Deze beschikking beoogt de technische voorwaarden voor de beschikbaarheid en het doelmatig gebruik van radiospectrum voor mobiele communicatiediensten aan boord van vliegtuigen in de Gemeenschap te harmoniseren.
Beschikking van de Commissie van 7 april 2008 betreffende geharmoniseerde spectrumgebruiksvoorwaarden voor mobiele communicatiediensten aan boord van vliegtuigen (MCA-diensten) in de Gemeenschap (Kennisgeving geschied onder nummer C(2008) 1256) (Voor de EER relevante tekst) (2008/294/EG)Voor de EER relevante tekst
Beschikking van de Commissie van 7 april 2008 betreffende geharmoniseerde spectrumgebruiksvoorwaarden voor mobiele communicatiediensten aan boord van vliegtuigen (MCA-diensten) in de Gemeenschap (Kennisgeving geschied onder nummer C(2008) 1256) (Voor de EER relevante tekst) (2008/294/EG)Voor de EER relevante tekst
Artikel 1
Deze beschikking geldt onverminderd eventuele andere relevante communautaire voorschriften, met name Verordening (EG) nr. 1702/2003 en Aanbeveling 2008/295/EG.
Artikel 2
Ten behoeve van deze beschikking zijn de volgende definities van toepassing:
-
„mobiele communicatiediensten aan boord van vliegtuigen (MCA-diensten)”: elektronische communicatiediensten, zoals omschreven in artikel 2, onder c), van Richtlijn 2002/21/EG, die door een onderneming worden aangeboden om vliegtuigpassagiers tijdens een vlucht in staat te stellen gebruik te maken van openbare communicatienetwerken zonder rechtstreekse verbindingen tot stand te brengen met terrestrische mobiele netwerken;
-
„op interferentievrije en onbeschermde basis”: het feit dat er geen schadelijke interferentie mag worden veroorzaakt bij enige radiocommunicatiedienst en er geen aanspraak kan worden gemaakt op bescherming van deze apparaten tegen schadelijke interferentie die wordt veroorzaakt door radiocommunicatiediensten;
-
„basistransceiverstation aan boord van vliegtuigen (vliegtuig-BTS)”: één of meer mobiele communicatiestations aan boord van een vliegtuig die werken met een van de in tabel 1 in de bijlage vermelde frequentiebanden en systemen;
-
„netwerkbesturingseenheid (NCU)”: apparatuur die zich in het vliegtuig bevindt en ervoor zorgt dat signalen die door in tabel 2 van de bijlage beschreven aan de grond gevestigde elektronische communicatiesystemen worden uitgezonden niet waarneembaar zijn in de cabine door de hoorbaarheidsdrempel (noise floor) in de cabine in de ontvangstfrequenties voor mobiele communicatie te verhogen.
Artikel 3
De lidstaten stellen, zo snel mogelijk en uiterlijk zes maanden na de inwerkingtreding van deze beschikking, de in tabel 1 in de bijlage vermelde frequentiebanden beschikbaar voor MCA-diensten op interferentievrije en onbeschermde basis, mits deze diensten voldoen aan de in de bijlage uiteengezette voorwaarden.
Artikel 4
De lidstaten stellen de minimumhoogte boven de grond vast voor transmissie van een actief MCA-systeem in overeenstemming met deel 3 van de bijlage.
De lidstaten kunnen hogere minima opleggen voor MCA-diensten indien dit op grond van nationale topografische voorwaarden en voorwaarden voor invoering van het netwerk aan de grond wordt gerechtvaardigd. Deze informatie, voorzien van de nodige toelichting, wordt uiterlijk vier maanden na vaststelling van deze beschikking meegedeeld aan de Commissie en wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Artikel 5
De lidstaten houden nauwlettend toezicht op het gebruik van spectrum door MCA-diensten met name wat betreft feitelijke of potentiële schadelijke interferentie en de blijvende relevantie van de in artikel 3 gespecificeerde voorwaarden, en delen hun bevindingen aan de Commissie mede, zodat deze beschikking tijdig kan worden herzien.