Home

Protocol betreffende de voorwaarden en de nadere regels voor de toelating van de Republiek Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie - Bijlage VII:Lijst bedoeld in artikel 20 van het Protocol: overgangsmaatregelen, Roemenië - 9.Milieu - B.Beheer van afvalstoffen

Protocol betreffende de voorwaarden en de nadere regels voor de toelating van de Republiek Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie - Bijlage VII:Lijst bedoeld in artikel 20 van het Protocol: overgangsmaatregelen, Roemenië - 9.Milieu - B.Beheer van afvalstoffen

Protocol betreffende de voorwaarden en de nadere regels voor de toelating van de Republiek Bulgarije en Roemenië tot de Europese Unie - Bijlage VII:Lijst bedoeld in artikel 20 van het Protocol: overgangsmaatregelen, Roemenië - 9.Milieu - B.Beheer van afvalstoffen

Publicatieblad Nr. L 157 van 21/06/2005 blz. 0158 - 0166


B. BEHEER VAN AFVALSTOFFEN

1. 31993 R 0259: Verordening (EEG) nr. 259/93 van de Raad van 1 februari 1993 betreffende toezicht en controle op de overbrenging van afvalstoffen binnen, naar en uit de Europese Gemeenschap (PB L 30 van 6.2.1993, blz. 1), laatstelijk gewijzigd bij:

- 32001 R 2557: Verordening (EG) nr. 2557/2001 van de Commissie van 28.12.2001 (PB L 349 van 31.12.2001, blz. 1).

a) Tot en met 31 december 2015 dient elke overbrenging naar Roemenië van afvalstoffen van bijlage II van Verordening (EEG) nr. 259/93 voor terugwinning aan de bevoegde autoriteiten te worden gemeld en dienen de afvalstoffen te worden verwerkt overeenkomstig de artikelen 6, 7 en 8 van de Verordening.

b) In afwijking van artikel 7, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 259/93 kunnen de bevoegde autoriteiten van Roemenië tot en met 31 december 2011 bezwaar aantekenen tegen de overbrenging van de volgende, in bijlage III opgenomen afvalstoffen voor terugwinning naar Roemenië, op de in artikel 4, lid 3, van deze verordening vastgestelde gronden. Voor dergelijke overbrengingen geldt artikel 10 van de verordening.

AA. METAALHOUDENDE AFVALSTOFFEN

- AA 060 Assen en residuen van vanadium

- AA 080 Afval, restanten en residuen van thallium

- AA 090 Afval en residuen van arseen

- AA 100 Afval en residuen van kwik

- AA 130 Vloeistoffen afkomstig van het afbijten van metalen

AB. HOOFDZAKELIJK UIT ANORGANISCH MATERIAAL BESTAAND AFVAL, DAT METALEN EN ORGANISCHE MATERIALEN KAN BEVATTEN

- AB 010 Slakken, as en residuen die niet elders vermeld of ingedeeld zijn

- AB 020 Residuen van de verbranding van stedelijk/huishoudelijk afval

- AB 030 Afval van oppervlaktebehandeling van metalen met behulp van niet-gecyanideerde producten

- AB 040 Glas afkomstig van kathodestraalbuizen en ander geactiveerd glas

- AB 050 Calciumfluorideslib

- AB 060 Andere anorganische fluorverbindingen in de vorm van vloeistoffen of slib

- AB 080 Afgewerkte katalysatoren die niet op de groene lijst voorkomen

- AB 090 Afval van aluminiumhydraten

- AB 110 Basische oplossingen

- AB 120 Anorganische halogenideverbindingen, niet elders vermeld of ingedeeld

AC. HOOFDZAKELIJK UIT ORGANISCH MATERIAAL BESTAAND AFVAL, DAT METALEN EN ANORGANISCHE MATERIALEN KAN BEVATTEN

- AC 040 Slib van loodhoudende benzine

- AC 050 Thermische vloeistoffen (warmteoverdracht)

- AC 060 Hydraulische vloeistoffen

- AC 070 Remvloeistoffen

- AC 080 Antivriesvloeistoffen

- AC 090 Afval van de productie, de bereiding en het gebruik van hars, latex, weekmakers of lijm en kleefmiddelen

- AC 100 Nitrocellulose

- AC 110 Fenolen, fenolverbindingen met inbegrip van chloorfenol, in de vorm van vloeistoffen en slib

