66/740/EEG: Beschikking van de Raad van 22 december 1966 betreffende een aan de Italiaanse Republiek te verlenen communautaire bijdrage ten einde dit land in staat te stellen aan de door ontslag getroffen werknemers van de zwavelmijnen steun te verlenen en aan hun kinderen een bepaald aantal beurzen toe te kennen
66/740/EEG: Beschikking van de Raad van 22 december 1966 betreffende een aan de Italiaanse Republiek te verlenen communautaire bijdrage ten einde dit land in staat te stellen aan de door ontslag getroffen werknemers van de zwavelmijnen steun te verlenen en aan hun kinderen een bepaald aantal beurzen toe te kennen
++++
( 1 ) PB no . 80 van 20 . 12 . 1960 , blz . 1849/60 .
( 2 ) PB no . 93 van 10 . 10 . 1962 , blz . 2384/62 .
BESCHIKKING VAN DE RAAD
van 22 december 1966
betreffende een aan de Italiaanse Republiek te verlenen communautaire bijdrage ten einde dit land in staat te stellen aan de door ontslag getroffen werknemers van de zwavelmijnen steun te verlenen en aan hun kinderen een bepaald aantal beurzen toe te kennen
( 66/740/EEG )
DE RAAD VAN DE EUROPESE ECONOMISCHE GEMEENSCHAP ,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , inzonderheid op artikel 235 ,
Gelet op Protocol no . III betreffende zwavel ( 1 ) , gehecht aan het Akkoord van 2 maart 1960 inzake de vaststelling van een gedeelte van het gemeenschappelijk douanetarief met betrekking tot de produkten van lijst G , opgenomen in het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap ,
Gelet op het Besluit van 25 september 1962 van de Vertegenwoordigers van de Regeringen der Lid-Staten , in het kader van de Raad bijeen , tot oprichting van een Contact - en Actiecomité voor de zwavelindustrie in Italië ( 2 ) ,
Gezien het rapport van 15 november 1963 van genoemd Comité ,
Gezien het voorstel van de Commissie ,
Gezien het advies van het Europese Parlement ,
Gezien het advies van het Economisch en Sociaal Comité ,
Overwegende dat de Lid-Staten in Protocol no . III , gehecht aan het Akkoord inzake de vaststelling van een gedeelte van het gemeenschappelijk douanetarief met betrekking tot de produkten van lijst G , opgenomen in het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap , hebben erkend dat de vaststelling van een nulrecht voor ruwe zwavel bijzondere problemen oproept voor de Italiaanse zwavelindustrie ;
Overwegende dat deze problemen de noodzaak met zich meebrengen deze Italiaanse industrie te reorganiseren en dat deze reorganisatie een rechtstreeks gevolg is van de instelling van de gemeenschappelijke markt ;
Overwegende dat de Italiaanse Regering het in het rapport van het hierboven genoemde Contact - en Actiecomité voor de zwavelindustrie in Italië aanbevolen saneringsprogramma heeft opgesteld en zich verplicht heeft dit ten uitvoer te brengen , zodat de afsluiting van de zwavelmarkt kan worden beeindigd ;
Overwegende dat de reorganisatiemaatregelen de stillegging of vermindering van de bedrijvigheid van bepaalde zwavelmijnen en bijgevolg het ontslag van een aantal werknemers inhouden ;
Overwegende dat de werknemers van de zwavelmijnen wegens in Protocol no . III genoemde omstandigheden bijzondere beschermingsmaatregelen dienen te genieten ; dat daartoe de werknemers die op 30 juni 1963 bij de Italiaanse zwavelwinning werkzaam waren , financiële steun moeten ontvangen ; dat voorts Protocol no . III een specifieke steun in het vooruitzicht heeft gesteld voor de kinderen van deze werknemers ;
Overwegende dat derhalve maatregelen van de Gemeenschap noodzakelijk zijn en dat het Verdrag niet in alle hiertoe vereiste bevoegdheden voorziet ,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING VASTGESTELD :
Artikel 1
1 . Aan de Italiaanse Republiek wordt een communautaire financiële bijdrage toegekend ten bedrage van 50 % van de werkelijk gedragen kosten voor het verlenen van passende steun aan de als gevolg van de maatregelen tot reorganisatie van de zwavelmijnen in Italië ontslagen werknemers , alsmede voor het verlenen van beurzen ten behoeve van de vakopleiding van de kinderen van deze werknemers .
2 . Deze communautaire financiële bijdrage bedraagt ten hoogste 4.200.000 rekeneenheden .
3 . Voor deze bijdrage kunnen alleen in aanmerking komen werknemers , wier naam op 30 juni 1963 voorkwam op de betaalrol van de zwavelmijnondernemingen in Italië en die na deze datum zijn ontslagen .
Artikel 2
De Commissie stelt in overleg met de Italiaanse Republiek de wijze vast waarop de steun en de beurzen , als bedoeld in artikel 1 , worden verleend .
Artikel 3
1 . De kredieten welke noodzakelijk zijn om de communautaire bijdrage in de financiering van de steun en de beurzen , als bedoeld in artikel 1 , te waarborgen worden , per jaarlijkse tranches , opgenomen in de begroting van de Europese Economische Gemeenschap , afdeling Commissie .
2 . Deze jaarlijkse tranches worden bepaald bij het jaarlijks onderzoek van het voorontwerp van begroting van de Gemeenschap , zulks met inachtneming van de geraamde uitgaven van de Italiaanse Regering voor het volgende begrotingsjaar .
3 . De door de Italiaanse Regering gedragen kosten , waarvoor geen vergoeding ad 50 % meer gegeven kan worden doordat de voor dat jaar beschikbare tranche niet toereikend is , zullen ten laste komen van het krediet dat op de begroting van het daarop volgende begrotingsjaar beschikbaar komt .
Artikel 4
De Italiaanse Regering kan elke maand de Commissie een overzicht doen toekomen van de steun die gedurende de voorafgaande maand is uitgekeerd ter uitvoering van deze beschikking . In het kader van de te harer beschikking gestelde jaarlijkse kredieten stort de Commissie het bedrag van de deelneming van de Gemeenschap aan deze uitgave op een speciale rekening , die daartoe is geopend bij de Centrale Schatkist van de Italiaanse Staat .
Artikel 5
De Commissie brengt de Raad jaarlijks verslag uit over de stand van zaken bij de tenuitvoerlegging van deze beschikking .
Artikel 6
Deze beschikking is gericht tot de Lid-Staten .
Gedaan te Brussel , 22 december 1966 .
Voor de Raad
De Voorzitter
J.M.A.H . LUNS