98/467/EG: Beschikking van de Commissie van 2 juli 1998 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Beschikking nr. 888/98/EG van het Europees Parlement en de Raad houdende vaststelling van een communautair actieprogramma ter verbetering van de stelsels van indirecte belastingen van de interne markt (Fiscalis- programma) [kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 1819]
98/467/EG: Beschikking van de Commissie van 2 juli 1998 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Beschikking nr. 888/98/EG van het Europees Parlement en de Raad houdende vaststelling van een communautair actieprogramma ter verbetering van de stelsels van indirecte belastingen van de interne markt (Fiscalis- programma) [kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 1819]
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 2 juli 1998 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen voor Beschikking nr. 888/98/EG van het Europees Parlement en de Raad houdende vaststelling van een communautair actieprogramma ter verbetering van de stelsels van indirecte belastingen van de interne markt (Fiscalis-programma) (kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 1819) (98/467/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Beschikking nr. 888/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 maart 1998 houdende vaststelling van een communautair actieprogramma ter verbetering van de stelsels van indirecte belastingen van de interne markt (Fiscalis-programma) (1), inzonderheid op artikel 10,
Overwegende dat er bepaalde regelingen dienen te worden ingevoerd voor de organisatie van de uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles waarvan sprake is in artikel 5 van voornoemde beschikking;
Overwegende dat het programma aan zoveel mogelijk ambtenaren ten goede dient te komen;
Overwegende dat deze uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles zodanig moeten worden gepland en uitgevoerd dat deze een optimaal voordeel en rendement voor de Gemeenschap opleveren;
Overwegende dat er financiële bepalingen dienen te worden aangenomen ter verzekering van een goed financieel beheer en een doeltreffende controle van de kosten van de uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles, waarvan sprake is in artikel 8 van voornoemde beschikking;
Overwegende dat er een regeling dient te worden getroffen om te waarborgen dat het programma voortdurend wordt beoordeeld, zoals voorzien in artikel 12 van voornoemde beschikking;
Overwegende dat de maatregelen die in deze beschikking zijn voorzien, in overeenstemming zijn met het advies van het Comité waarvan sprake is in artikel 11 van Beschikking nr. 888/98/EG,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
Ter uitvoering van Beschikking nr. 888/98/EG houdende vaststelling van een communautair actieprogramma ter verbetering van de stelsels van indirecte belastingen van de interne markt (Fiscalis-programma) worden bepalingen vastgesteld inzake:
- de organisatie van uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles;
- de financiële regeling voor de betaling en vergoeding van kosten in verband met de uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles;
- de regeling voor de voortdurende beoordeling van uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles.
Artikel 2
Elke lidstaat draagt er zorg voor dat hun vertegenwoordiger in het in artikel 11 van Beschikking nr. 888/98/EG bedoelde comité ("het comité") verantwoordelijk is voor de coördinatie van de toepassing van de bepalingen van deze beschikking door de betrokken lidstaat. Indien een lidstaat twee vertegenwoordigers heeft, zullen zij gezamenlijk hiervoor verantwoordelijk zijn.
TITEL I
ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 3
1. De lidstaten dragen er zorg voor dat hun ambtenaren regelmatig op de hoogte worden gesteld van de mogelijkheden die het Fiscalis-programma biedt.
2. De lidstaten dragen er zorg voor dat al hun ambtenaren die geselecteerd zijn voor deelname aan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles zich goed verstaanbaar kunnen maken in de talen die bij deze activiteiten worden gebruikt.
3. De lidstaten dragen er als regel zorg voor dat de Gemeenschap de lasten draagt van niet meer dan:
- één uitwisseling per ambtenaar in de loop van het programma;
- één multilaterale controle per ambtenaar in de loop van een zeker jaar; en
- twee studiebijeenkomsten per ambtenaar in een zeker jaar.
Uitzonderingen op deze algemene regel moeten voorafgaandelijk worden meegedeeld aan de Commissie. Indien de Commissie binnen tien werkdagen na ontvangst van de officiële mededeling niet het tegenovergestelde voorstelt, zal de Gemeenschap de kosten voor deze activiteit voor haar rekening nemen.
4. De lidstaten selecteren ambtenaren van alle in aanmerking komende onderdelen van hun diensten voor deelname aan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles.
5. De lidstaten dragen er zorg voor dat de ambtenaren die zij geselecteerd hebben voor deelname aan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles de gepaste kwalificaties hebben, van tevoren geheel zijn voorbereid en ten volle aan de betreffende activiteiten deelnemen.
6. De lidstaten delen de Commissie elk jaar mee welk aantal van hun ambtenaren geacht wordt in aanmerking te komen voor deelname aan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles. Het dient daarbij te gaan om ambtenaren die voldoen aan de definitie van artikel 2, onder c), van Beschikking nr. 888/98/EG.
Artikel 4
1. Elke lidstaat deelt de Commissie mede welke taken of werkzaamheden op grond van hun wettelijke voorschriften alleen door hun eigen ambtenaren kunnen worden uitgevoerd en niet kunnen worden toevertrouwd aan een ambtenaar van een andere lidstaat die deelneemt aan een uitwisseling of een multilaterale controle. De Commissie zal ook worden meegedeeld wat deze specifieke uitsluiting behelst. De Commissie zal deze informatie bundelen en ter beschikking stellen aan alle lidstaten.
2. Elke lidstaat draagt er zorg voor dat aan ambtenaren van andere lidstaten alle taken en werkzaamheden worden toevertrouwd die de verwezenlijking van de doelstellingen van de uitwisseling of de multilaterale controle mogelijk maken. De lidstaten gaan ervan uit dat alle taken en werkzaamheden die door hun eigen ambtenaren worden uitgevoerd, in principe ook kunnen worden verricht door een ambtenaar van een andere lidstaat met een vergelijkbare positie; dit geldt niet voor deze die overeenkomstig, lid 1 uitdrukkelijk zijn uitgesloten en ter kennis gebracht van de Commissie.
Artikel 5
1. De Gemeenschap kan alleen de reis- en verblijfskosten dragen van ambtenaren die aan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles buiten hun eigen lidstaat deelnemen. De reis- en verblijfskosten van ambtenaren die aan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles in eigen land deelnemen, komen voor rekening van de betrokken lidstaat.
2. Uitwisselingen en studiebijeenkomsten worden als regel afgerond in het kalenderjaar waarvoor de Gemeenschap de daarmee verband houdende kosten voor haar rekening neemt. De reizen die ambtenaren van of naar andere lidstaten maken in het kader van multilaterale controles, dienen plaats te vinden binnen vijf maanden na het besluit dat de Gemeenschap een tegemoetkoming in de kosten van de betreffende controle zal verstrekken. Uitzonderingen op deze algemene regel moeten op voorhand worden meegedeeld aan de Commissie. Indien de Commissie binnen tien werkdagen na ontvangst van de officiële mededeling niet het tegenovergestelde voorstelt, zal de Gemeenschap de kosten voor deze activiteit voor haar rekening nemen.
