Home

BESCHIKKING Nr. 3692/91/EGKS VAN DE COMMISSIE van 12 december 1991 tot intrekking van Beschikking nr. 2132/88/EGKS tot instelling van een definitief anti¯dumpingrecht op de invoer van bepaalde soorten coils van ijzer of van staal, van oorsprong uit Algerije, Joegoslavië en Mexico

BESCHIKKING Nr. 3692/91/EGKS VAN DE COMMISSIE van 12 december 1991 tot intrekking van Beschikking nr. 2132/88/EGKS tot instelling van een definitief anti¯dumpingrecht op de invoer van bepaalde soorten coils van ijzer of van staal, van oorsprong uit Algerije, Joegoslavië en Mexico

BESCHIKKING Nr. 3692/91/EGKS VAN DE COMMISSIE van 12 december 1991 tot intrekking van Beschikking nr. 2132/88/EGKS tot instelling van een definitief anti-dumpingrecht op de invoer van bepaalde soorten coils van ijzer of van staal, van oorsprong uit Algerije, Joegoslavië en Mexico

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal,

Gelet op Beschikking nr. 2424/88/EGKS van de Commissie van 29 juli 1988 betreffende beschermende maatregelen tegen invoer met dumping of subsidiëring uit landen die geen lid zijn van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal (1), zoals gerectificeerd (2), inzonderheid op de artikelen 9 en 14,

Na overleg in het bij genoemde beschikking ingestelde Raadgevend Comité,

Overwegende hetgeen volgt:

A. VOORAFGAANDE PROCEDURE (1) In mei 1987 leidde de Commissie een anti-dumpingprocedure in betreffende de invoer van bepaalde soorten coils van ijzer of van staal, van oorsprong uit Algerije, Joegoslavië en Mexico (3).

(2) Bij Beschikking nr. 163/88/EGKS van de Commissie (4), gewijzigd bij Beschikking nr. 979/88/EGKS (5), werd een voorlopig anti-dumpingrecht ingesteld op de invoer van bepaalde soorten coils van ijzer of van staal, van oorsprong uit Algerije, Joegoslavië en Mexico. De toepassingsduur van de voorlopige rechten werd bij Beschikking nr. 1322/88/EGKS van de Commissie (6) met twee maanden verlengd.

(3) De Commissie stelde vervolgens bij Beschikking nr. 2132/88/EGKS (7) een definitief anti-dumpingrecht in.

B. NIEUW ONDERZOEK (4) In januari 1990 ontving de Commissie van Sidermex SA de CV, een bij de procedure betrokken Mexicaanse exporteur, een verzoek om een nieuw onderzoek van de anti-dumpingmaatregelen betreffende de invoer van het betrokken produkt van oorsprong uit Mexico overeenkomstig artikel 14 van Beschikking nr. 2424/88/EGKS.

(5) In het verzoek werd aangevoerd dat, na de instelling van het definitieve anti-dumpingrecht, de omstandigheden met betrekking tot de uitvoer van warmgewalste coils van ijzer of van staal naar de Gemeenschap zodanige wijzigingen hadden ondergaan dat een nieuw onderzoek van de geldende anti-dumpingmaatregelen gerechtvaardigd was.

(6) De Commissie was de mening toegedaan dat het aangevoerde bewijsmateriaal met betrekking tot de gewijzigde omstandigheden toereikend was om een nieuw onderzoek te rechtvaardigen. Aangezien deze omstandigheden eveneens golden voor de invoer van de betrokken produkten uit Algerije en Joegoslavië, ten aanzien waarvan eveneens definitieve anti-dumpingrechten waren ingesteld, werd het wenselijk geacht het nieuwe onderzoek tot deze landen uit te breiden.

De Commissie kondigde daarop met een bericht in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen (8) de heropening aan van het onderzoek naar de invoer van bepaalde coils van ijzer of van staal, van oorsprong uit Algerije, Mexico en Joegoslavië.

(7) De Commissie stelde de haar bekende betrokken producenten/exporteurs en importeurs, de vertegenwoordigers van de exporterende landen en de klagers hiervan officieel in kennis en gaf de betrokken partijen gelegenheid hun standpunt schriftelijk bekend te maken en te verzoeken om te worden gehoord.

