Home

1999/787/EG: Beschikking van de Commissie van 28 juli 1999 betreffende staatssteun van de Bondsrepubliek Duitsland ten gunste van Everts Erfurt GmbH (kennisgeving geschied onder nummer C(1999) 3024) (Voor de EER relevante tekst) (Slechts de tekst in de Duitse taal is authentiek)

1999/787/EG: Beschikking van de Commissie van 28 juli 1999 betreffende staatssteun van de Bondsrepubliek Duitsland ten gunste van Everts Erfurt GmbH (kennisgeving geschied onder nummer C(1999) 3024) (Voor de EER relevante tekst) (Slechts de tekst in de Duitse taal is authentiek)

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 28 juli 1999

betreffende staatssteun van de Bondsrepubliek Duitsland ten gunste van Everts Erfurt GmbH

(kennisgeving geschied onder nummer C(1999) 3024)

(Slechts de tekst in de Duitse taal is authentiek)

(Voor de EER relevante tekst)

(1999/787/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap, inzonderheid op artikel 88, lid 2, eerste alinea,

Gelet op de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, inzonderheid op artikel 62, lid 1, onder a),

Na belanghebbenden overeenkomstig genoemde artikelen te hebben aangemaand hun opmerkingen kenbaar te maken, en gebaseerd op deze opmerkingen,

Overwegende hetgeen volgt:

I

(1) Bij het op 25 juli 1996 geregistreerde schrijven van 23 juli 1996 heeft Duitsland overeenkomstig artikel 88, lid 3, van het EG-Verdrag de toekenning van twee garanties door de Freistaat Thüringen aan Everts Erfurt GmbH (hierna "Everts" genoemd) bij de Commissie aangemeld. Deze actie werd als steun onder nr. 593/96 geregistreerd. Aanvullende vragen van de Commissie werden bij schrijven van 19 september 1996 (op dezelfde dag geregistreerd) beantwoord. Bij schrijven van 15 oktober 1996 stelde de Commissie verdere vragen, die bij schrijven van 26 november 1996 (geregistreerd op 27 november 1996) en van 3 december 1996 (geregistreerd op 9 december 1996) werden beantwoord. Bij schrijven van 12 december 1996, dat dezelfde dag werd geregistreerd, heeft Duitsland een stille deelneming van de deelstaat ten gunste van deze onderneming aangemeld. Het verzoek van de Commissie om meer informatie van 10 januari 1997 werd beantwoord bij het schrijven van 7 februari 1997, dat op dezelfde dag werd geregistreerd. Op het tijdstip van de aanmelding werd een garantie ingetrokken en het faillissement van de moedermaatschappij aangekondigd. Verdere financiële subsidies om een dreigend gevolgfaillissement van de begunstigde af te wenden, werden bij schrijven van 14 mei 1997 (geregistreerd op 16 mei 1997) aangemeld.

(2) Gelet op de haar voorliggende informatie besloot de Commissie op 2 juli 1997 een procedure krachtens artikel 88, lid 2, van het EG-Verdrag in te leiden, omdat er twijfels waren gerezen over de verenigbaarheid van de steunmaatregelen met de gemeenschappelijke markt. In de bijlage bij het schrijven over de inleiding van de procedure werden twaalf vragen aan Duitsland geformuleerd.

(3) Het besluit tot en de redenen voor de inleiding van de procedure werden bij schrijven D/6183 van 24 juli 1997 aan de Duitse autoriteiten medegedeeld; de inhoud van dit schrijven werd in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen(1) bekendgemaakt. De zaak kreeg vervolgens het nummer C 42/97. Bovendien werden belanghebbende derden aangemaand hun opmerkingen binnen een maand na de publicatie kenbaar te maken.

(4) Bij twee schrijvens van 17 november 1997 (op 18 november 1997 geregistreerd onder de nummers A/39220 en A/39221) ging Duitsland in op het schrijven van 24 juli 1997 over de inleiding van de procedure. Meer informatie werd bij schrijven van 20 mei 1998 (op dezelfde dag geregistreerd) en van 26 juni 1998 (geregistreerd op 1 juli 1998) voorgelegd.

