Home

Verordening (EG) n r. 1299/2007 van de Commissie van 6 november 2007 betreffende de erkenning van de producentengroeperingen in de sector hop (Gecodificeerde versie)

Verordening (EG) n r. 1299/2007 van de Commissie van 6 november 2007 betreffende de erkenning van de producentengroeperingen in de sector hop (Gecodificeerde versie)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1952/2005 van de Raad van 23 november 2005 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector hop en houdende intrekking van de Verordeningen (EEG) nr. 1696/71, (EEG) nr. 1037/72, (EEG) nr. 879/73 en (EEG) nr. 1981/82(1), en met name op artikel 17,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Verordening (EEG) nr. 1351/72 van de Commissie van 28 juni 1972 betreffende de erkenning van de producentengroeperingen in de sector hop(2) is herhaaldelijk en ingrijpend gewijzigd(3). Ter wille van de duidelijkheid en een rationele ordening van de tekst dient tot codificatie van deze verordening te worden overgegaan.

  2. De in artikel 7, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1952/2005 bepaalde voorwaarden voor de erkenning van een producentengroepering voor hop omvatten met name de toepassing van gemeenschappelijke regels voor de productie en het op de markt brengen in het eerste handelsstadium, evenals het bewijs van een voldoende grote economische activiteit. Deze voorwaarden dienen nader te worden aangeduid.

  3. Ten einde een zekere eenvormigheid van de administratieve procedure te waarborgen, dienen bepaalde details betreffende de aanvraag, de toekenning en de intrekking van de erkenning te worden geregeld.

  4. Het is ter informatie van de lidstaten en alle belanghebbenden nuttig, bij het begin van ieder jaar de publicatie voor te schrijven van de lijst met de, in de loop van het vorige kalenderjaar erkende groeperingen, alsmede van die waarvan de erkenning in de loop van hetzelfde tijdvak is ingetrokken.

  5. De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor hop,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1.

De autoriteit die bevoegd is om producentenorganisaties, hierna „producentengroeperingen” genoemd, te erkennen op grond van artikel 122 van Verordening (EG) nr. 1234/2007 van de Raad(4), is de lidstaat op het grondgebied waarvan het hoofdkantoor van de producentengroepering is gevestigd.

2.

De lidstaten erkennen de producentengroeperingen die daartoe een aanvraag indienen en die aan de volgende algemene voorwaarden voldoen:

  1. zij moeten rechtspersoonlijkheid bezitten, dan wel voldoende handelingsbevoegdheid om, volgens de nationale wetgeving, rechten en verplichtingen te hebben;

  2. zij moeten gemeenschappelijke regels toepassen voor de productie en de afzet in het eerste handelsstadium als omschreven in de tweede alinea;

  3. in de statuten moet zijn bepaald dat de producenten die lid zijn van de groepering, verplicht zijn:

    1. de gemeenschappelijke regels voor de productie en de beslissingen over de te telen rassen na te leven,

    2. hun gehele productie via de groepering af te zetten;

  4. zij moeten aantonen dat zij economisch leefbaar zijn;

  5. ten aanzien van hun hele werkgebied moet elke discriminatie tussen producenten of groeperingen van de Gemeenschap, met name op grond van nationaliteit of plaats van vestiging, uitgesloten zijn;

  6. het recht op toetreding tot de groepering moet zonder discriminatie worden gewaarborgd ten opzichte van elke producent die zich verbindt tot het naleven van de statuten;

  7. hun statuten moeten bepalingen bevatten die garanderen dat de leden van de groepering die willen uittreden, zulks kunnen doen na ten minste drie jaar lid te zijn geweest, en op voorwaarde dat zij de groepering ten minste één jaar vóór hun uittreden daarvan op de hoogte brengen, onverminderd de nationale wettelijke of bestuursrechtelijke bepalingen die ten doel hebben, in bepaalde gevallen, de groepering of haar schuldeisers tegen de financiële gevolgen die kunnen ontstaan door het uittreden van een lid, te beschermen, of het uittreden van een lid in de loop van het begrotingsjaar te verhinderen;

  8. in hun statuten moet de verplichting zijn vervat een afzonderlijke boekhouding te voeren voor de activiteiten waarvoor zij zijn erkend;

  9. zij mogen in de Gemeenschap geen dominerende positie innemen.

