98/488/EG: Beschikking van de Commissie van 7 april 1998 tot vaststelling van de milieucriteria voor de toekenning van de communautaire milieukeur voor bodemverbeteraars
98/488/EG: Beschikking van de Commissie van 7 april 1998 tot vaststelling van de milieucriteria voor de toekenning van de communautaire milieukeur voor bodemverbeteraars
BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 7 april 1998 tot vaststelling van de milieucriteria voor de toekenning van de communautaire milieukeur voor bodemverbeteraars (98/488/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EEG) nr. 880/92 van de Raad van 23 maart 1992 inzake een communautair systeem voor de toekenning van milieukeuren (1), inzonderheid op artikel 5,
Overwegende dat in artikel 5 van Verordening (EEG) nr. 880/92 is bepaald dat de voorwaarden voor de toekenning van de milieukeur per productengroep worden vastgesteld;
Overwegende dat in artikel 10, lid 2, van genoemde verordening is bepaald dat de gevolgen van het product voor het milieu aan de hand van specifieke milieucriteria per productengroep worden beoordeeld;
Overwegende dat de Commissie bij Beschikking 94/923/EG (2) milieucriteria voor de toekenning van de communautaire milieukeur voor bodemverbeteraars heeft vastgesteld, die overeenkomstig artikel 3 van die beschikking geldig zijn tot en met 14 november 1997;
Overwegende dat een nieuwe beschikking dient te worden aangenomen waarin milieucriteria voor deze productengroep worden vastgesteld, die geldig zijn voor een volgende periode van drie jaar na het verstrijken van de geldigheidsduur van de vorige criteria;
Overwegende dat de bij Beschikking 94/923/EG vastgestelde milieucriteria dienen te worden herzien in het licht van de marktontwikkeling;
Overwegende dat de producten moeten beantwoorden aan nationale wetgeving die in overeenstemming is met de communautaire eisen inzake gezondheid, veiligheid en milieuzorg, onverminderd de in de verschillende stadia van de levenscyclus van de producten geldende voorschriften van de communautaire of nationale wetgeving;
Overwegende dat de Commissie de voornaamste belangengroepen overeenkomstig artikel 6 van Verordening (EEG) nr. 880/92 in het kader van een overlegorgaan heeft geraadpleegd;
Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het bij artikel 7 van genoemde verordening ingestelde comité,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
Onder de productengroep "bodemverbeteraars" wordt verstaan, als voor de eindgebruiker bestemde producten voor de tuin verkochte materialen die bedoeld zijn om op of in de bodem te worden gebracht om ten minste de fysische en biologische conditie daarvan te verbeteren zonder schadelijke effecten te veroorzaken.
Artikel 2
De gevolgen voor het milieu van de productengroep als gedefinieerd in artikel 1 worden beoordeeld aan de hand van de in de bijlage opgenomen specifieke milieucriteria.
Artikel 3
De definitie van en de specifieke milieucriteria voor de productengroep zijn geldig van 1 april 1998 tot en met 31 maart 2001.
Artikel 4
Voor administratieve doeleinden wordt aan deze productengroep het codenummer "003" toegekend.
Artikel 5
Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 7 april 1998.
Voor de Commissie
Ritt BJERREGAARD
Lid van de Commissie
(1) PB L 99 van 11. 4. 1992, blz. 1.
(2) PB L 364 van 31. 12. 1994, blz. 21.
BIJLAGE
KADER
Om voor een milieukeur in aanmerking te komen moet een bodemverbeteraar als hieronder omschreven voldoen aan de criteria en eisen van deze bijlage, die gericht zijn op:
- bevordering van het gebruik en/of hergebruik van organisch materiaal dat afkomstig is van de inzameling en/of verwerking van afvalstoffen, om zodoende bij te dragen tot het minimaliseren van de hoeveelheid vast afval;
- het terugdringen van milieuschade of -risico's die verbonden zijn aan de aanwezigheid van zware metalen en nutriënten in producten die bestemd zijn om te worden verhandeld en gebruikt als bodemverbeteraars.
1. Oorsprong van het product
Een bodemverbeteraar kan alleen in aanmerking worden genomen voor de toekenning van een milieukeur indien de organische bestanddelen daarvan afkomstig zijn van de verwerking en/of het hergebruik van afvalstoffen (als omschreven in Richtlijn 75/442/EEG betreffende afvalstoffen en in bijlage I bij die richtlijn).
Noot: de term "organisch" wordt in algemene zin geacht betrekking te hebben op materialen afkomstig van of gevormd door/bestaande uit levende organismen.
Het product mag geen zuiveringsslib bevatten.
Producten die materiaal van dierlijke oorsprong bevatten, moeten voldoen aan de bepalingen van de geldende communautaire wetgeving.
