De vangstquota die zijn vastgesteld bij de Verordeningen (EG) nr. 1226/2009, (EG) nr. 1287/2009, (EG) nr. 1359/2008 en (EU) nr. 53/2010 worden verlaagd zoals aangegeven in de bijlage.
Verordening (EU) n r. 1004/2010 van de Commissie van 8 november 2010 tot verlaging van bepaalde vangstquota voor 2010 wegens overbevissing in het voorgaande jaar
Verordening (EU) n r. 1004/2010 van de Commissie van 8 november 2010 tot verlaging van bepaalde vangstquota voor 2010 wegens overbevissing in het voorgaande jaar
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gelet op het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad van 20 november 2009 tot vaststelling van een communautaire controleregeling die de naleving van de regels van het gemeenschappelijk visserijbeleid moet garanderen, tot wijziging van Verordeningen (EG) nr. 847/96, (EG) nr. 2371/2002, (EG) nr. 811/2004, (EG) nr. 768/2005, (EG) nr. 2115/2005, (EG) nr. 2166/2005, (EG) nr. 388/2006, (EG) nr. 509/2007, (EG) nr. 676/2007, (EG) nr. 1098/2007, (EG) nr. 1300/2008, (EG) nr. 1342/2008 en tot intrekking van Verordeningen (EEG) nr. 2847/93, (EG) nr. 1627/94 en (EG) nr. 1966/2006(1), en met name artikel 105, lid 1,
Overwegende hetgeen volgt:
De vangstquota voor 2009 zijn vastgesteld bij:
-
Verordening (EG) nr. 1322/2008 van de Raad van 28 november 2008 tot vaststelling, voor 2009, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden en groepen visbestanden welke in de Oostzee van toepassing zijn, en tot vaststelling van de bij de visserij in acht te nemen voorschriften(2),
-
Verordening (EG) nr. 1139/2008 van de Raad van 10 november 2008 tot vaststelling, voor 2009, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden welke in de Zwarte Zee van toepassing zijn, en tot vaststelling van de bij de visserij in acht te nemen voorschriften(3),
-
Verordening (EG) nr. 1359/2008 van de Raad van 28 november 2008 tot vaststelling, voor 2009 en 2010, van de vangstmogelijkheden voor vaartuigen van de Gemeenschap voor bepaalde bestanden van diepzeevissen(4), en
-
Verordening (EG) nr. 43/2009 van de Raad van 16 januari 2009 tot vaststelling, voor 2009, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de Gemeenschap en, voor vaartuigen van de Gemeenschap, in andere wateren met vangstbeperkingen van toepassing zijn, en tot vaststelling van de bij de visserij in acht te nemen voorschriften.
-
De vangstquota voor 2010 zijn vastgesteld bij:
-
Verordening (EG) nr. 1359/2008 van de Raad,
-
Verordening (EG) nr. 1226/2009 van de Raad van 20 november 2009 tot vaststelling, voor 2010, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden en groepen visbestanden in de Oostzee en van de bij die visserij in acht te nemen voorschriften(5),
-
Verordening (EG) nr. 1287/2009 van de Raad van 27 november 2009 tot vaststelling, voor 2010, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden welke in de Zwarte Zee van toepassing zijn, en tot vaststelling van de bij de visserij in acht te nemen voorschriften(6),
-
Verordening (EU) nr. 53/2010 van de Raad van 14 januari 2010 tot vaststelling, voor 2010, van de vangstmogelijkheden voor sommige visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de EU en, voor vaartuigen van de EU, in andere wateren met vangstbeperkingen van toepassing zijn en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1359/2008, Verordening (EG) nr. 754/2009, Verordening (EG) nr. 1226/2009 en Verordening (EG) nr. 1287/2009(7).
-
Overeenkomstig artikel 105, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1224/2009 moet de Commissie, wanneer zij vaststelt dat een lidstaat de hem toegewezen vangstquota heeft overschreden, de toekomstige vangstquota van die lidstaat verlagen.