TITEL II
UITWISSELINGEN
Artikel 6
De lidstaten dragen er zorg voor dat zij een geografisch evenwichtige keuze maken van de door hun ambtenaren te bezoeken lidstaten ("gastlanden"). Als algemene regel zal elke lidstaat in de loop van het programma tenminste drie ambtenaren naar elke andere lidstaat uitzenden en ervoor zorgen dat de jaarlijkse gemiddelde duur van al de uitwisselingen waaraan ze hun ambtenaren laten deelnemen niet minder dan twee weken bedraagt. Uitzonderingen op deze algemene regel moeten voor het einde van augustus van elk jaar worden meegedeeld aan de Commissie. Indien de Commissie binnen tien werkdagen na ontvangst van de officiële mededeling niet het tegenovergestelde voorstelt, zal de Gemeenschap de kosten voor deze activiteit voor haar rekening nemen.
Artikel 7
1. De lidstaten kiezen jaarlijks overeenkomstig artikel 3, lid 3, de ambtenaren die aan uitwisselingen zullen deelnemen ("uitwisselingsambtenaren"), de doelstellingen en het bijzondere werkterrein van de voorgenomen uitwisseling en de lidstaten die als gastland in aanmerking komen. Het aantal uitwisselingen op deze wijze geselecteerd, wordt bepaald in functie van het totale bedrag van de reis- en verblijfskosten vastgesteld overeenkomstig artikel 10, leden 1 en 2. De gekozen uitwisselingen zijn deze waar de combinatie van uitwisselingsambtenaar, doelstellingen en werkterrein, en de lidstaat die als gastland optreedt, naar alle waarschijnlijkheid het best voldoet aan de algemene doelstellingen van het programma, zoals bepaald in artikel 3 van Beschikking nr. 888/98/EG.
2. De lidstaat van oorsprong draagt er zorg voor dat elke gegadigde voor een uitwisseling een aanvraagformulier, in overeenkomstig het door de Commissie vastgestelde model, invult waarop de betrokkene de doelstellingen van de uitwisseling en zijn beroepservaring vermeldt. De lidstaat van oorsprong draagt er zorg voor dat de doelstellingen en het bijzondere werkterrein van de uitwisseling worden besproken en overeengekomen met de meerdere van de uit te wisselen ambtenaar.
3. Voor elke geselecteerde kandidaat stuurt de lidstaat van oorsprong het ingevulde aanvraagformulier toe aan alle lidstaten die in aanmerking komen als gastland.
4. Binnen twee weken na ontvangst van het aanvraagformulier zal het gastland in de regel de lidstaat van oorsprong bevestigen of de uitwisseling zal plaatsvinden op basis van het aanvraagformulier. De naam en het kantooradres van de ambtenaar die de uitwisseling zal organiseren ("mentor") zal eveneens aan de lidstaat van oorsprong worden doorgegeven. Indien het gastland niet binnen twee weken een bevestiging kan geven van de uitwisseling, stelt het de Commissie hiervan in kennis.
5. Beide lidstaten dragen er zorg voor dat de uit te wisselen ambtenaar en de mentor van tevoren overeenstemming bereiken over de doelstellingen en het bijzondere werkterrein van de uitwisseling, alsmede de taken die door de ontvangende dienst aan de uitwisselingsambtenaar worden toevertrouwd, de vereiste talenkennis of specifieke beroepseisen, de datum van de uitwisseling en iedere andere relevant geachte informatie.
6. Het gastland stelt voorts bij de planning en uitvoering van de uitwisseling alles in het werk om te verzekeren dat de uitwisselingsambtenaar daadwerkelijk deelneemt aan de activiteiten van de ontvangende dienst.
7. Het gastland stelt het nodige in het werk om te verzekeren dat de wettelijke aansprakelijkheid van de uitwisselingsambtenaar bij de uitvoering van zijn werkzaamheden op dezelfde wijze is geregeld als voor de eigen ambtenaren. De lidstaat van oorsprong en het gastland doen hetgeen zij nodig achten om ervoor te zorgen dat de uitwisselingsambtenaar aan dezelfde regels inzake beroepsgeheim is gebonden als de ambtenaren van het gastland.
TITEL III
STUDIEBIJEENKOMSTEN
Artikel 8
1. Niet meer dan 15 studiebijeenkomsten kunnen georganiseerd worden in een gegeven jaar. De lidstaten en de Commissie kunnen studiebijeenkomsten voorstellen. De gekozen studiebijeenkomsten zijn deze die naar alle waarschijnlijkheid het best voldoen aan de algemene doelstellingen van het programma, zoals bepaald in artikel 3 van Beschikking nr. 888/98/EG.
2. De studiebijeenkomsten mogen twee tot drie dagen duren naar gelang van het onderwerp.
3. Per studiebijeenkomst kan de Gemeenschap de reis- en verblijfskosten van twee vertegenwoordigers van elke lidstaat (uitgezonderd het gastland) en ten hoogste vijf externe deskundigen voor haar rekening nemen. De Commissie en het gastland kunnen overeenkomen dat enkele of alle lidstaten meer vertegenwoordigers naar de studiebijeenkomst kunnen zenden, zonder dat evenwel hun onkosten voor rekening van de Gemeenschap komen. Daarnaast kunnen de reis- en verblijfskosten voor een dag voor het bijwonen van één voorbereidende vergadering per studiebijeenkomst door een ambtenaar van ten hoogste vijf lidstaten andere dan de ontvangende lidstaat ten laste van de Gemeenschap komen. De Commissie en het gastland besluiten tezamen of een dergelijke vergadering noodzakelijk is.
4. De Gemeenschap draagt andere kosten in verband met de organisatie van studiebijeenkomsten die niet gedekt worden door de reis- en verblijfskosten van de ambtenaren, wanneer dit door de Commissie en de ontvangende lidstaat wordt overeengekomen overeenkomstig het bepaalde in het volgende lid. De Commissie vergoedt deze kosten onmiddellijk. De procedures voor de financiële controle die in bijlage I bij deze beschikking zijn vastgelegd, zullen in acht worden genomen.
5. De plaats van elke studiebijeenkomst en de levering van alle benodigde uitrusting wordt overeengekomen door de Commissie en het gastland, waarbij in aanmerking wordt genomen in hoeverre deze plaats toegankelijk is vanuit andere lidstaten, of er adequate en niet te dure voorzieningen voorhanden zijn en welke wisselkoersen gelden voor de vergoeding van de verblijfskosten voor het gastland.
6. Elke studiebijeenkomst wordt gezamenlijk gepland en uitgevoerd door de Commissie en het gastland, teneinde de actieve deelname en betrokkenheid van de deelnemers zoveel mogelijk te verzekeren.
TITEL IV
MULTILATERALE CONTROLES
Artikel 9
1. Met betrekking tot de reis- en verblijfskosten kan de Gemeenschap als regel ten hoogste twee reizen van en naar een andere lidstaat per ambtenaar en per multilaterale controle en de verblijfskosten voor in totaal tien dagen per ambtenaar en per multilaterale controle vergoeden. Uitzonderingen op deze algemene regel moeten op voorhand worden meegedeeld aan de Commissie. Indien de Commissie binnen tien werkdagen na ontvangst van de officiële mededeling niet het tegenovergestelde voorstelt, zal de Gemeenschap de kosten voor deze activiteit voor haar rekening nemen. De Gemeenschap kan aldus alleen de reis- en verblijfskosten van twee ambtenaren per lidstaat en per multilaterale controle vergoeden.
