2001/663/EG: Beschikking van de Commissie van 15 juni 2001 betreffende een procedure overeenkomstig artikel 81 van het EG-Verdrag en artikel 53 van de EER-overeenkomst (COMP/34.950 — Eco-Emballages) (Voor de EER relevante tekst) (kennisgeving geschied onder nummer C(2001) 1611)
2001/663/EG: Beschikking van de Commissie van 15 juni 2001 betreffende een procedure overeenkomstig artikel 81 van het EG-Verdrag en artikel 53 van de EER-overeenkomst (COMP/34.950 — Eco-Emballages) (Voor de EER relevante tekst) (kennisgeving geschied onder nummer C(2001) 1611)
Beschikking van de Commissie
van 15 juni 2001
betreffende een procedure overeenkomstig artikel 81 van het EG-Verdrag en artikel 53 van de EER-overeenkomst
(COMP/34.950 - Eco-Emballages)
(kennisgeving geschied onder nummer C(2001) 1611)
(Slechts de tekst in de Franse taal is authentiek)
(Voor de EER relevante tekst)
(2001/663/EG)
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte,
Gelet op Verordening nr. 17 van de Raad van 6 februari 1962, Eerste verordening over de tenuitvoerlegging van de artikelen 85 en 86 van het Verdrag(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1216/1999(2), en met name op artikel 2,
Gezien het verzoek om een negatieve verklaring en de aanmelding met het oog op het verkrijgen van een vrijstelling, ingediend overeenkomstig de artikelen 2 en 4 van Verordening nr. 17 van de Raad op 17 december 1993,
Gezien de samenvatting van het verzoek en de aanmelding en de bekendmaking daarvan overeenkomstig artikel 19, lid 3, van Verordening nr. 17(3),
Na raadpleging van het Raadgevend Comité voor mededingingsregelingen en machtsposities,
Overwegende hetgeen volgt:
A. INLEIDING
(1) Eco-Emballages SA (hierna "Eco-Emballages") organiseert op het Franse grondgebied een systeem voor de selectieve inzameling en terugwinning van huishoudelijk verpakkingsafval. Dit systeem is opgezet om te beantwoorden aan de vereisten die zijn opgenomen in het Franse decreet inzake verpakkingen. De aanmelding heeft betrekking op de overeenkomsten die de basis vormen voor de werking van het systeem. Onderhavige beschikking heeft betrekking op de aangemelde overeenkomsten zoals zij op dit moment van kracht zijn, dat wil zeggen met inbegrip van de wijzigingen die in de loop van de procedure zijn aangebracht en die welke Eco-Emballages heeft aangebracht op verzoek van de Commissie, zoals hierna wordt uiteengezet.
B. REGELGEVEND KADER
(2) Het Franse decreet nr. 92-377 (hierna "het decreet"), dat op 1 april 1992 werd aangenomen en sinds 1 januari 1993 van kracht is, betreft de toepassing, voor verpakkingsafval, van de Franse wet nr. 75-633 van 15 juli 1975, zoals gewijzigd, betreffende afvalverwijdering en de terugwinning van materialen. De lidstaten hebben eveneens communautaire verplichtingen op dit gebied die voortvloeien uit Richtlijn 94/62/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 1994 betreffende verpakking en verpakkingsafval(4).
(3) Het decreet is, overeenkomstig zijn artikel 1, van toepassing op alle verpakkingen die de huishoudens als eindverbruiker bezitten. Volgens de definities van artikel 2 is een producent eenieder die zijn producten verpakt of laat verpakken met het oog op het in de handel brengen ervan, en is "verpakking" elke vorm van omhulsel of ondersteuning die bestemd is om een product te bevatten en het transport ervan of de presentatie ervan voor de verkoop te vergemakkelijken.
(4) Volgens artikel 4 van het decreet is iedere producent of invoerder, wiens producten op de markt worden gebracht in verpakkingen of, indien de producent of invoerder niet kunnen worden geïdentificeerd, de persoon die verantwoordelijk is voor het voor de eerste maal op de markt brengen van deze producten, ertoe gehouden "bij te dragen tot of te zorgen voor de verwijdering van al zijn verpakkingsafval" (hierna omvat de term "producent" iedere persoon die deze verplichting heeft). Overeenkomstig dit artikel kan de producent hetzij een beroep doen op een instantie of een onderneming (hierna "instantie" genoemd wanneer het om een collectief systeem gaat) die door de openbare autoriteiten werd erkend om deze verwijdering uit te voeren, hetzij zelfde verpakkingen recupereren door een systeem van statiegeld in te voeren of te zorgen voor specifieke locaties voor dat doel (individueel systeem).
