Home

93/269/EEG: BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 18 december 1991 betreffende de vaststelling van het communautair bestek voor de structurele bijstandsverlening van de Gemeenschap in de onder doelstelling 2 vallende stad Emden in de Bondsrepubliek Duitsland (Slechts de tekst in de Duitse taal is authentiek)

93/269/EEG: BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 18 december 1991 betreffende de vaststelling van het communautair bestek voor de structurele bijstandsverlening van de Gemeenschap in de onder doelstelling 2 vallende stad Emden in de Bondsrepubliek Duitsland (Slechts de tekst in de Duitse taal is authentiek)

BESCHIKKING VAN DE <{COM}>COMMISSIE van 18 december 1991 betreffende de vaststelling van het communautair bestek voor de structurele bijstandsverlening van de Gemeenschap in de onder doelstelling 2 vallende stad Emden in de Bondsrepubliek Duitsland (Slechts de tekst in de Duitse taal is authentiek)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EEG) nr. 2052/88 van de Raad van 24 juni 1988 betreffende de taken van de Fondsen met structurele strekking, hun doeltreffendheid alsmede de cooerdinatie van hun bijstandsverlening onderling en met die van de Europese Investeringsbank en de andere bestaande financieringsinstrumenten (1), inzonderheid op artikel 9, lid 9,

Overwegende dat de Commissie krachtens artikel 9, lid 9, van Verordening (EEG) nr. 2052/88 op basis van de door de Lid-Staten ingediende plannen voor regionale en sociale omschakeling, in het kader van het partnerschap en met instemming van de betrokken Lid-Staat, communautaire bestekken voor de structurele bijstandsverlening van de Gemeenschap vaststelt;

Overwegende dat het communautair bestek krachtens de tweede alinea van deze bepaling met name het volgende omvat: de prioritaire zwaartepunten, de vormen van bijstandsverlening, het indicatieve financieringsplan, met vermelding van het bedrag van de bijstand en de bronnen van bijstandsverlening, alsmede de duur van deze bijstandsverlening;

Overwegende dat titel III, artikel 8 en volgende, van Verordening (EEG) nr. 4253/88 van de Raad van 19 december 1988 tot vaststelling van toepassingsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 2052/88 met betrekking tot de cooerdinatie van de bijstandsverlening uit de onderscheiden Structuurfondsen enerzijds en van die bijstandsverlening met die van de Europese Investeringsbank en de andere bestaande financieringsinstrumenten anderzijds (2) de voorwaarden bevat voor de opstelling en de uitvoering van de communautaire bestekken;

Overwegende dat de Commissie bij Beschikking 89/288/EEG (3) een eerste lijst van regio's die in aanmerking komen voor doelstelling 2 heeft vastgelegd;

Overwegende dat deze lijst is aangevuld bij Beschikking 90/400/EEG van de Commissie (4) in verband met haar beschikking van 17 december 1989 (5) betreffende het communautair initiatief Rechar;

Overwegende dat de Commissie op 30 april 1991 heeft besloten deze aangevulde lijst te verlengen voor de jaren 1992 en 1993;

Overwegende dat de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland op 9 september 1991 bij de Commissie het in artikel 9, lid 8, van Verordening (EEG) nr. 2052/88 bedoelde plan voor regionale en sociale omschakeling heeft ingediend voor de stad Emden in de Bondsrepubliek Duitsland, die onder doelstelling 2 valt;

Overwegende dat het door de betrokken Lid-Staat ingediende plan een beschrijving van de gekozen zwaartepunten bevat en gegevens over de bij de uitvoering van het plan beoogde bijstand van het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling (EFRO), het Europees Sociaal Fonds (ESF), de Europese Investeringsbank (EIB) en de andere financieringsinstrumenten;

Overwegende dat de Commissie op 20 december 1989, overeenkomstig de bepalingen van artikel 9, lid 9, van Verordening (EEG) nr. 2052/88, het communautair bestek voor Emden in Nedersaksen voor de periode 1989-1991 heeft goedgekeurd, en dat het huidige communautair bestek betrekking heeft op de tweede fase (1992-1993) van de communautaire bijstand in deze regio uit hoofde van doelstelling 2;