(5) Gelet op de haar voorliggende informatie besloot de Commissie op 14 juli 1998 de procedure krachtens artikel 88, lid 2, van het EG-Verdrag uit te breiden, omdat twijfels waren gerezen over de verenigbaarheid van twee andere steunmaatregelen met de gemeenschappelijke markt.

(6) Het besluit en de motivering werden bij schrijven D/7102 van 17 augustus 1998 aan de Duitse autoriteiten medegedeeld; de inhoud van dit schrijven werd in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen(2) bekendgemaakt. Bovendien werd belanghebbende derden de kans gegeven hun opmerkingen binnen een maand na de publicatie kenbaar te maken.

(7) Bij schrijven van 9 september 1998, dat op dezelfde dag werd geregistreerd, ging Duitsland op de uitbreiding van de procedure in. Aanvullende opmerkingen werden bij schrijven van 11 augustus 1998 (geregistreerd op 12 augustus 1998), van 29 januari 1999 (geregistreerd op 1 februari 1999), van 22 april 1999 (geregistreerd op 23 april 1999) en van 10 mei 1999 (op dezelfde dag geregistreerd) gemaakt. Op 17 mei 1999 stelde de Commissie verdere vragen. Deze werden door Duitsland bij schrijven van 31 mei 1999 (geregistreerd op 1 juni 1999), van 10 juni 1999 (geregistreerd op 11 juni 1999) en van 23 juni 1999 (geregistreerd op 8 juli 1999) beantwoord.

(8) Van derden werden geen opmerkingen ontvangen, noch over de inleiding, noch over de uitbreiding van de procedure.

II. STEUN

A. Everts Erfurt GmbH

(9) Everts produceert en verkoopt rubber- en latexproducten. De omzet bestaat voor 95 % uit de verkoop van condooms en voor 5 % uit de verkoop van topspenen, medische omhullingen en dergelijke. De onderneming was eigendom van de Treuhandanstalt en werd op 1 januari 1991 door Wilhelm Everts KG in Datteln overgenomen. De privatisering vond plaats in het kader van een open en onvoorwaardelijke gunningsprocedure, waarbij het hoogste bod de gunning verkreeg. Bij de privatisering werd geen steun toegekend. Everts telt tegenwoordig 117 werknemers.

(10) De jaren na de privatisering waren voor Everts een moeilijke periode. Na 1994, toen de eerste steunmaatregel in de vorm van een kredietgarantie van 90 % werd toegekend, kon de onderneming haar rentabiliteit verbeteren en werd in 1995 zelfs lichte winst geboekt. In dat jaar ontstonden echter de eerste problemen met de productie, hetgeen voor London Int. reden was geen condooms meer bij Everts te bestellen. Hierdoor ontstond een aanzienlijk verlies van 1,5 miljoen DEM. Bovendien werden schadeclaims ter hoogte van 500000 DEM ingediend. Verder voldeed ook het distributienet niet aan de eisen van de markteconomie.