2. Het aantal gekozen multilaterale controles, waarvoor de reis- en verblijfskosten worden gedragen door de Gemeenschap, wordt bepaald in functie van het totale bedrag van de reis- en verblijfskosten vastgesteld overeenkomstig artikel 10, leden 1 en 2. De gekozen multilaterale controles zijn deze die naar alle waarschijnlijkheid het best voldoen aan de algemene doelstellingen van het programma, zoals bepaald in artikel 3 van Beschikking nr. 888/98/EG.
Elk voorstel voor een multilaterale controle zal beoordeeld worden op grond van de volgende informatie die wordt verstrekt door de lidstaat die het voorstel doet aan de Commissie en aan alle andere lidstaten:
- de bedrijfstak en bij benadering de grootte van de te controleren belastingplichtige(n);
- de rechtvaardiging voor een multilaterale controle;
- de rechtvaardiging, overeenkomstig artikel 5 van deze beschikking voor een financiële tegemoetkoming van de Gemeenschap in verband met de algemene doelstellingen van het programma, zoals bepaald in artikel 3 van Beschikking nr. 888/98/EG;
- en iedere andere relevante informatie.
Daarnaast zal de lidstaat die het voorstel doet tegelijkertijd alle andere lidstaten waar de te controleren belastingplichtige(n) vermoedelijk fiscale verplichtingen heeft/hebben, op de hoogte stellen van de identiteit van de te controleren belastingplichtige(n).
3. Voor elke multilaterale controle waarvoor is overeengekomen dat de Gemeenschap een deel van de kosten zal dragen, is de lidstaat die het voorstel heeft gedaan voor de controle, verantwoordelijk voor de planning en uitvoering ervan, in overleg met de andere deelnemende lidstaten. Overeenkomstig het bepaalde in lid 1 kunnen de multilaterale controles in de regel niet meer dan twee reizen naar de andere lidstaat meebrengen voor de betrokken ambtenaren.
TITEL V
FINANCIEEL BEHEER EN CONTROLE
Artikel 10
1. Het totale bedrag van de reis- en verblijfskosten van de ambtenaren van elke lidstaat dat door de Gemeenschap kan gedragen worden, wordt jaarlijks per lidstaat vastgesteld door de Commissie, rekening houdend met:
- de middelen die op de jaarlijkse begroting zijn uitgetrokken voor het Fiscalis-programma;
- de middelen die nodig zijn voor andere Fiscalis-activiteiten dan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles;
- de middelen die nodig zijn voor de vergoeding van de kosten van de deelname door ambtenaren en externe deskundigen aan studiebijeenkomsten;
- het aantal ambtenaren in elke lidstaat dat in aanmerking komt voor deelname aan de activiteiten van het programma (overeenkomstig artikel 3, lid 6);
- het aantal lidstaten;
- om het even welke aanpassing overeenkomstig lid 2 en in het licht van de rapporten overeenkomstig lid 10; en
- het aantal belastingplichtigen in elke lidstaat dat intracommunautaire leveringen verricht.
2. Het totale bedrag van de reis- en verblijfskosten voor uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles dat de Gemeenschap voor elke lidstaat kan dragen, kan in de loop van het jaar door de Commissie worden aangepast. Dergelijke aanpassingen moeten worden gerechtvaardigd op basis van de in lid 9 bedoelde verslagen van de feitelijke en geraamde kosten.
3. Indien het totale bedrag van de kosten die in een zeker jaar worden gemaakt door de ambtenaren van een lidstaat in het kader van uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles, het bedrag overschrijdt dat voor die lidstaat is vastgesteld overeenkomstig de leden 1 en 2, zullen de extra kosten worden gedragen door de betrokken lidstaat overeenkomstig artikel 8, lid 3, onder a), van Beschikking nr. 888/98/EG.
4. De lidstaten dragen er zorg voor dat hun ambtenaren tijdens de deelname aan uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles naar behoren zijn verzekerd tegen alle materiële, immateriële of letselschade die zij kunnen oplopen tijdens de reis naar en van of gedurende het verblijf op de plaats waar de uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles worden uitgevoerd. Een ambtenaar die gebruik- maakt van zijn eigen auto, is aansprakelijk voor alle schade die aan zijn auto of aan derden wordt toegebracht in overeenstemming met de wetgeving geldend daar waar de schade plaatsvond. De Gemeenschap kan niet aansprakelijk worden gesteld voor materiële, immateriële of letselschade die een ambtenaar oploopt tijdens de reis naar en van of gedurende het verblijf op de plaats waar de uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles worden uitgevoerd.
5. De lidstaten belasten zich namens de Gemeenschap met de vergoeding van de reis- en verblijfskosten die de ambtenaren tijdens de uitwisselingen, studiebijeenkomsten of multilaterale controles maken ten belope van het totaal bedrag van de reis- en verblijfskosten vastgesteld overeenkomstig de leden 1 en 2. Zij dragen er zorg voor dat alleen die kosten worden vergoed die zijn gemaakt overeenkomstig de regels die zijn vastgelegd in bijlage I bij deze beschikking.
6. De Commissie betaalt op haar beurt aan de lidstaten de kosten terug die zij namens de Gemeenschap hebben terugbetaald overeenkomstig lid 5. Ten hoogste 60 % van de totale bijdrage van de Gemeenschap aan elke lidstaat wordt aan het begin van het jaar aan de lidstaten betaald. Verdere betalingen aan de lidstaten kunnen plaatsvinden volgens de behoeften. Deze verdere betalingen kunnen worden ingehouden totdat de Commissie van mening is dat aan alle voorwaarden van deze beschikking, inzonderheid in de leden 9 en 10 en in titel VI, is voldaan.
7. Alle betalingen van de Commissie aan de lidstaten worden uitbetaald in de valuta die voor de Gemeenschapsbegroting voor dat jaar wordt gebruikt. De lidstaten kunnen de kosten vergoeden in iedere dienstige valuta van de Gemeenschap, op voorwaarde dat alleen de door de Commissie vastgestelde officiële wisselkoersen worden toegepast. De wisselkosten komen volledig voor rekening van de lidstaten.
8. De lidstaten bewaren vijf jaar lang alle nodige bewijsstukken.
9. Iedere lidstaat zendt de Commissie jaarlijks voor eind augustus een verslag van de feitelijke en geraamde uitgaven voor reis en verblijf aan de hand van een door de Commissie op te stellen model.
10. Iedere lidstaat zendt de Commissie jaarlijks voor 20 februari een verslag van de feitelijke uitgaven voor reis en verblijf in het voorgaande jaar aan de hand van een door de Commissie op te stellen model.
11. Indien, in uitzonderlijke omstandigheden, een aan een lidstaat betaald bedrag niet gebruikt wordt, zal dit, mits voorafgaande toestemming van de Commissie, beschouwd worden als een deel van de betaling voor het volgende jaar. De eerste betaling voor het volgende jaar zal dienovereenkomstig worden verminderd. De Commissie kan, in het tegenovergestelde geval, niet-bestede middelen terugvorderen van de lidstaten.