Overwegende dat dit communautair bestek met instemming van de betrokken Lid-Staat in het kader van het in artikel 4 van Verordening (EEG) nr. 2052/88 bedoelde partnerschap is vastgesteld;

Overwegende dat, overeenkomstig het bepaalde in artikel 8 van Verordening (EEG) nr. 4253/88, ook de EIB bij de opstelling van het communautair bestek is betrokken; dat de EIB zich bereid heeft verklaard om tot de uitvoering van dit bestek bij te dragen op basis van de in deze beschikking vermelde ramingen van te verstrekken leningen, en overeenkomstig de voor haar geldende statutaire bepalingen;

Overwegende dat de Commissie bereid is na te gaan of de andere communautaire leningsinstrumenten volgens de daarvoor geldende bepalingen in de financiering van dit bestek kunnen bijdragen;

Overwegende dat deze beschikking in overeenstemming is met het advies van het Comité voor de ontwikkeling en omschakeling van de regio's en van het Comité van het Europees Sociaal Fonds;

Overwegende dat deze beschikking, krachtens artikel 10, lid 2, van Verordening (EEG) nr. 4253/88, als verklaring van intentie aan de betrokken Lid-Staat wordt toegezonden;

Overwegende dat, krachtens artikel 20, leden 1 en 2, van Verordening (EEG) nr. 4253/88, de betalingsverplichtingen met betrekking tot de bijdrage van de Structuurfondsen in de financiering van de onder de communautaire bestekken vallende bijstandsmaatregelen zullen worden aangegaan door de beschikkingen waarbij de Commissie de betrokken maatregelen zal goedkeuren,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

Het communautair bestek voor de structurele bijstandsverlening van de Gemeenschap in de onder doelstelling 2 vallende stad Emden in de Bondsrepubliek Duitsland in de periode van 1 januari 1992 tot en met 31 december 1993 wordt goedgekeurd.

De Commissie verklaart voornemens te zijn tot de uitvoering van dit communautair bestek bij te dragen volgens de daarin vervatte gedetailleerde bepalingen en in overeenstemming met de voorschriften en richtsnoeren die gelden voor elk gemeenschappelijk financieringsinstrument.

Artikel 2

Het communautair bestek bevat hoofdzakelijk het volgende:

a) de voor de gezamenlijke actie in aanmerking genomen prioritaire zwaartepunten:

- ontsluiting en/of rehabilitatie van industrieterreinen,

- ontwikkeling van de "human resources",

b) een overzicht van de vormen van bijstandsverlening;

c) een indicatief financieringsplan op basis van constante prijzen van 1992, waarin zijn vermeld de totale kosten van de voor de gezamenlijke actie van de Gemeenschap en de betrokken Lid-Staat in aanmerking genomen prioritaire zwaartepunten, die voor de gehele periode 4,98 miljoen ecu bedragen, alsmede de uit de begroting van de Gemeenschap beschikbaar te stellen bijstand, verdeeld als volgt (nieuwe nationale initiatieven en lopende programma's van de Gemeenschap):

EFRO: 1,57 miljoen ecu

ESF: 0,83 miljoen ecu

Totaal Structuurfondsen: 2,40 miljoen ecu

Voor het op grond van dit plan op te brengen nationale aandeel in de financiering, namelijk ongeveer 2,58 miljoen ecu voor de overheidssector en circa . . . miljoen ecu voor de particuliere sector, kan gedeeltelijk gebruik worden gemaakt van communautaire leningen via de Europese Investeringsbank of de andere leningsinstrumenten.

Artikel 3

Deze verklaring van intentie is gericht tot de Bondsrepubliek Duitsland.

Gedaan te Brussel, 18 december 1991.

Voor de Commissie

Bruce MILLAN

Lid van de Commissie

(1) PB nr. L 185 van 15. 7. 1988, blz. 9.(2) PB nr. L 374 van 31. 12. 1988, blz. 1.(3) PB nr. L 112 van 25. 4. 1989, blz. 19.(4) PB nr. L 206 van 4. 8. 1990, blz. 26.(5) PB nr. C 20 van 27. 1. 1990, blz. 3.