(8) Gedurende de periode van onderzoek verzochten de meeste bij de procedure betrokken exporteurs en sommige communautaire producenten om verlenging van de termijn binnen dewelke de vragenlijsten van de Commissie dienden te worden beantwoord. In de gevallen waarin zulks gerechtvaardigd werd geacht, verlengde de Commissie de gestelde termijnen.

(9) De meeste communautaire producenten, alle betrokken exporteurs en een importeur maakten hun standpunt schriftelijk bekend. Sommigen vroegen om te worden gehoord, hetgeen werd toegestaan.

(10) Door of namens de kopers of verwerkers in de Gemeenschap van warmgewalste coils van ijzer of van staal werden geen opmerkingen naar voren gebracht.

(11) De Commissie vergaarde en verifieerde alle informatie die zij nodig achtte om haar vaststellingen te kunnen doen, en stelde een onderzoek in ten kantore van de volgende ondernemingen:

Communautaire producenten - Thyssen Stahl AG, Duisburg, Duitsland - Stahlwerke Peine-Salzgitter AG, Salzgitter, Duitsland - ILVA SpA, Genua, Italië - Cockerill Sambre SA, Seraing, België - Sidmar NV, Gent, België - British Steel plc, Londen, Verenigd Koninkrijk Niet-communautaire producenten/exporteurs - Sidermex SA de CV, Mexico D. F., Mexico (houdstermaatschappij) - Altos Hornos de Mexico SA, Monclova, Mexico (producent/exporteur) - Sidermex International Inc., San Antonio, Texas, Verenigde Staten van Amerika (exporteur) - Hylsa SA de CV, Monterrey, Mexico.

(12) Het onderzoek naar dumping besloeg de periode van 1 januari tot en met 31 december 1989.

(13) Als gevolg van de ingewikkeldheid van de procedure en, in het bijzonder, de moeilijkheden welke de Commissie ondervond bij het inwinnen van informatie bij bepaalde belanghebbenden, werd het onderzoek niet voltooid binnen de normale periode van een jaar bedoeld in artikel 7, lid 9, van Beschikking nr. 2424/88/EGKS.

C. PRODUKT (14) De betroffen produkten zijn bepaalde gewalste platte produkten, van ijzer of van niet-gelegeerd staal, met een breedte van meer dan 500 mm, een dikte van 1,5 mm of meer, in coils, enkel warm gewalst, bevattende minder dan 0,6 gewichtspercent koolstof, van de GN-codes ex 7208 11 00, ex 7208 12 91, ex 7208 12 99, ex 7208 13 91, ex 7208 13 99, ex 7208 14 90, ex 7208 21 10, ex 7208 21 90, ex 7208 22 91, ex 7208 22 99, ex 7208 23 91, ex 7208 23 99, ex 7208 24 90, ex 7211 12 10, ex 7211 19 10, ex 7211 22 10 en ex 7211 29 10.

D. RESULTATEN VAN HET NIEUWE ONDERZOEK a) Algerije (15) De Commissie stelde vast dat, als gevolg van de bindingen van de Algerijnse producent met zijn afnemers, de verkopen op de binnenlandse markt gedurende de referentieperiode buiten het kader van het normale handelsverkeer hadden plaatsgevonden. De Commissie onderzocht voorts of voor de Algerijnse producent een normale waarde kon worden samengesteld. Aangezien door de enige Algerijnse producent niet voldoende bewijsmateriaal werd verstrekt betreffende zijn inputs en de prijzen daarvan, was de Commissie niet in staat de produktiekosten van de betrokken produkten vast te stellen. Bij gebreke van een betrouwbare grondslag voor prijsvergelijking, kon de Commissie dan ook niet bepalen of de uitvoer naar andere derde landen met dumping had plaatsgevonden. Aangezien ogenschijnlijk geen enkele andere methode voor het vaststellen van de normale waarde een ander resultaat opleverde, besloot de Commissie de normale waarde overeenkomstig artikel 2, lid 6, onder b), van Beschikking nr. 2424/88/EGKS te bepalen aan de hand van de door de Commissie voor het betrokken produkt bekendgemaakte basisprijs bij invoer (1). De betrokken producent tekende geen bezwaar aan tegen deze berekeningswijze.

