Deze beschikking stelt bepaalde bestrijdingsmaatregelen vast in verband met klassieke varkenspest in de lidstaten of regio’s daarvan als vermeld in de bijlage (hierna „de betrokken lidstaten” genoemd).
Beschikking van de Commissie van 3 november 2008 betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met klassieke varkenspest in sommige lidstaten (Kennisgeving geschied onder nummer C(2008) 6349) (Voor de EER relevante tekst) (2008/855/EG)
Beschikking van de Commissie van 3 november 2008 betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met klassieke varkenspest in sommige lidstaten (Kennisgeving geschied onder nummer C(2008) 6349) (Voor de EER relevante tekst) (2008/855/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op de Akte van toetreding van Bulgarije en Roemenië, en met name op artikel 42,
Gelet op Richtlijn 89/662/EEG van de Raad van 11 december 1989 inzake veterinaire controles in het intracommunautaire handelsverkeer in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt(1), en met name op artikel 9, lid 4,
Gelet op Richtlijn 90/425/EEG van de Raad van 26 juni 1990 inzake veterinaire en zoötechnische controles in het intracommunautaire handelsverkeer in bepaalde levende dieren en producten in het vooruitzicht van de totstandbrenging van de interne markt(2), en met name op artikel 10, lid 4,
Overwegende hetgeen volgt:
Bij Richtlijn 2001/89/EG van de Raad van 23 oktober 2001 betreffende maatregelen van de Gemeenschap ter bestrijding van klassieke varkenspest(3) worden minimummaatregelen van de Gemeenschap ter bestrijding van die ziekte vastgesteld. Het betreft maatregelen die bij een uitbraak van klassieke varkenspest moeten worden genomen. Deze maatregelen omvatten programma’s van de lidstaten voor de uitroeiing van klassieke varkenspest bij een populatie wilde varkens en de noodvaccinatie van wilde varkens onder bepaalde voorwaarden.
Beschikking 2006/805/EG van de Commissie van 24 november 2006 betreffende maatregelen op het gebied van de diergezondheid in verband met klassieke varkenspest in sommige lidstaten(4) werd goedgekeurd als reactie op uitbraken van klassieke varkenspest in die lidstaten. Bij die beschikking worden maatregelen vastgesteld ter bestrijding van klassieke varkenspest in gebieden van die lidstaten waar deze ziekte zich voordoet bij wilde varkens, teneinde de verspreiding van de ziekte naar andere gebieden van de Gemeenschap te voorkomen.
Die lidstaten moeten passende maatregelen nemen om de verspreiding van klassieke varkenspest te voorkomen. Daarom hebben zij uitroeiingsprogramma’s en programma’s voor noodvaccinatie tegen deze ziekte bij de Commissie ingediend waarin de nodige maatregelen om de ziekte in de in hun programma’s als besmet aangemerkte gebieden uit te roeien worden uiteengezet en de nodige maatregelen worden aangegeven die op de varkensbedrijven in die gebieden moeten worden toegepast.
In de lidstaten of gebieden daarvan doen zich uiteenlopende epizoötiologische situaties ten aanzien van klassieke varkenspest voor. Voor de duidelijkheid van de communautaire wetgeving is het daarom wenselijk om drie afzonderlijke lijsten op te stellen naargelang van de epizoötiologische situatie in elk van de gebieden.
Aangezien de verplaatsing van levende varkens uit besmette gebieden ernstiger risico’s met zich brengt dan de verplaatsing van vlees, vleesbereidingen en vleesproducten, dient de verplaatsing van levende varkens uit de betrokken lidstaten in beginsel verboden te worden.
Sperma, eicellen en embryo’s van besmette dieren kunnen bijdragen tot de verspreiding van het virus van klassieke varkenspest. Om de verspreiding van klassieke varkenspest naar andere gebieden van de Gemeenschap te voorkomen, dient de verzending van sperma, eicellen en embryo’s uit de in de bijlage bij deze beschikking vermelde gebieden te worden verboden.
