Home

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2361 van de Commissie van 14 september 2017 betreffende het definitieve systeem van bijdragen in de administratieve uitgaven van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad

Gedelegeerde Verordening (EU) 2017/2361 van de Commissie van 14 september 2017 betreffende het definitieve systeem van bijdragen in de administratieve uitgaven van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad

Artikel 1 Onderwerp

Deze verordening regelt het volgende:

  1. het definitieve systeem voor het berekenen van de door de entiteiten bedoeld in artikel 2 van Verordening (EU) nr. 806/2014 verschuldigde bijdragen in de administratieve uitgaven van de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad („de Afwikkelingsraad”);

  2. de wijze waarop deze bijdragen moeten worden betaald;

  3. de registratie-, boekhoud- en rapportageregels en andere regels om ervoor te zorgen dat deze bijdragen volledig en tijdig worden betaald;

  4. de methodiek voor het herberekenen en aanpassen van de bijdragen die over de voorlopige periode verschuldigd zijn.

Artikel 2 Definities

Voor de toepassing van deze verordening gelden de definities van Verordening (EU) nr. 1163/2014. De volgende definities zijn eveneens van toepassing:

    1. „administratieve uitgaven van de Afwikkelingsraad” :
    de uitgaven van deel I van de begroting van de Afwikkelingsraad, zoals bedoeld in artikel 59, lid 2, van Verordening (EU) nr. 806/2014;
    2. „jaarlijkse bijdrage” :
    de bijdrage die de Afwikkelingsraad voor een gegeven begrotingsjaar overeenkomstig deze verordening moet innen ter dekking van zijn administratieve uitgaven;
    3. „schuldenaar van de bijdrage” :
    de schuldenaar van de vergoeding voor toezicht zoals vastgesteld overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EU) nr. 1163/2014 voor de inning van de vergoeding voor toezicht en voor zover deze onder het toepassingsgebied van artikel 2 van Verordening (EU) nr. 806/2014 valt;
    4. „voorlopige periode” :
    de periode die ingaat op 19 augustus 2014 en eindigt op 31 december 2017.

Artikel 3 Bepalen van het totale bedrag van de te innen jaarlijkse bijdragen

Het totale bedrag van de jaarlijkse bijdragen die voor een gegeven begrotingsjaar moeten worden geïnd, wordt berekend op basis van deel I van de begroting die de Afwikkelingsraad voor dat begrotingsjaar heeft vastgesteld overeenkomstig artikel 61 van Verordening (EU) nr. 806/2014, gecorrigeerd voor het resultaat van de begroting van het laatste begrotingsjaar waarvan de definitieve rekeningen zijn bekendgemaakt overeenkomstig artikel 63, lid 7, van die verordening.

Het totale bedrag van de jaarlijkse bijdragen wordt door de Afwikkelingsraad zodanig vastgesteld dat deel I van de begroting van de Afwikkelingsraad in evenwicht is.

Artikel 4 Toewijzing van het totale bedrag van de jaarlijkse bijdragen

1.

Het totale bedrag dat overeenkomstig artikel 3 moet worden geïnd, wordt als volgt toegewezen:

  1. 95 % aan de volgende entiteiten en groepen:

    1. de entiteiten en groepen bedoeld in artikel 7, lid 2, van Verordening (EU) nr. 806/2014;

    2. de entiteiten en groepen ten aanzien waarvan de Afwikkelingsraad op grond van artikel 7, lid 4, onder b), van Verordening (EU) nr. 806/2014 heeft besloten om de hem bij die verordening verleende bevoegdheden uit te oefenen;

    3. de entiteiten en groepen ten aanzien waarvan de deelnemende lidstaten overeenkomstig artikel 7, lid 5, van Verordening (EU) nr. 806/2014 hebben besloten dat de Afwikkelingsraad de hem bij die verordening verleende bevoegdheden en verantwoordelijkheden uitoefent;

  2. 5 % aan de entiteiten en groepen bedoeld in artikel 7, lid 3, van Verordening (EU) nr. 806/2014.

2.

Onverlet artikel 7 deelt de Afwikkelingsraad entiteiten en groepen in een van de twee in lid 1 vermelde categorieën in, op basis van de gegevens die de ECB de Afwikkelingsraad overeenkomstig artikel 6, lid 1, of artikel 11, naargelang wat van toepassing is, heeft verstrekt.

3.

Wanneer een entiteit onder het toepassingsgebied van lid 1, onder a), valt, worden alle entiteiten die deel uitmaken van dezelfde groep, in dezelfde categorie ingedeeld.

4.

De Afwikkelingsraad doet jaarlijks verslag aan de Commissie over de juistheid van de in lid 1 vastgelegde verdeling, in het licht van de veranderende samenstelling van de twee categorieën van entiteiten en groepen.

Artikel 4 bis Voorschottermijnen voor de individuele jaarlijkse bijdragen

1.

Ieder begrotingsjaar kan de Afwikkelingsraad voorafgaand aan de ontvangst van de gegevens overeenkomstig artikel 6, lid 1, voorschottermijnen op de individuele jaarlijkse bijdragen voor dat begrotingsjaar innen voor een bedrag van maximaal 75 % van het in artikel 3, lid 1, bedoelde bedrag aan jaarlijkse bijdragen van de entiteiten en groepen als bedoeld in artikel 4, lid 1, onder a). De voorschottermijn van iedere entiteit of groep wordt berekend in verhouding tot de individuele jaarlijkse bijdragen die in het onmiddellijk daaraan voorafgaande begrotingsjaar voor die entiteit of groep werden berekend.

2.

De Afwikkelingsraad brengt de betaling van de voorschottermijn in mindering op de individuele jaarlijkse bijdrage van de entiteit of groep voor dat begrotingsjaar.

Artikel 5 Berekening van de individuele jaarlijkse bijdragen

Artikel 6 Noodzakelijke gegevens voor het berekenen van de individuele jaarlijkse bijdragen

Artikel 7 Verandering van toepassingsgebied, statuswijziging of wijziging van andere gegevens

Artikel 8 Bijdragekennisgeving, mededelingen, betalingen en achterstalligheidsrente

Artikel 9 Tenuitvoerlegging

Artikel 10 Herberekening en vereffening van over de voorlopige periode verschuldigde bijdragen

Artikel 11 Noodzakelijke gegevens voor het herberekenen van de bijdragen voor begrotingsjaren van de voorlopige periode

Artikel 12 Uitbesteding

Artikel 13 Bijstand van nationale afwikkelingsautoriteiten

Artikel 14 Intrekking

Artikel 14 bis Overgangsregelingen voor het begrotingsjaar 2021

Artikel 15 Inwerkingtreding