Home

Besluit 2008/616/JBZ van de Raad van 23 juni 2008 betreffende de uitvoering van Besluit 2008/615/JBZ inzake de intensivering van de grensoverschrijdende samenwerking, in het bijzonder ter bestrijding van terrorisme en grensoverschrijdende criminaliteit

Besluit 2008/616/JBZ van de Raad van 23 juni 2008 betreffende de uitvoering van Besluit 2008/615/JBZ inzake de intensivering van de grensoverschrijdende samenwerking, in het bijzonder ter bestrijding van terrorisme en grensoverschrijdende criminaliteit

HOOFDSTUK I ALGEMEEN

Artikel 1 Doel

Dit besluit heeft ten doel de administratieve en technische bepalingen vast te stellen die nodig zijn ter uitvoering van Besluit 2008/615/JBZ, in het bijzonder voor de geautomatiseerde uitwisseling van DNA-gegevens, dactyloscopische gegevens en gegevens uit kentekenregisters, bedoeld in hoofdstuk 2, alsmede voor andere vormen van samenwerking, bedoeld in hoofdstuk 5.

Artikel 2 Begripsomschrijvingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

  1. „bevraging” en „vergelijking” in de zin van de artikelen 3, 4 en 9 van Besluit 2008/615/JBZ: de procedures aan de hand waarvan wordt vastgesteld of DNA-gegevens dan wel dactyloscopische gegevens die door een lidstaat worden verstrekt, overeenkomen met in de databank van één, meerdere of alle lidstaten opgeslagen DNA-gegevens of dactyloscopische gegevens;

  2. „geautomatiseerde bevraging” in de zin van artikel 12 van Besluit 2008/615/JBZ: een online toegangsprocedure om de databanken van één, meerdere of alle lidstaten te raadplegen;

  3. „DNA-profiel”: een letter- of een cijfercode die een set identificatiekenmerken van het niet-coderende gedeelte van een geanalyseerd menselijk DNA-monster vertegenwoordigt, dat wil zeggen de specifieke moleculaire structuur op de verschillende DNA-gebieden (-loci);

  4. „niet-coderende gedeelte van DNA”: chromosoomgebieden die geen genetische uitdrukking bevatten, d.w.z. waarvan niet bekend is dat zij voorzien in functionele eigenschappen van een organisme;

  5. „DNA-linkgegevens”: DNA-profiel en een kenmerk;

  6. „DNA-persoonsprofiel”: het DNA-profiel van een geïdentificeerd persoon;

  7. „niet-geïdentificeerd DNA-profiel”: een DNA-profiel dat uit tijdens het opsporingsonderzoek verzamelde sporen is verkregen en toebehoort aan een nog niet geïdentificeerd persoon;

  8. „noot”: een door een lidstaat in zijn nationale databank aangebrachte markering bij een DNA-profiel om aan te geven dat naar aanleiding van een bevraging of vergelijking door een andere lidstaat met betrekking tot dit DNA-profiel al een overeenkomst is vastgesteld;

  9. „dactyloscopische gegevens”: beelden van vingerafdrukken, van latente vingerafdrukken, van handpalmafdrukken en van latente handpalmafdrukken, alsook de sjablonen (templates) van die beelden (gecodeerde minutiae), welke zijn opgeslagen en behandeld in een geautomatiseerde databank;

  10. „gegevens uit kentekenregisters”: het geheel aan gegevens, gespecificeerd in hoofdstuk 3 van de bijlage;

  11. „individueel geval” in de zin van artikel 3, lid 1, tweede zin, artikel 9, lid 1, tweede zin, en artikel 12, lid 1, van Besluit 2008/615/JBZ van de Raad: één enkel onderzoeks- of vervolgingsdossier. Indien het dossier meerdere DNA-profielen, dactyloscopische gegevens of gegevens uit een kentekenregister bevat, mogen deze gezamenlijk als één verzoek worden uitgewisseld.

HOOFDSTUK 6 POLITIËLE SAMENWERKING

Artikel 17 Gezamenlijke patrouilles en andere gezamenlijke operaties

1.

Overeenkomstig hoofdstuk 5 van Besluit 2008/615/JBZ, met name in de in artikel 17, lid 4, en artikel 19, leden 2 en 4, van dat besluit bedoelde verklaringen, wijst elke lidstaat een of meer contactpunten aan waarlangs de andere lidstaten zich tot de bevoegde autoriteiten kunnen richten, en kan elke lidstaat bepalen volgens welke procedures gezamenlijke patrouilles en andere gezamenlijke operaties worden opgezet en initiatieven van andere lidstaten aangaande die operaties hun beslag krijgen, andere praktische aspecten regelen en de operationele werkwijze vastleggen.

2.

De lijst van contactpunten wordt opgesteld en bijgehouden door het secretariaat-generaal van de Raad, dat de bevoegde autoriteiten ook in kennis stelt van wijzigingen.

3.

Het initiatief tot een gezamenlijke operatie kan uitgaan van de bevoegde autoriteiten van een lidstaat. Vóór de aanvang van de operatie maken de in lid 2 bedoelde bevoegde autoriteiten schriftelijk of mondeling afspraken over bijzonderheden zoals:

  1. de voor de operatie bevoegde autoriteiten van de lidstaten;

  2. het specifieke doel van de operatie;

  3. de gastlidstaat waar de operatie plaatsvindt;

  4. het geografische gebied van de gastlidstaat waarin de operatie plaatsvindt;

  5. de periode waarop de operatie betrekking heeft;

  6. de specifieke bijstand die de zendstaat (zendstaten) aan de gaststaat (gaststaten) verleent (verlenen), inclusief ambtenaren of ander overheidspersoneel, materiaal en financiële elementen;

  7. de ambtenaren die deelnemen aan de operatie;

  8. de ambtenaar die de leiding heeft over de operatie;

  9. de bevoegdheden die ambtenaren en ander overheidspersoneel van de zendstaat(staten) in de gastlidstaat mogen uitoefenen gedurende de operatie;

  10. de specifieke bewapening, munitie en uitrusting die de ondersteunende ambtenaren gedurende de operatie mogen gebruiken overeenkomstig Besluit 2008/615/JBZ;

  11. de logistieke regelingen aangaande transport, accommodatie en beveiliging;

  12. de verdeling van de kosten van de gezamenlijke operatie als wordt afgeweken van artikel 34, eerste zin, van Besluit 2008/615/JBZ;

  13. andere mogelijk noodzakelijke elementen.

4.

De in dit artikel bedoelde verklaringen, procedures en aanwijzingen worden opgenomen in het in artikel 18, lid 2, bedoelde handboek.

HOOFDSTUK 7 SLOTBEPALINGEN

Artikel 19 Voor de gegevensbescherming bevoegde onafhankelijke instanties

Artikel 22 Samenhang met de Uitvoeringsovereenkomst van het Verdrag van Prüm

Artikel 23 Uitvoering

Artikel 24 Toepassing

BIJLAGE