Sommige lidstaten hebben hun vangstquota voor 2009 overschreden. Het is dan ook dienstig de aan die lidstaten voor 2010 toegewezen vangstquota te verlagen.
Bij Verordening (EG) nr. 649/2009 van de Commissie(8) zijn de vangstquota voor 2009 verlaagd wegens overschrijding van de quota in 2008. Voor sommige lidstaten waren de toe te passen verlagingen evenwel groter dan hun quota voor 2009 en konden die verlagingen in dat jaar niet volledig worden uitgevoerd. Om te garanderen dat ook in dergelijke gevallen de volledige verlaging wordt toegepast, moeten de resterende hoeveelheden in rekening worden gebracht bij de vaststelling van de verlagingen van de quota voor 2010.
De bij deze verordening vastgestelde verlagingen moeten gelden onverminderd de quotaverlagingen voor 2010 die zijn vastgesteld bij:
-
Verordening (EG) nr. 147/2007 van de Commissie van 15 februari 2007 tot aanpassing van bepaalde vangstquota voor de periode van 2007 tot en met 2012 overeenkomstig artikel 23, lid 4, van Verordening (EG) nr. 2371/2002 van de Raad inzake de instandhouding en de duurzame exploitatie van de visbestanden in het kader van het gemeenschappelijk visserijbeleid(9) en
-
Verordening (EG) nr. 635/2008 van de Commissie van 3 juli 2008 houdende aanpassing, op grond van Verordening (EG) nr. 338/2008 van de Raad, van de aan Polen toe te wijzen quota voor de vangst van kabeljauw in de Oostzee (deelsectoren 25-32, EG-wateren) in de periode 2008-2011(10).
-
In artikel 105, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1224/2009 is bepaald dat de vangstquota moeten worden verlaagd door toepassing van bepaalde vermenigvuldigingsfactoren die in dat lid zijn vastgesteld.
Aangezien de toe te passen verlagingen evenwel gelden voor overbevissing in 2009 en dus voor een periode waarin Verordening (EG) nr. 1224/2009 nog niet van toepassing was, is het, met het oog op de juridische voorspelbaarheid, wenselijk te voorzien in verlagingen die niet stringenter zijn dan die welke zouden zijn voortgevloeid uit de toepassing van de op dat ogenblik van kracht zijnde voorschriften, namelijk artikel 5, lid 2, van Verordening (EG) nr. 847/96 tot invoering van aanvullende voorwaarden voor het meerjarenbeheer van de TAC's en quota(11),
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Lid 1 is van toepassing onverminderd de verlagingen waarin is voorzien bij de Verordeningen (EG) nr. 147/2007 en (EG) nr. 635/2008.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de zevende dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.
BIJLAGE
Lid- staat |
Soort- code |
Gebieds- code 2009 |
Soortnaam |
Gebiedsnamen 2009 |
Sanctie art. 5, lid 2 V. 847/96 |
Definitief quotum 2009 |
Marge |
Totale aangepaste hoeveelheid 2009 |
Vangsten onder bijzondere voorwaarden 2009 |
Vangsten 2009 |
Totale vangsten 2009 |
% |
