Home

Verordening (EU) n r. 1255/2010 van de Commissie van 22 december 2010 tot vaststelling van bepalingen voor de toepassing van de tariefcontingenten voor de invoer van baby beef -producten van oorsprong uit Bosnië en Herzegovina, Kroatië, de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, Montenegro, Servië en Kosovo Deze verwijzing laat de standpunten over de status van Kosovo onverlet, en is in overeenstemming met Resolutie 1244/1999 van de VN-Veiligheidsraad en het advies van het Internationaal Gerechtshof over de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo.

Verordening (EU) n r. 1255/2010 van de Commissie van 22 december 2010 tot vaststelling van bepalingen voor de toepassing van de tariefcontingenten voor de invoer van baby beef -producten van oorsprong uit Bosnië en Herzegovina, Kroatië, de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, Montenegro, Servië en Kosovo Deze verwijzing laat de standpunten over de status van Kosovo onverlet, en is in overeenstemming met Resolutie 1244/1999 van de VN-Veiligheidsraad en het advies van het Internationaal Gerechtshof over de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo.

Artikel 1

1.

Voor de periode van 1 januari tot en met 31 december van elk jaar worden de volgende tariefcontingenten geopend:

  1. 9 400 t „baby beef”, uitgedrukt in geslacht gewicht, van oorsprong uit Kroatië;

  2. 1 500 t „baby beef”, uitgedrukt in geslacht gewicht, van oorsprong uit Bosnië en Herzegovina;

  3. 1 650 t „baby beef”, uitgedrukt in geslacht gewicht, van oorsprong uit de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië;

  4. 8 700 t „baby beef”, uitgedrukt in geslacht gewicht, van oorsprong uit Servië;

  5. 800 t „baby beef”, uitgedrukt in geslacht gewicht, van oorsprong uit Montenegro;

  6. 475 ton „baby beef”, uitgedrukt in geslacht gewicht, van oorsprong uit het douanegebied van Kosovo(4).

De volgnummers van de in de eerste alinea genoemde contingenten zijn respectievelijk 09.4503, 09.4504, 09.4505, 09.4198, 09.4199 en 09.4200.

Voor de afboeking op deze contingenten wordt 100 kg levend gewicht gelijkgesteld met 50 kg geslacht gewicht.

2.

Bij invoer in het kader van de in lid 1 bedoelde contingenten bedraagt het douanerecht 20 % van het ad-valoremrecht en 20 % van het specifieke recht, zoals is vastgesteld in het gemeenschappelijk douanetarief.

3.

In het kader van de in lid 1 bedoelde contingenten kunnen uitsluitend de in bijlage III bij de met Kroatië gesloten Stabilisatie- en associatieovereenkomst, de in bijlage III bij de met de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië gesloten Stabilisatie- en associatieovereenkomst, de in bijlage II bij de met Montenegro gesloten Stabilisatie- en associatieovereenkomst, de in bijlage II bij de Interimovereenkomst met Bosnië en Herzegovina en de in bijlage II bij de Interimovereenkomst met Servië bedoelde levende dieren en aanbiedingsvormen van vlees van de volgende GN-codes worden ingevoerd:

  • ex01029051, ex01029059, ex01029071 en ex01029079,

  • ex02011000 en ex02012020,

  • ex02012030,

  • ex02012050.

Artikel 2

Behoudens andersluidende bepalingen in de onderhavige verordening zijn hoofdstuk III van Verordening (EG) nr. 1301/2006 en de Verordeningen (EG) nr. 376/2008 en (EG) nr. 382/2008 van toepassing.

Artikel 3

1.

In vak 8 van de invoercertificaataanvraag en het invoercertificaat moet het land van oorsprong worden vermeld en het woord „ja” worden aangekruist. Het certificaat verplicht tot invoer uit het aangegeven land.

In vak 20 van de invoercertificaataanvraag en het invoercertificaat moet een van de vermeldingen worden aangebracht als vermeld in bijlage I.

2.

Het originele exemplaar van het overeenkomstig artikel 4 opgestelde echtheidscertificaat en een afschrift ervan moeten aan de bevoegde instantie worden overgelegd samen met de aanvraag voor het eerste invoercertificaat dat op basis van dit echtheidscertificaat wordt aangevraagd.

