Home

98/503/EG: Beschikking van de Commissie van 11 augustus 1998 houdende wijziging van Beschikking 96/301/EG en tot machtiging van de lidstaten om ten aanzien van Egypte tijdelijk spoedmaatregelen te nemen tegen de verspreiding van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith (kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 2480)

98/503/EG: Beschikking van de Commissie van 11 augustus 1998 houdende wijziging van Beschikking 96/301/EG en tot machtiging van de lidstaten om ten aanzien van Egypte tijdelijk spoedmaatregelen te nemen tegen de verspreiding van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith (kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 2480)

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE van 11 augustus 1998 houdende wijziging van Beschikking 96/301/EG en tot machtiging van de lidstaten om ten aanzien van Egypte tijdelijk spoedmaatregelen te nemen tegen de verspreiding van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith (kennisgeving geschied onder nummer C(1998) 2480) (98/503/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Richtlijn 77/93/EEG van de Raad van 21 december 1976 betreffende de beschermende maatregelen tegen het binnenbrengen en de verspreiding in de Gemeenschap van voor planten en voor plantaardige producten schadelijke organismen (1), laatstelijk gewijzigd bij Richtlijn 98/2/EG (2), en met name op artikel 15, lid 3,

Overwegende dat, wanneer een lidstaat van mening is dat er gevaar dreigt dat Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith, de oorzaak van aardappelbruinrot, vanuit een derde land op zijn grondgebied wordt binnengebracht, hij tijdelijk de nodige aanvullende maatregelen mag nemen om zich tegen dat gevaar te beschermen;

Overwegende dat in 1996, nadat herhaaldelijk op partijen aardappelen uit Egypte Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith was aangetroffen, verschillende lidstaten - Frankrijk, Finland, Spanje en Denemarken - maatregelen hebben genomen om het binnenbrengen van aardappelen van oorsprong uit Egypte op hun grondgebied te verbieden teneinde zich beter te beschermen tegen insleep van Pseudomonas solanacearum uit Egypte;

Overwegende dat de Commissie bij Beschikking 96/301/EG (3) de lidstaten heeft gemachtigd om ten aanzien van Egypte tijdelijk aanvullende maatregelen te nemen tegen de verspreiding van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith; dat voorts, nadat in het invoerseizoen 1996/1997 op een groot aantal uit Egypte ingevoerde partijen Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith is aangetroffen, Beschikking 96/301/EG is gewijzigd en aangescherpt bij Beschikking 98/105/EG (4), waardoor de invoer in de Gemeenschap van aardappelen van oorsprong uit Egypte is verboden tenzij de in de bijlage bij die beschikking vastgestelde spoedmaatregelen tegen de verspreiding van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith worden nageleefd;

Overwegende dat Finland in het invoerseizoen 1997/1998, nadat opnieuw herhaaldelijk op partijen aardappelen van oorsprong uit Egypte Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith was aangetroffen, op 2 april 1998 maatregelen heeft genomen om het binnenbrengen van aardappelen van oorsprong uit Egypte op zijn grondgebied te verbieden teneinde zich beter te beschermen tegen insleep van Pseudomonas solanacearum uit Egypte;

Overwegende dat Denemarken op 9 mei 1998 soortgelijke maatregelen tegen insleep van genoemd organisme op zijn grondgebied heeft genomen;

Overwegende dat het bijgevolg duidelijk is dat de bij Beschikking 98/105/EG vastgestelde verscherpte maatregelen niet voldoende zijn om insleep van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith te voorkomen of dat deze maatregelen niet zijn nageleefd; dat maatregelen waarbij wordt uitgegaan van "in aanmerking komende gebieden" - dit zijn gebieden waarin geen uitbraak van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith is voorgekomen -, ontoereikend blijken te zijn om het risico op insleep te voorkomen en dat moet worden uitgegaan van "ziektevrije gebieden" waarvan men door officiële onderzoeken en controles in overeenstemming met de "FAO International Standard for Phytosanitary Measures - Part 4: Pest Surveillance - Requirements for the Establishment of Pest Free Areas" weet dat Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith er niet voorkomt;

Overwegende dat in deze omstandigheden de invoer in de Gemeenschap van aardappelen van oorsprong uit Egypte moet worden verboden totdat de Commissie heeft geconstateerd dat in Egypte "ziektevrije gebieden" zijn erkend overeenkomstig de genoemde internationale FAO-norm;