(16) De uitvoerprijzen werden vastgesteld op basis van de werkelijk betaalde of te betalen prijzen van warmgewalste coils die voor export naar de Gemeenschap werden verkocht. De uitvoerprijzen werden waar nodig en voor zover bewijsmateriaal beschikbaar was, aangepast ten einde rekening te houden met de kosten van vervoer, verzekering, lading en bijkomende kosten.

(17) Een vergelijking van de normale waarde met de uitvoerprijzen op het niveau cif grens Gemeenschap, niet ingeklaard, toonde aan dat de dumpingmarge 0,67 % bedroeg, hetgeen bijzonder gering wordt geacht.

b) Joegoslavië (18) Aangezien de door de Joegoslavische producenten/exporteurs verstrekte inlichtingen betreffende de betrokken produkten op de binnenlandse markt onvolledig waren en niet met voldoende bewijsstukken gestaafd, besloot de Commissie de normale waarde, in navolging van de ten aanzien van Algerije toegepaste methode, vast te stellen aan de hand van de bekendgemaakte basisprijzen zoals deze gedurende de periode van onderzoek van toepassing waren en waaraan wordt gerefereerd in de briefwisseling die is opgenomen in de Slotakte van de Overeenkomst tussen de Lid-Staten van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en de Socialistische Federatieve Republiek Joegoslavië - 83/42/EGKS (2).

(19) De uitvoerprijzen werden vastgesteld op basis van de werkelijk betaalde of te betalen prijzen van warmgewalste coils van eerste keus die voor uitvoer naar de Gemeenschap werden verkocht en waarvoor bewijsmateriaal in de vorm van facturen werd verstrekt. In gevallen waarin het nodige bewijsmateriaal voorhanden was, werden de uitvoerprijzen aangepast ten einde rekening te houden met de kosten van vervoer, verzekering, lading en bijkomende kosten.

(20) Een vergelijking van de normale waarde met de uitvoerprijzen op het niveau cif grens Gemeenschap, niet ingeklaard, toonde een dumpingmarge van 0,13 % aan, hetgeen als uiterst gering wordt beschouwd.

c) Mexico (21) De normale waarde werd vastgesteld op basis van de werkelijk betaalde of te betalen prijzen van de betrokken produkten in het normale handelsverkeer op de interne markt van Mexico.

(22) Sedert de instelling van de definitieve anti-dumpingrechten in juli 1988 is de uitvoer van de betrokken produkten naar de Gemeenschap uit Mexico volledig tot stilstand gekomen. Derhalve was het onmogelijk prijzen bij uitvoer vast te stellen en deze met normale waarden te vergelijken.

d) Conclusie ten aanzien van de dumping (23) Het feit dat de dumping voor Algerije en Joegoslavië uiterst minimaal is geworden, heeft de Commissie tot de conclusie gebracht dat de huidige anti-dumpingmaatregelen ten aanzien van de invoer uit deze landen dienen te worden ingetrokken.

(24) De Commissie is derhalve van mening dat de procedure ten aanzien van de invoer van de betrokken produkten van oorsprong uit Algerije en Joegoslavië dient te worden beëindigd.

(25) Het tot stilstand komen van de Mexicaanse uitvoer naar de Gemeenschap maakte een onderzoek naar het bestaan van dumping gedurende de periode van het onderzoek onmogelijk. De Commissie is te deze van mening dat het ontbreken van uitvoer als zodanig onvoldoende is om te bepalen of de ingestelde anti-dumpingrechten al dan niet kunnen worden ingetrokken.

Ten einde vast te stellen of de intrekking van de geldende maatregelen de communautaire industrie aanmerkelijke schade zou toebrengen of zou kunnen toebrengen, werd derhalve rekening gehouden met andere overwegingen, in het bijzonder met de toestand op de Mexicaanse markt voor ijzer- en staalprodukten.