In mindering gebrachte hoeveelheid |
Oorspronkelijke hoeveelheid 2010 |
Nog voor 2009 in mindering te brengen hoeveel- heid (V. 649/09) |
Herziene hoeveelheid 2010 |
Nog in mindering te brengen saldo |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
BGR |
TUR |
F3742C |
Tarbot |
Zwarte Zee |
j |
50,00 |
0,0 |
50,00 |
0,0 |
52,26 |
52,26 |
104,5 % |
–2,26 |
48,00 |
|
46 |
|
DEU |
PLE |
3BCD-C |
Schol |
EG-wateren van de deelsectoren 22-32 |
j |
305,00 |
0,0 |
305,00 |
0,0 |
314,70 |
314,70 |
103,2 % |
–9,70 |
242,00 |
|
232 |
|
DNK |
DGS |
03A-C. |
Doornhaai/hondshaai |
EG-wateren van IIIa |
j |
36,00 |
0,0 |
36,00 |
0,0 |
51,10 |
51,10 |
141,9 % |
–15,10 |
3,00 |
|
|
12 |
ESP |
BLI |
67- |
Blauwe leng |
VI en VII (Gemeenschapswateren en niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van derde landen vallende wateren) |
j |
68,00 |
0,0 |
68,00 |
0,0 |
187,60 |
187,60 |
275,9 % |
– 159,96 |
57,00 |
|
|
103 |
EST |
COD |
3BC+24 |
Kabeljauw |
EG-wateren van de deelsectoren 22-24 |
j |
190,00 |
0,0 |
190,00 |
0,0 |
192,50 |
192,50 |
101,3 % |
–2,50 |
171,00 |
|
169 |
|
EST |
HER |
03D.RG |
Haring |
Deelsector 28.1 |
j |
16 113,00 |
0,0 |
16 113,00 |
0,0 |
17 279,00 |
17 279,00 |
107,2 % |
–1 166,00 |
16 809,00 |
|
15 643 |
|
EST |
RED |
N3M. |
Roodbaars |
NAFO 3M |
j |
1 540,00 |
0,0 |
1 540,00 |
0,0 |
2 182,10 |
2 182,10 |
141,7 % |
– 729,54 |
1 571,00 |
|
841 |
|
EST |
SPR |
03A. |
Sprot |
IIIa |
j |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,00 |
0,0 % |
0,00 |
0,00 |
– 150,00 |
|
150 |
FRA |
BLI |
245- |
Blauwe leng |
Gemeenschapswateren en niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van derde landen vallende wateren van II, IV en V |
n |
51,00 |
0,0 |
51,00 |
0,0 |
59,50 |
59,50 |
116,7 % |
–8,50 |
25,00 |
|
17 |
|
GRC |
BFT* |
AE045W |
Blauwvintonijn |
Atlantische Oceaan, ten oosten van 45° WL, en de Middellandse Zee |
n |
362,40 |
0,0 |
362,40 |
0,0 |
373,10 |
373,10 |
103,0 % |
–10,70 |
130,30 |
|
120 |
|
IRL |
HAD |
7X7A34 |
Schelvis |
VIIb-k, VIII, IX en X; EU-wateren van CECAF 34.1.1 |
j |
2 965,00 |
0,0 |
2 965,00 |
0,0 |
2 984,00 |
2 984,00 |
100,6 % |
–19,00 |
2 573,00 |
|
2 554 |
|
NLD |
PLE |
03AN. |
Schol |
Skagerrak |
j |
303,00 |
0,0 |
303,00 |
0,0 |
305,60 |
305,60 |
100,9 % |
–2,60 |
1 400,00 |
|
1 397 |
|
NLD |
OTH |
4AB-N |
Andere soorten |
Noorse wateren van IV |
j |
64,00 |
0,0 |
64,00 |
0,0 |
68,90 |
68,90 |
107,7 % |
–4,90 |
200,00 |
|
195 |
|
NLD |
BSF |
56712- |
Zwarte haarstaartvis |
Gemeenschapswateren en niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van derde landen vallende wateren van V, VI, VII en XII |
n |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,00 |
0,0 % |
0,00 |
0,00 |
–5,00 |
|
5 |
NLD |
SBR |
678- |
Zeebrasem |
VI, VII en VIII (EG-wateren en niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van derde landen vallende wateren) |
