Home

Verordening (EG) n r. 217/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 inzake de indiening van statistieken van de vangsten en de visserijactiviteit van de lidstaten die in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan vissen (herschikking) (Voor de EER relevante tekst)

Verordening (EG) n r. 217/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 2009 inzake de indiening van statistieken van de vangsten en de visserijactiviteit van de lidstaten die in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan vissen (herschikking) (Voor de EER relevante tekst)

HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, en met name op artikel 285, lid 1,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Handelend volgens de procedure van artikel 251 van het Verdrag(1),

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Verordening (EEG) nr. 2018/93 van de Raad van 30 juni 1993 inzake de indiening van statistieken van de vangsten en de visserijactiviteit van de lidstaten die in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan vissen(2) is herhaaldelijk en ingrijpend gewijzigd(3). Nu deze richtlijn opnieuw wordt gewijzigd, dient ter wille van de duidelijkheid tot herschikking van de betrokken bepalingen te worden overgegaan.

  2. De Gemeenschap is ingevolge de bij Verordening (EEG) nr. 3179/78(4) van de Raad goedgekeurde Overeenkomst inzake toekomstige multilaterale samenwerking op visserijgebied in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan, waarbij de Visserijorganisatie voor het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan (NAFO) is opgericht, gehouden de Wetenschappelijke Raad van de NAFO alle beschikbare statistische en wetenschappelijke informatie te verstrekken waarom deze bij de uitvoering van zijn werkzaamheden verzoekt.

  3. De Wetenschappelijke Raad van de NAFO heeft bepaald dat actuele statistieken van de vangsten en de visserijactiviteit van wezenlijk belang zijn voor de uitvoering van zijn werkzaamheden inzake de vaststelling van de toestand van de visbestanden in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan.

  4. Diverse lidstaten hebben verzocht gegevens in een andere vorm of op een andere gegevensdrager te mogen indienen dan zoals bepaald in bijlage V (het equivalent van de bovengenoemde Statlant-vragenlijsten).

  5. De voor de uitvoering van deze verordening vereiste maatregelen moeten worden vastgesteld overeenkomstig Besluit 1999/468/EG van de Raad van 28 juni 1999 tot vaststelling van de voorwaarden voor de uitoefening van de aan de Commissie verleende uitvoeringsbevoegdheden(5).

  6. De Commissie moet in het bijzonder de bevoegdheid worden verleend om de lijsten van vissoorten en statistische visserijgebieden en de omschrijving van deze gebieden, alsmede de op de visserijactiviteit, het vistuig, de grootte van de vaartuigen en de wijze van vissen van toepassing zijnde maten, codes en omschrijvingen aan te passen. Daar het maatregelen van algemene strekking betreft tot wijziging van niet-essentiële onderdelen van deze verordening, moeten zij volgens de in artikel 5 bis van Besluit 1999/468/EG vervatte regelgevingsprocedure met toetsing worden vastgesteld,

HEBBEN DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Iedere lidstaat dient bij de Commissie gegevens in over de vangsten door in die lidstaat geregistreerde of de vlag van die lidstaat voerende vaartuigen die in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan vissen, met inachtneming van Verordening (Euratom, EEG) nr. 1588/90 van de Raad van 11 juni 1990 betreffende de toezending van onder de statistische geheimhoudingsplicht vallende gegevens aan het Bureau voor de Statistiek van de Europese Gemeenschappen(6).

De gegevens over de nominale vangsten omvatten alle aangevoerde of op zee overgeladen visserijproducten in ongeacht welke vorm, met uitzondering van de hoeveelheden die na de vangst in zee zijn teruggeworpen of die aan boord zijn geconsumeerd of er als aas zijn gebruikt. De gegevens omvatten niet de aquacultuurproductie. De gegevens worden geregistreerd in de vorm van het levendgewichtequivalent van deze aanvoer of overslag tot op 1 ton nauwkeurig.

Artikel 2

1.

Er worden twee soorten gegevens ingediend:

  1. de jaarlijkse nominale vangsten, uitgedrukt in ton levendgewichtequivalent van de aanvoer, van elk van de in bijlage I genoemde vissoorten in elk van de in bijlage II opgenomen en in bijlage III omschreven statistische visserijgebieden in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan;

  2. de onder a) bedoelde vangsten en de desbetreffende visserijactiviteit, uitgesplitst naar kalendermaand van de vangst, vistuig, grootte van het vaartuig en voornaamste vissoort waarop werd gevist.