TITEL VI
VERSLAGEN EN BEOORDELING
Artikel 11
1. De lidstaten dragen er zorg voor dat voor de beoordelingen binnen de aangegeven termijn het formulier opgenomen in bijlage II bij deze beschikking wordt ingevuld, gecontrasigneerd en toegezonden aan de Commissie:
- beoordeling van de uitwisseling door de uitwisselingsambtenaar (binnen twee weken na beëindiging van de uitwisseling). Het betreffende formulier wordt ook aan het gastland toegezonden;
- beoordeling van de uitwisseling door de mentor (binnen twee weken na beëindiging van de uitwisseling). Het betreffende formulier wordt ook aan de lidstaat van oorsprong toegezonden;
- beoordeling van de uitwisseling door de meerdere van de uitwisselingsambtenaar (binnen zes maanden na beëindiging van de uitwisseling);
- beoordeling van de studiebijeenkomst door elke deelnemer (vóór vertrek van de studiebijeenkomst);
- beoordeling van de studiebijeenkomst door elke lidstaat (binnen zes maanden na beëindiging van de studiebijeenkomst);
- beoordeling van elke multilaterale controle door de betrokken lidstaten (binnen twee maanden na beëindiging van de controle).
2. De Commissie respectievelijk de lidstaten dragen er zorg voor dat de volgende verslagen worden opgesteld. De lidstaten dragen er zorg voor dat deze verslagen, voor zover dienstig, in hun hele dienst worden verspreid:
- verslag van de uitwisselingsambtenaar over de uitwisseling;
- verslag van een deelnemer per lidstaat over de studiebijeenkomst;
- verslag van de Commissie en het gastland over de studiebijeenkomst. Dit verslag wordt binnen drie maanden na beëindiging van de studiebijeenkomst aan alle lidstaten toegezonden en wordt vervolgens in het comité besproken;
- verslag van het gastland over elke multilaterale controle. Dit verslag wordt binnen acht maanden na het besluit dat de Gemeenschap een deel van de kosten van de multilaterale controle zal dragen, aan de Commissie toegezonden. Dit verslag wordt door de Commissie aan alle lidstaten toegezonden en wordt vervolgens in het comité besproken.
Artikel 12
Deze beschikking treedt in werking op de dag van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.
Zij is van toepassing met ingang van 1 januari 1998.
Artikel 13
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 2 juli 1998.
Voor de Commissie
Mario MONTI
Lid van de Commissie
(1) PB L 126 van 28. 4. 1998, blz. 1.
BIJLAGE I
REGELS BETREFFENDE DE VERGOEDING VAN REIS- EN VERBLIJFSKOSTEN (ARTIKEL 10, LID 5)
1. Gemeenschappelijke voorschriften voor uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles
a) Kosten van reizen naar en van de gastlidstaat
- Treinreizen
Indien de afstand van de volledige heen- en terugreis kleiner is dan 800 km, wordt met de trein gereisd en worden de kosten vergoed op basis van de prijs van een spoorbiljet eerste klas. De reservatiekosten en toeslagen voor hogesnelheidstreinen kunnen eveneens worden vergoed.
- Vliegreizen
Indien de afstand van de volledige heen- en terugreis groter is dan 800 km, kan de reis per vliegtuig - evenwel uitsluitend in economy class - worden gemaakt. Waar zulks mogelijk is, dient gebruik te worden gemaakt van de aangeboden tariefverminderingen (PEX of andere). In laatstgenoemd geval kan door toekenning van een bijkomende dagvergoeding de mogelijkheid worden gecreëerd om voor bepaalde tariefverminderingen in aanmerking te komen. De totale kosten van een aldus verlengd verblijf (vliegbiljet + bijkomende dagvergoeding) moeten lager liggen dan die van een gewoon vliegbiljet. Indien met een gewoon biljet wordt gereisd, wordt geen bijkomende dagvergoeding voor een verlengd verblijf toegekend.
Het is mogelijk per vliegtuig te reizen over trajecten van minder dan 800 km, indien de totale kosten daarvan (dit wil zeggen de prijs van vervoer + dagvergoeding) kleiner zijn dan die van een treinreis.
Luchtvervoer is voor heen- en terugreizen van minder dan 800 km eveneens toegestaan in de volgende gevallen:
- wanneer het nodig is een traject over zee af te leggen;
- in geval van speciale urgentie of "force majeure".
- Reizen met eigen voertuig
De met een eigen voertuig reizende ambtenaren kunnen worden vergoed op basis van de prijs van het spoorbiljet eerste klas of van de goedkoopste vlucht, indien laatstgenoemde goedkoper is dan de treinreis. Daarbij wordt uitgegaan van de prijs van het spoorbiljet eerste klas voor gewone treinen. De tarieven voor hogesnelheidstreinen (bijvoorbeeld TGV, Thalys) komen als berekeningsbasis niet in aanmerking.
Indien twee of meer ambtenaren voor de reis gebruikmaken van hetzelfde voertuig, krijgt uitsluitend de eigenaar van het voertuig een vergoeding, die dan op 150 % van de vergoeding voor één ambtenaar wordt berekend.
- Scheepsreizen
Bijkomende kosten voor scheepsreizen worden niet vergoed, omdat zij reeds in de vergoeding voor het spoorbiljet eerste klas zijn begrepen.
De heen- en terugreis tussen de woonplaats en het station of de luchthaven kan worden vergoed op basis van de prijs van het openbaar vervoer. Indien voor bedoeld traject geen openbaar vervoer beschikbaar is, kan voor de vergoeding worden uitgegaan van het spoortarief eerste klas voor een gelijke afstand. Taxikosten worden niet vergoed, tenzij het vliegtuig of de trein vóór 8.00 uur vertrekt en/of na 21.00 uur aankomt, dan wel in geval van urgentie of "force majeure".
Uitwisselingen, studiebijeenkomsten en multilaterale controles gecombineerd met vakantie
In de regel vermijden de deelnemers het hun verblijf voor een uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle te combineren met een vakantie op de plaats waar die uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle plaatsheeft. In bepaalde omstandigheden evenwel kan, met de nodige toestemming van de nationale vertegenwoordiger in het comité, een afwijking worden toegestaan en worden de volgende regels toegepast:
- Indien het gaat om een vakantie van meer dan drie werkdagen, wordt het equivalent vergoed van de helft van de kosten van een reis heen en terug tussen de plaats van herkomst en de plaats van de uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle, met uitsluiting van alle toelagen.
- De normale duur van de reis van of naar de plaats van de uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle wordt als vakantietijd (en als een deel van de drie vrij te nemen werkdagen) beschouwd indien de reis op een werkdag plaatsheeft.
Met inachtneming van de reisvoorwaarden en -data wordt voor het berekenen van het gedeelte van de kosten dat ten laste van de aan een uitwisseling, studiebijeenkomst of multilaterale controle deelnemende ambtenaar komt, uitgegaan van de kosten voor het goedkoopste vervoermiddel.
b) Verblijfskosten
De ambtenaar heeft recht op een forfaitaire dagvergoeding ter dekking van met name de kosten van logies, ontbijt, maaltijden, plaatselijk vervoer en andere uitgaven. De taxikosten op de plaats van bestemming zijn in de dagvergoeding verrekend en worden door de Commissie niet extra vergoed.
De tarieven van de forfaitaire dagvergoeding zijn de tarieven van toepassing op dienstreizen van ambtenaren van de Commissie (graden A 4-B) en zullen jaarlijks door de Commissie aan de lidstaten worden meegedeeld.
De forfaitaire dagvergoeding wordt volledig of gedeeltelijk als volgt toegekend:
- voor elke periode van 24 uur: een volledige dagvergoeding;
- voor een verblijfsduur van zes uur of minder: ¼ van een volledige dagvergoeding;
- voor een verblijfsduur van twaalf uur of minder maar van meer dan zes uur: de helft van een volledige dagvergoeding;
- voor een verblijfsduur van meer dan twaalf uur: een volledige dagvergoeding.
