Home

Verordening (EU) 2021/92 van de Raad van 28 januari 2021 tot vaststelling, voor 2021, van de vangstmogelijkheden voor bepaalde visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de Unie en, voor vissersvaartuigen van de Unie, in bepaalde wateren buiten de Unie van toepassing zijn

Verordening (EU) 2021/92 van de Raad van 28 januari 2021 tot vaststelling, voor 2021, van de vangstmogelijkheden voor bepaalde visbestanden en groepen visbestanden welke in de wateren van de Unie en, voor vissersvaartuigen van de Unie, in bepaalde wateren buiten de Unie van toepassing zijn

TITEL I ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1 Onderwerp

1.

Bij deze verordening worden de vangstmogelijkheden voor bepaalde visbestanden en groepen visbestanden vastgesteld die in de wateren van de Unie en, voor vissersvaartuigen van de Unie, in bepaalde wateren buiten de Unie beschikbaar zijn.

2.

De in lid 1 bedoelde vangstmogelijkheden omvatten:

  1. de vangstbeperkingen voor 2021 en, waar zulks in deze verordening is bepaald, voor 2022;

  2. de beperkingen van de visserijinspanning voor 2021, met uitzondering van de in bijlage II vermelde beperkingen van de visserijinspanning, die van toepassing zijn van 1 februari 2021 tot en met 31 januari 2022;

  3. de vangstmogelijkheden voor de periode van 1 december 2020 tot en met 30 november 2021 voor bepaalde bestanden in het CCAMLR-verdragsgebied.

Artikel 2 Toepassingsgebied

1.

Deze verordening is van toepassing op de volgende vaartuigen:

  1. vissersvaartuigen van de Unie;

  2. vaartuigen van derde landen in de wateren van de Unie.

2.

Deze verordening is tevens van toepassing op:

  1. de recreatievisserij indien daar in de desbetreffende bepalingen van deze verordening uitdrukkelijk naar wordt verwezen, en

  2. op de commerciële visserij vanaf de kust.

Artikel 3 Definities

Voor de toepassing van deze verordening gelden de definities van artikel 4 van Verordening (EU) nr. 1380/2013. Daarnaast wordt verstaan onder:

  1. “vaartuig van een derde land”: een vissersvaartuig dat de vlag voert van en is geregistreerd in een derde land;

  2. “recreatievisserij”: niet-commerciële visserijactiviteiten waarmee de biologische rijkdommen van de zee worden geëxploiteerd voor recreatieve, toeristische of sportieve doeleinden;

  3. “internationale wateren”: wateren die niet onder de soevereiniteit of jurisdictie van enige staat vallen;

  4. “totaal toegestane vangst” (TAC):

    1. in vormen van visserij die vallen onder de in artikel 15, leden 4 tot en met 7, van Verordening (EU) nr. 1380/2013 bedoelde vrijstelling van de aanlandingsverplichting: de hoeveelheid vis die elk jaar van elk bestand mag worden aangeland;

    2. in de overige vormen van visserij: de hoeveelheid vis die elk jaar van elk bestand mag worden gevangen;

  5. “quotum”: een gedeelte van de TAC dat is toegewezen aan de Unie, aan een lidstaat of aan een derde land;

  6. “analytische evaluaties”: kwantitatieve evaluatie van trends in een bepaald bestand, op basis van gegevens over de biologie en de exploitatie van dat bestand, die blijkens wetenschappelijke toetsing van voldoende kwaliteit zijn om wetenschappelijke adviezen over opties voor toekomstige vangsten op te baseren;

  7. “maaswijdte”: de maaswijdte van visnetten in de zin van artikel 6, punt 34, van Verordening (EU) 2019/1241;

  8. “vissersvlootregister van de Unie”: het register dat door de Commissie is ingesteld overeenkomstig artikel 24, lid 3, van Verordening (EU) nr. 1380/2013;