(5) Volgens artikel 4, tweede alinea, van het decreet moeten de producten van de producenten die aangesloten zijn bij een instantie worden geïdentificeerd. Krachtens deze bepaling moet "de producent de verpakkingen waarvoor hij een beroep doet op een instantie identificeren [...] volgens de door hun vastgestelde voorwaarden, zoals is bepaald in artikel 5 hieronder" (vertaling). Artikel 5 luidt: "de personen [...] die voor de verwijdering van hun gebruikte verpakkingen een beroep doen op de diensten van een instantie [...] sluiten een overeenkomst waarin onder meer de aard van de identificatie van deze verpakkingen en het jaarlijks te verwachten volume van het te recupereren afval [...] is bepaald" (vertaling). In artikel 10 is bepaald dat een producent die een systeem van statiegeld wil instellen, dit op zichtbare wijze op zijn verpakkingen moet aangeven en dat een producent die voorziet in specifieke plaatsen waar de verpakkingen kunnen worden afgegeven, de wijze van controle op zijn systeem laat goedkeuren door de bevoegde autoriteiten. Op 21 december 1999 werd artikel 10 van het decreet gewijzigd, waardoor de verplichting om het bestaan van een individueel systeem op de verpakkingen aan te geven, werd opgeheven.
(6) Op grond van artikel 6 van het decreet kan een instantie een officiële erkenning voor deze activiteit ontvangen van de bevoegde ministers (in de eerste plaats van het ministerie van Milieuzaken), en dit voor een maximumduur van zes jaar. Deze instantie zal overeenkomsten sluiten met de producenten alsook met de ophaal/recuperatiediensten en de lokale overheden. De erkenningsaanvraag moet vergezeld gaan van een bestek waarin de berekeningsgrondslag is uiteengezet voor de financiële bijdrage die de producenten moeten betalen om de instantie of de onderneming in staat te stellen de per materiaaltype gesorteerde verpakkingen aan te bieden met een nulwaarde of positieve waarde. Zo ook moet in het bestek de berekeningsgrondslag zijn opgenomen voor de door de erkende instantie uitgevoerde betalingen om ervoor te zorgen dat de lokale overheden terugbetaald worden voor de extra kosten die zij eventueel zouden maken voor het sorteren van het afval.
(7) Krachtens artikel 8 van het decreet is de erkende instelling ertoe gehouden jaarlijks bij bepaalde autoriteiten verslag uit te brengen over de werking en de resultaten op het gebied van de recuperatie en de terugwinning van verpakkingsafval.
(8) Bij het besluit van 23 juli 1992 betreffende de bij het decreet ingestelde erkenning, werd een adviescommissie voor de erkenning opgericht die 33 leden telt: vijf vertegenwoordigers van de staat, zes van de lokale overheden, zeven van beroepsorganisaties die de producenten van verpakte goederen vertegenwoordigen, vijf van beroepsorganisaties die de bedrijfstakken vertegenwoordigen welke verpakkingsmaterialen en verpakkingen produceren, twee van de beroepsorganisaties die de distributiesector vertegenwoordigen, twee van de beroepsorganisatie die de ondernemingen voor afvalverwijdering en materiaalrecuperatie vertegenwoordigen, drie van milieuverenigingen en drie van consumentenverenigingen. Deze commissie wordt onder meer geraadpleegd voor erkenningsaanvragen en wordt in kennis gesteld van de jaarlijkse verslagen van de erkende instanties.
(9) Wanneer een instantie een bestek betreffende haar systeem ter goedkeuring van de bevoegde ministers voorlegt, controleert de overheid of een aantal bestaande algemene criteria werden gerespecteerd en zij kan ten aanzien van de erkenningsaanvraag bijkomende voorwaarden opleggen of de in de aanvraag geformuleerde voorstellen niet volgen.