Voor het berekenen van de dagvergoeding zijn de volgende regels van toepassing:
- voor een treinreis wordt het verblijf geacht 30 minuten vóór het vertrek van de trein in te gaan en 30 minuten na de aankomst van de trein te eindigen;
- een vliegreis wordt geacht twee uur vóór het opstijgen te beginnen en twee uur na het landen van het vliegtuig te eindigen;
- Indien het gebruik van een eigen voertuig een langere verblijfsduur tot gevolg heeft, worden de dagvergoedingen berekend op basis van de dienstregeling voor de goedkoopste rechtstreekse verbinding per trein of per vliegtuig.
Uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controles gecombineerd met vakantie
Indien vakantie voor meer dan drie werkdagen wordt opgenomen, wordt de officiële verblijfsduur voor het berekenen van de dagvergoeding geacht in te gaan bij het begin van de uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle indien de aan de uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle voorafgaande dagen als vakantie worden opgenomen, en te eindigen bij de afloop van de uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle indien de op de actie volgende dagen worden opgenomen. Indien een vervoerbiljet met prijsvermindering werd verkregen, worden de vergoedingen berekend met inachtneming van de aan het goedkopere tarief gekoppelde verblijfsvoorwaarden.
Met betrekking tot de voor de reis van en naar de plaats van uitwisseling/studiebijeenkomst/multilaterale controle benodigde tijd wordt geen dagvergoeding betaald.
2. Specifieke bepalingen betreffende uitwisselingen
a) De kosten van reizen naar verschillende plaatsen binnen de gastlidstaat worden overeengekomen tussen de betrokken coördinatoren. De Commissie vergoedt deze kosten aan de betreffende lidstaat.
b) De forfaitaire dagvergoeding wordt verminderd met 25 % in gevallen waarin de duur van de uitwisseling 28 dagen op dezelfde plaats overschrijdt.
Door de Commissie vergoede andere uitgaven in verband met de organisatie van studiebijeenkomsten die niet gedekt worden door de reis- en verblijfskosten (artikel 8, lid 4)
1. Aard van de uitgaven
Bepaalde direct met de organisatie van studiebijeenkomsten verband houdende prestaties kunnen rechtstreeks door de Commissie worden betaald. Het gaat daarbij om de kosten voor het huren van vergaderzalen, het tolkwerk, de installatie en huur van tolkcabines en bepaalde occasionele kosten zoals voor het huren van materieel (overheadprojector enz.). Deze uitgaven worden door de Commissie betaald
na voorafgaandelijk te zijn goedgekeurd.
2. Vrijstelling van BTW
De Commissie wordt vrijgesteld van alle rechten en heffingen, met name van de belasting over de toegevoegde waarde, op grond van de artikelen 3 en 4 van het protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen. De Commissie geeft bij opdrachten voor het huren van zalen en materieel een attest betreffende de BTW-vrijstelling af overeenkomstig artikel 15, lid 10, van Richtlijn 77/388/EEG van de Raad.
3. Marktverkenning
De Commissie kan beslissen, voorzover zij dit passend acht, om de noodzakelijke marktverkenning, aankooporders en betalingsprocedures voor deze uitgaven uit te voeren. Ingeval de Commissie en de gastlidstaat overeenkomen om deze procedures gezamenlijk uit te voeren, zal de volgende procedure worden toegepast.
Overeenkomsten inzake de huur van materieel en dienstverlening worden enkel via een aanbesteding afgesloten. het is dus nodig, met betrekking tot de prestatie waarop het contract betrekking heeft, zoveel en zo goed mogelijk de offertes van de gegadigden af te wegen en te vergelijken.
De gastlidstaat moet de bedoelde marktverkenning als volgt uitvoeren:
- De lidstaat stelt op korte termijn een marktonderzoek in (voor de in punt 1 bedoelde uitgaven) en zendt een formulier, overeenkomstig een door de Commissie ontworpen model, tezamen met een kopie van de ontvangen offertes (twee offertes per opdracht), per fax of via de post naar de Commissie.
- De Commissie stelt een officiële orderbrief ter attentie van de aangewezen dienstverstrekker op en zendt die, tezamen met het attest betreffende de BTW-vrijstelling, rechtstreeks naar de dienstverstrekker.
- De dienstverstrekker zendt de factuur voor zijn diensten naar de Europese Commissie ter attentie van de financiële dienst van DG XXI. Tenzij anders werd bepaald, volgt de betaling in de valuta die voor de Gemeenschapsbegroting wordt gebruikt, binnen 60 dagen na ontvangst door de Commissie van de in de voor de Gemeenschapsbegroting gebruikte valuta opgestelde eindfactuur.
BIJLAGE II
FISCALIS-UITWISSELING - EVALUATIEFORMULIER Nr. 1
>BEGIN VAN DE GRAFIEK>
Dit formulier moet worden ingevuld door elke ambtenaar die aan een uitwisseling heeft deelgenomen. Het moet direct na terugkeer worden ingevuld en vervolgens onmiddellijk aan de Fiscalis-coördinator van het desbetreffende land worden toegezonden.
Deel A: De ambtenaar
1.Naam
2.Geslacht
Mannelijk
Vrouwelijk
3.Leeftijd
4.Uit welk land bent u afkomstig?
B
F
A
BG
LV
DK
IRL
P
CY
LT
D
I
FIN
CZ
PL
EL
L
S
EE
RO
E
NL
UK
HU
SK
SI
5.Wat is uw werkterrein? (U kunt meer dan één vakje aankruisen)
BTW
Accijnzen
Directe belastingen
Douane
6.Wat is uw functie in de dienst waar u werkzaam bent?
Directeur
Afdelingshoofd
Ambtenaar
7.Wat zijn uw werkzaamheden? (Slechts één vakje aankruisen)
Audit/controle
Opleiding
Fraudeonderzoek
Beleid/wetgeving
Inning/heffing
Centrale administratie
Administratieve samenwerking
Juridisch advies/geschillen
Betrekkingen publiek/belastingbetaler
Overige (gelieve te preciseren)
8.Heeft u al eerder deelgenomen aan een door de Europese Gemeenschap gesteunde uitwisseling, studiebijeenkomst of multilaterale controle?
Uitwisseling
Hoe vaak?
Studiebijeenkomst
Hoe vaak?
Multilaterale controle
Hoe vaak?
9.Hoe beoordeelt u uw talenkennis? (Duid uw moedertaal aan)
DA
DE
EL
ES
FR
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
IT
NL
PT
FI
SV
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
EN
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
10.Geef een beoordeling van het vreemdetalenonderricht dat u tijdens uw loopbaan heeft kunnen volgen:
Voldoende
Onvoldoende
11.Doet u verzoeken tot administratieve samenwerking met andere lidstaten of beantwoordt u dergelijke verzoeken?
Regelmatig
Soms
Nooit
12.Hoe beoordeelt u het nut van de communautaire systemen voor communicatie en informatie-uitwisseling (VIES, SEED, fiscaal SCENT enz.)?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel B: De uitwisseling
13.Welke lidstaat heeft u bezocht?
B
F
A
DK
IRL
P
D
I
FIN
EL
L
S
E
NL
UK
14.Wanneer vond de uitwisseling plaats?
//-
//15.Hoeveel werkdagen duurde de uitwisseling?