Overwegende dat de Commissie erop zal toezien dat Egypte alle technische gegevens over het onderzoek en de controles die worden verricht om gebieden als "ziektevrije gebieden" overeenkomstig de genoemde internationale FAO-norm te kunnen erkennen, ter beschikking zal stellen opdat de Commissie de vereiste evaluatie kan maken met het oog op de uitvoering van de bovengenoemde maatregel;

Overwegende dat het effect van de spoedmaatregelen in het invoerseizoen 1998/1999 voortdurend zal worden geëvalueerd en dat, voor het geval dat wordt geconstateerd dat niet aan de voorwaarden van deze beschikking wordt voldaan, nader moet worden aangegeven wat daarvan de consequenties zullen zijn;

Overwegende dat de in deze beschikking vervatte maatregelen in overeenstemming zijn met het advies van het Permanent Plantenziektekundig Comité (hierna het comité genoemd),

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

Beschikking 96/301/EG wordt als volgt gewijzigd:

1. Artikel 1 wordt vervangen door:

"Artikel 1

1. Knollen van Solanum tuberosum L., van oorsprong uit Egypte, andere dan die waarvan het binnenbrengen reeds is verboden krachtens deel A, punt 10, van bijlage III bij Richtlijn 77/93/EEG, mogen vanaf 15 september 1998 niet op het grondgebied van de Gemeenschap worden binnengebracht.

2. Lid 1 is niet van toepassing op zendingen die Egypte hebben verlaten voordat de Commissie dit land in kennis heeft gesteld van deze beschikking.".

2. Het volgende nieuwe artikel 1 bis wordt toegevoegd:

"Artikel 1 bis

1. In afwijking van artikel 1 mogen knollen van Solanum tuberosum L. van oorsprong uit Egypte in de Gemeenschap worden binnengebracht wanneer deze uit de in lid 2 genoemde "ziektevrije gebieden" komen, op voorwaarde dat de maatregelen van de bijlage bij deze beschikking die op de in deze gebieden geteelde knollen van toepassing zijn, in acht worden genomen.

2. De Commissie stelt vast of in Egypte "ziektevrije gebieden" zijn erkend overeenkomstig de "FAO International Standard for Phytosanitary Measures - Part 4: Pest Surveillance - Requirements for the Establishment of Pest Free Areas", en met name punt 2.3, en stelt een "lijst van erkende ziektevrije gebieden" samen met nadere identificatiegegevens. De Commissie deelt deze lijst aan de lidstaten mee.".

3. Het volgende nieuwe artikel 1 ter wordt toegevoegd:

"Artikel 1 ter

Artikel 1 bis is niet meer van toepassing, zodra de Commissie de lidstaten ervan in kennis heeft gesteld dat tot meer dan vijf maal toe overeenkomstig de punten 2 of 3 van de bijlage bij deze beschikking Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith is aangetroffen op partijen aardappelen die in het invoerseizoen 1998/1999 op grond van deze beschikking in de Gemeenschap zijn binnengebracht, en dat is geconstateerd dat deze gevallen erop wijzen dat de in Egypte gebruikte methode voor het aanwijzen van "ziektevrije gebieden" of de procedures voor het officiële toezicht in dat land niet toereikend zijn geweest waren om insleep van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith op het grondgebied van de Gemeenschap te voorkomen.".

4. Artikel 2 wordt vervangen door:

"Artikel 2

De lidstaten van invoer doen de Commissie en de overige lidstaten vóór 30 augustus 1999 gegevens toekomen over de overeenkomstig deze beschikking ingevoerde hoeveelheden, alsmede een gedetailleerd technisch verslag over het in punt 2 van de bijlage bedoelde officiële onderzoek; aan de Commissie wordt een kopie van elk fytosanitair certificaat toegezonden. Wanneer kennis wordt gegeven van een besmetting of van een vermoeden van besmetting als bedoeld in punt 4 van de bijlage moeten kopieën van de fytosanitaire certificaten en de bijbehorende documenten bij deze kennisgeving worden gevoegd.".

