Verordening (EEG) nr. 2769/88 van de Commissie van 6 september 1988 houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 2469/88 tot vaststelling van het maximumvochtgehalte van graan dat in bepaalde Lid-Staten in het verkoopseizoen 1988/1989 voor interventie wordt aangeboden
Verordening (EEG) nr. 2769/88 van de Commissie van 6 september 1988 houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 2469/88 tot vaststelling van het maximumvochtgehalte van graan dat in bepaalde Lid-Staten in het verkoopseizoen 1988/1989 voor interventie wordt aangeboden
*****
VERORDENING (EEG) Nr. 2769/88 VAN DE COMMISSIE
van 6 september 1988
houdende wijziging van Verordening (EEG) nr. 2469/88 tot vaststelling van het maximumvochtgehalte van graan dat in bepaalde Lid-Staten in het verkoopseizoen 1988/1989 voor interventie wordt aangeboden
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE
GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EEG) nr. 2727/75 van de Raad van 29 oktober 1975 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen (1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2221/88 (2), en met name op artikel 7, lid 7,
Overwegende dat in het kader van Verordening (EEG) nr. 1569/77 van de Commissie van 11 juli 1977 houdende vaststelling van de procedures en voorwaarden voor de overneming van granen door de interventiebureaus (3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2391/88 (4), het maximumvochtgehalte is vastgesteld op 14,5 %; dat in artikel 2, lid 4, van die verordening ook is bepaald dat aan de Lid-Staten die daarom verzoeken, onder bepaalde voorwaarden toestemming kan worden verleend om een hoger vochtgehalte toe te passen;
Overwegende dat, bij Verordening (EEG) nr. 2469/88 (5), de Commissie een aantal Lid-Staten heeft gemachtigd om een maximumvochtgehalte van 15,5 % voor gerst en 15 % voor de andere granen toe te passen; dat diezelfde Lid-Staten machtiging hebben gevraagd om voor de andere granen eveneens een maximumvochtgehalte van 15,5 % toe te passen, met uitzondering van Denemarken, die het verzoek beperkte tot zachte tarwe; dat deze verzoeken gerechtvaardigd blijken te zijn, gezien de kwaliteit van de oogst 1988;
Overwegende dat het Comité van beheer geen advies heeft uitgebracht binnen de door zijn voorzitter bepaalde termijn,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING
VASTGESTELD:
Artikel 1
De bijlage bij Verordening (EEG) nr. 2469/88 wordt vervangen door de bijlage bij deze verordening.
Artikel 2
Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.
Gedaan te Brussel, 6 september 1988.
Voor de Commissie
Frans ANDRIESSEN
Vice-Voorzitter
(1) PB nr. L 281 van 1. 11. 1975, blz. 1.
(2) PB nr. L 197 van 26. 7. 1988, blz. 16.
(3) PB nr. L 174 van 14. 7. 1977, blz. 15.
(4) PB nr. L 205 van 30. 7. 1988, blz. 75.
(5) PB nr. L 213 van 6. 8. 1988, blz. 5.
BIJLAGE
»BIJLAGE
Maximumvochtgehalte voor de graansoorten die in het verkoopseizoen 1988/1989 voor interventie worden aangeboden
1.2.3 // // // // Lid-Staat // Maximumvochtgehalte (%) // Graansoort // // // // België // 15,5 // Alle graansoorten // Denemarken // 15,5 // Alle graansoorten behalve rogge // // 15,0 // Rogge // Duitsland // 15,5 // Alle graansoorten // Ierland // 15,5 // Alle graansoorten // Luxemburg // 15,5 // Alle graansoorten // Nederland // 15,5 // Alle graansoorten" // // //