E. ONTWIKKELING VAN DE MEXICAANSE MARKT VOOR IJZER- EN STAALPRODUKTEN (26) De totale jaarlijkse produktiecapaciteit van de twee betrokken Mexicaanse producenten/exporteurs van warmgewalste coils bedraagt momenteel 2,5 miljoen ton. Behalve enige kleine capaciteitsverhogingen, die slechts na bepaalde technische ontwikkelingen mogelijk worden, staan voor de nabije toekomst geen grote uitbreidingen van deze capaciteit op het programma. De produktiecapaciteit wordt sedert 1988 volledig benut dank zij een sterke herleving van de binnenlandse vraag.

(27) Aangezien meer dan 75 % van de produktie van warmgewalste coils op de binnenlandse markt wordt afgezet tot verdere bewerking tot produkten met een hogere waarde, is de Mexicaanse produktiecapaciteit momenteel ontoereikend om aan de binnenlandse vraag voor direct gebruik te voldoen. Dientengevolge moet een gedeelte van de benodigde hoeveelheid worden ingevoerd en zijn geen noemenswaardige hoeveelheden beschikbaar voor de uitvoer, die de voorbije jaren sterk is gedaald.

(28) Verwacht wordt dat de binnenlandse vraag naar warmgewalste coils in Mexico het komende jaar en daarna verder zal toenemen. De prijsverhogingen die zich op de binnenlandse markt hebben voorgedaan als gevolg van de opheffing van de prijscontroles door de Mexicaanse Regering in 1990, zullen er vermoedelijk toe leiden dat produktiekosten en winstmarges beter op elkaar afgestemd worden, hetgeen wellicht hogere binnenlandse verkopen en verminderde exportmogelijkheden ten gevolge zal hebben.

(29) Voorts wordt verwacht dat de vrijhandelsovereenkomst die vermoedelijk tussen de Verenigde Staten en Mexico zal worden gesloten, de toegang tot de markt van de Verenigde Staten voor Mexicaanse ijzer- en staalprodukten zal verbeteren. Wegens haar geografische nabijheid en de daardoor lagere transportkosten is deze markt steeds van bijzondere betekenis geweest voor de Mexicaanse exporteurs.

(30) De sterke en nog steeds toenemende vraag naar warmgewalste coils op de Mexicaanse markt, de beperkte produktiecapaciteit en de verwachte toename van de uitvoer naar niet-communautaire markten brengen de Commissie tot de conclusie dat er geen duidelijk aanwijsbaar gevaar is dat de invoer van de betrokken produkten uit Mexico na de intrekking van de geldende maatregelen opnieuw een aanzienlijk marktaandeel in de Gemeenschap zal veroveren en dat er derhalve op korte termijn geen gevaar is voor invoer met dumping en daaruit voortvloeiende schade.

F. BEËINDIGING VAN DE PROCEDURE EN INTREKKING VAN DE RECHTEN (31) In het licht van het bovenstaande en rekening houdende met, in het bijzonder, de minimale dumpingmarges welke ten aanzien van Algerije en Joegoslavië werden vastgesteld, alsmede met het feit dat van Mexicaanse zijde op korte termijn geen invoer met dumping en daaruit voortvloeiende schade te verwachten valt, noch dat het gevaar daarvoor aanwezig is, komt de Commissie tot de conclusie dat het nieuwe onderzoek met betrekking tot de invoer van warmgewalste coils uit Algerije, Mexico en Joegoslavië dient te worden beëindigd door intrekking van de desbetreffende anti-dumpingmaatregelen overeenkomstig artikel 14, lid 3, van Beschikking nr. 2424/88/EGKS.

(32) Klaagster werd in kennis gesteld van de feiten en belangrijkste overwegingen op grond waarvan de Commissie voornemens is het nieuwe onderzoek te beëindigen,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING VASTGESTELD:

Artikel 1

Beschikking nr. 2132/88/EGKS wordt ingetrokken.

Artikel 2

Deze beschikking treedt in werking op de dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze beschikking is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.

Gedaan te Brussel, 12 december 1991. Voor de Commissie Karel VAN MIERT Lid van de Commissie