaire beleidsdoeleinden. Dit omvat de integratie van gegevens die eerder slechts op kwartaalbasis werden verzameld.

  14. Het is noodzakelijk om tijdig stand- en stroomstatistieken af te leiden voor monetaire aggregaten en tegenposten. Uit de geconsolideerde balans in termen van standen, worden stroomstatistieken afgeleid met behulp van aanvullende statistische informatie met betrekking tot wisselkoerswijzigingen, andere waardeveranderingen van effecten en de afschrijvingen/afwaarderingen van leningen en overige aanpassingen zoals herclassificaties.

  15. Ter verzekering van naar behoren geharmoniseerde en kwalitatief hoogwaardige gegevens over afschrijvingen/afwaarderingen van leningen is het noodzakelijk verplichtingen op te leggen aan de statistische informatieplichtigen. Het is ook nodig om gegevens te verzamelen over de prijsherwaardering van effecten.

  16. De aparte balanscategorie „Geldmarktpapier” wordt geschrapt en samengevoegd met de gegevenscategorie „uitgegeven schuldbewijzen” aan de passiefzijde. Instrumenten die in deze categorie worden ingedeeld, worden onder uitgegeven schuldbewijzen opgenomen en ingedeeld volgens hun oorspronkelijke looptijd. Een overeenkomstige herindeling is ook uitgevoerd aan de actiefzijde van de MFI-balans.

  17. De definitie van deposito's dient rekening te houden met het gebruik van elektronisch geld,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1 Definities

In het kader van deze verordening hebben de termen „informatieplichtigen”, „deelnemende lidstaat”, „ingezetene” en „ingezeten” dezelfde betekenis als gedefinieerd in artikel 1 van Verordening (EG) nr. 2533/98.

Binnen het kader van deze verordening hebben de termen „instelling voor elektronisch geld” en „elektronisch geld” dezelfde betekenis als in artikel 1, lid 3 van Richtlijn 2000/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 18 september 2000 betreffende de toegang tot, de uitoefening van en het bedrijfseconomisch toezicht op de werkzaamheden van instellingen voor elektronisch geld(6).

Artikel 2 Werkelijke populatie van informatieplichtigen

1.

De werkelijke populatie van informatieplichtigen bestaat uit de MFI's die ingezetenen zijn van de deelnemende lidstaten. Voor statistische doeleinden omvatten MFI's de ingezeten kredietinstellingen zoals gedefinieerd in het Gemeenschapsrecht en alle andere ingezeten financiële instellingen die zich toeleggen op het aantrekken van deposito's en/of nauwe substituten van deposito's van andere instellingen dan MFI's en op het voor eigen rekening (althans in economische zin) verstrekken van kredieten en/of beleggen in effecten.

2.

Nationale centrale banken kunnen kleine MFI's een vrijstelling verlenen, mits de MFI's die bijdragen aan de opstelling van de maandelijkse geconsolideerde balans ten minste 95 % uitmaken van de totale MFI-balans in termen van standen in elke deelnemende lidstaat. De NCB's controleren op tijd of aan deze voorwaarde wordt voldaan, teneinde met ingang van het begin van elk jaar een vrijstelling te verlenen of, zo nodig, in te trekken.

3.

Binnen het kader van deel 1, afdeling III, paragraaf (vi) van bijlage I bestaat de werkelijke populatie van informatieplichtigen mede uit overige financiële intermediairs met uitzondering van verzekeringsinstellingen en pensioenfondsen (hierna aangeduid als OFI's), zoals bepaald in artikel 2, lid 2, sub a), van Verordening (EG) nr. 2533/98. NCB's mogen deze entiteiten vrijstellingen verlenen, mits de vereiste statistische gegevens worden verzameld uit andere beschikbare bronnen, zulks conform deel 1, afdeling III, paragraaf vi), van bijlage I. NCB's zien erop toe dat tijdig aan deze voorwaarde wordt voldaan. In overeenstemming met de ECB verlenen zij indien nodig een vrijstelling, of trekken deze in, zulks vanaf het begin van het jaar. Binnen het kader van deze verordening kunnen de NCB's een lijst van informatieplichtige OFI's opmaken en bijhouden, zulks overeenkomstig de beginselen van deel 1, afdeling III, paragraaf vi), van bijlage I.

4.

Zonder afbreuk te doen aan Richtlijn 2006/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006 betreffende de toegang tot en de uitoefening van de werkzaamheden van kredietinstellingen (herschikking)(7) en artikel 2 van Verordening (EG) nr. 1745/2003 van de Europese Centrale Bank van 12 september 2003 inzake de toepassing van reserveverplichtingen (ECB/2003/9)(8), kunnen NCB’s onder de in de paragrafen 2 tot en met 4 van bijlage III vastgelegde voorwaarden aan individuele instellingen voor elektronisch geld vrijstellingen verlenen. De NCB’s controleren of tijdig is voldaan aan de in paragraaf 2 van bijlage III vastgelegde voorwaarden teneinde een vrijstelling te verlenen of in te trekken, indien vereist. NCB’s stellen de ECB in kennis van een verleende vrijstelling.

Artikel 3 Lijst van MFI's voor statistische doeleinden

1.

Overeenkomstig de classificatiebeginselen zoals omschreven in deel 1, afdeling I, van bijlage I, stelt de ECB voor statistische doeleinden een lijst van MFI's op en houdt deze bij, daarbij rekening houdend met de eisen inzake frequentie en tijdigheid die voortvloeien uit het gebruik van deze lijst binnen het kader van het ESCB-stelsel van reserveverplichtingen. De bevoegdheid tot het opstellen en bijhouden van de lijst van MFI's voor statistische doeleinden berust bij de directie van de ECB.

2.

