Home

Verordening (EG) n r. 401/2006 van de Commissie van 23 februari 2006 tot vaststelling van bemonsteringswijzen en analysemethoden voor de officiële controle op het mycotoxinegehalte in levensmiddelen (Voor de EER relevante tekst)

Verordening (EG) n r. 401/2006 van de Commissie van 23 februari 2006 tot vaststelling van bemonsteringswijzen en analysemethoden voor de officiële controle op het mycotoxinegehalte in levensmiddelen (Voor de EER relevante tekst)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 inzake officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoeders en levensmiddelen en de voorschriften inzake diergezondheid en dierenwelzijn(1), en met name op artikel 11, lid 4,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Verordening (EG) nr. 466/2001 van de Commissie van 8 maart 2001 tot vaststelling van maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen(2) stelt maximumgehalten voor bepaalde mycotoxinen in bepaalde levensmiddelen vast.

  2. Bemonstering is zeer belangrijk om de gehalten aan mycotoxinen, die meestal zeer ongelijkmatig over de partij verdeeld zijn, op betrouwbare wijze te kunnen bepalen. Daarom moeten voor de bemonsteringswijze algemene criteria worden vastgesteld.

  3. Ook voor de analysemethoden moeten algemene criteria worden vastgesteld om ervoor te zorgen dat de controlelaboratoria analysemethoden van een vergelijkbaar niveau gebruiken.

  4. Richtlijn 98/53/EG van de Commissie van 16 juli 1998 tot vaststelling van bemonsteringswijzen en analysemethoden voor de officiële controle op de maximumgehalten aan bepaalde verontreinigingen in levensmiddelen(3) stelt de bemonsteringswijzen en de prestatiecriteria voor de analysemethoden vast voor de officiële controles op het gehalte aan aflatoxinen in levensmiddelen.

  5. Richtlijn 2002/26/EG van de Commissie van 13 maart 2002 tot vaststelling van bemonsteringswijzen en analysemethoden voor de officiële controle op de gehalten aan ochratoxine A in levensmiddelen(4), Richtlijn 2003/78/EG van de Commissie van 11 augustus 2003 tot vaststelling van bemonsteringswijzen en analysemethoden voor de officiële controle op het patulinegehalte in levensmiddelen(5) en Richtlijn 2005/38/EG van de Commissie van 6 juni 2005 tot vaststelling van bemonsteringswijzen en analysemethoden voor de officiële controle op de gehalten aan Fusarium-toxinen in levensmiddelen(6) stellen de bemonsteringswijzen en prestatiecriteria voor respectievelijk ochratoxine A, patuline en Fusarium-toxinen vast.

  6. Voor de controle op mycotoxinen moet zo mogelijk dezelfde bemonsteringswijze op hetzelfde product worden toegepast. Daarom moeten de bemonsteringswijzen en de prestatiecriteria voor de analysemethoden voor de officiële controles op alle mycotoxinen in één wettekst worden bijeengebracht zodat ze makkelijker kunnen worden toegepast.

  7. Aflatoxinen zijn zeer ongelijkmatig over de partij verdeeld, met name in partijen levensmiddelen met grote deeltjes zoals gedroogde vijgen en grondnoten. Om voor partijen levensmiddelen met grote deeltjes dezelfde representativiteit te verkrijgen, moet het gewicht van het verzamelmonster groter zijn dan voor partijen levensmiddelen met kleine deeltjes. Aangezien mycotoxinen in verwerkte producten meestal gelijkmatiger verdeeld zijn dan in onverwerkte graanproducten, moeten voor verwerkte producten eenvoudigere bemonsteringswijzen worden vastgesteld.

  8. De Richtlijnen 98/53/EG, 2002/26/EG, 2003/78/EG en 2005/38/EG moeten bijgevolg worden ingetrokken.

  9. Deze verordening moet van toepassing worden op dezelfde datum als Verordening (EG) nr. 856/2005 van de Commissie van 6 juni 2005 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 466/2001 wat betreft Fusarium-toxinen(7).

  10. De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

De bemonstering voor de officiële controle op het mycotoxinegehalte in levensmiddelen wordt verricht volgens de bemonsteringswijzen in bijlage I.

Artikel 2

De bereiding van de monsters en de analysemethoden voor de officiële controle op het mycotoxinegehalte in levensmiddelen voldoen aan de criteria in bijlage II.

Artikel 3

De Richtlijnen 98/53/EG, 2002/26/EG, 2003/78/EG en 2005/38/EG worden ingetrokken.

Verwijzingen naar de ingetrokken richtlijnen gelden als verwijzingen naar deze verordening.

Artikel 4

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 1 juli 2006.

BIJLAGE I(8)

BIJLAGE II