Verordening (EEG) nr. 2890/81 van de Commissie van 2 oktober 1981 betreffende de regeling van toepassing op de invoer in de Gemeenschap van bepaalde textielprodukten (categorieën 21 en 25) van oorsprong uit Thailand
Verordening (EEG) nr. 2890/81 van de Commissie van 2 oktober 1981 betreffende de regeling van toepassing op de invoer in de Gemeenschap van bepaalde textielprodukten (categorieën 21 en 25) van oorsprong uit Thailand
*****
VERORDENING (EEG) Nr. 2890/81 VAN DE COMMISSIE
van 2 oktober 1981
betreffende de regeling van toepassing op de invoer in de Gemeenschap van bepaalde textielprodukten (categorieën 21 en 25) van oorsprong uit Thailand
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE
GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EEG) nr. 3059/78 van de Raad van 21 december 1978 betreffende de gemeenschappelijke regeling van toepassing op de invoer van bepaalde textielprodukten van oorsprong uit derde landen (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 920/81 (2), inzonderheid op de artikelen 11 en 15,
Overwegende dat in artikel 11 van Verordening (EEG) nr. 3059/78 de voorwaarden voor het instellen van kwantitatieve maxima zijn vastgesteld; dat de invoer in de Gemeenschap van bepaalde textielprodukten (categorieën 21 en 25), van oorsprong uit Thailand, het in lid 3 van dat artikel vastgestelde niveau heeft overschreden;
Overwegende dat, overeenkomstig het bepaalde in lid 5 van genoemd artikel 11, aan Thailand een verzoek om overleg ter kennis is gebracht; dat het na afsluiting van het aldus ingeleide overleg gewenst is de betrokken produkten voor de jaren 1981 en 1982 aan kwantitatieve maxima te onderwerpen;
Overwegende dat volgens lid 13 van hetzelfde artikel 11 wordt verzekerd dat de kwantitatieve maxima in acht worden genomen door middel van het stelsel van dubbele controle, overeenkomstig bijlage V van Verordening (EEG) nr. 3059/78;
Overwegende dat de betrokken produkten die tussen 1 januari 1981 en de datum van inwerkingtreding van deze verordening uit Thailand zijn uitgevoerd, in mindering moeten worden gebracht op het kwantitatieve maximum voor 1981;
Overwegende dat op regionaal niveau reeds bepaalde kwantitatieve maxima bestaan voor de invoer van de betreffende produkten van oorsprong uit Thailand en dat deze in de communautaire maxima dienen te worden ingebouwd;
Overwegende dat de in deze verordening vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Comité textielprodukten,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD:
Artikel 1
De invoer in de Gemeenschap van de produkten van de in de bijlage vermelde categorieën, van oorsprong uit Thailand, wordt onderworpen aan de in dezelfde bijlage vermelde kwantitatieve maxima, onder voorbehoud van het bepaalde in artikel 2, lid 1.
Artikel 2
1. De in artikel 1 bedoelde produkten die vóór de datum van inwerkingtreding van deze verordening uit Thailand naar de gebieden in de Gemeenschap die nog niet aan een beperking onderhevig zijn, zijn verzonden en die nog niet in het vrije verkeer zijn gebracht, worden in het vrije verkeer gebracht op voorwaarde dat een connossement of een ander vervoerdocument wordt overgelegd waaruit blijkt dat de verzending inderdaad vóór die datum heeft plaatsgevonden.
2. De invoer van produkten die na de datum van inwerkingtreding van deze verordening uit Thailand naar de Gemeenschap zijn verzonden, is onderworpen aan het stelsel van dubbele controle vermeld in bijlage V van Verordening (EEG) nr. 3059/78.
3. Met het oog op de toepassing van het bepaalde in lid 2, worden alle hoeveelheden die op of na 1 januari 1981 uit Thailand zijn verzonden en in het vrije verkeer zijn gebracht, op het voor 1981 vastgestelde kwantitatieve maximum in mindering gebracht.
Artikel 3
Deze verordening treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.
Zij is van toepassing tot en met 31 december 1982.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.
Gedaan te Brussel, 2 oktober 1981.
Voor de Commissie
Michael O'KENNEDY
Lid van de Commissie
(1) PB nr. L 365 van 27. 12. 1978, blz. 1.
(2) PB nr. L 98 van 9. 4. 1981, blz. 1.
BIJLAGE
1.2.3.4.5.6.7.8,9 // // // // // // // // // Cate- gorie // GDT- nummer // NIMEXE- code (1981) // Omschrijving // Derde landen // Lid- Staten // Eenheid // Jaarlijkse kwantitatieve beperkingen van 1 januari tot en met 31 december 1.2.3.4.5.6.7.8.9 // // // // // // // // 1981 // 1982 // // // // // // // // // // 21 // 61.01 B IV 61.02 B II d) // 61.01-29; 31; 32 61.02-25; 26; 28 // Herenbovenkleding en jongensbovenkleding: Damesbovenkleding, meisjesbovenkleding en kinderbovenkleding: B. andere: Parka's, anoraks, windjakken en dergelijke, geweven, van wol, van katoen of van synthetische of van kunstmatige textielvezels // Thailand // D F (1) I BNL UK (1) IRL DK (1) GR EEG // 1 000 st. // 700 (2) 680 200 310 (2) 530 15 124 11 2 570 // 742 721 213 329 562 16 131 12 2 726 // // // // // // // // // // 25 // 60.04 B IV b) 2 aa) bb) d) 2 aa) bb) // 60.04-51; 53; 81; 83 // Onderkleding van niet-elastisch of van niet-gegummeerd brei- of haakwerk: Pyjama's en nachthemden voor dames, meisjes en kinderen (andere dan die voor baby's), van brei- of haakwerk, van katoen of van synthetische textielvezels // Thailand // D F I BNL (1) UK IRL DK GR EEG // 1 000 st. // 983 145 45 180 100 (3) 5 55 10 1 523 // 1 042 154 48 191 106 6 58 11 1 616 // // // // // // // // //
(1) Reeds van kracht zijnde beperkingen.
(2) Voor het jaar 1981 werd een extra hoeveelheid van 200 000 stuks voor Duitsland en van 130 000 stuks voor de Benelux overeengekomen.
(3) Voor het jaar 1981 werd een extra hoeveelheid van 20 000 stuks overeengekomen.