16.Wat was het doel van uw uitwisseling? (Zoveel vakjes aankruisen als nodig)
Het verkrijgen van meer algemeen inzicht in de werking van de dienst
Het verbeteren van speciale beroepsbekwaamheden
Het bestuderen van een bijzondere administratieve praktijk
Het verbeteren van een bijzondere samenwerkingsrelatie
Het verbeteren van speciale werkmethoden
Het ontwikkelen van nieuwe vormen van samenwerking
Overige (Gelieve nader te omschrijven)
17.Welke werkzaamheden verrichtte u? (Zoveel vakjes aankruisen als nodig)
Het bijwonen van een interne opleidingscursus/seminar
Deelname aan interne controle/onderzoek/inning
Het bijwonen van interne bijeenkomsten
Uitvoering van interne controle/onderzoek/inning
Bijeenkomsten met/bezoeken aan ambtenaren
Deelname aan externe controle/onderzoek/inning
Het lezen van interne documenten
Uitvoering van externe controle/onderzoek/inning
Het lezen van dossiers van belastingsplichtigen
Zuiver administratieve taken
Meewerken aan de ontwikkeling van intern beleid
Overige (Gelieve te preciseren)
18.Indien u heeft deelgenomen aan een interne of externe controle of onderzoek, heeft u daarbij belastingontwijking vastgesteld?
Ja
Nee
19.Hoe beoordeelt u de inspanningen van de ontvangende dienst om aan uw wensen tegemoet te komen?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel C: Uw beoordeling van het nut van de uitwisseling
Op basis van de tijdens de uitwisseling opgedane ervaringen
20.Denkt u dat u in de toekomst belastingontwijking en -ontduiking zult kunnen voorkomen en opsporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
21.Is uw begrip van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
22.Hoe zal volgens u de samenwerking met ambtenaren uit andere lidstaten in de toekomst zijn:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uitgebreider?
Iets efficiënter en uitgebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
23.Denkt u dat uw persoonlijke werkwijze zal verbeteren:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
24.In welke mate denkt u dat andere collega's (of uw afdeling of dienst als geheel) van uw ervaring zullen profiteren?
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
25.Gelieve eventuele bijzonder positieve of negatieve aspecten van de uitwisseling te beschrijven, eventuele belangrijke resultaten waarnaar in het bovenstaande niet wordt verwezen, te vermelden, of andere opmerkingen te maken (houd uw opmerkingen kort en duidelijk, liefst in het Engels, het Frans of het Duits).
>EIND VAN DE GRAFIEK>
FISCALIS-UITWISSELING - EVALUATIEFORMULIER Nr. 2
>BEGIN VAN DE GRAFIEK>
Dit formulier moet worden ingevuld door de ambtenaar die het meest betrokken is geweest bij de ontvangst van een ambtenaar uit een andere lidstaat. Het moet direct na vertrek van de ambtenaar worden ingevuld en vervolgens onmiddellijk aan de Fiscalis-coördinator van het desbetreffende land worden toegezonden.
Deel A: De ontvangende ambtenaar en de uitwisselingsambtenaar
1.Naam
2.Lidstaat
B
F
A
DK
IRL
P
D
I
FIN
EL
L
S
E
NL
UK
3.Wat is de naam van de ambtenaar die u heeft ontvangen?
4.Uit welk land is hij/zij afkomstig?
B
F
A
BG
LV
DK
IRL
P
CY
LT
D
I
FIN
CZ
PL
EL
L
S
EE
RO
E
NL
UK
HU
SK
SI
Deel B: De uitwisseling
5.Wat is uw beoordeling van de voorbereiding van de ambtenaar?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
6.Wat is uw beoordeling van de inzet van de ambtenaar om zijn doelstellingen te bereiken?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
7.Wat is uw beoordeling van de contactuele eigenschappen van de ambtenaar?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel C: Uw beoordeling van het nut van de uitwisseling
Op basis van uw ervaringen met de ontvangst van een uitwisselingsambtenaar
8.Denkt u dat u in de toekomst belastingontwijking en -ontduiking zult kunnen voorkomen en opsporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
9.Is uw begrip van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
10.Hoe zal volgens u de samenwerking met ambtenaren uit andere lidstaten in de toekomst zijn:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uitgebreider?
Iets efficiënter en uitgebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
11.Denkt u dat uw persoonlijke werkwijze zal verbeteren:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
12.In welke mate denkt u dat andere collega's (of uw afdeling of dienst als geheel) van uw ervaring zullen profiteren?
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
13.Gelieve eventuele bijzonder positieve of negatieve aspecten van de uitwisseling te beschrijven, eventuele belangrijke resultaten waarnaar in het bovenstaande niet wordt verwezen, te vermelden, of andere opmerkingen te maken (houd uw opmerkingen kort en duidelijk, liefst in het Engels, het Frans of het Duits).
>EIND VAN DE GRAFIEK>
FISCALIS-UITWISSELING - EVALUATIEFORMULIER Nr. 3
>BEGIN VAN DE GRAFIEK>
Dit formulier moet worden ingevuld door de superieur van de ambtenaar die aan de uitwisseling heeft deelgenomen. Het moet binnen zes maanden na de terugkeer van de ambtenaar worden ingevuld en vervolgens onmiddellijk aan de Fiscalis-coördinator van het desbetreffende land worden toegezonden.
1.Naam van de uitwisselingsambtenaar
2.Wat is uw naam?
3.Uit welke lidstaat bent u afkomstig?
B
F
A
BG
LV
DK
IRL
P
CY
LT
D
I
FIN
CZ
PL
EL
L
S
EE
RO
E
NL
UK
HU
SK
SI
Uw beoordeling van het nut van de uitwisseling
Op basis van de tijdens de uitwisseling opgedane ervaring
4.Is uw ambtenaar sindsdien in staat geweest belastingontwijking en -ontduiking te voorkomen en op te sporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
5.Is het begrip van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten sindsdien:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
6.Heeft u sindsdien vastgesteld dat uw ambtenaar met ambtenaren van andere lidstaten samenwerkt:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uitgebreider?
Iets efficiënter en uitgebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
7.Heeft uw ambtenaar sindsdien zijn persoonlijke werkwijze verbeterd:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
8.In welke mate hebben andere ambtenaren (of uw afdeling of dienst als geheel) van de ervaringen van uw ambtenaar geprofiteerd?
Veel?
Vrij veel?
Eningszins?
Helemaal niet?
9.Gelieve eventuele bijzonder positieve of negatieve aspecten van de uitwisseling te beschrijven, eventuele belangrijke resultaten waarnaar in het bovenstaande niet wordt verwezen, te vermelden, of andere opmerkingen te maken (houd uw opmerkingen kort en duidelijk, liefst in het Engels, het Frans of het Duits).
>EIND VAN DE GRAFIEK>
FISCALIS-STUDIEBIJEENKOMST - EVALUATIEFORMULIER Nr. 1
>BEGIN VAN DE GRAFIEK>
Dit formulier moet worden ingevuld door elke ambtenaar die aan een studiebijeenkomst heeft deelgenomen. Het dient voor het einde van de studiebijeenkomst te worden ingevuld en rechtstreeks aan de aanwezige ambtenaren van de Commissie te worden overhandigd.
Bijgewoonde studiebijeenkomst
Deel A: De Ambtenaar
1.Naam
2.Geslacht
Mannelijk
Vrouwelijk
3.Leeftijd
4.Uit welk land bent u afkomstig?
