Bij deze verordening worden bepalingen vastgesteld ter uitvoering van realtimesluitingen van visserijtakken in het Skagerrak voor de bescherming van jonge exemplaren van Noordse garnaal (Pandalus borealis).
Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2201 van de Commissie van 1 oktober 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2019/1241 van het Europees Parlement en de Raad met nadere voorschriften voor de uitvoering van realtimesluitingen voor de visserij op Noordse garnaal in het Skagerrak
Gedelegeerde Verordening (EU) 2019/2201 van de Commissie van 1 oktober 2019 tot aanvulling van Verordening (EU) 2019/1241 van het Europees Parlement en de Raad met nadere voorschriften voor de uitvoering van realtimesluitingen voor de visserij op Noordse garnaal in het Skagerrak
Artikel 1 Onderwerp
Artikel 2 Definities
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
-
„Skagerrak”: het gebied dat in het westen wordt begrensd door een lijn van de vuurtoren van Hanstholm naar die van Lindesnes, en in het zuiden door een lijn van de vuurtoren van Skagen naar die van Tistlarna en vandaar naar het dichtstbij gelegen punt op de Zweedse kust;
-
„trek”: de activiteit tussen het uitzetten en het ophalen van een net;
-
„gezamenlijk inzetplan”: een plan dat is ingesteld in het kader van een specifiek controle- en inspectieprogramma dat is opgezet overeenkomstig artikel 95 van Verordening (EG) nr. 1224/2009 van de Raad;
-
„jonge exemplaren van Noordse garnaal”: exemplaren van Noordse garnaal (Pandalus borealis) met een carapaxlengte van minder dan 14,8 mm. De carapaxlengte wordt gemeten in de lengte van de carapax, evenwijdig aan de middellijn, vanaf de achterkant van een oogkas tot aan het midden van de verste rand van de carapax;
-
„Nordmøre-rooster”: een selectiviteitsvoorziening die is aangebracht in een trawl en bestaat uit een hoeks geplaatst rooster en een ontsnappingsopening. De voorziening laat garnaal of Nephrops door terwijl ongewenste bijvangsten van vis worden geweerd door ze via de opening te laten ontsnappen.
Artikel 3 Vangstdrempel
De vangstdrempel die aanleiding geeft tot realtimesluitingen van visserijtakken in het kader van deze verordening is 20 % jonge exemplaren van Noordse garnaal ten opzichte van het totale aantal Noordse garnalen, in een steekproef.
Artikel 4 Inspecties
De informatie waarmee vangstdrempels worden gemonitord, is afkomstig van inspecties op zee die de bevoegde controle-instanties verrichten op vissersvaartuigen waarmee wordt gevist op Noordse garnaal (Pandalus borealis) met bodemtrawls met een maaswijdte van ten minste 35 mm.
De kustlidstaat en/of de lidstaat die deelnemen/deelneemt aan een gezamenlijke actie in het kader van een gezamenlijk inzetplan, stellen/stelt de gebieden en perioden vast waarin er een risico is dat de vangstdrempel wordt bereikt.
De inspecties, in het bijzonder in de overeenkomstig lid 2 vastgestelde gebieden, worden verricht om te bepalen of het percentage jonge exemplaren van Noordse garnaal de vangstdrempel bereikt.
De controle-instanties inspecteren de vangsten van Noordse garnaal aan de hand van de in bijlage I beschreven monsternemingsprocedure.
De inspectiegegevens en de hoeveelheid jonge exemplaren van Noordse garnaal in het monster worden geregistreerd in een bemonsteringsverslag, als opgenomen in bijlage II. Het in bijlage II opgenomen bemonsteringsverslag wordt onmiddellijk nadat het monster is gemeten, naar behoren ingevuld.
Als de hoeveelheid Noordse garnaal in een trek minder dan 100 kg bedraagt, wordt die trek niet als basis genomen om een sluiting aan te bevelen.
Artikel 5 Kennisgevingen bij het bereiken van de vangstdrempel
Wanneer uit de resultaten van de overeenkomstig artikel 4, lid 4, genomen monsters van ten minste twee trekken binnen een periode van 96 uur blijkt dat de hoeveelheid jonge exemplaren van Noordse garnaal de vangstdrempel heeft bereikt, wordt het (de) in artikel 4, lid 5, bedoelde bemonsteringsverslag (bemonsteringsverslagen) onmiddellijk ingevuld en naar het contactpunt van de kustlidstaat gezonden, dat zal nagaan of een realtimesluiting moet worden ingesteld. De bemonsteringsverslagen kunnen worden aangevuld met een aanbeveling van de met de inspecties belaste controle-instanties tot het instellen van een realtimesluiting.
Als het aandeel jonge exemplaren van Noordse garnaal meer dan 40 % van het aantal van die soort in de steekproef als bedoeld in artikel 4, lid 4, uitmaakt, kunnen de controle-instanties een realtimesluiting aanbevelen op basis van één steekproef.