De lijst van MFI's voor statistische doeleinden en de geactualiseerde versies daarvan worden door de NCB's en de ECB op passende wijze voor de betrokken instellingen toegankelijk gemaakt, onder meer langs elektronische weg, via internet of, op verzoek van de desbetreffende informatieplichtigen, in gedrukte vorm.

3.

De lijst van MFI's voor statistische doeleinden dient uitsluitend ter informatie. Ingeval de meest recent beschikbare versie van de lijst overeenkomstig lid 2 onjuist is, legt de ECB echter geen sancties op aan entiteiten die niet naar behoren aan hun rapportageverplichtingen hebben voldaan voorzover de desbetreffende instelling te goeder trouw afging op de onjuiste lijst.

Artikel 4 Statistische rapportageverplichtingen

1.

Ten behoeve van de regelmatige productie van de geconsolideerde balans van de MFI-sector, in termen van standen en stromen, verstrekt de werkelijke populatie van informatieplichtigen aan de NCB van de lidstaat waarin de MFI ingezetene is, maandelijks statistische balansgegevens per maandultimo en maandelijkse stroomaanpassingen met betrekking tot afschrijvingen/afwaarderingen van leningen en prijsherwaarderingen van aangehouden effecten tijdens de rapportageperiode. Nadere bijzonderheden over bepaalde balansposten worden op kwartaalbasis gerapporteerd, in termen van standen.

2.

De vereiste statistische informatie is gespecificeerd in bijlage I van deze verordening.Met betrekking tot bijlage I, sectie IV, deel 1, paragraaf 6a en paragraaf 7a, beoordeelt elke NCB ingeval van gegevens betreffende met het „#” of „*” symbool gemerkte cellen, in tabel 3 en tabel 4 van bijlage I, deel 2, of deze niet-significant zijn en informeert de rapportageplichtigen indien zij rapportage ervan niet verlangt.

3.

De vereiste statistische informatie wordt gerapporteerd overeenkomstig de minimumnormen voor transmissie, nauwkeurigheid, conceptuele naleving en herzieningen zoals bepaald in bijlage IV van deze verordening.

4.

De NCB's definiëren en passen de door de werkelijke populatie van informatieplichtigen te volgen rapportageprocedures toe overeenkomstig nationale kenmerken. De NCB's verzekeren dat deze rapportageprocedures de vereiste statistische informatie opleveren en een nauwkeurige controle mogelijk maken van de naleving van de minimumnormen voor transmissie, nauwkeurigheid, conceptuele naleving en herzieningen zoals vastgelegd in artikel 4, lid 3.

5.

De in artikel 2, lid 2, bedoelde vrijstellingen leiden op de volgende wijze tot een vermindering van de statistische rapportageverplichtingen van MFI's:

  • voor de kredietinstellingen met een dergelijke vrijstelling gelden de verminderde rapportageverplichtingen als omschreven in bijlage II van deze verordening;

  • voor kleine MFI's die geen kredietinstellingen zijn, gelden de verminderde rapportageverplichtingen als omschreven in bijlage III van deze verordening;

Kleine MFI's kunnen ervoor kiezen geen gebruik te maken van de vrijstellingen en in plaats daarvan de volledige rapportageverplichtingen na te komen.

6.

Zonder afbreuk te doen aan de vrijstelling in artikel 2, lid 2, kunnen NCB's aan geldmarktfondsen een vrijstelling verlenen met betrekking tot de rapportage van herwaarderingsaanpassingen, waarmee de geldmarktfondsen vrijgesteld worden van elke verplichting om de herwaarderingsaanpassing te rapporteren.

7.

NCB's kunnen een vrijstelling verlenen met betrekking tot de frequentie en de uiterste data van de rapportage inzake herwaarderingen van effecten en deze gegevens op kwartaalbasis verlangen en op dezelfde uiterste data als voor de standengegevens die worden gerapporteerd op kwartaalbasis, onder voorwaarde dat voldaan wordt aan de volgende vereisten:

  • informatieplichtigen verstrekken de NCB's de relevante informatie over waarderingspraktijken, met inbegrip van een kwantitatieve aanduiding van het percentage van hun bezit van deze instrumenten dat onderhevig is aan verschillende waarderingsmethoden;

  • in geval van een aanzienlijke herwaardering van de koers, hebben de NCB's het recht informatieplichtigen te verzoeken aanvullende informatie te verstrekken over de maand waarin de ontwikkeling zich voordeed.

8.

In het geval van een fusie of splitsing dan wel een andere vorm van reorganisatie die de naleving van zijn statistische verplichtingen kan raken, stelt de betreffende informatieplichtige, zodra het voornemen tot het uitvoeren van een dergelijke rechtshandeling openbaar geworden is en tijdig voor de fusie, de splitsing of de reorganisatie van kracht wordt, de betreffende NCB in kennis van de voorgenomen procedures ter nakoming van de in deze verordening neergelegde statistische informatieverplichtingen.

Artikel 5 Gebruik van de gerapporteerde statistische informatie binnen het kader van Verordening (EG) nr. 2818/98 (ECB/1998/15)

Artikel 6 Verificatie en gedwongen verzameling

Artikel 7 Overgangsbepalingen

Artikel 8 Intrekking

Artikel 9

BIJLAGE ISTATISTISCHE RAPPORTAGEVERPLICHTINGEN EN CLASSIFICATIEBEGINSELEN

BIJLAGE IISPECIFIEKE EN OVERGANGSBEPALINGEN EN BEPALINGEN INZAKE FUSIES VAN KREDIETINSTELLINGEN VOOR DE TOEPASSING VAN HET STELSEL VAN VERPLICHTINGEN INZAKE MINIMUMRESERVES

APPENDIX

BIJLAGE III

BIJLAGE IV

BIJLAGE V