Home

Verordening (EU) 2021/523 van het Europees Parlement en de Raad van 24 maart 2021 tot vaststelling van het InvestEU-programma en tot wijziging van Verordening (EU) 2015/1017

Verordening (EU) 2021/523 van het Europees Parlement en de Raad van 24 maart 2021 tot vaststelling van het InvestEU-programma en tot wijziging van Verordening (EU) 2015/1017

HOOFDSTUK I Algemene bepalingen

Artikel 1 Onderwerp

Bij deze verordening wordt het InvestEU-fonds ingesteld, dat voorziet in een EU-garantie ter ondersteuning van door de uitvoerende partners uitgevoerde financierings- en investeringsverrichtingen waarmee aan doelstellingen van het interne beleid van de Unie wordt bijgedragen.

Bij deze verordening wordt ook een mechanisme ingesteld om ondersteuning te bieden voor de ontwikkeling van voor investering in aanmerking komende projecten en de toegang tot financiering en om bijstand te verlenen voor daarmee samenhangende capaciteitsopbouw (de “InvestEU-advieshub”). Voorts wordt een databank opgezet om zichtbaarheid te verlenen aan projecten waarvoor projectontwikkelaars financiering zoeken, en om investeerders informatie te verstrekken over investeringskansen (het “InvestEU-portaal”).

In deze verordening worden de doelstellingen van het InvestEU-programma, de begroting daarvan en het bedrag voor de EU-garantie voor de periode 2021-2027, de vormen van Uniefinanciering alsmede de regels voor de verstrekking van die financiering vastgesteld.

Artikel 2 Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  1. “InvestEU-programma”: het InvestEU-fonds, de InvestEU-advieshub, het InvestEU-portaal en de blendingverrichtingen gezamenlijk;

  2. “EU-garantie”: een door de begroting van de Unie verstrekte, algemene, onherroepelijke, onvoorwaardelijke en afroepbare begrotingsgarantie op grond waarvan de begrotingsgaranties overeenkomstig artikel 219, lid 1, van het Financieel Reglement van kracht worden door de inwerkingtreding van individuele garantieovereenkomsten met uitvoerende partners;

  3. “beleidsterrein”: een aangewezen gebied voor ondersteuning door de EU-garantie als bepaald in artikel 8, lid 1;

  4. “compartiment”: een deel van de EU-garantie gedefinieerd op basis van de oorsprong van de middelen waardoor het wordt gedekt;

  5. “blendingverrichting”: een door de begroting van de Unie ondersteunde verrichting, waarbij niet-terugbetaalbare vormen van steun, terugbetaalbare vormen van steun, of beide, uit de begroting van de Unie worden gecombineerd met terugbetaalbare vormen van steun van instellingen voor ontwikkelingsfinanciering of andere openbare financiële instellingen, of van commerciële financiële instellingen en investeerders. Voor de toepassing van deze definitie mogen programma’s van de Unie die worden gefinancierd uit andere bronnen dan de begroting van de Unie, zoals het EU-ETS-innovatiefonds, worden gelijkgesteld met uit de begroting van de Unie gefinancierde programma’s van de Unie;

  6. “EIB-groep”: de EIB, haar filialen en andere lichamen die zijn opgericht overeenkomstig artikel 28, lid 1, van Protocol nr. 5 betreffende de statuten van de Europese Investeringsbank, gehecht aan het VEU en het VWEU (de statuten van de EIB);

  7. “financiële bijdrage”: een bijdrage van een uitvoerende partner in de vorm van eigen risicodragende capaciteit die op gelijke voet met de EU-garantie wordt verstrekt, of in een andere vorm die een efficiënte uitvoering van het InvestEU-programma mogelijk maakt en tegelijkertijd een passende afstemming van belangen waarborgt;

  8. “bijdrageovereenkomst”: een rechtsinstrument waarin de Commissie en een of meer lidstaten de voorwaarden van de EU-garantie in het lidstaatcompartiment specificeren, als bepaald in artikel 10;