  9. “visserijlogboek”: het logboek als bedoeld in artikel 14 van Verordening (EG) nr. 1224/2009;

  10. “instrumentboei”: een boei die duidelijk is gemarkeerd met een uniek referentienummer waarmee de eigenaar kan worden geïdentificeerd en die is uitgerust met een satellietvolgsysteem om de positie ervan te monitoren;

  11. “operationele boei”: een vooraf geactiveerde instrumentboei die is ingeschakeld en op een niet-verankerde visaantrekkende voorziening (fish aggregating device — FAD) of boomstam is uitgezet op zee, die posities of andere beschikbare informatie zoals echoloodpeilingen verstuurt.

Artikel 4 Visserijzones

Voor de toepassing van deze verordening geldt de volgende afbakening van visserijzones:

  1. voor de ICES-zones (International Council for the Exploration of the Sea – Internationale Raad voor het onderzoek van de zee): de in bijlage III bij Verordening (EG) nr. 218/2009 van het Europees Parlement en de Raad(1) gespecificeerde geografische gebieden;

  2. voor het Skagerrak: het geografische gebied dat in het westen wordt begrensd door een lijn van de vuurtoren van Hanstholm naar die van Lindesnes, en in het zuiden door een lijn van de vuurtoren van Skagen naar die van Tistlarna en vandaar naar het dichtstbijgelegen punt op de Zweedse kust;

  3. voor het Kattegat: het geografische gebied dat in het noorden wordt begrensd door een lijn van de vuurtoren van Skagen naar die van Tistlarna en vandaar naar het dichtstbijgelegen punt op de Zweedse kust, en in het zuiden door een lijn van Kaap Hasenøre naar Kaap Gniben, van Korshage naar Spodsbjerg en van Kaap Gilbjerg naar Kullen;

  4. voor functionele eenheid 16 van ICES-deelgebied 7: het geografische gebied dat wordt begrensd door loxodromen die achtereenvolgens de punten met de volgende geografische coördinaten met elkaar verbinden:

    • 53°30' N.B. 15°00' W.L.,

    • 53°30' N.B. 11°00' W.L.,

    • 51°30' N.B. 11°00' W.L.,

    • 51°30' N.B. 13°00' W.L.,

    • 51°00' N.B. 13°00' W.L.,

    • 51°00' N.B. 15°00' W.L.;

  5. voor functionele eenheid 25 van ICES-sector 8c: het geografische zeegebied dat wordt begrensd door loxodromen die achtereenvolgens de punten met de volgende geografische coördinaten met elkaar verbinden:

    • 43°00' N.B. 9°00' W.L.,

    • 43°00' N.B. 10°00' W.L.,

    • 43°30' N.B. 10°00' W.L.,

    • 43°30' N.B. 9°00' W.L.,

    • 44°00' N.B. 9°00' W.L.,

    • 44°00' N.B. 8°00' W.L.,

    • 43°30' N.B. 8°00' W.L.;

  6. voor functionele eenheid 26 van ICES-sector 9a: het geografische gebied dat wordt begrensd door loxodromen die achtereenvolgens de punten met de volgende geografische coördinaten met elkaar verbinden:

    • 43°00' N.B. 8°00' W.L.,

    • 43°00' N.B. 10°00' W.L.,

    • 42°00' N.B. 10°00' W.L.,

    • 42°00' N.B. 8°00' W.L.;

  7. voor functionele eenheid 27 van ICES-sector 9a: het geografische gebied dat wordt begrensd door loxodromen die achtereenvolgens de punten met de volgende geografische coördinaten met elkaar verbinden:

    • 42°00' N.B. 8°00' W.L.,

    • 42°00' N.B. 10°00' W.L.,

    • 38°30' N.B. 10°00' W.L.,

    • 38°30' N.B. 9°00' W.L.,

    • 40°00' N.B. 9°00' W.L.,

    • 40°00' N.B. 8°00' W.L.;