2.

De in lid 1, onder a), bedoelde gegevens worden uiterlijk op 31 mei van het jaar volgende op het referentiejaar ingediend; dit mogen voorlopige gegevens zijn. De in lid 1, onder b), bedoelde gegevens worden uiterlijk op 31 augustus van het jaar volgende op het referentiejaar ingediend; dit moeten definitieve gegevens zijn.

Indien de in lid 1, onder a), bedoelde gegevens als voorlopige gegevens worden ingediend, dient dit duidelijk te zijn aangegeven.

Indien voor een bepaalde combinatie vissoort/visserijgebied in de betrokken referentieperiode geen vangsten werden opgetekend, dienen daarvoor geen gegevens te worden verstrekt.

Indien de betrokken lidstaat in het voorafgaande kalenderjaar niet in het noordwestelijk deel van de Atlantische Oceaan heeft gevist, stelt hij de Commissie hiervan uiterlijk op 31 mei van het daaropvolgende jaar in kennis.

3.

De bij de indiening van de gegevens over de visserijactiviteit, het vistuig, de wijze van vissen en de grootte van het vaartuig te gebruiken omschrijvingen en codes zijn opgenomen in bijlage IV.

4.

De Commissie kan de lijsten van vissoorten en statistische visserijgebieden en de omschrijving van deze gebieden, alsmede de op de visserijactiviteit, het vistuig, de grootte van de vaartuigen en de wijze van vissen van toepassing zijnde maten, codes en omschrijvingen wijzigen.

Die maatregelen, die niet-essentiële onderdelen van deze verordening beogen te wijzigen, worden vastgesteld volgens de in artikel 6, lid 2, bedoelde regelgevingsprocedure met toetsing.

Artikel 3

Tenzij de in het kader van het gemeenschappelijk visserijbeleid vastgestelde regels dit anders bepalen, is het een lidstaat toegestaan steekproeftechnieken te gebruiken voor het vaststellen van vangstgegevens voor die delen van de visserijvloot waarvoor volledige registratie van de gegevens disproportionele toepassing van administratieve procedures mee zou brengen. De lidstaat dient in het overeenkomstig artikel 7, lid 1, in te dienen verslag een nauwkeurige beschrijving van deze steekproefprocedures op te nemen en precies aan te geven welk deel van het totaal der gegevens door middel van deze procedures is verkregen.

Artikel 4

De lidstaten voldoen aan hun verplichtingen jegens de Commissie uit hoofde van de artikelen 1 en 2 door de gegevens in te dienen in het in bijlage V weergegeven formaat.

Lidstaten kunnen gegevens indienen in het in bijlage VI weergegeven formaat.

De lidstaten kunnen met voorafgaande toestemming van de Commissie de gegevens in een andere vorm of op een andere gegevensdrager verstrekken.

Artikel 5

Artikel 6

Artikel 7

Artikel 8

Artikel 9

BIJLAGE ILIJST VAN VISSOORTEN IN DE COMMERCIËLE VANGSTSTATISTIEKEN VOOR DE NOORDWESTELIJKE ATLANTISCHE OCEAAN

BIJLAGE IISTATISTISCHE VISSERIJGEBIEDEN IN HET NOORDWESTELIJK DEEL VAN DE ATLANTISCHE OCEAAN WAARVOOR GEGEVENS DIENEN TE WORDEN VERSTREKT

BIJLAGE IIIOMSCHRIJVING VAN DE NAFO-DEELGEBIEDEN EN -SECTOREN VOOR VISSERIJSTATISTIEKEN EN VOORSCHRIFTEN INZAKE DE VISSERIJ IN DE NOORDWESTELIJKE ATLANTISCHE OCEAAN

BIJLAGE IVOMSCHRIJVINGEN EN CODES DIE BIJ DE INDIENING VAN GEGEVENS OVER DE VANGSTEN MOETEN WORDEN GEBRUIKT

BIJLAGE VFORMAAT VOOR DE INDIENING VAN GEGEVENS OP EEN MAGNETISCHE DRAGER

BIJLAGE VIFORMAAT VOOR DE INDIENING VAN GEGEVENS OP MAGNETISCHE GEGEVENSDRAGERS

BIJLAGE VIIIngetrokken verordening met overzicht van de achtereenvolgende wijzigingen ervan

BIJLAGE VIIIConcordantietabel