- AC 120 Polychloornaftaleen

- AC 140 Triëthylamine-katalysatoren gebruikt bij de bereiding van zand voor smelterijen/gieterijen

- AC 150 Chloorfluorkoolwaterstoffen

- AC 160 Halonen

- AC 190 Lichte fractie vrijkomend bij het verwerken van autowrakken

- AC 200 Organische fosforverbindingen

- AC 210 Niet-gehalogeneerde oplosmiddelen

- AC 220 Gehalogeneerde oplosmiddelen

- AC 230 Niet-waterige distillatieresiduen, al of niet gehalogeneerd, afkomstig van de terugwinning van organische oplosmiddelen

- AC 240 Afval afkomstig van de productie van alifatische gehalogeneerde koolwaterstoffen (zoals chloormethaan, dichloorethaan, vinylchloride, dichloorvinylideen, allylchloride and epichloorhydrine)

- AC 260 Varkensmest, uitwerpselen

- AC 270 Rioolslib

AD. AFVAL DAT ZOWEL ANORGANISCHE ALS ORGANISCHE BESTANDDELEN KAN BEVATTEN

- AD 010 Afval afkomstig van de productie en de bereiding van farmaceutische producten

- AD 020 Afval afkomstig van de productie, de bereiding en het gebruik van biociden en van fytofarmaceutische producten

- AD 030 Afval afkomstig van de fabricage, de bereiding en het gebruik van houtconserveringsmiddelen

Afval dat een van de volgende stoffen bevat, daaruit bestaat, of daarmee verontreinigd is:

- AD 040 Anorganische cyaniden, met uitzondering van de residuen van edele metalen in vaste vorm die sporen van anorganische cyaniden bevatten

- AD 050 Organische cyaniden

- AD 080 Explodeerbaar afval dat niet onder een andere specifieke wetgeving valt

- AD 110 Zure oplossingen

- AD 120 Ionenwisselaarharsen

- AD 130 Wegwerpfototoestellen met batterijen

- AD 140 Afval uit industriële installaties voor het reinigen van afgassen, voorzover niet elders genoemd of opgevoerd

- AD 150 Als filters gebruikt natuurlijk organisch materiaal (bijvoorbeeld biofilters)

- AD 160 Stedelijk/huishoudelijk afval

- AD 170 Afgewerkte actieve kool die gevaar kan opleveren en die afkomstig is van in de anorganisch-chemische, de organisch-chemische of de farmaceutische industrie toegepaste processen, de zuivering van afvalwater, de zuivering van lucht of gassen en soortgelijke toepassingen

Deze periode kan volgens de procedure van artikel 18 van Richtlijn 75/442/EEG van de Raad betreffende afvalstoffen [16], gewijzigd bij Richtlijn 91/156/EEG [17] van de Raad van 15 juli 1975, worden verlengd tot uiterlijk 31 december 2015.

c) In afwijking van artikel 7, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 259/93, kunnen de bevoegde autoriteiten van Roemenië tot en met 31 december 2011 bezwaar aantekenen tegen de overbrenging van in bijlage IV van de verordening opgenomen en van niet in de bijlagen bij de verordening vermelde afvalstoffen voor terugwinning naar Roemenië, op de in artikel 4, lid 3, van de verordening vastgestelde gronden. Deze periode kan volgens de procedure van artikel 18 van Richtlijn 75/442/EEG van de Raad betreffende afvalstoffen [16], gewijzigd bij Richtlijn 91/156/EEG [18] van de Raad, worden verlengd tot uiterlijk 31 december 2015..

d) In afwijking van artikel 7, lid 4, van Verordening (EEG) nr. 259/93 tekenen de bevoegde autoriteiten van Roemenië bezwaar aan tegen de overbrenging van de in de bijlagen II, III en IV bij de verordening vermelde afvalstoffen voor terugwinning en de overbrenging van niet in die bijlagen vermelde afvalstoffen voor terugwinning naar een installatie die een tijdelijke afwijking geniet van bepaalde eisen van Richtlijn 96/61/EG van de Raad van 24 september 1996 inzake geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging [19], Richtlijn 2000/76/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verbranding van afval [20], of Richtlijn 2001/80/EG van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2001 inzake de beperking van de emissies van bepaalde verontreinigende stoffen in de lucht door grote stookinstallaties [21] in de periode dat die tijdelijke afwijking geldt voor de installatie van bestemming.