  8. voor functionele eenheid 30 van ICES-sector 9a: het geografische gebied onder de jurisdictie van Spanje in de Golf van Cádiz en in de aangrenzende wateren van 9a;

  9. voor functionele eenheid 31 van ICES-sector 8c: het geografische zeegebied dat wordt begrensd door loxodromen die achtereenvolgens de punten met de volgende geografische coördinaten met elkaar verbinden:

    • 43°30' N.B. 6°00' W.L.,

    • 44°00' N.B. 6°00' W.L.,

    • 44°00' N.B. 2°00' W.L.,

    • 43°30' N.B. 2°00' W.L.;

  10. voor de Golf van Cádiz: het geografische gebied van ICES-sector 9a ten oosten van 7° 23′ 48″ W.L.;

  11. voor het CCAMLR-verdragsgebied: het geografische gebied als gedefinieerd in artikel 2, onder a), van Verordening (EG) nr. 601/2004 van de Raad(2);

  12. voor de Cecaf-zones (Committee for Eastern Central Atlantic Fisheries – Visserijcommissie voor het centraaloostelijke deel van de Atlantische Oceaan): de in bijlage II bij Verordening (EG) nr. 216/2009 van het Europees Parlement en de Raad(3) gespecificeerde geografische gebieden;

  13. voor het IATTC-verdragsgebied: het geografische gebied als omschreven in het verdrag ter versterking van de Inter-Amerikaanse Commissie voor tropische tonijn opgericht bij het verdrag van 1949 tussen de Verenigde Staten van Amerika en de Republiek Costa Rica(4);

  14. voor het ICCAT-verdragsgebied: het geografische gebied als omschreven in het Internationaal Verdrag voor de instandhouding van Atlantische tonijnen(5);

  15. voor het IOTC-bevoegdheidsgebied: het geografische gebied als omschreven in de Overeenkomst tot oprichting van de Commissie voor de tonijnvisserij in de Indische Oceaan(6);

  16. voor de NAFO-zones: de geografische gebieden als gespecificeerd in bijlage III bij Verordening (EG) nr. 217/2009 van het Europees Parlement en de Raad(7);

  17. voor het Seafo-verdragsgebied: het geografische gebied als omschreven in het Verdrag inzake de instandhouding en het beheer van de visbestanden in het zuidoostelijke deel van de Atlantische Oceaan(8);

  18. voor het SIOFA-overeenkomstgebied: het geografische gebied als omschreven in de Visserijovereenkomst voor de Zuid-Indische Oceaan(9);

  19. voor het SPRFMO-verdragsgebied: het geografische gebied als omschreven in het Verdrag inzake de instandhouding en het beheer van de visbestanden van de volle zee in het zuidelijke deel van de Stille Oceaan(10);

  20. voor het WCPFC-verdragsgebied: het geografische gebied als omschreven in het Verdrag inzake de instandhouding en het beheer van over grote afstanden trekkende visbestanden in het westelijke en centrale deel van de Stille Oceaan(11);

  21. voor de volle zee van de Beringzee: het geografische gebied van de volle zee van de Beringzee vanaf 200 zeemijl van de basislijnen vanwaar de breedte van de territoriale zeeën van de aan de Beringzee gelegen kuststaten wordt gemeten;

  22. voor het overlappende gebied tussen de IATTC en de WCPFC: het geografische gebied dat wordt begrensd door:

    • lengtegraad 150° W.L.,

    • lengtegraad 130° W.L.,

    • breedtegraad 4° Z.B.,

    • breedtegraad 50° Z.B.

