Home

VERORDENING ( EEG ) NR. 3918/90 VAN DE RAAD VAN 21 DECEMBER 1990 BETREFFENDE DE OVERDRACHT NAAR GRIEKENLAND VAN 150 000 TON VOEDERGRANEN UIT DE VOORRADEN VAN HET DUITSE INTERVENTIEBUREAU

VERORDENING ( EEG ) NR. 3918/90 VAN DE RAAD VAN 21 DECEMBER 1990 BETREFFENDE DE OVERDRACHT NAAR GRIEKENLAND VAN 150 000 TON VOEDERGRANEN UIT DE VOORRADEN VAN HET DUITSE INTERVENTIEBUREAU

VERORDENING (EEG) Nr. 3918/90 VAN DE RAAD van 21 december 1990 betreffende de overdracht naar Griekenland van 150 000 ton voedergranen uit de voorraden van het Duitse interventiebureau

DE RAAD VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2727/75 van de Raad van 29 oktober 1975 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector granen(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1340/90(2), inzonderheid op artikel 7, lid 5,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 729/70 van de Raad van 21 april 1970 betreffende de financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid(3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2048/88(4), inzonderheid op artikel 3, lid 2,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende dat de in de jongste maanden in Griekenland heersende droogte een tekort aan diervoeder heeft veroorzaakt zodat de veehouders zich ertoe gedwongen zouden kunnen zien hun vee voortijdig te verkopen, met negatieve gevolgen voor hun inkomen;

Overwegende dat dit tekort kan worden ondervangen door 150 000 ton voedergraan ter beschikking van de veehouders te stellen; dat dit graan bij het Duitse interventiebureau beschikbaar is, terwijl het Griekse interventiebureau geen voedergranen in voorraad heeft;

Overwegende bovendien dat Duitsland als gevolg van de grote oogst in 1990 en de Duitse eenwording moeilijkheden ondervindt om al het graan op te slaan, zodat dit land zich genoopt zou kunnen zien opslagmogelijkheden buiten zijn grondgebied te zoeken; dat met het oog op een goed beheer van de voorraden een deel van de Duitse interventievoorraden moet worden overgedragen en ter beschikking van de Griekse veehouders moet worden gesteld;

Overwegende dat het Griekse interventiebureau de voorraden die zijn overgedragen onder de voorwaarden van Verordening (EEG) nr. 1836/82 van de Commissie van 7 juli 1982 tot vaststelling van de procedure en de voorwaarden voor de verkoop van graan door de interventiebureaus(5), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2619/90(6), opnieuw te koop aanbiedt; dat echter, rekening houdend met de bijzondere schikkingen voor de uitvoering van de betrokken overdracht, krachtens welke het graan in de Griekse loshavens beschikbaar wordt gesteld, moet worden bepaald dat de minimumverkoopprijs op een zodanig niveau wordt vastgesteld dat het graan in het Griekse binnenland tegen een behoorlijke prijs kan worden afgezet;

Overwegende dat een aantal bepalingen betreffende de overname van het produkt en de overdracht van de aansprakelijkheid dienen te worden vastgesteld;

Overwegende dat de voorschriften met betrekking tot de financiering van deze transactie dienen te worden vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in Verordening (EEG) nr. 1883/78 van de Raad van 2 augustus 1978 betreffende de algemene regels voor de financiering van de interventies door het Europees Orientatie- en Garantiefonds voor de Landbouw, afdeling Garantie(7), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 2050/88(8),

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. Het Duitse interventiebureau stelt 150 000 ton voedergraan ter beschikking van het Griekse interventiebureau.

2. Het Griekse interventiebureau neemt het in lid 1 bedoelde produkt over vóór 1 februari 1991 en draagt er zorg voor dat het vóór 1 mei 1991 aankomt in de door het Griekse interventiebureau aangewezen opslagplaats, gelegen in volgens de procedure van lid 5 aan te wijzen Griekse havens, of binnen een volgens dezelfde procedure te bepalen straal rond deze havens. Het Griekse interventiebureau zorgt er voor dat het graan vóór 30 juni 1991 als diervoeder wordt afgezet.

3. Het graan wordt naarmate het in Griekenland aankomt overeenkomstig Verordening (EEG) nr. 1836/82 doorverkocht. Volgens de procedure van artikel 26 van Verordening (EEG) nr. 2727/75 kan echter worden besloten af te wijken van artikel 5, lid 1, van eerstgenoemde verordening.

4. Voor het in lid 2 bedoelde vervoer wordt een inschrijving gehouden. De beschikbaarstelling moet tegen de gunstigste vervoervoorwaarden geschieden.

5. De uitvoeringsbepalingen van deze verordening, met name de bepalingen om te garanderen dat het graan als diervoeder in Griekenland wordt gebruikt, en de bepalingen betreffende het tijdschema voor de inschrijvingen en het vervoer van de betrokken granen, worden vastgesteld volgens de procedure van artikel 26 van Verordening (EEG) nr. 2727/75.

Artikel 2

1. Het Duitse interventiebureau boekt de afgestane hoeveelheden graan tegen nulwaarde af op de in artikel 4 van Verordening (EEG) nr. 1883/78 bedoelde rekening.

2. Het Griekse interventiebureau boekt de overgenomen hoeveelheden graan tegen nulwaarde bij op de in artikel 4 van Verordening (EEG) nr. 1883/78 bedoelde rekening en herwaardeert deze aan het eind van elke maand tegen de prijs van 43 ecu/ton die in nationale valuta wordt omgerekend tegen de aan het begin van het verkoopseizoen 1990/1991 geldende landbouwomrekeningskoers.

3. De kosten voor het vervoer van de in artikel 1, lid 1, bedoelde produkten worden op de in lid 2 genoemde rekening geboekt.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 21 december 1990.

Voor de RaadDe VoorzitterA. RUBERTI

(1)PB nr. L 281 van 1. 11. 1975, blz. 1.

(2)PB nr. L 134 van 28. 5. 1990, blz. 1.

(3)PB nr. L 98 van 28. 4. 1970, blz. 3.

(4)PB nr. L 185 van 15. 7. 1988, blz. 1.

(5)PB nr. L 202 van 9. 7. 1982, blz. 23.

(6)PB nr. L 249 van 12. 9. 1990, blz. 8.

(7)PB nr. L 216 van 5. 8. 1978, blz. 1.

(8)PB nr. L 185 van 15. 7. 1988, blz. 6.