Home

Beschikking van de Commissie van 29 april 2004 tot goedkeuring van door derde landen ingediende residubewakingsplannen overeenkomstig Richtlijn 96/23/EG van de Raad (Kennisgeving geschied onder nummer C(2004) 1624) (Voor de EER relevante tekst) (2004/432/EG)

Beschikking van de Commissie van 29 april 2004 tot goedkeuring van door derde landen ingediende residubewakingsplannen overeenkomstig Richtlijn 96/23/EG van de Raad (Kennisgeving geschied onder nummer C(2004) 1624) (Voor de EER relevante tekst) (2004/432/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 96/23/EG van de Raad van 29 april 1996 inzake controlemaatregelen ten aanzien van bepaalde stoffen en residuen daarvan in levende dieren en in producten daarvan en tot intrekking van de Richtlijnen 85/358/EEG en 86/469/EEG en de Beschikkingen 89/187/EEG en 91/664/EEG(1), en met name op artikel 29, lid 1, vierde alinea,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Richtlijn 96/23/EG bepaalt dat om te worden opgenomen, of te blijven voorkomen, op de door de communautaire wetgeving voorgeschreven lijsten van derde landen waaruit de lidstaten de onder die richtlijn vallende dieren en primaire producten van dierlijke oorsprong („de producten”) kunnen invoeren, de betrokken derde landen een plan moeten indienen met de garanties die zij bieden inzake het toezicht op de in die richtlijn bedoelde groepen residuen en stoffen. Die richtlijn stelt ook bepaalde voorschriften vast met betrekking tot de termijnen voor de indiening van de plannen.

  2. Beschikking 2000/159/EG van de Commissie van 8 februari 2000 houdende voorlopige goedkeuring van residuplannen van derde landen overeenkomstig Richtlijn 96/23/EG van de Raad(2) bevat een voorlopige lijst van de derde landen die een residubewakingsplan hebben ingediend met de garanties die door hen worden geboden overeenkomstig de voorschriften van die richtlijn.

  3. Gezien de beoordelingen van die plannen die de voorlopig in de bijlage van Beschikking 2000/159/EG opgenomen derde landen hebben ingediend, dient de lijst van derde landen die voldoen aan Richtlijn 96/23/EG („de lijst”) niet meer als voorlopig te worden beschouwd.

  4. Bepaalde derde landen hebben bij de Commissie residubewakingsplannen ingediend voor dieren en producten die niet in Beschikking 2000/159/EG waren opgenomen. De beoordeling van deze plannen en de door de Commissie gevraagde aanvullende informatie bieden voldoende garanties voor de residubewaking in die landen voor de betrokken dieren en producten. Deze dieren en producten dienen daarom te worden opgenomen in de lijst voor die derde landen.

  5. Bepaalde derde landen hebben geen residubewakingsplannen ingediend of hebben onvoldoende garanties geboden ten aanzien van de controle op residuen voor dieren en producten die oorspronkelijk in Beschikking 2000/159/EG waren opgenomen. Deze dieren en producten dienen daarom niet meer te worden opgenomen in de lijst van die derde landen.

  6. Voor de duidelijkheid van de communautaire wetgeving dient Beschikking 2000/159/EG te worden ingetrokken en door deze beschikking te worden vervangen.

  7. De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

De residubewakingsplannen die zijn ingediend door de in de bijlage bij deze beschikking opgenomen derde landen worden goedgekeurd voor de dieren en primaire dierlijke producten die met een „X” worden aangemerkt in de in die bijlage vastgestelde tabel.

Artikel 2

Beschikking 2000/159/EG wordt ingetrokken.

Artikel 3

Deze beschikking is van toepassing met ingang van 1 mei 2004.

Artikel 4

Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.

BIJLAGE