Verordening (EEG) nr. 518/79 van de Commissie van 19 maart 1979 betreffende registratie van de uitvoer van complete fabrieksinstallaties in de statistieken van de buitenlandse handel van de Gemeenschap en van de handel tussen de Lid-Staten
Verordening (EEG) nr. 518/79 van de Commissie van 19 maart 1979 betreffende registratie van de uitvoer van complete fabrieksinstallaties in de statistieken van de buitenlandse handel van de Gemeenschap en van de handel tussen de Lid-Staten
++++
VERORDENING ( EEG ) Nr . 518/79 VAN DE COMMISSIE
van 19 maart 1979
betreffende registratie van de uitvoer van complete fabrieksinstallaties in de statistieken van de buitenlandse handel van de Gemeenschap en van de handel tussen de Lid-Staten
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap ,
Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 1736/75 van de Raad van 24 juni 1975 betreffende de statistieken van de buitenlandse handel van de Gemeenschap en van de handel tussen de Lid-Staten ( 1 ) en met name artikel 21 en 33 ;
Overwegende dat het wenselijk is voor de toepassing van artikel 5 van Verordening ( EEG ) nr . 1736/75 bij aangifte van de uitvoer van een complete fabrieksinstallatie een vereenvoudigde regeling in te voeren die niet alleen beter is afgestemd op het commerciële verschijnsel in kwestie maar ook de homogeniteit en de vergelijkbaarheid van de statistische resultaten verbetert ;
Overwegende dat bedoelde vereenvoudigde regeling de communautaire of nationale regelingen die buiten de statistiek van toepassing zijn , onverlet moet laten ;
Overwegende dat de toepassing van deze vereenvoudigde regeling slechts bij uitvoer is gerechtvaardigd en dat moeilijkheden bij de omschrijving van de goederen zich pas boven een bepaalde omvang of in bijzondere omstandigheden voordoen ;
Overwegende dat indeling van de goederen in het kader van de goederennomenclatuur voor de statistieken van de buitenlandse handel van de Gemeenschap en van de handel tussen de Lid-Staten ( NIMEXE ) dient te geschieden die als bijlage is toegevoegd aan Verordening ( EEG ) nr . 1445/72 van de Raad ( 2 ) en laatstelijk is gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 2915/78 van de Commissie ( 3 ) ;
Overwegende dat het voor het opstellen van deze statistieken onontbeerlijk is dat de Lid-Staten dezelfde code hanteren om de indelingen aan te duiden , die in de vereenvoudigde regeling zijn voorzien ;
Overwegende dat , om praktische redenen , het aan de Lid-Staten moet worden overgelaten op welke wijze toestemming voor toepassing van de vereenvoudigde regeling wordt verleend ;
Overwegende dat de maatregelen waarin deze maatregelen voorziet met het advies van het Comité voor de Statistiek van de Buitenlandse Handel in overeenstemming zijn ,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :
Artikel 1
Uitsluitend ten behoeve van de statistieken van de buitenlandse handel van de Gemeenschap en van de handel tussen de Lid-Staten wordt een vereenvoudigde aangifteregeling ingevoerd voor de registratie van de uitvoer van complete fabrieksinstallaties in deze statistieken . Aan de aangifteplichtigen wordt op hun verzoek vergunning verleend om deze regeling onder de in deze verordening gestelde voorwaarden toe te passen .
Artikel 2
1 . Onder een complete fabrieksinstallatie wordt een combinatie verstaan van machines , apparaten , toestellen , uitrustingen , instrumenten en materiaal - hierna componenten te noemen - die in de nomenclatuur van de Internationale Douaneraad ( IDR ) onder verschillende posten vallen en samen als installatie voor de vervaardiging van goederen of het verrichten van diensten moeten dienen .
2 . Alle andere goederen , in de zin van artikel 4 , lid 1 , van de Verordening ( EEG ) nr . 1736/75 , die voor de bouw van een complete fabrieksinstallatie moeten dienen , kunnen als componenten worden behandeld , indien zij niet op grond van voornoemde verordening van statistische verwerking zijn uitgesloten .