(11) In 1996 ging de moedermaatschappij Wilhelm Everts KG, Datteln, failliet(3). In overeenstemming met de privatiseringsovereenkomst was ze verplicht op te komen voor de investerings- en andere kosten van Everts uit de voorgaande jaren. Vanwege het faillissement van de moederonderneming konden deze schulden ten belope van 8,312 miljoen DEM niet meer betaald worden, zodat Everts zelf in grote problemen kwam. De Sparkasse Erfurt, die destijds de grootste schuldeiser was, en Wilhelm Everts KG, Datteln, besloten vervolgens een nieuwe investeerder voor Everts te zoeken. De aandelen in Everts met een nominale waarde van 3,3 miljoen DEM werden door de moedermaatschappij voor 80000 DEM aan de particuliere trustmaatschappij Dr. Zimmermann & Partner Unternehmensberatungs GmbH (hierna "Zimmermann" genoemd) verkocht. Zimmermann kreeg de opdracht een nieuwe investeerder te vinden. Volgens Duitsland was het noodzakelijk Everts uit de moedermaatschappij te halen, omdat het faillissement van Wilhelm Everts KG, Datteln, anders tot een gevolgfaillissement van Everts zou hebben geleid. Zimmermann was bereid de aandelen over te nemen, omdat de verkoopprijs van 80000 DEM aanzienlijk onder de nominale waarde van de aandelen van 3,3 miljoen DEM lag. Zimmermann ontving voor deze overname geen garanties van de staat of andere steun. Tot de overname door een nieuwe investeerder bleven de bankverplichtingen bij de Sparkasse Erfurt.

(12) Omdat het behoorlijk lang duurde eer zich een nieuwe investeerder meldde en de moeilijkheden van de onderneming in die periode niet werden aangepakt, gingen de economische resultaten in 1996 en in het eerste halfjaar van 1997 aanzienlijk achteruit. In 1997 verklaarde de onderneming Condomi zich uiteindelijk bereid Everts over te nemen, mits de oude schulden van de onderneming kwijtgescholden zouden worden. In het kader van een gemeenschappelijke actie van de Sparkasse Erfurt en de Freistaat Thüringen werd afgezien van een deel van de ondernemingsschuld van circa 7,35 miljoen DEM(4), zodat Condomi in juli 1997 de onderneming overnam. De naam Everts werd nu veranderd in Condomi Erfurt Produktionsgesellschaft mbH. Onmiddellijk na de overname verstrekte de Kreditanstalt für Wiederaufbau aan de onderneming een krediet van 2,5 miljoen DEM. Condomi zette het herstructureringsconcept uit 1995 om. De bedrijfsresultaten werden al in het tweede halfjaar van 1997 beter. In 1998 kon de onderneming al een aanzienlijke omzetstijging en een kleine winst noteren.

B. Herstructurering

(13) Duitsland heeft een lijst van de herstructureringsmaatregelen voorgelegd die bij de toekenning van de eerste steun in de jaren 1993/1994 gepland en uitgevoerd werden. In december 1995 werden deze verschillende maatregelen in een coherent herstructureringsplan samengebracht. Het plan van 1995 voorzag in de oplossing van de kwaliteitsproblemen en in een fundamenteel nieuwe opbouw van de afzetactiviteiten. De nieuwe investeerder Condomi nam dit plan in juli 1997 over en voerde het tot eind 1997 uit. Aan de onderneming werd gedurende de herstructurering meerdere keren steun toegekend.

(14) De inleiding van de procedure had betrekking op de volgende steunmaatregelen(5):

1. 90 %-kredietgarantie uit 1994 ter hoogte van 3,7 miljoen DEM;

2. stille deelneming van het consolidatiefonds van Thüringen uit 1996 ter hoogte van 2 miljoen DEM;

3. liquiditeitskrediet uit het consolidatiefonds van Thüringen voor ondernemingen in moeilijkheden ter hoogte van 700000 DEM(6).

(15) De uitbreiding van de procedure had betrekking op de volgende maatregelen(7):

1. liquiditeitskrediet krachtens het kredietprogramma voor het midden- en kleinbedrijf van 1996 ter hoogte van 900000 DEM;

2. krediet van 2,5 miljoen DEM van de Kreditanstalt für Wiederaufbau van juli 1997.