(10) Overigens lijkt het erop dat de barema's, zowel stroomopwaarts (dat wil zeggen de bijdragen van de producenten die lid zijn van het systeem voor de selectieve inzameling en terugwinning van huishoudelijk verpakkingsafval) als stroomafwaarts (dat wil zeggen de financiële steun voor de lokale overheden) momenteel door de overheid op identieke wijze worden vastgesteld voor de erkende instanties die dezelfde doelstelling hebben. Het recentste voorstel inzake barema's van alle erkende instanties in Frankrijk is inderdaad gebaseerd op één en dezelfde onafhankelijke studie (door het enquêtebureau Sofres) over de kosten van de selectieve inzameling van huishoudelijk afval en het beheer van het systeem. Bij de op die wijze geraamde kosten per materiaal, zonder een onderscheid te maken tussen de verschillende lokale overheden, worden de structurele kosten van de instantie geteld. Volgens de Franse autoriteiten zouden onderling verschillende barema's stroomafwaarts er de lokale overheden immers toe aanzetten zich te richten naar het hoogste barema, wat zou kunnen leiden tot een stijging van het barema stroomopwaarts en derhalve tot hogere prijzen voor de consument. Omgekeerd zouden onderling verschillende barema's stroomopwaarts de producenten ertoe aanzetten te kiezen voor de instantie met het laagste barema. Volgens de Franse autoriteiten zouden onderling verschillende barema's derhalve nefast zijn voor het economische en financiële evenwicht, en voor de prestaties en de duurzaamheid van de systemen. Zij bevestigen dat het bestaan van twee of meer erkende instanties die op hetzelfde gebied werkzaam zijn zo tot eenvormige barema's leidt, wat niet betekent dat er bijvoorbeeld geen verschil kan bestaan op het gebied van de kwaliteit van de diensten en de begeleiding van de lokale overheden of dat er geen wedijver kan bestaan om efficiënte diensten of vernieuwende oplossingen aan te bieden wanneer opnieuw wordt onderhandeld over de erkenning.
C. AANMELDENDE PARTIJ EN HAAR ACTIVITEITEN
(11) Eco-Emballages is een privaatrechtelijke naamloze vennootschap die in 1992 werd opgericht en gevestigd is te Levallois-Perret, Frankrijk. De aandeelhouders zijn de Compagnie pour le financement d'Eco-Emballages (Ecopar), die bestaat uit de producenten en hun beroepsorganisaties (70 % van het kapitaal), de vijf betrokken sectorale industrieën, te weten staal, aluminium, papier/karton, plastic en glas (elk 4 % van het kapitaal), de distributiebedrijven en hun beroepsorganisaties alsook, overeenkomstig haar statuten, haar bestuurders.
(12) Zij werd officieel erkend door de bevoegde ministers om het verpakkingsafval te behandelen waarvoor producenten of invoerders van door de huishoudens verbruikte of gebruikte producten met haar een overeenkomst hebben gesloten. De eerste erkenning werd op 12 november 1992 afgeleverd voor een duur van zes jaar, met ingang van 1 januari 1993. Zij werd op 30 augustus 1996 verlengd voor zes jaar, met ingang van 1 juli 1996, en nogmaals op 11 juni 1999 verlengd voor zes jaar, met ingang van 1 januari 1999.
(13) Zij heeft overeenkomsten gesloten en sluit overeenkomsten met:
- de onderneming Pro Europe voor het gebruik van het teken en het merk "het groene punt" (hierna "het groene punt");
- de "producenten" die het afval niet zelf willen verwijderen. Door zich aan te sluiten bij Eco-Emballages voldoet de producent aan zijn verplichting uit hoofde van het decreet. Eco-Emballages wordt gefinancierd door de bijdragen van de producenten die deelnemen aan het systeem;
- de "lokale overheden", te weten gemeenten of groepen gemeenten, die volgens de Franse wet verplicht zijn huishoudelijk afval te verwijderen. Het zijn inderdaad de lokale overheden die, hetzij zelf, hetzij met de hulp van een onderaannemer, zorgen voor de ophaling. Door een overeenkomst met Eco-Emballages te sluiten, ontvangen zij van haar financiële steun voor deze taak;
- industriële ondernemingen die "sectorale ondernemingen" worden genoemd, die zich ertoe verbinden de gerecupereerde grondstoffen terug te winnen. Nadat de huishoudelijke verpakkingen zijn gesorteerd, worden zij immers bij de recuperatieonderneming(en) afgeleverd voor de verwerking ervan. Eco-Emballages ontvangt van de lokale overheden regelmatig verslagen waarin wordt bevestigd dat de terugwinning daadwerkelijk heeft plaatsgevonden.
Zij heeft daarnaast een model opgesteld voor "operationele terugnemingsovereenkomsten" die tussen de aangewezen recuperatieondernemingen en de lokale overheden zullen worden gesloten, alsook een modelovereenkomst voor "onderzoek en ontwikkeling".
