Home

96/393/EG: Beschikking van de Commissie van 13 juni 1996 tot wijziging van Beschikking 85/377/EEG inzake invoering van een communautaire typologie van landbouwbedrijven (Voor de EER relevante tekst)

96/393/EG: Beschikking van de Commissie van 13 juni 1996 tot wijziging van Beschikking 85/377/EEG inzake invoering van een communautaire typologie van landbouwbedrijven (Voor de EER relevante tekst)

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 13 juni 1996 tot wijziging van Beschikking 85/377/EEG inzake invoering van een communautaire typologie van landbouwbedrijven (Voor de EER relevante tekst) (96/393/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening nr. 79/65/EEG van de Raad van 15 juni 1965 tot oprichting van een boekhoudkundig informatienet betreffende de inkomens en de bedrijfseconomische positie van de landbouwbedrijven in de Europese Economische Gemeenschap (1), laatstelijk gewijzigd bij beslissing van de Raad van de Europese Unie (2) nr. 95/1/EG, Euratom, CECA van 1 januari 1995, inzonderheid artikel 4, lid 4, en artikel 11,

Overwegende dat de bij Beschikking 85/377/EEG van de Commissie (3) ingevoerde communautaire typologie van de landbouwbedrijven, en met name de bruto standaardsaldi zowel bij de enquêtes naar de structuur van de landbouwbedrijven als in het kader van het Informatienet inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen (ILB) de grondslag voor de classificatie van de landbouwbedrijven naar economische omvang en produktierichting vormen; dat de communautaire typologie tevens de grondslag vormt voor de berekening van de Europese grootte-eenheden (EGE) en van de drempels voor de afbakening van het waarnemingsgebied en voor de opstelling van het selectieprogramma voor de bedrijven met een boekhouding die in het kader van het ILB zijn of worden ingeschakeld;

Overwegende dat de naar EGE en produktierichting ingedeelde resultaten van de enquêtes naar de structuur van de landbouwbedrijven worden gebruikt als basismateriaal voor het landbouwstructuurbeleid van het gemeenschappelijke landbouwbeleid en voor de vaststelling van het waarnemingsgebied van het ILB, dat als basis voor de selectie en de weging van de steekproef van de ILB-landbouwbedrijven dient; dat ervoor moet worden gezorgd dat de selectie van de landbouwbedrijven met een boekhouding met het oog op de doelstellingen van elk der beoogde analyses voor dit waarnemingsgebied representatief is;

Overwegende dat Verordening (EEG) nr. 571/88 van de Raad (4), laatstelijk gewijzigd bij Beschikking nr. 96/170/EG van de Commissie (5), voorziet in een reeks enquêtes inzake de structuur van de landbouwbedrijven in het tijdvak van 1988 tot en met 1997 en dat in deze verordening ook de lijst van enquêtekenmerken is vastgelegd;

Overwegende dat in artikel 11 van Beschikking 85/377/EEG van de Commissie wordt bepaald dat de Commissie ten minste om de tien jaar met medewerking van de Lid-Staten een onderzoek instelt naar de bij de toepassing van deze beschikking opgedane ervaring en naar de eventuele nieuwe communautaire behoeften op dit gebied en dat in aansluiting op dit onderzoek zo nodig de bepalingen van deze beschikking kunnen worden gewijzigd;

Overwegende dat de structuur en de inhoud van de lijst van enquêtekenmerken voor het tijdvak van 1988 tot en met 1997 anders zijn dan bij voorgaande enquêtes en dat bijkomende wijzigingen nodig zullen zijn om rekening te houden met recente maatregelen genomen in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid, dat de communautaire typologie van de landbouwbedrijven hiervan afhangt èn dat het derhalve noodzakelijk is Beschikking 85/377/EEG aan te passen, met name aan de bij Verordening (EEG) nr. 571/88 vastgestelde lijsten van enquêtekenmerken met het oog op de enquêtes in het tijdvak van 1988 tot en met 1997;

Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Gemeenschappelijk comité van het informatienet inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen en dat van het Permanent Comité voor de landbouwstatistiek,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

Bijlage II van Beschikking 85/377/EEG wordt gewijzigd overeenkomstig bijlage I van de onderhavige beschikking.