MILIEUCRITERIA
2. Bodemaantasting en waterverontreiniging
In het eindproduct moet het gehalte aan de onderstaande elementen lager zijn dan de hiernavolgende waarden (drooggewicht):
>RUIMTE VOOR DE TABEL>
De producten mogen geen boomschors bevatten die is behandeld met lindaan, cypermethrin of promecarb. Indien de producten boomschors bevatten, mag de hoeveelheid lindaansporen in de schors (ã-HCH) niet meer dan 0,1 mg/kg bedragen.
3. Nutriëntgehalte
Het stikstofgehalte van de producten mag in totaal niet meer dan 2 % N (van de droge stof) bedragen.
Bij toepassing in de aanbevolen hoeveelheden mag het nutriëntgehalte van de producten niet meer bedragen dan:
- 17 g/m2 stikstof totaal;
- 6 g/m2 P2O5;
- 12 g/m2 K2O.
Noot: Deze eis geldt niet indien minder dan 10 % (gewichtsprocent) van de nutriënten in het product beschikbaar is voor de plantengroei tijdens het seizoen waarin het product is opgebracht. Dergelijke producten (bv. een groot aantal mulchsoorten) worden gedefinieerd als producten met een CN-verhouding van meer dan 30/1.
ANDERE EISEN
4. Algemene etikettering
De volgende gegevens moeten hetzij op de verpakking worden aangebracht, hetzij op een andere wijze (bv. door middel van een bijsluiter) samen met het product worden verstrekt:
- naam en adres van de organisatie die verantwoordelijk is voor het in de handel brengen van het product;
- een benaming die het producttype en de term "bodemverbeteraar" behelst;
- aanbevolen opslagomstandigheden en de aanbevolen gebruiksdatum voor het product, alsmede het codenummer van de partij;
- een beschrijving van het doel waarvoor het product is bestemd en van eventuele gebruiksbeperkingen. De geschiktheid van het product voor specifieke plantengroepen (bv. kalkschuwende of kalkminnende planten) dient te worden vermeld;
- de belangrijkste grondstoffen (meer dan 10 volumepercenten) waaruit het product is vervaardigd, met als categorieën vast stedelijk afval, landbouw- of bosbouwafval en afval van bedrijven en winkels, gespecificeerd naar sector (bv. afval van de voedselverwerking, papier enz.);
- een vermelding inzake de aanbevolen gebruiksmethodes en de op te brengen hoeveelheden, deze laatste uitgedrukt in kilogram of liter product per m2 per jaar; voor de op te brengen hoeveelheden moet rekening worden gehouden met de concentratie en de beschikbaarheid van nutriënten, zodat het maximale nutriëntgehalte per m2 niet overschreden wordt;
- een vermelding inzake de concentratie van N, P2O5 en K2O;
- een vermelding inzake de concentratie van organisch materiaal;
- een tabel of lijst met de maximumconcentraties van de in deze bijlage vermelde zware metalen;
- instructies voor het veilig hanteren en gebruiken van het product.
5. Vereiste productkenmerken
Alle producten moeten in vaste vorm worden geleverd en moeten ten minste 25 gewichtspercenten droge stof en ten minste 20 % organisch materiaal (gemeten in de vorm van gewichtsverlies bij verbranding) bevatten. De producten mogen geen nadelig effect hebben op het opkomen of de latere groei van planten.
6. Gezondheid en veiligheid
De concentraties van primaire pathogenen in de producten mogen niet meer bedragen dan de in de onderstaande tabel aangegeven maximumwaarden:
>RUIMTE VOOR DE TABEL>
7. Hinder
Geen enkel product mag na opbrengen op de bodem blijvend onaangename geuren afscheiden.
Geen enkel product mag stukjes glas, draad, andere metalen delen of hard plastic bevatten die gevaar voor de gezondheid van de mens kunnen opleveren.
Geen enkel product mag onaanvaardbare aantallen onkruidzaden of vegetatieve voortplantingsstadia van agressieve onkruiden in de bodem brengen.
8. Testmethodes en analyses
Testmethodes en analyses voor zware metalen moeten in overeenstemming zijn met de voorschriften van Richtlijn 86/278/EEG. Indien geen internationaal overeengekomen testmethodes voor fysische en microbiologische analyses alsook om te voldoen aan andere voorschriften met betrekking tot bodemverbeteraars voorhanden zijn, behoort de keuze van de testmethode tot de verantwoordelijkheid van de lidstaten.
CONSUMENTENINFORMATIE
Op de verpakking van het product moet de volgende informatie staan:
Dit product heeft de milieukeur van de EU:
- het draagt bij tot het terugdringen van bodem- en waterverontreiniging en vermindert de hoeveelheid afval door het gebruik of hergebruik daarvan te bevorderen.