n |
15,00 |
0,0 |
15,00 |
0,0 |
6,60 |
6,60 |
44,0 % |
0,00 |
0,00 |
–6,00 |
|
6 |
POL |
COD |
1/2B. |
Kabeljauw |
Internationale wateren van I en IIb |
j |
1 188,00 |
0,0 |
1 188,00 |
0,0 |
1 189,60 |
1 189,60 |
100,1 % |
–1,60 |
1 838,00 |
|
1 836 |
|
POL |
HER |
3BC+24 |
Haring |
Deelsectoren 22-24 |
j |
4 666,00 |
0,0 |
4 666,00 |
0,0 |
5 479,70 |
5 479,70 |
117,4 % |
– 848,41 |
2 953,00 |
|
2 105 |
|
POL |
COD |
1N2AB. |
Kabeljauw |
Noorse wateren van I en II |
j |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,00 |
0,0 % |
0,00 |
0,00 |
–2,00 |
|
2 |
POL |
GHL |
514GRN |
Zwarte heilbot |
Groenlandse wateren van V en XIV |
j |
1 002,00 |
0,0 |
1 002,00 |
0,0 |
974,10 |
974,10 |
97,2 % |
0,00 |
0,00 |
–2,00 |
|
2 |
POL |
GHL |
1N2AB. |
Zwarte heilbot |
Noorse wateren van I en II |
j |
8,00 |
0,0 |
8,00 |
0,0 |
0,00 |
0,00 |
0,0 % |
0,00 |
0,00 |
–1,00 |
|
1 |
POL |
RED |
514GRN |
Zwarte heilbot |
Groenlandse wateren van V en XIV |
j |
602,00 |
0,0 |
602,00 |
0,0 |
177,80 |
177,80 |
29,5 % |
0,00 |
0,00 |
–1,00 |
|
1 |
POL |
HAD |
2AC4. |
Schelvis |
IV; EG-wateren van IIa |
j |
80,00 |
0,0 |
80,00 |
0,0 |
0,20 |
0,20 |
0,3 % |
0,00 |
0,00 |
–16,00 |
|
16 |
POL |
WHB |
1X14 |
Blauwe wijting |
EG-wateren en internationale wateren van I, II, III, |
j |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,00 |
0,0 % |
0,00 |
0,00 |
–8,00 |
|
8 |
POL |
MAC |
2A34. |
Makreel |
IIIa en IV; EG-wateren van IIa, IIIb, IIIc en IIId |
j |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,00 |
0,0 % |
0,00 |
0,00 |
–5,00 |
|
5 |
PRT |
GFB |
89- |
Gaffelkabeljauwen |
Gemeenschapswateren en niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van derde landen vallende wateren van VIII en IX |
n |
9,00 |
0,0 |
9,00 |
0,0 |
9,90 |
9,90 |
110,0 % |
–0,90 |
10,00 |
|
9 |
|
PRT |
RED |
51214. |
Roodbaars |
EG-wateren en internationale wateren van V; internationale wateren van V en XIV |
j |
1 628,00 |
0,0 |
1 628,00 |
0,0 |
1 708,40 |
1 708,40 |
104,9 % |
–80,40 |
896,00 |
|
816 |
|
PRT |
ANF |
8C3411 |
Zeeduivel |
VIIIc, IX en X; EG-wateren van CECAF 34.1.1 |
j |
328,00 |
0,0 |
328,00 |
0,0 |
338,60 |
338,60 |
103,2 % |
–10,60 |
248,00 |
|
237 |
|
PRT |
HAD |
1N2AB. |
Schelvis |
Noorse wateren van I en II |
j |
395,00 |
0,0 |
395,00 |
0,0 |
357,30 |
357,30 |
90,5 % |
0,00 |
0,00 |
– 458,00 |
|
458 |
PRT |
POK |
1N2AB. |
Zwarte koolvis |
Noorse wateren van I en II |
j |
203,00 |
0,0 |
203,00 |
0,0 |
128,20 |
128,20 |
63,2 % |
0,00 |
0,00 |
– 294,00 |
|
294 |
PRT |
GHL |
1N2AB. |
Zwarte heilbot |
Noorse wateren van I en II |
j |
0,00 |
0,0 |
0,00 |
0,0 |
10,00 |
10,00 |
0,0 % |
–10,00 |
0,00 |
–1,00 |
|
11 |
UK |
BET |
ATLANT |
Grootoogtonijn |
Atlantische Oceaan |
|
26,30 |
0,0 |
26,30 |
0,0 |
26,30 |
26,30 |
100,0 % |
0,00 |
0,00 |
–10,00 |
|
10 |