Home

Verordening (EG) n r. 866/2004 van de Raad van 29 april 2004 inzake een regeling op grond van artikel 2 van Protocol nr. 10 van de Toetredingsakte

Verordening (EG) n r. 866/2004 van de Raad van 29 april 2004 inzake een regeling op grond van artikel 2 van Protocol nr. 10 van de Toetredingsakte

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op Protocol nr. 10 over Cyprus van de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden voor de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek, en de aanpassing van de Verdragen waarop de Europese Unie is gegrond(1), en met name op artikel 2,

Gelet op Protocol nr. 3 betreffende de zones van Cyprus die onder de soevereiniteit van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland vallen(2), en met name op artikel 6,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. De Europese Raad heeft herhaaldelijk gewezen op zijn sterke voorkeur voor toetreding van een herenigd Cyprus. Helaas is er nog geen omvattende regeling tot stand gekomen. Overeenkomstig punt 12 van de conclusies van de Europese Raad in Kopenhagen heeft de Raad op 26 april 2004 zijn standpunt over de huidige situatie op het eiland bepaald.

  2. In afwachting van een regeling, is de invoering van het acquis bij de toetreding opgeschort in de gebieden van de Republiek Cyprus waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent, zulks overeenkomstig artikel 1, lid 1, van Protocol nr. 10.

  3. Overeenkomstig artikel 2, lid 1, van Protocol nr. 10 betekent deze opschorting dat de voorwaarden vastgesteld dienen te worden waaronder de relevante rechtsvoorschriften van de Europese Unie gelden ten aanzien van de lijn tussen de bovengenoemde gebieden en de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus feitelijk het gezag uitoefent. Om de doeltreffendheid van deze regels te garanderen, dient de toepassing daarvan te worden uitgebreid tot de grenslijn tussen de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent en de oostelijke Sovereign Base Area van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

  4. Aangezien de bovengenoemde lijn geen buitengrens van de Europese Unie is, moeten er speciale voorschriften worden vastgesteld om te bepalen welke personen, goederen en diensten de lijn mogen overschrijden, waarvoor de hoofdverantwoordelijkheid bij de Republiek Cyprus ligt. Aangezien de bovenbedoelde gebieden zich echter tijdelijk buiten het douane- en belastinggebied van de Gemeenschap en de ruimte van vrijheid, rechtvaardigheid en veiligheid bevinden, dienen de speciale regels te voorzien in een niveau van bescherming van de veiligheid dat gelijkwaardig is aan het niveau in de Europese Unie wat illegale immigratie, gevaren voor de openbare veiligheid en economische belangen in verband met het verkeer van goederen betreft. Zolang er geen voldoende gegevens beschikbaar zijn betreffende de situatie van de diergezondheid in de bovengenoemde gebieden, dient het verkeer van dieren en dierlijke producten verboden te zijn.

  5. Overeenkomstig artikel 3 van Protocol nr. 10 vormt de opschorting van het acquis in geen enkel opzicht een beletsel voor maatregelen ter bevordering van de economische ontwikkeling in de bovengenoemde gebieden. Deze verordening is bedoeld om het handelsverkeer en andere contacten tussen bovengenoemde gebieden en die gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus feitelijk het gezag uitoefent, en wil er tegelijkertijd voor zorgen dat er passende beschermingsnormen, als hierboven bedoeld, worden gehandhaafd.

  6. Wat het verkeer van personen betreft, mogen, overeenkomstig het beleid van de regering van de Republiek Cyprus, alle burgers van de Republiek Cyprus, EU-burgers en onderdanen van derde landen die legaal in het noordelijke deel van Cyprus verblijven, alsmede alle EU-burgers en onderdanen van derde landen die het eiland via de door de regering gecontroleerde gebieden zijn binnengekomen, de lijn overschrijden.

  7. Met inachtneming van de legitieme bezorgdheid van de regering van de Republiek Cyprus, is het noodzakelijk EU-burgers in staat te stellen hun recht van vrij verkeer binnen de Europese Unie uit te oefenen en minimumregels vast te stellen om controles op personen aan de lijn te verrichten en om te zorgen voor een doeltreffend toezicht daarop, ter bestrijding van de illegale immigratie van onderdanen van derde landen, alsmede ter voorkoming van gevaren voor de openbare veiligheid en het overheidsbeleid. Tevens dienen de voorwaarden te worden vastgesteld waaronder onderdanen van derde landen de lijn mogen overschrijden.