Binnen de grenzen van de in het echtheidscertificaat vermelde hoeveelheid kan dit certificaat voor de afgifte van verschillende invoercertificaten worden gebruikt. In dat geval zorgt de bevoegde autoriteit ervoor dat:

  1. het echtheidscertificaat telkens voor de toegewezen hoeveelheid wordt geviseerd;

  2. de invoercertificaten die betrekking hebben op dat echtheidscertificaat op dezelfde dag worden afgegeven.

3.

De bevoegde autoriteiten mogen de invoercertificaten pas afgeven nadat zij hebben geverifieerd dat alle gegevens op het echtheidscertificaat overeenstemmen met de van de Commissie in de desbetreffende wekelijkse mededelingen ontvangen informatie. Na deze verificatie wordt het invoercertificaat onverwijld afgegeven.

Artikel 4

1.

Elke invoercertificaataanvraag in het kader van de in artikel 1 bedoelde contingenten moet vergezeld gaan van een door de in bijlage II vermelde autoriteiten van het land van uitvoer afgegeven echtheidscertificaat waarin wordt verklaard dat de producten van oorsprong zijn uit het desbetreffende land en dat zij beantwoorden aan de definitie in, naargelang van het geval, bijlage III bij de Stabilisatie- en associatieovereenkomst met Kroatië, bijlage III bij de Stabilisatie- en associatieovereenkomst met de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, bijlage II bij de Stabilisatie- en associatieovereenkomst met Montenegro, bijlage II bij de Interimovereenkomst met Bosnië en Herzegovina of bijlage II bij de Interimovereenkomst met Servië.

2.

De echtheidscertificaten worden, overeenkomstig het in de bijlagen III tot en met VII vastgestelde model voor het desbetreffende land van uitvoer, opgesteld in de vorm van een origineel met twee afschriften, die worden gedrukt en ingevuld in een van de officiële talen van de Europese Unie. Voorts mogen zij in de officiële taal of in één van de officiële talen van het land van uitvoer worden gedrukt en ingevuld.

Het staat de bevoegde autoriteiten van de lidstaat waar de invoercertificaataanvraag wordt ingediend, vrij een vertaling van het certificaat te eisen.

3.

Het origineel en de afschriften van het echtheidscertificaat mogen in machineschrift of met de hand worden ingevuld. In het laatste geval worden zij met zwarte inkt en in drukletters ingevuld.

Het certificaat meet 210 bij 297 millimeter. Het te gebruiken papier weegt minstens 40 g per m2. De kleur van het origineel is wit, die van het eerste afschrift roze en die van het tweede afschrift geel.

4.

Elk certificaat draagt een individueel volgnummer, gevolgd door de naam van het land van afgifte.

Op de afschriften komen hetzelfde volgnummer en dezelfde naam voor als op het origineel.

5.

De certificaten zijn alleen geldig als ze naar behoren zijn geviseerd door de in bijlage II vermelde instantie van afgifte.

6.

Het certificaat is naar behoren geviseerd als datum en plaats van afgifte zijn vermeld, het stempel van de instantie van afgifte is aangebracht en het is ondertekend door de daartoe gemachtigde persoon of personen.

Artikel 5

1.

Een instantie van afgifte mag alleen in de lijst van bijlage II worden opgenomen als:

  1. zij als zodanig is erkend door het land van uitvoer;

  2. zij zich ertoe verbindt de in de certificaten vermelde gegevens te verifiëren;

  3. zij zich ertoe verbindt de Commissie ten minste wekelijks alle inlichtingen te verstrekken die nodig zijn voor de verificatie van de in de echtheidscertificaten vermelde gegevens, met name het certificaatnummer, de exporteur, de geadresseerde, het land van bestemming, het product (levende dieren/vlees), het nettogewicht en de datum van ondertekening.

2.

De lijst in bijlage II wordt door de Commissie herzien wanneer niet meer aan de in lid 1, onder a), vermelde voorwaarde is voldaan of wanneer een instantie van afgifte een of meer van haar verplichtingen niet nakomt of wanneer een nieuwe instantie van afgifte wordt aangewezen.

Artikel 6

Artikel 7

Artikel 8

Artikel 9

BIJLAGE I

BIJLAGE II

BIJLAGE III

BIJLAGE IV

BIJLAGE V

BIJLAGE VI

BIJLAGE VII

BIJLAGE VII bis