Artikel 3
1 . De hieronder vastgestelde aangifteregeling mag alleen worden toegepast voor de uitvoer van complete fabrieksinstallaties waarvan de totale statistische waarde meer dan 1,5 miljoen ERE bedraagt , tenzij het om voor hernieuwd gebruik bestemde complete fabrieksinstallaties gaat of andere criteria toepassing van deze regeling rechtvaardigen .
De Lid-Staten delen de Commissie mee welke andere criteria zij hebben gehanteerd . De Commissie geeft deze inlichtingen aan de overige Lid-Staten door .
2 . De totale statistische waarde van een complete fabrieksinstallatie is de som van de statistische waarden van de componenten en van de statistische waarden van de in artikel 2 , lid 2 , bedoelde goederen .
Artikel 4
1 . In de hoofdstukken 62 , 68 , 69 , 70 , 73 , 76 , 82 , 84 , 85 , 86 , 87 , 90 en 94 van de NIMEXE worden per hoofdstuk en per post van de nomenclatuur van de IDR verzamelrubrieken voor complete fabrieksinstallaties opgenomen .
De Commissie kan een Lid-Staat op zijn verzoek toestemming verlenen om in andere hoofdstukken van de NIMEXE verzamelrubrieken voor complete fabrieksinstallaties op te nemen . De Commissie stelt de overige Lid-Staten van deze toestemming in kennis .
2 . Componenten die onder een bepaald hoofdstuk vallen , worden in de verzamelrubriek voor complete fabrieksinstallaties van dat hoofdstuk ingedeeld , tenzij de bevoegde dienst , bedoeld in artikel 7 , besluit deze in de desbetreffende verzamelrubrieken van de posten van de nomenclatuur van de IDR in te delen of de bepalingen van lid 3 toe te passen .
De vereenvoudigde regeling belet de bevoegde dienst evenwel niet om componenten in die rubrieken van de NIMEXE in te delen , waaronder zij normaliter vallen . Elke Lid-Staat doet jaarlijks de lijst van deze rubrieken aan de Commissie toekomen die harerzijds de overige Lid-Staten hiervan in kennis stelt .
3 . In hoofdstuk 99 van de NIMEXE worden verzamelrubrieken voor complete fabrieksinstallaties opgenomen waaronder aangifte moet worden gedaan van componenten en andere goederen , waarvan de waarde door de bevoegde dienst , bedoeld in artikel 7 , te laag wordt geacht om registratie onder de verzamelrubrieken voor complete fabrieksinstallatie in de desbetreffende hoofdstukken te rechtvaardigen .
Artikel 5
De bevoegde dienst , bedoeld in artikel 7 , bepaalt welke benaming en welk codenummer in het statistische grondmateriaal ter omschrijving van de componenten van een complete fabrieksinstallatie moeten worden gebruikt .
Artikel 6
De codenummers van de verzamelrubrieken voor complete fabrieksinstallaties worden volgens onderstaande regels samengesteld :
1 . De code bestaat uit zes cijfers .
2 . De eerste twee cijfers komen overeen met het nummer van het hoofdstuk van de NIMEXE waarin de verzamelrubriek voorkomt .
3 . Het derde cijfer , een 8 , dient ter aanduiding van de uitvoer van complete fabrieksinstallaties .