Onder „eerste handelsstadium” wordt verstaan de verkoop van hop door de producent zelf of, wanneer het gaat om een producentengroepering, de verkoop van hop door de leden van de groepering aan de groothandel of aan de be- of verwerkende industrie.

3.

De in lid 2, onder c), vastgestelde verplichting geldt niet voor producten waarvoor de producenten vóór hun toetreding tot de producentengroepering verkoopcontracten hebben gesloten, voor zover de groepering van deze contracten in kennis is gesteld en haar instemming ermee heeft betuigd.

4.

In afwijking van lid 2, onder c), ii), mogen de producenten die lid zijn van een groepering, met toestemming van die groepering en op de door de groepering vastgestelde voorwaarden:

  1. de in lid 2, onder c), ii), vastgestelde verplichting om de gehele productie via de groepering af te zetten, vervangen door de verplichting hun productie af te zetten op basis van in de statuten opgenomen gemeenschappelijke regels, ten einde te garanderen dat de producentengroepering het recht heeft toezicht te houden op het niveau van de verkoopprijzen, met dien verstande dat de groepering deze prijzen moet goedkeuren en dat, wanneer de groepering de prijzen niet goedkeurt, zij ertoe verplicht is de betrokken hop op te kopen tegen een hogere prijs;

  2. de producten die, gezien hun kenmerken, niet a priori onder de commerciële activiteiten van de eigen producentengroepering vallen, afzetten via een andere producentengroepering die door hun eigen groepering wordt aangewezen.

5.

De in lid 2, onder b) en onder c), i), bedoelde gemeenschappelijke regels worden schriftelijk vastgelegd. Zij hebben ten minste betrekking op:

  1. ten aanzien van de productie:

    1. het gebruik van één of meer vastgestelde rassen bij de vernieuwing van aanplantingen of de aanleg van nieuwe aanplantingen;

    2. de toepassing van bepaalde teeltmethoden en van bepaalde maatregelen ter bescherming van de planten;

    3. het plukken, het drogen en in voorkomend geval het marktklaar maken;

  2. ten aanzien van de afzet, met name wat de concentratie van het aanbod en de aanbodvoorwaarden betreft:

    1. de algemene verkoopvoorwaarden van de groepering;

    2. de hoeveelheden die de producenten zelf mogen verkopen en de betrokken verkoopvoorwaarden.

Artikel 2

1.

Om erkend te worden moet een producentengroepering over een areaal van ten minste 60 ha beschikken en moeten ten minste zeven telers er lid van zijn.

Voor Griekenland wordt het minimumaantal hectaren verlaagd tot 30.

2.

Overeenkomstig de in artikel 195, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1234/2007 bedoelde procedure, mag een lidstaat op zijn verzoek worden gemachtigd een groepering te erkennen waarvan het geregistreerde areaal minder dan 60 ha omvat, indien dit areaal is gelegen in een erkend productiegebied dat minder dan 100 ha omvat.

Artikel 3

Bij de aanvraag om erkenning worden de volgende documenten en inlichtingen overgelegd:

  1. de statuten;

  2. de vermelding van de personen welke gemachtigd zijn om in naam en voor rekening van de groepering op te treden;

  3. de vermelding van de activiteiten welke de aanvraag om erkenning motiveren;

  4. het bewijs dat de bepalingen van artikel 2 worden nageleefd.

Artikel 4

1.

De lidstaten nemen binnen drie maanden na de indiening van de aanvraag een beslissing ten aanzien van de erkenning.

2.

De erkenning van een groepering wordt ingetrokken wanneer niet langer aan de voorwaarden voor de erkenning is voldaan of wanneer deze erkenning op onjuiste gegevens berust.

Wanneer de groepering de erkenning op bedrieglijke wijze verkrijgt of gebruikt, wordt de erkenning met terugwerkende kracht ingetrokken.

3.

De lidstaten oefenen een voortdurende controle uit op de naleving van de erkenningsvoorwaarden door de erkende groeperingen

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

BIJLAGE I

BIJLAGE II