  9. “financieel product”: een financieel mechanisme of een financiële regeling op grond waarvan de uitvoerende partner directe financiering of financiering via intermediairs aan eindontvangers verstrekt gebruikmakend van een van de in artikel 16 bedoelde soorten financiering;

  10. “financierings- en investeringsverrichtingen” of “financierings- of investeringsverrichtingen”: verrichtingen waarbij financiering aan eindontvangers op directe of indirecte wijze door middel van financiële producten wordt verstrekt, die door een uitvoerende partner in eigen naam worden uitgevoerd, die door de uitvoerende partner in overeenstemming met zijn interne regels, beleid en procedures worden verstrekt en die in de financiële staten van de uitvoerende partner worden verwerkt of, in voorkomend geval, in de opmerkingen bij die financiële staten worden vermeld;

  11. “fondsen in gedeeld beheer”: fondsen die voorzien in de mogelijkheid om een deel van die fondsen toe te wijzen aan de voorziening voor een onder het lidstaatcompartiment van het InvestEU-fonds vallende begrotingsgarantie, namelijk het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO) en het Cohesiefonds die ingesteld moeten worden door een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Cohesiefonds voor de jaren 2021 tot en met 2027, het Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) dat ingesteld moet worden door een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake het Europees Sociaal Fonds Plus (de “ESF+-verordening voor 2021-2027”), het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur (EMFAF) dat ingesteld moet worden door een verordening van het Europees Parlement en de Raad inzake Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 508/2014, en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) dat moet worden ingesteld door een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van voorschriften inzake steun voor de strategische plannen die de lidstaten in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid opstellen (strategische GLB-plannen) en die uit het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) en het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) worden gefinancierd en tot intrekking van Verordeningen (EU) nr. 1305/2013 en van Verordening (EU) nr. 1307/2013 van het Europees Parlement en de Raad (de "verordening inzake strategische GLB-plannen");

  12. “garantieovereenkomst”: een rechtsinstrument waarin de Commissie en een uitvoerende partner de voorwaarden bepalen waaronder financierings- en investeringsverrichtingen met het oog op dekking door de EU-garantie worden voorgesteld, de EU-garantie voor die verrichtingen wordt verleend, en die verrichtingen in overeenstemming met deze verordening worden uitgevoerd;

  13. “uitvoerende partner”: een in aanmerking komende tegenpartij zoals een financiële instelling of een andere financiële intermediair waarmee de Commissie een garantieovereenkomst heeft gesloten;

  14. “belangrijk project van gemeenschappelijk Europees belang”: een project dat voldoet aan alle criteria die zijn vastgesteld in de mededeling van de Commissie betreffende criteria voor de beoordeling van de verenigbaarheid met de interne markt van staatssteun ter bevordering van de verwezenlijking van belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang of een latere herziening van die mededeling;

  15. “adviesovereenkomst”: een rechtsinstrument waarin de Commissie en de adviespartner de voorwaarden voor de uitvoering van de InvestEU-advieshub specificeren;

  16. “adviesinitiatief”: technische bijstand en adviesdiensten die investeringen ondersteunen, met inbegrip van activiteiten voor capaciteitsopbouw, die worden uitgevoerd door adviespartners, door externe dienstverleners in opdracht van de Commissie, of door uitvoerende agentschappen;

  17. “adviespartner”: een in aanmerking komende tegenpartij zoals een financiële instelling of een andere entiteit waarmee de Commissie een adviesovereenkomst heeft gesloten met het oog op het uitvoeren van een of meer andere adviesinitiatieven dan de adviesinitiatieven die door externe dienstverleners in opdracht van de Commissie of door uitvoerende agentschappen worden uitgevoerd;

  18. “investeringsplatform”: een special purpose vehicle, een beheerde rekening, een contractuele regeling voor medefinanciering of risicodeling, of een met andere middelen ingestelde regeling, die entiteiten gebruiken om bij te dragen aan de financiering van een aantal investeringsprojecten, en waartoe kunnen behoren:

    1. een nationaal of subnationaal platform voor diverse investeringsprojecten op het grondgebied van een bepaalde lidstaat;

    2. een grensoverschrijdend, meerlanden-, regionaal of macroregionaal platform voor partners uit diverse lidstaten, regio’s of derde landen die geïnteresseerd zijn in investeringsprojecten in een bepaald geografisch gebied;

    3. een thematisch platform voor investeringsprojecten binnen een bepaalde sector;

  19. “microfinanciering”: microfinanciering als omschreven in de relevante bepalingen van de ESF+-verordening voor 2021-2027;

  20. “nationale stimuleringsbank of -instelling”: een juridische entiteit die beroepsmatig financiële activiteiten verricht en van een lidstaat of een entiteit van een lidstaat op centraal, regionaal of lokaal niveau de opdracht heeft gekregen om ontwikkelings- of stimuleringsactiviteiten te verrichten;

  21. “kleine en middelgrote onderneming” of “kmo”: een micro-, kleine of middelgrote onderneming in de zin van de bijlage bij Aanbeveling 2003/361/EG van de Commissie(1);

  22. “kleine midcaponderneming”: een entiteit die geen kmo is en die maximaal 499 werknemers in dienst heeft;

  23. “sociale onderneming”: een sociale onderneming als omschreven in de relevante bepalingen van de ESF+-verordening voor 2021-2027;

Artikel 3 Doelstellingen van het InvestEU-programma

1.

De algemene doelstelling van het InvestEU-programma is de ondersteuning van de beleidsdoelstellingen van de Unie door middel van financierings- en investeringsverrichtingen die bijdragen tot:

  1. het concurrentievermogen van de Unie, met inbegrip van onderzoek, innovatie en digitalisering;

  2. groei en werkgelegenheid in de economie van de Unie, de duurzaamheid van de economie van de Unie en de milieu- en klimaatdimensie ervan die de duurzameontwikkelingsdoelen, de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs en het scheppen van hoogwaardige banen helpen te verwezenlijken;

  3. de sociale veerkracht, de inclusiviteit en het innovatievermogen van de Unie;

  4. de bevordering van wetenschappelijke en technologische vooruitgang, en van cultuur, onderwijs en opleiding;

  5. de integratie van kapitaalmarkten van de Unie en de versterking van de interne markt, met inbegrip van oplossingen om de versnippering van kapitaalmarkten van de Unie aan te pakken, meer diversiteit in de financieringsbronnen voor ondernemingen in de Unie te brengen en duurzame financiering te bevorderen;

  6. het bevorderen van economische, sociale en territoriale samenhang; of

  7. het duurzame en inclusieve herstel van de economie van de Unie na de COVID-19-crisis, onder meer door kapitaalsteun te verlenen voor kmo’s die door de COVID-19-crisis zijn getroffen en die eind 2019 nog niet in moeilijkheden verkeerden in termen van staatssteun, door de instandhouding en versterking van bestaande strategische waardeketens van materiële of immateriële activa, door de ontwikkeling van nieuwe waardeketens, en door de handhaving en de versterking van activiteiten die voor de Unie van strategisch belang zijn, met inbegrip van belangrijke projecten van gemeenschappelijk Europees belang, wat betreft fysieke dan wel virtuele kritieke infrastructuur, transformerende technologieën, baanbrekende innovaties en inputs voor bedrijven en consumenten, en tot de ondersteuning van een duurzame transitie; of

  8. het ondersteunen van investeringen die bijdragen tot de doelstellingen van het platform voor strategische technologieën voor Europa (STEP) die worden bedoeld in artikel 2 van Verordening (EU) 2024/795 van het Europees Parlement en de Raad(2).

2.