5. In artikel 4 wordt "30 september 1998" vervangen door "30 september 1999".

6. De inleidende alinea en punt 1, onder a), van de bijlage bij de beschikking worden vervangen door:

"Voor de toepassing van artikel 1 bis moet, behalve aan de eisen voor aardappelen die zijn vastgesteld in de delen A en B van de bijlagen I, II en IV bij Richtlijn 77/93/EEG - met uitzondering van die welke zijn vastgesteld in bijlage IV, deel A, afdeling I, punt 25.8 - aan de volgende spoedmaatregelen worden voldaan:

1. a) aardappelen die bestemd zijn om in de Gemeenschap te worden binnengebracht, moeten geteeld zijn op percelen waarvan de Commissie overeenkomstig artikel 1 bis van deze beschikking heeft geconstateerd dat ze in een erkend "ziektevrij gebied" in Egypte liggen; in het kader van deze beschikking en ten aanzien van deze erkende ziektevrije gebieden geldt dat onder "gebied" voor het deltagebied tenminste een "dorp" wordt verstaan (reeds bestaande administratieve eenheid bestaande uit een groep "bekkens") en voor woestijngebieden een "bekken" (bevloeiingseenheid), en dat elk gebied met zijn individuele of collectieve naam en zijn individueel officieel codenummer moet worden geïdentificeerd, met inbegrip van het officiële codenummer van ieder bekken of dorp afzonderlijk.".

7. Punt 1, onder b), van de bijlage bij de beschikking wordt geschrapt.

8. Punt 1, onder c), eerste streepje, van de bijlage bij de beschikking wordt vervangen door:

"- zijn geteeld uit aardappelen van communautaire oorsprong of uit aardappelen van de eerste daaruit verkregen generatie, die zijn geteeld in een gebied waarvan krachtens artikel 1 bis van deze beschikking is geconstateerd dat het een erkend "ziektevrij gebied" is, die onmiddellijk vóór het planten officieel zijn getest op de latente aanwezigheid van infecties overeenkomstig de bij Beschikking 97/647/EG van de Commissie (*), vastgestelde voorlopige onderzoeksmethode van de Gemeenschap, en die bij dit onderzoek vrij van Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith zijn gebleken;

(*) PB L 273 van 6. 10. 1997, blz. 1.".

9. Punt 1, onder c), derde streepje, van de bijlage bij de beschikking wordt vervangen door:

"- naar een verpakkingsstation worden gebracht dat door de Egyptische autoriteiten officieel is erkend om uitsluitend aardappelen te behandelen die in aanmerking komen om tijdens het uitvoerseizoen 1998/1999 naar de Gemeenschap te worden uitgevoerd, en moeten bij aankomst in dat verpakkingsstation

- vergezeld zijn van documenten die op het oogstperceel aan elke vrachtwagenlading zijn bevestigd en waarin de plaats van oorsprong van de lading, per onder a) bedoeld gebied, is vermeld.

Deze documenten moeten in het verpakkingsstation worden bewaard tot het einde van het uitvoerseizoen,

- officieel aan de hand van monsters van doorgesneden knollen zijn gecontroleerd op de aanwezigheid van symptomen van aardappelbruinrot veroorzaakt door Pseudomonas solanacearum (Smith) Smith en bij deze controles vrij van dergelijke symptomen zijn bevonden; voor balen van 70 kg of gelijkwaardige balen wordt een controle verricht op 10 % van de balen en op 40 knollen per baal en voor balen van 1 of 1,5 ton wordt een controle verricht op 50 % van de balen en op 40 knollen per baal;

De lijst van de officieel door de Egyptische autoriteiten erkende verpakkingsstations wordt vóór 1 december 1998 ter beschikking gesteld van de Commissie.".

10. Punt 1, onder c), achtste streepje, van de bijlage bij de beschikking wordt vervangen door:

"- onder toezicht van de bevoegde Egyptische autoriteiten per zak zijn voorzien van een label waarop, duidelijk en onuitwisbaar, het officiële codenummer is aangebracht zoals dat voor dat gebied is vermeld in de op grond van artikel 1 bis van deze beschikking vastgestelde lijst van "erkende ziektevrije gebieden", alsmede het nummer van de betrokken partij.".

11. In punt 1, onder c), laatste streepje van de bijlage bij de beschikking wordt "1 februari 1998" vervangen door "1 december 1998".

12. In punt 3 van de bijlage bij de beschikking wordt "per gebied" vervangen door "uit ieder dorp of bekken in ieder in punt 1, onder a), bedoeld gebied".

13. In punt 5 van de bijlage bij de beschikking wordt "lijst van in aanmerking komende gebieden" vervangen door "lijst van erkende ziektevrije gebieden".

Artikel 2

Deze beschikking is gericht tot de lidstaten.

Gedaan te Brussel, 11 augustus 1998.

Voor de Commissie

Martin BANGEMANN

Lid van de Commissie

(1) PB L 26 van 31. 1. 1977, blz. 20.

(2) PB L 15 van 21. 1. 1998, blz. 34.

(3) PB L 115 van 9. 5. 1996, blz. 47.

(4) PB L 25 van 31. 1. 1998, blz. 101.