C. Marktanalyse

(16) Terwijl aan het begin van de jaren negentig op de condoommarkt geringe capaciteitsoverschotten voorkwamen, duidt de beschikbare informatie erop dat deze situatie midden jaren negentig was verbeterd en de markt in de afgelopen jaren groeide. Volgens het jaarverslag van Global Strategic van juni 1998 groeit de condoommarkt de laatste jaren met 4 % per jaar. Everts had een jaarlijkse productiecapaciteit van 66 miljoen condooms in 1994 en van 88 miljoen tussen 1995 en 1997, de voornaamste periode van de herstructurering(8). In 1995 werd op de Europese condoommarkt voor circa 900 miljoen DEM afgezet. Met een omzet van circa 10 miljoen DEM verwierf Everts in 1995 een marktaandeel van 1,1 % (voor de Europese markt zijn geen actuelere gegevens beschikbaar).

(17) De condoommarkt in de Gemeenschap heeft klaarblijkelijk een oligopolide structuur: uit de Duitse informatie blijkt dat de groep London International in Duitsland een afzetaandeel van 30 %, in het Verenigd Koninkrijk van 80 %, in Italië van 61 %, in Frankrijk van 31 % en in Spanje van 38 % heeft. De onderneming Mapa heeft in Duitsland een marktaandeel van 30 %, terwijl de onderneming Artsana in Spanje een marktaandeel van 44 % heeft. In Italië hebben twee andere grote ondernemingen een marktaandeel van respectievelijk 20 % en 16 %. Volgens het marktrapport van OTC News van augustus 1997 hadden de drie toonaangevende merken 56 % van de Duitse markt in handen.

(18) De begunstigde onderneming is gevestigd in Thüringen, een deelstaat met een werkloosheid van 18 %. De streek komt krachtens artikel 87, lid 3, onder a), van het EG-Verdrag in aanmerking voor regionale steun.

III. BEOORDELING

A. Bedrag van de goed te keuren steunmaatregelen

(19) Everts ontving in het kader van de herstructurering meerdere keren steun (zie hoofdstuk II.B). Na de inleiding en uitbreiding van de procedure bleek dat deze maatregelen niet in het kader van goedgekeurde regelingen werden uitgevoerd, zodat ze als ad-hocsteun bestempeld moeten worden. Duitsland heeft, afgezien van het krediet van 2,5 miljoen DEM van de Kreditanstalt für Wiederaufbau (hierna "KfW" genoemd), deze opvatting van de Commissie niet weersproken. In de overwegingen 22, 23 en 24 wordt derhalve uitgebreid onderzocht of dit krediet onder een goedgekeurde regeling viel.

(20) Vanwege het in 1996 toegekende liquiditeitskrediet van 900000 DEM krachtens het kredietprogramma voor het MKB had de Commissie een procedure tegen het hele programma ingeleid(9). Daarom wordt met deze beschikking niet vastgesteld of het krediet onder het genoemde programma viel: omdat het niet ondenkbaar is dat de Commissie op een later tijdstip oordeelt dat het kredietprogramma voor het MKB niet met de gemeenschappelijke markt verenigbaar is(10), wordt het krediet bij de beoordeling van mogelijke uitzonderingen voor steunmaatregelen onderzocht.

(21) Bovendien moet worden vastgesteld of het afzien van de vordering door de Sparkasse Erfurt in 1997 een steunmaatregel in de zin van artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag vormt.

a) Krediet van de Kreditanstalt für Wiederaufbau

(22) Bij de uitbreiding van de procedure bleek dat het krediet van de KfW ter hoogte van 2,5 miljoen DEM niet verenigbaar was met het liquiditeitshulpprogramma (NN 37/95), omdat Everts ten tijde van de krediettoekenning hoogstwaarschijnlijk een onderneming in moeilijkheden was. Met het programma NN 37/95 moeten aan ondernemingen die niet over voldoende liquide middelen beschikken, de benodigde middelen ter beschikking worden gesteld om hun activiteiten te kunnen uitbreiden. Duitsland heeft echter bij schrijven van 4 december 1995 uitdrukkelijk toegezegd dat ondernemingen in moeilijkheden in de zin van de communautaire kaderregeling voor reddings- en herstructureringssteun aan ondernemingen in moeilijkhedent(11) (hierna "kaderregeling" genoemd) niet voor de toekenning van steun krachtens dit programma in aanmerking komen.