De specifieke doelstellingen van het InvestEU-programma zijn:

  1. het ondersteunen van financierings- en investeringsverrichtingen met betrekking tot duurzame infrastructuur op de gebieden bedoeld in artikel 8, lid 1, punt a);

  2. het ondersteunen van financierings- en investeringsverrichtingen met betrekking tot onderzoek, innovatie en digitalisering, waaronder ondersteuning voor de opschaling van innovatieve bedrijven en de uitrol van technologieën op de markt, op de gebieden bedoeld in artikel 8, lid 1, punt b);

  3. het verbeteren van de toegang tot en de beschikbaarheid van financiering voor kmo’s en kleine midcapondernemingen en het vergroten van het mondiale concurrentievermogen van deze kmo’s;

  4. het verbeteren van de toegang tot en de beschikbaarheid van microfinanciering en financiering voor sociale ondernemingen, om financierings- en investeringsverrichtingen met betrekking tot sociale investeringen, competenties en vaardigheden te ondersteunen, en om markten voor sociale investeringen, op de gebieden bedoeld in artikel 8, lid 1, punt d), te ontwikkelen en te consolideren.

Artikel 4 Begroting en bedrag van de EU-garantie

1.

De EU-garantie ten behoeve van het EU-compartiment bedoeld in artikel 9, lid 1, punt a), bedraagt 26 152 310 073 EUR in lopende prijzen. Er wordt een voorzieningspercentage van 40 % ingesteld. Het in artikel 35, lid 3, eerste alinea, punt a), vermelde bedrag wordt ook in aanmerking genomen om bij te dragen aan de voorziening die uit dat voorzieningspercentage voortvloeit.

Een bijkomend bedrag van de EU-garantie kan worden verstrekt ten behoeve van het lidstaatcompartiment bedoeld in artikel 9, lid 1, punt b), van deze verordening, op voorwaarde dat de overeenstemmende bedragen door de lidstaten worden toegewezen op grond van de bepalingen die zijn vastgelegd in een verordening van het Europees Parlement en de Raad houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor plattelandsontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visa (de "verordening inzake de gemeenschappelijke bepalingen voor 2021-2027"), over de aanwending van het EFRO, het ESF+, het Cohesiefonds en het EMFZVA die door middel van het InvestEU-programma worden verleend en op grond van de bepalingen die zijn vastgelegd in de verordening inzake strategische GLB-plannen over de aanwending van het Elfpo dat door middel van het InvestEU-programma wordt verleend.

Een bijkomend bedrag van de EU-garantie kan door de lidstaten ook in de vorm van contanten of een garantie worden verstrekt ten behoeve van het lidstaatcompartiment. Het in contanten verstrekte bedrag vormt een externe bestemmingsontvangst overeenkomstig de tweede zin van artikel 21, lid 5, van het Financieel Reglement.

Tevens wordt de in de eerste alinea bedoelde EU-garantie verhoogd met de in artikel 5 van deze verordening bedoelde bijdragen van derde landen, door te zorgen voor een voorziening in de vorm van geldmiddelen, volledig conform artikel 218, lid 2, van het Financieel Reglement.

2.

Een bedrag van 14 825 000 000 EUR in lopende prijzen van het in lid 1, eerste alinea, van dit artikel vermelde bedrag wordt toegewezen voor verrichtingen tot uitvoering van de in artikel 1 van Verordening (EU) 2020/2094 bedoelde maatregelen voor de in artikel 3, lid 2, van deze verordening bedoelde doelstellingen.

Een bedrag van 11 327 310 073 EUR in lopende prijzen van het in lid 1, eerste alinea, van dit artikel vermelde bedrag wordt toegewezen voor de in artikel 3, lid 2, bedoelde doelstellingen.

De in de eerste alinea van dit lid vermelde bedragen zijn slechts beschikbaar vanaf de in artikel 3, lid 3, van Verordening (EU) 2020/2094 bedoelde datum.

