Verordening (EG) nr. 1258/96 van de Raad van 25 juni 1996 betreffende de sluiting van het voor de periode van 15 november 1995 tot en met 31 juli 1996 overeengekomen Aanvullend Protocol bij het Protocol tot vaststelling van de visserijrechten en de financiële tegenprestatie, zoals bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Islamitische Republiek Mauritanië inzake de visserij voor de kust van Mauritanië
Verordening (EG) nr. 1258/96 van de Raad van 25 juni 1996 betreffende de sluiting van het voor de periode van 15 november 1995 tot en met 31 juli 1996 overeengekomen Aanvullend Protocol bij het Protocol tot vaststelling van de visserijrechten en de financiële tegenprestatie, zoals bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Islamitische Republiek Mauritanië inzake de visserij voor de kust van Mauritanië
VERORDENING (EG) Nr. 1258/96 VAN DE RAAD van 25 juni 1996 betreffende de sluiting van het voor de periode van 15 november 1995 tot en met 31 juli 1996 overeengekomen Aanvullend Protocol bij het Protocol tot vaststelling van de visserijrechten en de financiële tegenprestatie, zoals bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Islamitische Republiek Mauritanië inzake de visserij voor de kust van Mauritanië
DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 43, juncto artikel 228, lid 3, eerste alinea,
Gezien het voorstel van de Commissie,
Gezien het advies van het Europees Parlement (1),
Overwegende dat de Europese Gemeenschap en de Islamitische Republiek Mauritanië overeenkomstig artikel 13, tweede alinea, van de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Islamitische Republiek Mauritanië inzake de visserij voor de kust van Mauritanië (2) hebben onderhandeld om te bepalen welke aanvullingen voor de periode van 15 november 1995 tot en met 31 juli 1996 moeten aangebracht in de bijlage bij de Overeenkomst en in het Protocol;
Overwegende dat als uitvloeisel van deze onderhandelingen op 11 november 1995 een Aanvullend Protocol is geparafeerd bij het Protocol tot vaststelling van de visserijrechten en de financiële tegenprestatie, zoals bedoeld in bovengenoemde Overeenkomst;
Overwegende dat het in het belang van de Gemeenschap is dit Aanvullend Protocol goed te keuren;
Overwegende dat de vangstmogelijkheden over de Lid-Staten moeten worden verdeeld overeenkomstig artikel 8, lid 4, onder iii), van Verordening (EEG) nr. 3760/92 van de Raad van 20 december 1992 tot invoering van een communautaire regeling voor de visserij en de aquacultuur (3); dat het, gezien het verlies aan vangstmogelijkheden in de Marokkaanse wateren, billijk is alle vangstmogelijkheden toe te wijzen aan vaartuigen die onder Spaanse vlag varen,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Het Aanvullend Protocol voor de periode van 15 november 1995 tot en met 31 juli 1996 bij het Protocol tot vaststelling van de visserijrechten en de financiële tegenprestatie, zoals bedoeld in de Overeenkomst tussen de Europese Economische Gemeenschap en de Islamitische Republiek Mauritanië inzake de visserij voor de kust van Mauritanië, wordt namens de Gemeenschap goedgekeurd.
De tekst van het Aanvullend Protocol is aan deze verordening gehecht.
Artikel 2
De in het Aanvullend Protocol vastgestelde vangstmogelijkheden worden toegekend aan vaartuigen die onder Spaanse vlag varen.
Als met de door Spanje aangevraagde vergunningen de in het Aanvullend Protocol vastgestelde vangstmogelijkheden niet worden opgebruikt, geeft de Commissie andere Lid-Staten de gelegenheid vergunningen aan te vragen.
Artikel 3
De Voorzitter van de Raad wordt gemachtigd de personen aan te wijzen die bevoegd zijn het Aanvullend Protocol te ondertekenen en daardoor de Gemeenschap te binden.
Artikel 4
Deze verordening treedt in werking op de derde dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen.
Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke Lid-Staat.
Gedaan te Luxemburg, 25 juni 1996.
Voor de Raad
De Voorzitter
M. PINTO
(1) PB nr. C 166 van 10. 6. 1996.
(2) PB nr. L 388 van 31. 12. 1987, blz. 1.
(3) PB nr. L 389 van 31. 12. 1992, blz. 1. Verordening gewijzigd bij de Toetredingsakte van 1994.