(23) Als reactie op de uitbreiding van de procedure heeft Duitsland aan de Commissie kenbaar gemaakt dat Everts ten tijde van de toekenning van het KfW-krediet geen onderneming in moeilijkheden was, omdat ze kort daarvoor door de nieuwe investeerder Condomi was overgenomen. Naar de mening van Duitsland was de status van de onderneming alleen door de overname door de nieuwe investeerder veranderd.

(24) Enkele overwegingen voeden echter twijfels aan deze inschatting: per 30 juni 1997 noteerde de oude onderneming Everts een verlies van 3 miljoen DEM over het eerste halfjaar. Een maand later werd de onderneming door de nieuwe investeerder overgenomen, waarna onmiddellijk het KfW-krediet werd verstrekt. De moeilijkheden van Everts waren niet alleen te wijten aan de hoge schuld, maar ook aan een onrendabele exploitatie, omdat de bedrijfsverliezen alleen al in de eerste zes maanden van 1997 waren opgelopen tot circa 2 miljoen DEM bij een omzet van slechts 3 miljoen DEM. Er kon weliswaar van uitgegaan worden dat de toekomstperspectieven voor Everts vanwege de overname gunstiger waren, maar de bewering dat de moeilijkheden van de onderneming uitsluitend door de aanwezigheid van een nieuwe investeerder waren opgelost, is niet overtuigend. Onder deze voorwaarden moet veeleer worden aangenomen dat met het KfW-krediet een onderneming in moeilijkheden werd geholpen dan dat de uitbreiding van haar economische activiteiten door de verstrekking van nieuwe liquide middelen werd bevorderd. Het KfW-krediet werd derhalve niet op basis van een goedgekeurde regeling toegekend, zodat deze maatregel net als alle andere steunmaatregelen ten gunste van Everts als ad-hocsteun moet worden bestempeld.

b) Afzien van de vordering door de Sparkasse Erfurt

(25) Het is de vraag of het afzien van de vordering door de Sparkasse Erfurt in het kader van de overname van de onderneming door Condomi staatssteun in de zin van artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag vormde.

(26) Midden 1997 had de Sparkasse Erfurt vorderingen tegenover Everts ter hoogte van 15135325 DEM. Nadat een nieuwe investeerder was gevonden, werd in een gemeenschappelijke actie afgezien van een deel van de vorderingen aan de onderneming: terwijl de Sparkasse Erfurt afzag van vorderingen ter hoogte van 7,351 miljoen DEM, werd de garantie van de deelstaat ter hoogte van 3,116 miljoen DEM ingelost en werd afgezien van de terugbetaling van de stille deelneming van 2 miljoen DEM. Omdat het bij de Sparkasse om een publiekrechtelijke instelling gaat, zou het bij dit afzien van de vordering om staatssteun kunnen gaan. Duitsland heeft aan de Commissie uitdrukkelijk verklaard dat het afzien van de terugbetaling van een deel van het krediet voor de Sparkasse minder verlies opleverde dan een faillissement van Everts. Door af te zien van de vordering kon de Sparkasse Erfurt namelijk een bedrag van 7,784 miljoen DEM redden. Bij een faillissement zouden alleen de grondschuldzekerheid met een waarde tussen 2 en 2,5 miljoen DEM(12) en de garantie van de Freistaat Thüringen ter hoogte van 3,116 miljoen DEM realiseerbaar zijn geweest. De stille deelneming uit het consolidatiefonds van Thüringen ter hoogte van 2 miljoen DEM dekte namelijk niet de schulden aan de Sparkasse Erfurt: het consolidatiefonds was slechts bereid in een gemeenschappelijke actie van deze overeenkomst af te zien, als alle andere schuldeisers ook van een deel van hun vorderingen zouden afzien om de onderneming in leven te houden. In de periode tussen het zoeken naar een nieuwe investeerder in 1996 en de overname door Condomi midden 1997 werden door de Sparkasse aan Everts geen nieuwe kredieten verstrekt. Derhalve kan ervan uitgegaan worden dat de Sparkasse als een particuliere geldschieter heeft gehandeld en dat het afzien van de vordering geen steunmaatregel vormde.