2. 31994 L 0062: Richtlijn 94/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 1994 betreffende verpakking en verpakkingsafval (PB L 365 van 31.12.1994, blz. 10), laatstelijk gewijzigd bij:

- 32004 L 0012: Richtlijn 2004/12/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11.2.2004 (PB L 47 van 18.2.2004, blz. 26),

(a) In afwijking van artikel 6, lid 1, onder a), van Richtlijn 94/62/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2011 het totale percentage voor terugwinning of verbranding in afvalverbrandingsinstallaties met energieterugwinning te halen, met inachtneming van de volgende tussentijdse streefcijfers:

- 32 gewichtsprocent per 31 december 2006, 34% voor 2007, 40% voor 2008, 45% voor 2009 en 48% voor 2010.

(b) In afwijking van artikel 6, lid 1, onder b), van Richtlijn 94/62/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2013 het totale percentage voor terugwinning of verbranding in afvalverbrandingsinstallaties met energieterugwinning te halen, met inachtneming van de volgende tussentijdse streefcijfers:

- 53 gewichtsprocent voor 2011 en 57% voor 2012.

(c) In afwijking van artikel 6, lid 1, onder c), van Richtlijn 94/62/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2011 het recyclingstreefcijfer van kunststoffen te halen, met inachtneming van de volgende tussentijdse streefcijfers:

- 8 gewichtsprocent per 31 december 2006, 10% voor 2007, 11% voor 2008, 12% voor 2009 en 14% voor 2010.

(d) In afwijking van artikel 6, lid 1, onder d), van Richtlijn 94/62/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2013 het totale recyclingstreefcijfer te halen, met inachtneming van de volgende tussentijdse streefcijfers:

- 26 gewichtsprocent per 31 december 2006, 28% voor 2007, 33% voor 2008, 38% voor 2009, 42% voor 2010, 46% voor 2011 en 50% voor 2012.

(e) In afwijking van artikel 6, lid 1, onder e), punt i), van Richtlijn 94/62/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2013 het recyclingstreefcijfer van glas te halen, met inachtneming van de volgende tussentijdse streefcijfers:

- 21 gewichtsprocent per 31 december 2006, 22% voor 2007, 32% voor 2008, 38% voor 2009, 44% voor 2010, 48% voor 2011 en 54% voor 2012.

(f) In afwijking van artikel 6, lid 1, onder e), punt iv), van Richtlijn 94/62/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2013 het recyclingstreefcijfer van kunststoffen te halen, waarbij uitsluitend materiaal wordt meegeteld dat tot kunststof wordt gerecycleerd, met inachtneming van de volgende tussentijdse streefcijfers:

- 16 gewichtsprocent voor 2011 en 18% voor 2012.

(g) In afwijking van artikel 6, lid 1, onder e), punt v), van Richtlijn 94/62/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2011 het recyclingstreefcijfer van hout te halen, met inachtneming van de volgende tussentijdse streefcijfers:

- 4 gewichtsprocent voor 31 december 2006, 5% voor 2007, 7% voor 2008, 9% voor 2009 en 12% voor 2010.

3. 31999 L 0031: Richtlijn 1999/31/EG van de Raad van 26 april 1999 betreffende het storten van afvalstoffen (PB L 182 van 16.7.1999, blz. 1), gewijzigd bij:

- 32003 R 1882: Verordening (EG) nr. 1882/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 29.9.2003 (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1).

(a) In afwijking van artikel 14, onder c), en de punten 2, 3, 4 en 6 van bijlage I van Richtlijn 1999/31/EG en onverminderd Richtlijn 75/442/EEG van de Raad van 15 juli 1975 betreffende afvalstoffen [22] en Richtlijn 91/689/EEG van de Raad van 12 december 1991 betreffende gevaarlijke afvalstoffen [23], zijn de voorschriften inzake water- en percolaatbeheer, bodem- en waterbescherming, gasbeheersing en stabiliteit tot en met 16 juli 2017 niet van toepassing op 101 bestaande stortplaatsen voor stedelijk afval in Roemenië.