B
F
A
BG
LV
DK
IRL
P
CY
LT
D
I
FIN
CZ
PL
EL
L
S
EE
RO
E
NL
UK
HU
SK
SI
5.Wat is uw werkterrein? (U kunt meer dan één vakje aankruisen)
BTW
Accijnzen
Directe belastingen
Douane
6.Wat is uw functie in de dienst waar u werkzaam bent?
Directeur
Afdelingshoofd
Ambtenaar
7.Wat zijn uw werkzaamheden? (Slechts één vakje aankruisen)
Audit/controle
Opleiding
Fraudeonderzoek
Beleid/wetgeving
Inning/heffing
Centrale administratie
Administratieve samenwerking
Juridisch advies/geschillen
Betrekkingen publiek/belastingbetaler
Overige (gelieve te preciseren)
8.Heeft u al eerder deelgenomen aan een door de Europese Gemeenschap gesteunde uitwisseling, studiebijeenkomst of multilaterale controle?
Uitwisseling
Hoe vaak?
Studiebijeenkomst
Hoe vaak?
Multilaterale controle
Hoe vaak?
9.Hoe beoordeelt u uw talenkennis? (Duid uw moedertaal aan)
DA
DE
EL
ES
FR
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
IT
NL
PT
FI
SV
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
EN
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
10.Geef een beoordeling van het vreemdetalenonderricht dat u tijdens uw loopbaan heeft kunnen volgen:
Voldoende
Onvoldoende
11.Doet u verzoeken tot administratieve samenwerking met andere lidstaten of beantwoordt u dergelijke verzoeken?
Regelmatig
Soms
Nooit
12.Hoe beoordeelt u het nut van de communautaire systemen voor communicatie en informatie-uitwisseling (VIES, SEED, fiscaal SCENT enz.)?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel B: Studiebijeenkomst
13.Wat is uw beoordeling van de keuze van het onderwerp en de doelstellingen van de studiebijeenkomst?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
14.Wat is uw beoordeling van de kwaliteit van de voorbereidende documenten voor de studiebijeenkomst?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
15.Wat is uw beoordeling van de prestaties van de voorzitters en rapporteurs van de studiebijeenkomst en de werkgroepen?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
16.Wat is uw beoordeling van de prestaties van de overige deelnemers aan de studiebijeenkomst (en in de wandelgangen)?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
17.Wat is uw beoordeling van de kwaliteit van de voordrachten?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
18.Wat is uw beoordeling van de kwaliteit van de discussies tijdens de plenaire bijeenkomst en de werkgroepen?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
19.Wat is uw beoordeling van de faciliteiten van de studiebijeenkomst (conferentieruimten, uitrusting, tolkendienst enz.)?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel C: Uw beoordeling van het nut van de studiebijeenkomst
Op basis van al uw ervaringen met betrekking tot de studiebijeenkomst (zowel de officiële vergaderingen als de gesprekken in de marge daarvan)
20.Denkt u dat uw dienst als geheel in de toekomst belastingontwijking en -ontduiking zal kunnen voorkomen en opsporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
21.Is uw begrip van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
22.Denkt u dat u of uw dienst als geheel in de toekomst met ambtenaren uit andere lidstaten zal samenwerken:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uitgebreider?
Iets efficiënter en uitgebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
23.Denkt u dat u of uw dienst als geheel de administratieve procedures zal verbeteren:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
24.Gelieve eventuele bijzonder positieve of negatieve aspecten van de uitwisseling te beschrijven, eventuele belangrijke resultaten waarnaar in het bovenstaande niet wordt verwezen, te vermelden, of andere opmerkingen te maken (houd uw opmerkingen kort en duidelijk, liefst in het Engels, het Frans of het Duits).
>EIND VAN DE GRAFIEK>
FISCALIS-STUDIEBIJEENKOMST - EVALUATIEFORMULIER Nr. 2
>BEGIN VAN DE GRAFIEK>
Dit formulier moet door elke ambtenaar worden ingevuld die aan een studiebijeenkomst heeft deelgenomen. Het moet zes maanden na afloop van de studiebijeenkomst worden ingevuld en onmiddellijk aan de Fiscalis-coördinator van het desbetreffende land worden toegezonden.
1.Bijgewoonde studiebijeenkomst
2.Naam
3.Uit welke land bent u afkomstig?
B
F
A
BG
LV
DK
IRL
P
CY
LT
D
I
FIN
CZ
PL
EL
L
S
EE
RO
E
NL
UK
HU
SK
SI
Als gevolg van uw deelname aan de studiebijeenkomst en de follow-up in uw dienst
4. Bent u sindsdien in staat om belastingontwijking en -ontduiking te voorkomen en op te sporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
5.Is uw dienst als geheel sindsdien in staat om belastingontwijking en -ontduiking te voorkomen en op te sporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
6.Is uw begrip van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
7.Is het begrip van uw dienst van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
8.Hoe heeft u sindsdien samengewerkt met ambtenaren uit andere lidstaten:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uitgebreider?
Iets efficiënter en uitgebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
9.Hoe heeft uw dienst als geheel sindsdien met diensten van andere lidstaten samengewerkt:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uitgebreider?
Iets efficiënter en uitgebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
10. Heeft u sindsdien uw persoonlijke werkwijze verbeterd:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
11. Heeft uw dienst als geheel zijn administratieve procedures verbeterd:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
12.Gelieve eventuele bijzonder positieve of negatieve aspecten van de uitwisseling te beschrijven, eventuele belangrijke resultaten waarnaar in het bovenstaande niet wordt verwezen, te vermelden, of andere opmerkingen te maken (houd uw opmerkingen kort en duidelijk, liefst in het Engels, het Frans of het Duits).
>EIND VAN DE GRAFIEK>
FISCALIS - MULTILATERALE CONTROLE - EVALUATIEFORMULIER Nr. 1
>BEGIN VAN DE GRAFIEK>
Dit formulier moet worden ingevuld door elke ambtenaar die heeft deelgenomen aan een bijeenkomst in verband met een multilaterale controle die in een andere lidstaat heeft plaatsgevonden. Het moet na de voltooiing van de werkzaamheden inzake de multilaterale controle aan de Fiscalis-coördinator van het desbetreffende land worden toegezonden.
Codenaam van de multilaterale controle
Deel A: De ambtenaar
1.Naam
2.Geslacht
Mannelijk
Vrouwelijk
3.Leeftijd
4.Lidstaat
B
F
A
DK
IRL
P
D
I
FIN
EL
L
S
E
NL
UK
5.Wat is uw werkterrein? (U kunt meer dan één vakje aankruisen)
BTW
Accijnzen
Directe belastingen
Douane
6.Wat is uw functie in de dienst waar u werkzaam bent?
Directeur
Afdelingshoofd
Ambtenaar
7.Wat zijn uw werkzaamheden? (Slechts één vakje aankruisen)
Audit/controle
Opleiding
Fraudeonderzoek
Beleid/wetgeving
Inning/heffing
Centrale administratie
Administratieve samenwerking
Juridisch advies/geschillen
Betrekkingen publiek/belastingbetaler
Overige (gelieve te preciseren)
8.Heeft u al eerder deelgenomen aan een door de Europese Gemeenschap gesteunde uitwisseling, studiebijeenkomst of multilaterale controle?