c) De met deze beschikking te onderzoeken ad-hocsteunmaatregelen

(27) Bij de volgende steunmaatregelen ten belope van in totaal 9,1 miljoen DEM moet in het kader van deze beschikking worden onderzocht of het om ad-hocsteun gaat:

a) de 90 %-kredietgarantie uit 1994 ter hoogte van 3,7 miljoen DEM;

b) de stille deelneming van het consolidatiefonds van Thüringen uit 1996 ter hoogte van 2 miljoen DEM;

c) het in juli 1997 toegekende krediet van de Kreditanstalt für Wiederaufbau ter hoogte van 2,5 miljoen DEM;

d) het liquiditeitskrediet van 900000 DEM krachtens het kredietprogramma voor het MKB.

(28) Het liquiditeitskrediet uit het consolidatiefonds voor ondernemingen in moeilijkheden ter hoogte van 700000 DEM werd uiteindelijk niet toegekend en kan derhalve niet als steun worden bestempeld en ook niet bij de beschikking worden meegenomen.

B. Toepassing van de uitzonderingsbepalingen

(29) De nieuwe steunmaatregelen van de BvS en de Freistaat Thüringen werden als herstructureringssteun aangemeld, zodat de toepassing van artikel 87, lid 3, onder c), van het EG-Verdrag in aanmerking zou komen, waarin wordt bepaald dat "steunmaatregelen om de ontwikkeling van bepaalde vormen van economische bedrijvigheid of van bepaalde regionale economieën te vergemakkelijken, mits de voorwaarden waaronder het handelsverkeer plaatsvindt daardoor niet zodanig worden veranderd dat het gemeenschappelijk belang wordt geschaad" als verenigbaar kunnen worden beschouwd, omdat de primaire doelstelling van de steun de herstructurering van een onderneming in moeilijkheden is. Dergelijke steunmaatregelen kunnen als verenigbaar met de gemeenschappelijke markt worden beschouwd indien aan de criteria van de kaderregeling wordt voldaan.

(30) Opdat de Commissie een steunmaatregel krachtens de kaderregeling kan beoordelen, moet het herstructureringsplan aan de volgende voorwaarden voldoen:

Herstel van de levensvatbaarheid

(31) De conditio sine qua non van elk herstructureringsplan is dat het de levensvatbaarheid en de rentabiliteit op lange termijn van de onderneming dient te herstellen binnen een redelijk tijdsbestek en op grond van realistische veronderstellingen inzake de omstandigheden waaronder deze in de toekomst zal functioneren. Bovendien mag herstructureringssteun slechts één keer worden toegekend.

(32) De negatieve ontwikkeling van de onderneming in het verleden was hoofdzakelijk te wijten aan het onverwachte faillissement van de moedermaatschappij. Tegenwoordig moet de financiële situatie van Everts als bijzonder gunstig worden bestempeld, omdat de onderneming haar omzet permanent heeft zien stijgen en ze haar rentabiliteit heeft verbeterd (zie onderstaande tabel). Deze positieve ontwikkeling van de onderneming was voor een groot deel te danken aan de marketing-knowhow van de nieuwe investeerder en de verbeterde productkwaliteit. In 1999 rekent de onderneming opnieuw op een aanzienlijke omzetstijging. Onder deze voorwaarden moet de desbetreffende bepaling van de kaderregeling als nageleefd worden beschouwd.

>RUIMTE VOOR DE TABEL>

Buitensporige vervalsing van de mededinging

(33) Een voorwaarde voor herstructureringssteun is voorts dat er maatregelen worden genomen om nadelige gevolgen voor concurrenten zoveel mogelijk te compenseren. De steun zou anders "het gemeenschappelijk belang schaden" en niet in aanmerking komen voor een vrijstelling op grond van artikel 87, lid 3, onder c), van het EG-Verdrag.