TITEL II VANGSTMOGELIJKHEDEN VOOR UNIEVISSERSVAARTUIGEN

HOOFDSTUK I Algemene bepalingen

Artikel 5 TAC's en toewijzingen

Artikel 6 Door de lidstaten vast te stellen TAC's

Artikel 7 bis Toepassing van vangstmogelijkheden in de Groenlandse wateren

Artikel 8 Voorwaarden voor het aanlanden van vangsten en bijvangsten

Artikel 9 Quotumruilmechanisme voor TAC's voor onvermijdelijke bijvangsten ten aanzien van de aanlandingsverplichting

Artikel 10 Beperkingen van de visserij-inspanning in ICES-sector 7e

Artikel 11 Maatregelen inzake zeebaarsvisserij

Artikel 12 Maatregelen inzake Europese-aalvisserij in wateren van de Unie van het ICES-gebied

Artikel 13 Bijzondere bepalingen inzake de toewijzing van vangstmogelijkheden

Artikel 14 Gesloten visseizoenen voor zandspieringen

Artikel 15 Technische maatregelen voor kabeljauw en wijting in de Keltische Zee

Artikel 16 Technische maatregelen in de Ierse Zee

Artikel 17 Technische maatregelen in het gebied ten westen van Schotland

Artikel 18 Herstelmaatregelen voor kabeljauw in de Noordzee

Artikel 19 Herstelmaatregelen voor kabeljauw in het Kattegat

Artikel 20 Verboden soorten

Artikel 21 Toezending van gegevens

HOOFDSTUK II Vismachtigingen in wateren van derde landen

Artikel 22 Vismachtigingen

HOOFDSTUK III Vangstmogelijkheden in wateren van regionale organisaties voor visserijbeheer

Afdeling 1 Algemene bepalingen

Artikel 23 Overdrachten en uitwisselingen van quota

Afdeling 2 NEAFC-verdragsgebied

Artikel 24 Sluitingen voor roodbaars in de Irminger Zee

Afdeling 3 ICCAT-verdragsgebied

Artikel 25 Beperkingen van de vangst-, kweek- en mestcapaciteit
Artikel 26 Recreatievisserij
Artikel 27 Haaien

Afdeling 4 CCAMLR-verdragsgebied

Artikel 28 Kennisgevingen inzake experimentele visserij op Antarctische ijsheek
Artikel 29 Beperkingen van de experimentele visserij op Antarctische ijsheek
Artikel 30 Visserij op Antarctisch krill in het visseizoen 2020-2021

Afdeling 5 IOTC-bevoegdheidsgebied

Artikel 31 Beperking van de vangstcapaciteit van vaartuigen die in het IOTC-bevoegdheidsgebied vissen
Artikel 32 Niet-verankerde FAD's en bevoorradingsvaartuigen
Artikel 33 Haaien
Artikel 34 Roggen van het geslacht Mobula

Afdeling 6 SPRFMO-verdragsgebied

Artikel 35 Pelagische visserij
Artikel 36 Bodemvisserij
Artikel 37 Experimentele visserij

Afdeling 7 IATTC-verdragsgebied

Artikel 38 Ringzegenvisserij
Artikel 39 Niet-verankerde FAD's
Artikel 40 Vangstbeperkingen voor grootoogtonijn in de beugvisserij
Artikel 41 Verbod op de visserij op oceanische witpunthaaien
Artikel 42 Verbod op de visserij op roggen van het geslacht Mobula

Afdeling 8 Seafo-verdragsgebied

Artikel 43 Verbod op de visserij op diepzeehaaien

Afdeling 9 WCPFC-verdragsgebied

Artikel 44 Voorwaarden voor de visserij op grootoogtonijn, geelvintonijn, gestreepte tonijn en in het zuidelijke deel van de Stille Oceaan voorkomende witte tonijn
Artikel 45 Beheer van de visserij met FAD's
Artikel 46 Beperking van het aantal Unievissersvaartuigen dat op zwaardvis mag vissen
Artikel 47 Vangstbeperkingen voor zwaardvis in de beugvisserij ten zuiden van 20° Z.B.
Artikel 48 Zijdehaaien en oceanische witpunthaaien
Artikel 49 Het tussen de IATTC en de WCPFC overlappende gebied