Roemenië dient voor een geleidelijke vermindering te zorgen van het afval dat op deze 101 bestaande, niet aan de voorschriften voldoende stortplaatsen voor stedelijk afval wordt gestort, met inachtneming van de volgende jaarlijkse maximumhoeveelheden:

- voor 31 december 2006: 3470000 ton;

- voor 31 december 2007: 3240000 ton;

- voor 31 december 2008: 2920000 ton;

- voor 31 december 2009: 2920000 ton;

- voor 31 december 2010: 2900000 ton;

- voor 31 december 2011: 2740000 ton;

- voor 31 december 2012: 2460000 ton;

- voor 31 december 2013: 2200000 ton;

- voor 31 december 2014: 1580000 ton;

- voor 31 december 2015: 1420000 ton;

- voor 31 december 2016: 1210000 ton.

(b) In afwijking van artikel 5, lid 3, onder a) en b), en bijlage I, punt 2, tweede streepje, van Richtlijn 1999/31/EG, en onverminderd artikel 6, onder c) punt ii), van de richtlijn, en Richtlijn 75/442/EEG, zijn de voorschriften inzake vloeibare, corrosieve en oxiderende afvalstoffen, en inzake het voorkomen dat oppervlaktewater in de gestorte afvalstoffen doordringt, in Roemenië niet van toepassing op de volgende 23 bestaande installaties, en zulks tot de voor elke installatie aangegeven datum:

Tot en met 31 december 2007:

1. S.C. BEGA UPSOM Ocna Mureş, Ocna Mureş, provincie Alba

Tot en met 31 december 2008:

2. S.C. TERMOELECTRICA SA - SE Doiceşti, Doiceşti, provincie Dâmbovita

3. S.C. COMPLEXUL ENERGETIC ROVINARI SA, Cicani-Beterega, provincie Gorj

4. RAAN Drobeta-Turnu Severin - Sucursala ROMAG — TERMO, Drobeta-Turnu Severin, provincie Mehedinţi

Tot en met 31 december 2009:

5. COMPLEXUL ENERGETIC CRAIOVA - SE Craiova, Valea Mănăstirii, provincie Dolj

6. COMPLEXUL ENERGETIC CRAIOVA - SE Işalnita, Işalnita II, provincie Dolj

7. COMPLEXUL ENERGETIC CRAIOVA - SE Işalnita, Işalnita I, provincie Dolj

8. S.C. ELECTROCENTRALE DEVA SA - SE Paroşeni, Căprişoara, provincie Hunedoara

9. S.C. TERMICA SA Suceava, Suceava, provincie Suceava

Tot en met 31 december 2010:

10. S.C. ELECTROCENTRALE DEVA SA, Bejan, provincie Hunedoara

11. S.C. ALUM Tulcea, Tulcea, provincie Tulcea

Tot en met 31 december 2011:

12. S.C. UZINA TERMOELECTRICĂ GIURGIU SA, Giurgiu, provincie Giurgiu

Tot en met 31 december 2012:

13. CET Bacău, Furnicari — Bacău, Bacău

14. S.C. COMPLEXUL ENERGETIC TURCENI, Valea Ceplea, provincie Gorj

15. S.C. COMPLEXUL ENERGETIC TURCENI, Valea Ceplea, provincie Gorj

16. S.C. UZINELE SODICE Govora, Govora, provincie Vâlcea

17. S.C. CET Govora SA, Govora, provincie Vâlcea

Tot en met 31 december 2013:

18. S.C. CET Arad, Arad, provincie Arad

19. S.C. ELECTROCENTRALE ORADEA SA, Sântaul Mic, provincie Bihor

20. S.C. ELECTROCENTRALE ORADEA SA, Sântaul Mic, provincie Bihor

21. S.C. ELECTROCENTRALE ORADEA SA, Sântaul Mic, provincie Bihor

22. CET II Iaşi, Holboca, provincie Iaşi

23. S.C. Uzina Electrică Zalău, Hereclean — Panic, provincie Sălaj

Roemenië dient voor een geleidelijke vermindering te zorgen van vloeibaar afval dat op deze 23 bestaande, niet aan de voorschriften voldoende stortplaatsen wordt gestort, met inachtneming van de volgende jaarlijkse maximumhoeveelheden:

- per 31 december 2006: 11286000 ton;

- per 31 december 2007: 11286000 ton;

- per 31 december 2008: 11120000 ton;

- per 31 december 2009: 7753000 ton;

- per 31 december 2010: 4803000 ton;

- per 31 december 2011: 3492000 ton;

- per 31 december 2012: 3478000 ton;

- per 31 december 2013: 520000 ton.