(34) Omdat het bij Everts om een MKB met een klein marktaandeel gaat en op de relevante markt geen overschot van de productiecapaciteit bestaat, is het niet aannemelijk dat de steun voor een agressieve activiteit op de markt zal worden gebruikt en tot een ongepaste vervalsing van de mededinging leidt. Vanwege de veeleer problematische marktstructuur kan de aanwezigheid van een verdere concurrent positieve gevolgen voor de mededinging hebben. Derhalve wordt ook aan deze voorwaarde van de kaderregeling voldaan.

Steun in verhouding tot de kosten en baten van de herstructurering

(35) Het bedrag en de intensiteit van de steun moeten tot het voor de uitvoering van de herstructurering strikt noodzakelijk minimum worden beperkt en verband houden met de voordelen die de Commissie ervan verwacht. Derhalve wordt van de begunstigden van de steun verwacht dat zij met eigen middelen of via externe commerciële financiering een belangrijke bijdrage leveren aan het herstructureringsplan.

(36) Sinds 1993 hebben de beide nieuwe investeerders een bedrag van in totaal 5,2 miljoen DEM geïnvesteerd (waarvan 1,5 miljoen DEM door de nieuwe investeerder Condomi)(13). De Sparkasse Erfurt heeft kredieten ter hoogte van 15135325 DEM verstrekt. Zoals reeds werd vastgesteld, moet het afzien van de terugvordering van 7,35 miljoen DEM door de Sparkasse niet als een steunmaatregel worden beschouwd. Derhalve is er sprake van een niet onaanzienlijke bijdrage van de investeerder van 69 %. Zelfs wanneer men het totale bedrag van het krediet van de Sparkasse Erfurt of haar afzien van de terugbetaling van 7,351 miljoen DEM als steun zou beschouwen, zou de bijdrage van de investeerder nog steeds 17,6 % resp. 42,6 % belopen. Als men bedenkt dat het bij Everts om een MKB gaat, kunnen beide bedragen als aanzienlijk worden bestempeld.

(37) De Commissie trekt hieruit de conclusie dat ook aan deze bepaling van de kaderregeling voor herstructureringssteun is voldaan.

Eenmalig karakter van de steun

(38) Omdat op drie verschillende tijdstippen in de jaren 1994, 1996 en 1997 steun werd toegekend, gaat het duidelijk om herhaaldelijk toegekende steun. Hierbij moet echter rekening worden gehouden met het feit dat de herstructurering van Everts permanent plaatsvond en de herstructureringsmaatregelen van 1994 bij het herstructureringsplan van 1995 werden betrokken. Everts had op grond van dit plan rendabel kunnen worden, hetgeen blijkt uit het feit dat de nieuwe investeerder Condomi het plan hoofdzakelijk in 1997 heeft uigevoerd. Ontwikkelingen waarvoor Everts niet verantwoordelijk was, d.w.z. het faillissement van de toenmalige moedermaatschappij Wilhelm Everts KG, Datteln, hebben echter verhinderd dat dit plan onmiddellijk werd uitgevoerd. Omdat de moedermaatschappij niet aan haar verplichtingen jegens Everts kon voldoen, kwam het hele herstructureringsplan in gevaar. Tegen de achtergrond van de stille deelneming uit 1996 en het krediet van de KfW uit 1997 was de nieuwe investeerder Condomi bereid Everts over te nemen en het herstructureringsplan uit te voeren. De herhaalde toekenning van steun kan daarom op grond van de invloed van externe factoren gerechtvaardigd worden.

(39) Derhalve is ook aan deze voorwaarde van de kaderregeling voldaan.