Er moet een lijst van de lidstaten en gebieden worden opgesteld waar de epizoötiologische situatie ten aanzien van klassieke varkenspest het gunstigst is en waaruit derhalve als afwijking van het algemene verbod — met inachtneming van bepaalde voorzorgsmaatregelen — levende varkens mogen worden verzonden naar andere gebieden waarvoor beperkingen gelden. Voorts mogen vers varkensvlees van de in deze gebieden gelegen bedrijven en vleesbereidingen en vleesproducten van of met het vlees van die varkens naar andere lidstaten worden verzonden.
Een aantal gebieden die door klassieke varkenspest bij wilde varkens getroffen zijn, zijn van elkaar gescheiden door nationale grenzen en omvatten aangrenzende gebieden van twee lidstaten. Er moeten ook ziektebestrijdingsmaatregelen betreffende beperkingen van de verzending van levende varkens binnen aangrenzende getroffen gebieden in twee lidstaten worden vastgesteld.
Op grond van de epizoötiologische situatie in bepaalde gebieden van Hongarije en Slowakije dienen deze in die eerste lijst van gebieden te worden opgenomen.
In een tweede lijst moeten de gebieden worden opgenomen waar de epizoötiologische situatie van de populatie wilde zwijnen of in varkensbedrijven als gevolg van geisoleerde uitbraken minder gunstig is. Uit deze gebieden mogen geen levende varkens, maar wel vers varkensvlees van als veilig beschouwde bedrijven en vleesbereidingen en vleesproducten van en met vlees van die varkens naar andere lidstaten worden verzonden met inachtneming van bepaalde, in deze beschikking vast te leggen aanvullende voorzorgsmaatregelen.
In een derde lijst moeten de gebieden worden opgenomen waaruit in het algemeen noch levende varkens, noch vers varkensvlees en vleesproducten naar andere lidstaten mogen worden verzonden. Dergelijke vleesbereidingen en vleesproducten van of met vlees van varkens mogen echter wel naar andere lidstaten worden verzonden als zij een behandeling hebben ondergaan waardoor het eventueel aanwezig virus van klassieke varkenspest geëlimineerd is.
Bovendien is het, om de verspreiding van klassieke varkenspest naar andere gebieden van de Gemeenschap te voorkomen, wenselijk om vast te stellen dat aan de verzending van vers varkensvlees en vleesbereidingen en vleesproducten van of met vlees van varkens uit lidstaten met op die derde lijst vermelde gebieden bepaalde voorwaarden zijn verbonden. Met name moeten op dit varkensvlees en deze producten en bereidingen van varkensvlees speciale merktekens worden aangebracht die niet kunnen worden verward met de gezondheidsmerken voor varkensvlees als bedoeld in Verordening (EG) nr. 854/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke voorschriften voor de organisatie van de officiële controles van voor menselijke consumptie bestemde producten van dierlijke oorsprong(5) en het identificatiemerk als bedoeld in Verordening (EG) nr. 853/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 houdende vaststelling van specifieke hygiënevoorschriften voor levensmiddelen van dierlijke oorsprong(6).
Om de verspreiding van klassieke varkenspest naar andere gebieden van de Gemeenschap te voorkomen, wanneer voor een lidstaat een verbod op de verzending van vers varkensvlees en vleesbereidingen en vleesproducten van of met varkensvlees uit bepaalde delen van zijn grondgebied geldt, moeten een aantal voorschriften worden vastgesteld, met name wat certificering betreft, voor de verzending van dergelijk vlees en dergelijke bereidingen en producten uit andere delen van het grondgebied van die lidstaat die niet onder dat verbod vallen.
Beschikking 2006/805/EG is al enkele keren gewijzigd. Het is dan ook wenselijk die beschikking in te trekken en door deze beschikking te vervangen.
De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1 Onderwerp en toepassingsgebied
Zij geldt onverminderd de door de Commissie goedgekeurde programma’s voor de uitroeiing van klassieke varkenspest en de programma’s voor noodvaccinatie tegen die ziekte.
