Verordening (EEG) nr. 828/79 van de Commissie van 26 april 1979 houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 1687/76 tot vaststelling van de gemeenschappelijke bepalingen inzake de controle op het gebruik en/of de bestemming van produkten uit interventie
Verordening (EEG) nr. 828/79 van de Commissie van 26 april 1979 houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 1687/76 tot vaststelling van de gemeenschappelijke bepalingen inzake de controle op het gebruik en/of de bestemming van produkten uit interventie
++++
VERORDENING ( EEG ) Nr . 828/79 VAN DE COMMISSIE
van 26 april 1979
houdende wijziging van Verordening ( EEG ) nr . 1687/76 tot vaststelling van de gemeenschappelijke bepalingen inzake de controle op het gebruik en/of de bestemming van produkten uit interventie
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap ,
Gelet op Verordening nr . 136/66/EEG van de Raad van 22 september 1966 houdende de totstandbrenging van een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector oliën en vetten ( 1 ) , laatstelijk gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 590/79 ( 2 ) , inzonderheid op de artikelen 12 , lid 4 , en 26 , lid 3 , en op de overeenkomstige bepalingen van de overige verordeningen houdende een gemeenschappelijke ordening der markten voor landbouwprodukten ,
Overwegende dat bij Verordening ( EEG ) nr . 1687/76 van de Commissie ( 3 ) , laatstelijk gewijzigd bij Verordening ( EEG ) nr . 263/79 ( 4 ) , bepalingen zijn vastgesteld die moeten worden toegepast wanneer produkten waarvoor in een bijzonder gebruik en/of een bijzondere bestemming is voorzien uit interventievoorraden worden uitgeslagen ; dat bij Verordening ( EEG ) nr . 222/77 van de Raad van 13 december 1976 betreffende communautair douanevervoer ( 5 ) België en Luxemburg worden gemachtigd op de documenten voor communautair douanevervoer de overeenkomsten toe te passen welke tussen deze staten zijn of worden gesloten met het oog op beperking of opheffing van de formaliteiten bij grensoverschrijding ; dat voor de toepassing van Verordening ( EEG ) nr . 1687/76 de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie bijgevolg als één Lid-Staat moet worden beschouwd ;
Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van alle betrokken Comités van beheer ,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :
Artikel 1
Aan artikel 1 van Verordening ( EEG ) nr . 1687/76 wordt het volgende lid toegevoegd :
" 3 . Voor de toepassing van deze verordening wordt de Belgisch-Luxemburgse Economische Unie ( BLEU ) beschouwd als één Lid-Staat . " .
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen .
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat .
Gedaan te Brussel , 26 april 1979 .
Voor de Commissie
Finn GUNDELACH
Vice-Voorzitter
( 1 ) PB nr . 172 van 30 . 9 . 1966 , blz . 3025/66 .
( 2 ) PB nr . L 78 van 30 . 3 . 1979 , blz . 1 .
( 3 ) PB nr . L 190 van 14 . 7 . 1976 , blz . 1 .
( 4 ) PB nr . L 41 van 16 . 2 . 1979 , blz . 14 .
( 5 ) PB nr . L 38 van 9 . 2 . 1977 , blz . 1 .