Afdeling 10 Beringzee

Artikel 50 Verbod op de visserij in de volle zee van de Beringzee

Afdeling 11 Siofa-overeenkomstgebied

Artikel 51 Beperkingen op de bodemvisserij

TITEL III VANGSTMOGELIJKHEDEN VOOR VAARTUIGEN VAN DERDE LANDEN IN DE WATEREN VAN DE UNIE

Artikel 52 Vissersvaartuigen die de vlag van Noorwegen voeren en vissersvaartuigen die op de Faeröer zijn geregistreerd

Artikel 53 Vissersvaartuigen die onder de vlag van het Verenigd Koninkrijk varen, in het Verenigd Koninkrijk geregistreerd zijn en een vergunning hebben gekregen van een visserijautoriteit van het Verenigd Koninkrijk

Artikel 53 bis Quota-overdrachten aan en quota-uitwisselingen met het Verenigd Koninkrijk

Artikel 54 Vissersvaartuigen die de vlag van Venezuela voeren

Artikel 55 Vismachtigingen

Artikel 56 Voorwaarden voor het aanlanden van vangsten en bijvangsten

Artikel 57 Verboden soorten

TITEL IV SLOTBEPALINGEN

Artikel 58 Comitéprocedure

Artikel 59 Overgangsbepaling

Artikel 60 Inwerkingtreding

BIJLAGELIJST VAN BIJLAGEN

BIJLAGE INAAR SOORT EN GEBIED UITGESPLITSTE TAC’S VOOR VISSERSVAARTUIGEN VAN DE UNIE IN GEBIEDEN WAAR TAC’S GELDEN

BIJLAGE IASKAGERRAK, KATTEGAT, ICES-DEELGEBIEDEN 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9, 10, 12 EN 14, WATEREN VAN DE UNIE VAN CECAF EN WATEREN VAN FRANS-GUYANA

Aanhangsel

BIJLAGE IBNOORDOOSTELIJK DEEL VAN DE ATLANTISCHE OCEAAN EN GROENLAND, ICES-DEELGEBIEDEN 1, 2, 5, 12 EN 14 EN GROENLANDSE WATEREN VAN NAFO 1

BIJLAGE ICNOORDWESTELIJK DEEL VAN DE ATLANTISCHE OCEAAN — NAFO-VERDRAGSGEBIED

BIJLAGE IDICCAT-VERDRAGSGEBIED

BIJLAGE IEZUIDOOSTELIJK DEEL VAN DE ATLANTISCHE OCEAAN — SEAFO-VERDRAGSGEBIED

BIJLAGE IFZUIDELIJKE BLAUWVINTONIJN — VERSPREIDINGSGEBIEDEN

BIJLAGE IGWCPFC-VERDRAGSGEBIED

BIJLAGE IHSPRFMO-VERDRAGSGEBIED

BIJLAGE IJIOTC-BEVOEGDHEIDSGEBIED

BIJLAGE IKSIOFA-OVEREENKOMSTGEBIED

BIJLAGE ILIATTC-VERDRAGSGEBIED

BIJLAGE II

BIJLAGE IIIBEHEERSGEBIEDEN VOOR ZANDSPIERINGEN IN DE ICES-SECTOREN 2a EN 3a EN IN ICES-DEELGEBIED 4

Aanhangsel

BIJLAGE IVSEIZOENSSLUITINGEN TER BESCHERMING VAN PAAIENDE KABELJAUW

BIJLAGE VVISMACHTIGINGEN

BIJLAGE VIICCAT-VERDRAGSGEBIED(61)

BIJLAGE VIICCAMLR-VERDRAGSGEBIED

Aanhangsel

BIJLAGE VIIIIOTC-BEVOEGDHEIDSGEBIED

BIJLAGE IXWCPFC-VERDRAGSGEBIED