Artikel 2 Verbod op de verzending van levende varkens uit de in de bijlage vermelde gebieden naar andere lidstaten
De betrokken lidstaten zorgen ervoor dat vanaf hun grondgebied slechts levende varkens naar andere lidstaten worden verzonden, indien de varkens afkomstig zijn:
-
uit andere dan de in de bijlage vermelde gebieden, en
-
van een bedrijf waar in de laatste dertig dagen voor de datum van verzending geen levende varkens uit de in de bijlage vermelde gebieden zijn binnengebracht.
Artikel 3 Afwijkingen voor de verzending van levende varkens tussen lidstaten uit in deel I van de bijlage vermelde gebieden
In afwijking van artikel 2 kan de verzending van levende varkens afkomstig van bedrijven die gelegen zijn in de in deel I van de bijlage vermelde gebieden, naar bedrijven of slachthuizen die gevestigd zijn in een in dat deel van de bijlage vermeld en tot een andere lidstaat behorend gebied, door de lidstaat van verzending worden toegestaan mits deze varkens afkomstig zijn van een bedrijf waar:
-
in de laatste dertig dagen voor de datum van verzending geen levende varkens zijn binnengebracht;
-
door een officiële dierenarts een klinisch onderzoek op klassieke varkenspest is uitgevoerd volgens de controle- en bemonsteringsprocedures die zijn vastgelegd in hoofdstuk IV, deel A en deel D, punten 1, 2 en 3, van de bijlage bij Beschikking 2002/106/EG van de Commissie(7), en
-
de te verzenden groep varkens negatief heeft gereageerd bij polymerasekettingreactietests op klassieke varkenspest overeenkomstig hoofdstuk VI, deel C, van de bijlage bij Beschikking 2002/106/EG, uitgevoerd met bloedmonsters die zijn genomen in de laatste zeven dagen voor de datum van verzending; het minimumaantal te bemonsteren varkens moet toereikend zijn voor de detectie bij de te verzenden groep varkens van een prevalentie van 5 % met een betrouwbaarheid van 95 %.
Het bepaalde onder c) geldt echter niet:
-
voor varkens die rechtstreeks naar een slachthuis worden verzonden om daar onmiddellijk te worden geslacht.
-
voor varkens die naar een in deel I van de bijlage vermeld aangrenzend gebied van een lidstaat worden verzonden;
-
indien de lidstaat van bestemming de verzending van tevoren goedkeurt.
Wanneer de betrokken lidstaten varkens als bedoeld in lid 1 verzenden, zorgen zij ervoor dat het in artikel 9, onder a), bedoelde gezondheidscertificaat aanvullende informatie bevat betreffende de data waarop het klinisch onderzoek is uitgevoerd en, in voorkomend geval, het aantal bemonsterde dieren en de resultaten van de polymerasekettingreactietest als bedoeld in lid 1.
Artikel 4 Verplaatsing en doorvoer van levende varkens in de betrokken lidstaten
De betrokken lidstaten zorgen ervoor dat vanuit bedrijven die in de in de bijlage vermelde gebieden gelegen zijn, geen levende varkens worden verzonden naar andere delen van het grondgebied van dezelfde lidstaat, behalve:
-
varkens die rechtstreeks naar een slachthuis worden gebracht om daar onmiddellijk te worden geslacht;
-
vanuit bedrijven waar:
-
overeenkomstig artikel 3, lid 1, onder b) en c), een klinisch onderzoek en polymerasekettingreactietests op klassieke varkenspest met negatief resultaat zijn uitgevoerd, of
-
een klinisch onderzoek is uitgevoerd met negatief resultaat en de bevoegde veterinaire autoriteit van de plaats van bestemming voorafgaande goedkeuring verleent.
-
De betrokken lidstaten die varkens verzenden uit in deel I van de bijlage vermelde gebieden naar andere in dat deel van de bijlage vermelde andere gebieden zien erop toe dat het vervoer van varkens alleen plaatsvindt via hoofdwegen of per spoor, zonder dat het voertuig waarmee de varkens worden vervoerd, onderweg stopt, onverminderd Verordening (EG) nr. 1/2005 van de Raad(8).