De indicatieve verdeling van de EU-garantie voor de toepassing van het EU-compartiment staat beschreven in bijlage I bij deze verordening. De Commissie kan zo nodig van de in bijlage I vermelde bedragen afwijken met maximaal 15 % voor elk van de in artikel 3, lid 2, punten a) tot en met d), bedoelde doelstellingen. De Commissie stelt het Europees Parlement en de Raad in kennis van dergelijke afwijkingen.

3.

De financiële middelen voor de uitvoering van de maatregelen waarin de hoofdstukken VI en VII voorzien, bedragen 430 000 000 EUR in lopende prijzen.

4.

Het in lid 3 vermelde bedrag kan ook worden gebruikt voor technische en administratieve bijstand voor de uitvoering van het InvestEU-programma, zoals activiteiten op het gebied van voorbereiding, monitoring, controle, audit en evaluatie, waaronder voor bedrijfsinformatietechnologiesystemen.

Artikel 5 Met het InvestEU-fonds geassocieerde derde landen

Artikel 6 Uitvoering en vormen van Uniefinanciering

Artikel 7 Combinatie van portefeuilles

HOOFDSTUK II InvestEU-fonds

Artikel 8 Beleidsterreinen

Artikel 9 Compartimenten

Artikel 10 Specifieke bepalingen die van toepassing zijn op het lidstaatcompartiment

HOOFDSTUK III Partnerschap tussen de Commissie en de EIB-Groep

Artikel 11 Reikwijdte van het partnerschap

Artikel 12 Belangenconflicten

HOOFDSTUK IV EU-garantie

Artikel 13 EU-garantie

Artikel 14 In aanmerking komende financierings- en investeringsverrichtingen

Artikel 15 Selectie van andere uitvoerende partners dan de EIB-groep

Artikel 16 In aanmerking komende soorten financiering

Artikel 17 Garantieovereenkomsten

Artikel 18 Vereisten voor het gebruik van de EU-garantie

Artikel 19 Dekking en voorwaarden van de EU-garantie

HOOFDSTUK V Bestuur

Artikel 20 Adviesraad

Artikel 21 Bestuur

Artikel 22 Scorebord

Artikel 23 Beleidscontrole

Artikel 24 Investeringscomité

HOOFDSTUK VI InvestEU-advieshub

Artikel 25 InvestEU-advieshub

HOOFDSTUK VII InvestEU-portaal

Artikel 26 InvestEU-portaal

HOOFDSTUK VIII Verantwoordingsplicht, toezicht en verslaglegging, evaluatie en controle

Artikel 27 Verantwoordingsplicht

Artikel 28 Toezicht en verslaglegging

Artikel 29 Evaluatie

Artikel 30 Audits

Artikel 31 Bescherming van de financiële belangen van de Unie

HOOFDSTUK IX Transparantie en zichtbaarheid

Artikel 32 Informatie, communicatie en publiciteit

HOOFDSTUK X Deelneming van de Europese Unie in de kapitaalverhoging van het Europees Investeringsfonds

Artikel 33 Deelneming in een kapitaalverhoging van het EIF

HOOFDSTUK XI Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 34 Uitoefening van de bevoegdheidsdelegatie

Artikel 35 Overgangsbepalingen

Artikel 36 Wijziging van Verordening (EU) 2015/1017

Artikel 37 Inwerkingtreding

BIJLAGE IBEDRAGEN VAN DE EU-GARANTIE PER SPECIFIEKE DOELSTELLING

BIJLAGE IIVOOR FINANCIERINGS- EN INVESTERINGSVERRICHTINGEN IN AANMERKING KOMENDE GEBIEDEN

BIJLAGE IIIESSENTIËLE PRESTATIE- EN MONITORINGINDICATOREN

BIJLAGE IVHET INVESTEU-PROGRAMMA – VOORGANGERINSTRUMENTEN

BIJLAGE VTEKORTKOMINGEN VAN DE MARKT, SUBOPTIMALE INVESTERINGSSITUATIES, ADDITIONALITEIT EN UITGESLOTEN ACTIVITEITEN