(c) In afwijking van artikel 5, lid 3, onder a) en b), en bijlage I, punt 2, tweede streepje van Richtlijn 1999/31/EG, en onverminderd artikel 6, onder c) punt ii), van de richtlijn en Richtlijn 75/442/EEG, zijn de voorschriften inzake vloeibare, corrosieve en oxiderende afvalstoffen, en inzake het voorkomen dat oppervlaktewater in de gestorte afvalstoffen doordringt, in Roemenië niet van toepassing op de volgende 5 bestaande afvalbassins, en zulks tot de voor elk bassin aangegeven datum:

Tot en met 31 december 2009:

1. BĂIŢA Ştei, Fânaţe, provincie Bihor

Tot en met 31 december 2010:

2. TRANSGOLD Baia Mare, Aurul-Recea, provincie Maramureş

3. MINBUCOVINA Vatra Dornei, Ostra-Valea Straja, provincie Suceava

Tot en met 31 december 2011:

4. CUPRUMIN Abrud, Valea Şesei, provincie Alba

5. CUPRUMIN Abrud, Valea Ştefancei, provincie Alba

Roemenië dient voor een geleidelijke vermindering te zorgen van het vloeibaar afval dat in deze 5 bestaande, niet aan de voorschriften voldoende afvalbassins wordt gestort, met inachtneming van de volgende jaarlijkse maximumhoeveelheden:

- per 31 december 2006: 6370000 ton;

- per 31 december 2007: 5920000 ton (waarvan 2100000 ton gevaarlijk, 3820000 ton niet gevaarlijk);

- per 31 december 2008: 4720000 ton (waarvan 2100000 ton gevaarlijk, 2620000 ton niet gevaarlijk);

- per 31 december 2009: 4720000 ton (waarvan 2100000 ton gevaarlijk, 2620000 ton niet gevaarlijk);

- per 31 december 2010: 4640000 ton (waarvan 2100000 ton gevaarlijk, 2540000 ton niet gevaarlijk);

- per 31 december 2011: 2470000 ton (allemaal niet gevaarlijk).

(d) In afwijking van artikel 2, onder g), tweede streepje, van Richtlijn 1999/31/EG, en onverminderd Richtlijn 75/442/EEG en Richtlijn 91/689/EEG, wordt een terrein dat permanent wordt gebruikt voor de tijdelijke opslag van gevaarlijke afvalstoffen die in Roemenië zijn geproduceerd, tot en met 31 december 2009 niet als stortplaats beschouwd.

Roemenië zendt de Commissie ieder jaar per 30 juni, te beginnen met 30 juni 2007, een verslag toe betreffende de geleidelijke toepassing van de richtlijn en de inachtneming van deze tussentijdse streefcijfers.

4. 32002 L 0096: Richtlijn 2002/96/EG van het Europees Parlement en de Raad van 27 januari 2003 betreffende afgedankte elektrische en elektronische apparatuur (AEEA) (PB L 37 van 13.2.2003, blz. 24), gewijzigd bij:

- 32003 L 0108: Richtlijn 2003/108/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8.12.2003 (PB L 345 van 31.12.2003, blz. 106).

In afwijking van artikel 5, lid 5, en artikel 7, lid 2, van Richtlijn 2002/96/EG dient Roemenië uiterlijk op 31 december 2008 het percentage gescheiden inzameling van gemiddeld ten minste vier kilogram AEEA per inwoner per jaar uit particuliere huishoudens, het percentage terugwinning en het percentage hergebruik en recycling van onderdelen, materialen en stoffen te halen.

[16] PB L 194 van 25.7.1975, blz. 39. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1).

[17] PB L 78 van 26.3.1991, blz. 32.

[18] PB L 78 van 26.3.1991, blz. 32.

[19] PB L 257 van 10.10.1996, blz. 26. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 van het Europees Parlement en de Raad (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1).

[20] PB L 332 van 28.12.2000, blz. 91.

[21] PB L 309 van 27.11.2001, blz. 1. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij de Toetredingsakte van 2003 (PB L 236 van 23.9.2003, blz. 33).

[22] PB L 194 van 25.7.1975, blz. 39. Richtlijn gewijzigd bij Richtlijn 91/156/EEG en laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1882/2003 (PB L 284 van 31.10.2003, blz. 1).

[23] PB L 377 van 31.12.1991, blz. 20. Richtlijn laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 94/31/EG (PB L 168 van 2.7.1994, blz. 28).

--------------------------------------------------