IV. CONCLUSIE

(40) De Commissie stelt vast dat Duitsland in strijd met artikel 88, lid 3, van het EG-Verdrag steun ter hoogte van 9,1 miljoen DEM heeft toegekend. Vanwege het feit dat het herstructureringsplan tot het herstel van de duurzame levensvatbaarheid van de begunstigde onderneming heeft geleid en het bij Everts om een MKB gaat, en met het oog op de mededingingsvoorwaarden op deze markt, kan deze steun echter beschouwd worden als verenigbaar met de gemeenschappelijke markt,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

De staatssteun die Duitsland ten gunste van Everts Erfurt GmbH ter hoogte van 4652756,12 EUR (9,1 miljoen DEM) heeft toegekend, is met de gemeenschappelijke markt in de zin van artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag verenigbaar.

Artikel 2

Deze beschikking is gericht tot de Bondsrepubliek Duitsland.

Gedaan te Brussel, 28 juli 1999.

Voor de Commissie

Mario MONTI

Lid van de Commissie

(1) PB C 37 van 4.2.1998, blz. 8.

(2) PB C 377 van 5.12.1998, blz. 2.

(3) In 1994 werden de productie-installaties van Everts Datteln door brand verwoest en ontstond een schade van 30 miljoen DEM. Omdat de onderneming onderverzekerd was, moest ze in 1996 het faillissement aanvragen.

(4) Met dit afzien van de vordering door de Sparkasse wordt noch bij de inleiding, noch bij de uitbreiding van de procedure rekening gehouden. In deel III van deze beoordeling wordt echter onderzocht of deze gedeeltelijke kwijtschelding een steunmaatregel in de zin van artikel 87, lid 1, van het EG-Verdrag vormt.

(5) Het gaat om de volgende programma's:

1. richtlijn voor het overnemen van borgstellingen en garanties door de deelstaat Thüringen (N 117/96);

2. fonds van de deelstaat Thüringen voor de consolidatie van ondernemingen in moeilijkheden (NN 74/95);

3. richtlijn bij het fonds van de deelstaat Thüringen voor de consolidatie van ondernemingen in moeilijkheden (N 102/96).

(6) Dit krediet werd niet toegekend en wordt derhalve niet in de beoordeling meegenomen.

(7) 1. Kredietprogramma van Thüringen voor het midden- en kleinbedrijf: de Duitse regering merkte op dat het om een "de minimis"-regeling gaat, die niet ter goedkeuring aangemeld moest worden.

2. "Liquiditeitshulpprogramma" (NN 37/95) in combinatie met het "Middenstandsprogramma Oost" van de KfW.

(8) Everts produceerde tijdelijk met een vijfde machine met een capaciteit van 25 miljoen condooms. Omdat met deze machine niet winstgevend kon worden gewerkt, werd deze in 1997 buiten gebruik gesteld.

(9) C 87/98, schrijven SG(99) D/760 van 1 februari 1999.

(10) Het liquiditeitskrediet werd door Everts tussentijds inclusief rente terugbetaald. Omdat Everts echter tijdelijk van dit krediet profijt trok, moet het als steun worden beschouwd die in deze beschikking aan de orde moet komen.

(11) PB C 368 van 23.12.1994, blz. 12.

(12) De grondschulden op de terreinen van Everts Erfurt en Everts Datteln die de Sparkasse Erfurt als zekerheden had, beliepen oorspronkelijk circa 11,1605 miljoen DEM. Na het faillissement van de moedermaatschappij bleek echter dat de terreinen minder waard waren en de waarde van de terreinen niet voldoende was om alle schuldeisers tevreden te stellen. Daarom waren de zekerheden van de Sparkasse minder waard dan oorspronkelijk gedacht en zou de Sparkasse Erfurt (zoals hiervoor werd beschreven) slechts een bedrag van 2 à 2,5 miljoen DEM ontvangen.

(13) Omdat er voor beide investeerders geen coherente herstructureringsplannen bestaan, is het moeilijk hun financiële bijdrage te bepalen, die bestaat uit investeringen die enerzijds door Everts Datteln en anderzijds door Condomi werden gefinancierd.