Artikel 2

Deze beschikking is gericht tot de Lid-Staten.

Gedaan te Brussel, 13 juni 1996.

Voor de Commissie

Yves-Thibault DE SILGUY

Lid van de Commissie

(1) PB nr. 109 van 23. 6. 1965, blz. 1859/65.

(2) PB nr. L 1 van 1. 1. 1995, blz. 1.

(3) PB nr. L 220 van 17. 8. 1985, blz. 1.

(4) PB nr. L 56 van 2. 3. 1988, blz. 1.

(5) PB nr. L 47 van 24. 2. 1996, blz. 23.

BIJLAGE I

Bijlage II van Beschikking 85/377/EEG wordt als volgt gewijzigd:

1. In deel A ("Classificatieschema") worden in de algemene produktierichting "1. Gespecialiseerde akkerbouwbedrijven" Hoofd-produktierichting 11 ("Gespecialiseerde graanbedrijven") en Hoofd-produktierichting 12 ("Algemene akkerbouwbedrijven") als volgt gewijzigd:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

2. In deel B ("Kenmerken van de Klassen"),

- wordt paragraaf (a) ("De aard van de betreffende produktierichtingen") als volgt gewijzigd:

"(a) De aard van de betreffende produktierichtingen.

Deze produktierichtingen stemmen overeen met de lijst van de kenmerken waarvoor in de structuurenquêtes 1995 en 1997 gegevens worden verzameld; zij worden aangeduid met de code die is vermeld in de bijlage van Verordening (EEG) nr. 571/88 laatstelijk gewijzigd bij Beschikking 96/170/EG van de Commissie of met een code waaronder diverse van deze kenmerken zijn gegroepeerd zoals aangegeven in bijlage II, deel C. (1)"

"(1) De kenmerken D12 (voederhakvruchten exclusief zaden), D18 (voedergewassen), D21 (braakland, waarvoor geen financiële steun wordt verleend), E (tuinen voor eigen gebruik), F01 (blijvend grasland, exclusief weiden met geringe opbrengst), F02 (weiden met geringe opbrengst) en J11 (biggen met een levend gewicht van minder dan 20 kg) worden slechts onder bepaalde voorwaarden meegeteld (zie bijlage I, punt 5 van onderhavige beschikking)"

- worden in Categorie "1. Gespecialiseerde akkerbouwbedrijven" Hoofd-PR 11. ("Gespecialiseerde graanbedrijven") en Hoofd-PR 12. ("Algemene akkerbouwbedrijven") vervangen door Hoofd-PR 13 en Hoofd-PR 14 en wel als volgt:

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

3. In de titel van deel C, punt I "Codes waaronder enige in de structuurenquêtes 1985 en 1987 opgenomen kenmerken worden gegroepered", wordt de beperking "1985 en 1987" vervangen door "1995 en 1997".

4. In deel C, punt I, wordt de code P1 als volgt gewijzigd:

- de kenmerken I/06a (braakland met mogelijkheid), I/06b (blijvend grasland en beweiding ten behoeve van extensieve veeteelt), I/06c (linzen, kekers en wikke) worden weggelaten.

- het kenmerk D/22 (braakland, zonder economische opbrengst, waarvoor financiële steun wordt verleend) wordt toegevoegd.

5. In deel C, punt II wordt de vergelijkingstabel vervangen door:

"II. Vergelijking tussen de rubrieken van de enquêtes naar de structuur van de landbouwbedrijven en die van het bedrijfsformulier van het informatienet inzake landbouwbedrijfsboekhoudingen (ILB)

>RUIMTE VOOR DE TABEL>