4 . Het vierde cijfer , dat van 0 tot en met 9 varieert , hangt af van de economische hoofdactiviteit waartoe de uitgevoerde complete fabrieksinstallatie behoort , en koint overeen met de onderstaande indeling :
Code * Economische activiteiten *
0 * Energiehuishouding ( m.i.v . produktie en distributie van stoom en warm water ) *
1 * Winning van niet-energetische delfstoffen ( m.i.v . voorbewerking van ertsen en veenderijen ) ; be - en verwerking van niet-metalen mineralen ( m.i.v . glas - en glaswarenfabriek ) *
2 * IJzer - en staalnijverheid ; metaalverwerkende nijverheid ( m.i.v . machines en transportmiddelen ) *
3 * Maschinebouw en transportmiddelenfabrieken ; fijnmechanische en optische industrie *
4 * Chemische industrie ( m.i.v . kunstmatige en synthetische continugaren - en vezelfabrieken ) ; rubber - en plasticverwerkende industrie *
5 * Voedings - en genotmiddelenindustrie *
6 * Textiel - , leder - , schoen - en kledingnijverheid *
7 * Hout - , papier - en papierwarenindustrie ( m.i.v . grafische nijverheid en uitgeverijen ) ; be - en verwerkende industrie niet elders gerangschikt *
8 * Vervoer ( m.u.v . aan het vervoer verwante activiteiten , reisbureaus , bemiddeling in het vervoer , opslag ) en communicatie *
9 * Winning , reiniging en distributie van water ; aan het vervoer verwante activiteiten ; economische activiteiten niet elders gerangschikt . *
5 . Bij de verzamelrubrieken voor complete fabrieksinstallaties zijn het vijfde en het zesde cijfer :
- gelijk aan 0 als het een hoofdstuk van de NIMEXE betreft ;
- gelijk aan respectievelijk het derde en vierde cijfer van de desbetreffende post als het een post van de nomenclatuur van de IDR betreft .
Artikel 7
1 . De aangifteplichtigen mogen de vereenvoudigde aangifteregeling , die hierboven is omschreven , niet toepassen zonder voorafgaande toestemming van de bevoegde dienst , waaraan zij een hiertoe strekkend verzoek moeten richten op de wijze die iedere Lid-Staat in het kader van deze verordening vaststelt .
2 . Wanneer de componenten van een complete fabrieksinstallatie door één Lid-Staat worden uitgevoerd , verleent de bevoegde dienst van die Lid-Staat toestemming om de vereenvoudigde regeling toe te passen .
3 . In alle andere gevallen verleent de bevoegde dienst van elke bij de transactie betrokken Lid-Staat de vergunning om de vereenvoudigde regeling op de hem betreffende uitvoer toe te passen . Deze vergunning kan echter uitsluitend worden verleend op vertoon van documenten waaruit blijkt dat de in artikel 3 , lid 1 , vastgestelde totale statistische waarde is bereikt of dat andere criteria de toepassing van de vereenvoudigde regeling rechtvaardigen .
4 . Indien de bevoegde dienst , bedoeld in lid 1 , niet de dienst is die verantwoordelijk is voor het opstellen van de statistieken van de buitenlandse handel van de uitvoerende Lid-Staat , wordt alleen met goedkeuring van laatstgenoemde toestemming verleend .
Artikel 8
1 . De Lid-Staten die overeenkomstig artikel 33 , lid 2 , van Verordening ( EEG ) nr . 1736/75 op de datum van de inwerkingtreding van deze verordening bijzondere voorschriften ter zake toepassen , beperken de werking hiervan tot uiterlijk 31 december 1979 . De vereenvoudigde regelingen die zij echter op grond van die voorschriften hebben toegestaan , mogen na die datum tot de vastgestelde datum van beëindiging worden voortgezet , mits hiervoor toestemming is gegeven voor de datum waarop deze verordening in werking treedt en mits hun werking overeenkomstig de artikelen 4 , 5 en 6 wordt aangepast .
2 . De overige Lid-Staten passen hun voorschriften zodanig aan dat de verzamelrubrieken die door artikel 4 voor complete fabrieksinstallaties zijn vastgesteld , uiterlijk met ingang van 1 januari 1980 overeenkomstig deze verordening in het statistische grondmateriaal kunnen worden aangegeven .
Artikel 9
Elke Lid-Staat stelt de Commissie in kennis van de maatregelen die hij voor de toepassing van deze verordening treft . De Commissie geeft deze inlichtingen aan de overige Lid-Staten door .
Artikel 10
Deze verordening treedt in werking op de derde dag na bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen .
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat .
Gedaan te Brussel , 19 maart 1979 .
Voor de Commissie
François-Xavier ORTOLI
Vice-Voorzitter
( 1 ) PB nr . L 183 van 14 . 7 . 1975 , blz . 3 .
( 2 ) PB nr . L 161 van 17 . 7 . 1972 , blz . 1 .
( 3 ) PB nr . L 353 van 18 . 12 . 1978 , blz . 1 .