  8. Wat de controle van personen betreft, doet deze verordening geen afbreuk aan de bepalingen van Protocol nr. 3, met name artikel 8 daarvan.

  9. Deze verordening is niet van invloed op het mandaat van de Verenigde Naties in de bufferzone.

  10. Aangezien veranderingen in het beleid van de regering van de Republiek Cyprus met betrekking tot de lijn aanleiding kunnen geven tot problemen qua de verenigbaarheid met de door deze verordening vastgestelde regels, dienen dergelijke veranderingen, vóór hun inwerkingtreding, aangemeld te worden bij de Commissie, zodat deze passende maatregelen kan nemen om inconsistenties te voorkomen.

  11. De Commissie wordt tevens gemachtigd de bijlagen I en II bij deze verordening te wijzigen, teneinde te reageren op eventuele veranderingen die onmiddellijke maatregelen vereisen,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

TITEL IALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1 Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  1. „lijn”:

    1. voor de doeleinden van de controles op personen, zoals gedefinieerd in artikel 2, de lijn tussen de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus feitelijk het gezag uitoefent en de gebieden waarover die regering niet feitelijk het gezag uitoefent;

    2. voor de doeleinden van de controles op goederen, zoals gedefinieerd in artikel 4, de lijn tussen enerzijds de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent, en anderzijds de gebieden waarover die regering feitelijk het gezag uitoefent, en de oostelijke Sovereign Base Area van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland;

  2. „onderdaan van een derde land”: elke persoon die geen burger van de Europese Unie is in de zin van artikel 17, lid 1, van het EG-Verdrag.

Verwijzingen in deze verordening naar gebieden waarin de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent, zijn uitsluitend verwijzingen naar gebieden binnen de Republiek Cyprus.

TITEL IIGRENSOVERSCHRIJDEND VERKEER VAN PERSONEN

Artikel 2 Controles op personen

1.

De Republiek Cyprus verricht controles op alle personen die de lijn overschrijden, zulks ter bestrijding van illegale immigratie van onderdanen van derde landen, alsmede ter opsporing en voorkoming van gevaren voor de openbare veiligheid en het overheidsbeleid. Deze controles worden tevens verricht op voertuigen en voorwerpen die in het bezit zijn van personen die de lijn overschrijden.

2.

Alle personen worden aan tenminste één controle onderworpen om hun identiteit vast te stellen.

3.

Onderdanen van derde landen mogen de lijn uitsluitend overschrijden indien zij:

  1. in het bezit zijn van een verblijfsvergunning die is afgegeven door de Republiek Cyprus of een geldig reisdocument en, voor zover vereist, een geldig visum voor de Republiek Cyprus, en

  2. geen gevaar vormen voor het overheidsbeleid of de openbare veiligheid.

4.

De lijn mag uitsluitend worden overschreden via de door de bevoegde autoriteiten van de Republiek Cyprus erkende grensovergangen. Een lijst van deze grensovergangen is opgenomen in bijlage I.

5.

Controles op personen aan de lijn tussen de oostelijke Sovereign Base Area en de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent, worden verricht overeenkomstig artikel 5, lid 2, van Protocol nr. 3 van de Toetredingsakte.

Artikel 3 Toezicht op de lijn

TITEL IIIGRENSOVERSCHRIJDEND VERKEER VAN GOEDEREN

Artikel 4 Behandeling van goederen die afkomstig zijn uit gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent

Artikel 4 bis Tijdelijk binnenbrengen van goederen

Artikel 5 Verzending van goederen naar gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent

Artikel 5 bis Behandeling van goederen die worden gebracht buiten de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus feitelijk het gezag uitoefent, en die opnieuw in deze gebieden worden binnengebracht, na te zijn vervoerd via de gebieden waarover de regering van de Republiek Cyprus niet feitelijk het gezag uitoefent.

Artikel 6

TITEL IVDIENSTEN

Artikel 7 Belastingen

TITEL VSLOTBEPALINGEN

Artikel 8 Toepassing

Artikel 9 Aanpassing van de bijlagen

Artikel 10 Wijziging van het beleid

Artikel 11 Herziening en monitoring van de verordening

Artikel 12 Inwerkingtreding

BIJLAGE I

BIJLAGE IIEisen en controles bedoeld in artikel 4, lid 4