Met het oog op de samenwerking en inlichtingenuitwisseling tussen de lidstaten op het gebied van de overbrengingen van accijnsgoederen als bedoeld in hoofdstuk IV en hoofdstuk V, afdeling 2, van Richtlijn (EU) 2020/262 van de Raad(1) worden in deze verordening bepalingen vastgesteld inzake:
-
de structuur en de inhoud van de documenten voor wederzijdse administratieve bijstand die worden uitgewisseld via het geautomatiseerde systeem zoals bedoeld in artikel 2, punt 8, van Verordening (EU) nr. 389/2012, voor de toepassing van de artikelen 8, 15 en 16 van die verordening;
-
de structuur en de inhoud van het rapport over de vervolgmaatregelen die genomen zijn als gevolg van de samenwerking op verzoek of de facultatieve mededeling van inlichtingen;
-
de regels en procedures die de bevoegde autoriteiten moeten volgen bij de uitwisseling van documenten voor wederzijdse administratieve bijstand;
-
de structuur en de inhoud van de documenten voor wederzijdse administratieve bijstand in de noodprocedure en de regels en procedures voor het gebruik ervan.