Uitwisseling
Hoe vaak?
Studiebijeenkomst
Hoe vaak?
Multilaterale controle
Hoe vaak?
9.Hoe beoordeelt u uw talenkennis? (Duid uw moedertaal aan)
DA
DE
EL
ES
FR
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
IT
NL
PT
FI
SV
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
EN
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Zeer goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Goed
Matig
Matig
Matig
Matig
Matig
10.Geef een beoordeling van het vreemdetalenonderricht dat u tijdens uw loopbaan heeft kunnen volgen:
Voldoende
Onvoldoende
11.Doet u verzoeken tot administratieve samenwerking met andere lidstaten of beantwoordt u dergelijke verzoeken?
Regelmatig
Soms
Nooit
12.Hoe beoordeelt u het nut van de communautaire systemen voor communicatie en informatie-uitwisseling (VIES, SEED, fiscaal SCENT enz.)?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel B: Uw beoordeling van de multilaterale controle
13.Hoe was de keuze van het bedrijf/de bedrijven voor multilaterale controle?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
14.Zou u het bedrijf hoe dan ook binnen de eerstkomende twaalf maanden hebben gecontroleerd?
Ja
Nee
15.Wat is uw beoordeling van de prestaties van de lidstaat die met de leiding was belast?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
16.Wat is uw beoordeling van de prestaties van de overige deelnemende lidstaten?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
17.Wat is uw beoordeling van de informatie, zowel in kwalitatief als in kwantitatief opzicht, die u over het bedrijf heeft ontvangen?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
18.Bent u belastingontduiking op het spoor gekomen door in uw lidstaat geregistreerde bedrijven?
Ja
Zo ja, voor hoeveel ECU?
Nee
19.Hoe beoordeelt u de kosten/batenverhouding van multilaterale controle ten opzichte van ongecoördineerde nationale controle van hetzelfde bedrijf/dezelfde bedrijven?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
20.Hoe beoordeelt u het effect van de multilaterale controle op de naleving van de voorschriften door het/de betrokken bedrijf/bedrijven in de toekomst?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
21.Hoe beoordeelt u het (afschrikkende) effect van de multilaterale controle op de naleving van de voorschriften door andere bedrijven waar geen controle is gehouden?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel C: Uw evaluatie van de voordelen van multilaterale controle in ruimere zin
Op basis van uw tijdens de multilaterale controle opgedane ervaringen
22.Denkt u dat u in de toekomst belastingontduiking en -ontwijking zult kunnen voorkomen en opsporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
23.Is uw begrip van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
24.Hoe zal volgens u de samenwerking met ambtenaren uit andere lidstaten in de toekomst zijn:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uitgebreider?
Iets efficiënter en uitgebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
25.Denkt u dat uw persoonlijke werkwijze zal verbeteren:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
26.In welke mate denkt u dat andere collega's (of uw afdeling of dienst als geheel) van uw ervaring zullen profiteren?
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
27.Gelieve eventuele bijzonder positieve of negatieve aspecten van de uitwisseling te beschrijven, eventuele belangrijke resultaten waarnaar in het bovenstaande niet wordt verwezen, te vermelden, of andere opmerkingen te maken (houd uw opmerkingen kort en duidelijk, liefst in het Engels, het Frans of het Duits).
>EIND VAN DE GRAFIEK>
FISCALIS - MULTILATERALE EVALUATIEFORMULIER Nr. 2
>BEGIN VAN DE GRAFIEK>
Dit formulier moet worden ingevuld door de verantwoordelijke ambtenaar van het team uit de lidstaat die met de leiding was belast. Het moet na de voltooiing van de werkzaamheden inzake de multilaterale controle aan de nationale Fiscalis-coördinator worden toegezonden. Het schriftelijke verslag over de multilaterale controle moet eveneens aan de Fiscalis-coördinator worden toegezonden.
Codenaam van de multilaterale controle
Deel A: Persoonsgegevens
1.Naam
2.Lidstaat
B
F
A
DK
IRL
P
D
I
FIN
EL
L
S
E
NL
UK
Deel B: Vragen met betrekking tot de multilaterale controle
3.Welke andere lidstaten hebben deelgenomen?
B
F
A
DK
IRL
P
D
I
FIN
EL
L
S
E
NL
UK
4.Welke belastingen of accijnzen werden gecontroleerd?
BTW
Accijnzen
Directe belastingen
Douaneheffingen
5.Tot welke handelssector behoort/behoren het bedrijf/de bedrijven? (zie NACE-bedrijfsindeling)
Afdeling
Groep
Klasse
6.Welke type multilaterale controle was dit?
Multinationaal
Gecoördineerd
7.Op welke gronden werd het bedrijf/werden de bedrijven gekozen?
Bedrag aan inkomsten
Aselecte steekproef
Handelssector
Nationaal, gericht risicobestrijdings/controleprogramma
Aandeel van intracommunaitaire handel
Vermoeden van fraude
8.Wat is uw beoordeling van de prestaties van de deelnemende lidstaten?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
9.Wat is uw beoordeling van de informatie, zowel in kwalitatieve als kwantitatieve zin, die u over het bedrijf/de bedrijven heeft ontvangen?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
10.Bent u belastingontduiking op het spoor gekomen door in uw lidstaat geregistreerde bedrijven?
Ja
Zo ja, voor hoeveel ECU?
Nee
11.Hoe beoordeelt u de kosten/batenverhouding van multilaterale controle ten opzichte van ongecoördineerde nationale controle van hetzelfde bedrijf/dezelfde bedrijven?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
12.Hoe beoordeelt u het effect van de multilaterale controle op de naleving van de voorschriften door het/de betrokken bedrijf/bedrijven in de toekomst?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
13.Hoe beoordeelt u het (afschrikkend) effect van de multilaterale controle op de naleving van de voorschriften door andere bedrijven waar geen controle is gehouden?
Zeer goed
Goed
Slecht
Zeer slecht
Deel C: Uw evaluatie van de voordelen van de multilaterale controle in ruimere zin
Op basis van uw tijdens de multilaterale controle opgedane ervaringen
14.Denkt u dat u in de toekomst belastingontduiking en -ontwijking zult kunnen voorkomen en opsporen:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
15.Is uw begrip van de Gemeenschapswetgeving op het gebied van indirecte belastingen en de tenuitvoerlegging en het beheer ervan in uw en andere lidstaten:
Veel beter?
Beter?
Iets beter?
Niet beter?
16.Hoe zal volgens u de samenwerking met ambtenaren uit andere lidstaten in de toekomst zijn:
Veel efficiënter en uitgebreider?
Efficiënter en uigebreider?
Iets efficiënter en uigebreider?
Niet efficiënter en uitgebreider?
17.Denkt u dat uw persoonlijke werkwijze zal verbeteren:
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
18.In welke mate denkt u dat andere collega's (of uw afdeling of dienst als geheel) van uw ervaring zullen profiteren?
Veel?
Vrij veel?
Enigszins?
Helemaal niet?
19.Gelieve eventuele bijzonder positieve of negatieve aspecten van de uitwisseling te beschrijven, eventuele belangrijke resultaten waarnaar in het bovenstaande niet wordt verwezen, te vermelden, of andere opmerkingen te maken (houd uw opmerkingen kort en duidelijk, liefst in het Engels, het Frans of het Duits).
>EIND VAN DE GRAFIEK>