Verordening (EEG) nr. 889/79 van de Commissie van 3 mei 1979 houdende wederinstelling van de heffing van de invoerrechten voor kunstbloemen, kunstloofwerk en kunstvruchten, alsmede delen daarvan, van post 67.02, van oorsprong uit de ontwikkelingslanden, ten behoeve waarvan bij Verordening (EEG) nr. 3156/78 van de Raad tariefpreferenties werden geopend
Verordening (EEG) nr. 889/79 van de Commissie van 3 mei 1979 houdende wederinstelling van de heffing van de invoerrechten voor kunstbloemen, kunstloofwerk en kunstvruchten, alsmede delen daarvan, van post 67.02, van oorsprong uit de ontwikkelingslanden, ten behoeve waarvan bij Verordening (EEG) nr. 3156/78 van de Raad tariefpreferenties werden geopend
Verordening (EEG) nr. 889/79 van de Commissie van 3 mei 1979 houdende wederinstelling van de heffing van de invoerrechten voor kunstbloemen, kunstloofwerk en kunstvruchten, alsmede delen daarvan, van post 67.02, van oorsprong uit de ontwikkelingslanden, ten behoeve waarvan bij Verordening (EEG) nr. 3156/78 van de Raad tariefpreferenties werden geopend
Publicatieblad Nr. L 111 van 04/05/1979 blz. 0025 - 0025
++++
VERORDENING ( EEG ) Nr . 889/79 VAN DE COMMISSIE
van 3 mei 1979
houdende wederinstelling van de heffing van de invoerrechten voor kunstbloemen , kunstloofwerk en kunstvruchten , alsmede delen daarvan , van post 67.02 , van oorsprong uit de ontwikkelingslanden , ten behoeve waarvan bij Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 van de Raad tariefpreferenties werden geopend
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN ,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap ,
Gelet op Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 van de Raad van 29 december 1978 betreffende de opening van tariefpreferenties voor bepaalde produkten van oorsprong uit ontwikkelingslanden ( 1 ) , met name op artikel 4 , lid 2 ,
Overwegende dat de schorsing van de invoerrechten krachtens artikel 1 , lid 3 , van genoemde verordening voor elke categorie van produkten , met uitzondering van bepaalde produkten waarvan het plafond op de in bijlage A van de betrokken verordening aangegeven waarden is vastgesteld , wordt toegestaan tot een communautair plafond , uitgedrukt in Europese rekeneenheden , dat gelijk is aan het bedrag voortvloeiende uit de som van , enerzijds , de waarde van de cif-invoer in de Gemeenschap , in 1974 , van de betrokken produkten uit de door deze regeling begunstigde landen en gebieden , met uitzondering van die waarvoor reeds andere door de Gemeenschap toegekende preferentiële tariefstelsels gelden , en , anderzijds , 5 % van de waarde van de cif-invoer in 1976 uit andere landen , alsmede uit die landen en gebieden waarvoor genoemde stelsels reeds gelden ; dat in geen geval het bedrag voortvloeiende uit het bedrag van deze som evenwel hoger mag zijn dan 150 % van het plafond dat vastgesteld was voor het jaar 1978 ; dat overeenkomstig artikel 2 , leden 1 en 3 , van genoemde verordening de heffing van de invoerrechten op elk moment weer kan worden ingesteld bij de invoer van de betrokken produkten van oorsprong uit alle landen en gebieden , met uitzondering van de landen die in bijlage C van dezelfde verordening zijn opgenomen , zodra het bovenvermelde plafond op het vlak van de Gemeenschap wordt bereikt ;
Overwegende dat voor kunstbloemen , kunstloofwerk en kunstvruchten , alsmede delen daarvan , van post 67.02 , het plafond volgens de bovenaangehaalde basis uitgevoerde berekeningen 5 465 000 Europese rekeneenheden bedraagt ; dat op 20 april 1979 de invoer in de Gemeenschap van genoemde produkten van oorsprong uit de landen en gebieden , waarvoor de tariefpreferenties gelden , door afboeking het bovenvermelde plafond heeft bereikt ; dat derhalve , gezien de doelstelling van genoemde Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 die het in acht nemen van een plafond voorschrijft , wederinstelling van de invoerrechten voor de betrokken produkten geboden is ,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD :
Artikel 1
Met ingang van 7 mei 1979 wordt de heffing van de invoerrechten , geschorst krachtens Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 van de Raad , wederingesteld voor de invoer in de Gemeenschap van de hierna vermelde produkten van oorsprong uit alle begunstigde landen en gebieden , met uitzondering van de landen , die in bijlage C van genoemde Verordening ( EEG ) nr . 3156/78 zijn opgenomen :
Nr . van het gemeenschappelijk douanetarief * Omschrijving *
67.02 * Kunstbloemen , kunstloofwerk en kunstvruchten , alsmede delen daarvan ; artikelen van kunstbloemen , van kunstloffwerk en van kunstvruchten *
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen .
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat .
Gedaan te Brussel , 3 mei 1979 .
Voor de Commissie
Etienne DAVIGNON
Lid van de Commissie
( 1 ) PB nr . L 375 van 30 . 12 . 1978 , blz . 26 .