Bij deze verordening worden vastgesteld:
-
gemeenschappelijke voorschriften betreffende de rechtstreekse betalingen op grond van de inkomenssteunregelingen in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid die worden gefinancierd door de afdeling Garantie van het Europees Oriëntatie- en Garantiefonds voor de Landbouw (EOGFL) opgesomd in bijlage I, met uitzondering van de betalingen waarin Verordening (EG) nr. 1257/1999 voorziet;
-
inkomenssteun voor landbouwers (hierna „bedrijfstoeslagregeling” genoemd);
-
als overgangsmaatregel toegekende vereenvoudigde inkomenssteun voor landbouwers in de nieuwe lidstaten (hierna de „regeling inzake een enkele areaalbetaling” genoemd);
-
steunregelingen voor landbouwers die durumtarwe, eiwithoudende gewassen, rijst, noten, energiegewassen, zetmeelaardappelen, melk, zaaizaad, akkerbouwgewassen, schapen- en geitenvlees, rundvlees, zaaddragende leguminosen, katoen, tabak en hop produceren en voor landbouwers die olijfgaarden onderhouden.