Deze beschikking is van toepassing op alle voor menselijke consumptie of voor diervoeding bestemde producten van dierlijke oorsprong die uit China worden ingevoerd.
Beschikking van de Commissie van 20 december 2002 betreffende beschermende maatregelen ten aanzien van uit China ingevoerde producten van dierlijke oorsprong (kennisgeving geschied onder nummer C(2002) 5377) (Voor de EER relevante tekst) (2002/994/EG)
Beschikking van de Commissie van 20 december 2002 betreffende beschermende maatregelen ten aanzien van uit China ingevoerde producten van dierlijke oorsprong (kennisgeving geschied onder nummer C(2002) 5377) (Voor de EER relevante tekst) (2002/994/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Richtlijn 97/78/EG van de Raad van 18 december 1997 tot vaststelling van de beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor producten die uit derde landen in de Gemeenschap worden binnengebracht(1), en met name op artikel 22, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
Krachtens Richtlijn 97/78/EG moeten de nodige maatregelen worden vastgesteld ten aanzien van de invoer van bepaalde producten uit derde landen wanneer een potentieel ernstig risico voor de gezondheid van mens of dier opduikt of zich verspreidt.
Krachtens Richtlijn 95/53/EG van de Raad van 25 oktober 1995 tot vaststelling van de beginselen inzake de organisatie van de officiële controles op het gebied van diervoeding(2), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 2001/46/EG van het Europees Parlement en de Raad(3), moeten de nodige maatregelen worden vastgesteld met betrekking tot de invoer van bepaalde producten uit derde landen die bestemd zijn voor diervoeding, wanneer een potentieel ernstig gevaar voor de gezondheid van mens of dier opduikt of zich verspreidt.
Krachtens Richtlijn 96/23/EG van de Raad van 29 april 1996 inzake controlemaatregelen ten aanzien van bepaalde stoffen en residuen daarvan in levende dieren en in producten daarvan en tot intrekking van de Richtlijnen 85/358/EEG en 86/469/EEG en de Beschikkingen 89/187/EEG en 91/664/EEG(4), moet op het productieproces van dieren en primaire producten van dierlijke oorsprong toezicht worden gehouden met het oog op de opsporing van bepaalde residuen en stoffen bij levende dieren, in de excreta en biologische vloeistoffen daarvan, alsmede in weefsel, dierlijke producten, diervoeders en drinkwater.
Nadat de aanwezigheid van chlooramfenicol was geconstateerd in uit China ingevoerde aquacultuur- en visserijproducten, heeft de Commissie Beschikking 2001/699/EG van 19 september 2001 betreffende beschermende maatregelen ten aanzien van bepaalde voor menselijke consumptie bestemde visserij- en aquacultuurproducten van oorsprong uit China en Vietnam(5), gewijzigd bij Beschikking 2002/770/EG(6), vastgesteld. Voorts heeft de Commissie, nadat bij een inspectiebezoek in China tekortkomingen aan het licht waren gekomen met betrekking tot de regeling inzake diergeneesmiddelen en de controle op residuen bij levende dieren en dierlijke producten, Beschikking 2002/69/EG van 30 januari 2002 betreffende beschermende maatregelen ten aanzien van uit China ingevoerde producten van dierlijke oorsprong(7), laatstelijk gewijzigd bij Beschikking 2002/933/EG(8), vastgesteld.
In Beschikking 2002/69/EG is bepaald dat de beschikking opnieuw wordt bezien in het licht van de door de bevoegde autoriteiten van China verstrekte informatie, de resultaten van de geïntensiveerde bewaking en de door de lidstaten uitgevoerde tests van zendingen bij aankomst in de communautaire grensinspectieposten en, indien nodig, de resultaten van door deskundigen van de Commissie uitgevoerde inspectiebezoeken ter plaatse. Op grond van de door de Chinese autoriteiten verstrekte informatie en van de gunstige resultaten van de door de lidstaten verrichte controles, kan de invoer van bepaalde producten van dierlijke oorsprong weer worden toegestaan, en dus moet Beschikking 2002/69/EG op diverse punten worden aangepast.
In het licht van de door de Chinese autoriteiten verstrekte informatie kan de invoer van de categorieën producten van dierlijke oorsprong waarvoor de door China vastgestelde programma's voor residubewaking zijn goedgekeurd, worden toegestaan.
Voor bepaalde andere categorieën producten van dierlijke oorsprong moet, gezien de resultaten van de door de lidstaten verrichte controles, de bij Beschikking 2002/69/EG vastgestelde bewaking worden gehandhaafd. De frequentie waarmee de zendingen moeten worden getest, moet worden vastgesteld met inachtneming van het geconstateerde risiconiveau.
Voor visserijproducten die niet via de aquacultuur zijn verkregen, zijn de hierboven geconstateerde risico's niet relevant en zij zijn bijgevolg vrijgesteld van de bewaking. Voor paling en garnaal evenwel kan momenteel geen onderscheid worden gemaakt tussen aquacultuur en vrije vangsten, tenzij het gaat om garnaalvangst in de Atlantische Oceaan; deze producten blijven derhalve verboden, met uitzondering van de laatste categorie schaaldieren.
De bij Beschikking 2001/669/EG ingestelde bewaking werd met betrekking tot China gedurende een overgangsperiode gehandhaafd en werd met betrekking tot Vietnam geschrapt bij Beschikking 2002/770/EG.
De bepalingen van Beschikking 2002/69/EG moeten bijgevolg bij de onderhavige beschikking worden bijgewerkt en geconsolideerd en de Beschikkingen 2001/669/EG en 2002/69/EG moeten derhalve worden ingetrokken.
De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
Artikel 2
De lidstaten verbieden de invoer van de in artikel 1 bedoelde producten.
In afwijking van lid 1 staan de lidstaten de invoer toe van de in de bijlage bij deze beschikking vermelde producten overeenkomstig de voor de betrokken producten geldende veterinairrechtelijke en gezondheidsvoorschriften, en overeenkomstig artikel 3 voor de in deel II van de bijlage vermelde producten.
Artikel 3
De lidstaten staan de invoer toe van zendingen van in deel II van de bijlage genoemde producten, voorzover deze vergezeld gaan van een verklaring van de bevoegde Chinese autoriteit waaruit blijkt dat elke zending vóór de verzending chemisch is getest om te waarborgen dat de betrokken producten geen gevaar opleveren voor de volksgezondheid. Deze tests moeten met name gericht zijn op het opsporen van chlooramfenicol en nitrofuran en de metabolieten daarvan. De resultaten van de analyses moeten bij deze verklaring worden gevoegd.
Artikel 5
De lidstaten brengen de maatregelen die zij ten aanzien van het handelsverkeer toepassen, in overeenstemming met deze beschikking. Zij stellen de Commissie daarvan onverwijld in kennis.