(14) In 1997 heeft Eco-Emballages een netto-omzetcijfer van 565,6 miljoen FRF behaald (uit de bijdragen van de producenten) en, rekening houdend met voorzieningen voor de dekking van toekomstige kosten, bedroeg het totale bedrijfsresultaat 1,463 miljard FRF. In 1998 bedroeg het netto-omzetcijfer 504,5 miljoen FRF en het totale bedrijfsresultaat 790,5 miljoen FRF. In 1999 waren de overeenkomstige cijfers 600 miljoen en 1,042 miljard FRF. In 2000 behaalde de onderneming een omzetcijfer van 1,12 miljard FRF.
D. DE AANGEMELDE OVEREENKOMSTEN
(15) De aanmelding heeft betrekking op de statuten van Eco-Emballages, de overeenkomst inzake het gebruik van "het groene punt", de standaardovereenkomst met de producenten, de standaardovereenkomst met de lokale overheden, de sectorale overeenkomsten, de operationele standaardovereenkomst voor de terugneming (gehecht aan de sectorale overeenkomsten), alsook de standaardovereenkomst voor onderzoek en ontwikkeling.
(16) In de loop van de procedure heeft Eco-Emballages een aantal aangemelde overeenkomsten aangepast of vervangen. Met haar akkoord, heeft de beschikking van de Commissie betrekking op de aangemelde overeenkomsten zoals zij momenteel van kracht zijn.
1. De statuten
(17) Overeenkomstig haar statuten heeft Eco-Emballages onder meer ten doel systemen te organiseren voor de verwijdering van afval en de terugwinning van materialen, en meer in het bijzonder de behandeling van verpakkingen van ondernemingen die onderworpen zijn aan de verplichtingen krachtens de hierboven vermelde wet nr. 75-633 en de uitvoeringsdecreten daarvan.
2. Overeenkomst inzake het gebruik van het "groene punt"
(18) Het "groene punt" wordt gebruikt in het systeem van Eco-Emballages om de producten van de aangesloten producenten te identificeren, zoals bij het decreet is vereist.
(19) Sinds 10 december 1996 verleent de overeenkomst die Eco-Emballages heeft gesloten met Packaging Recovery Organisation Europe of Pro Europe SPRL ("Pro Europe") haar de exclusieve hoofdlicenties om het "groene punt" te gebruiken op het Franse grondgebied en sublicenties toe te kennen aan de leden(5). Eco-Emballages is er overigens toe gehouden haar leden ervan in kennis te stellen dat het gebruik van "het groene punt" buiten Frankrijk moet worden goedgekeurd door de bevoegde partij.
(20) Sinds 4 december 1998 is Eco-Emballages eveneens op grond van de derde aanvullende overeenkomst met Pro Europe verplicht sublicenties te verlenen aan regionale systemen en/of systemen die zich bezighouden met specifieke materialen ("systems active regionally and/or for specific materials") in Frankrijk, op voorwaarde dat deze voldoen aan de verplichtingen inzake de inzameling en terugwinning van verpakkingsafval overeenkomstig Richtlijn 94/62/EG, en dit onder bepaalde vooraf vastgestelde voorwaarden. Eco-Emballages heeft inderdaad een niet-exclusieve sublicentie toegekend aan de onderneming Adelphe SA (hierna "Adelphe") voor het gebruik van haar systeem "het groene punt" op het Franse grondgebied, voor de periode tot 31 december 2002. Adelphe moet aan Eco-Emballages een bedrag betalen dat overeenkomt met haar deel van de door Pro Europe aangerekende kosten.
3. Overeenkomsten met producenten
(21) Eco-Emballages biedt producenten hetzij een standaardlidmaatschapsovereenkomst aan, hetzij een vereenvoudigde overeenkomst die bestemd is voor de kleine individuele, of in verenigingen of federaties gebundelde contribuanten die op het Franse grondgebied een totale jaarlijkse omzet vóór belasting met verpakte huishoudelijke producten realiseren van minder dan 2 miljoen FRF.
(22) De producent verwerft het recht om het "groene punt" aan te brengen op zijn verpakkingen - in werkelijkheid is dit een verplichting, omdat de producten die deel uitmaken van het systeem volgens de overeenkomst moeten worden geïdentificeerd. Volgens artikel 3, lid 1, van de standaardovereenkomst is dit gebruiksrecht van toepassing op alle door de medecontractant gefabriceerde, ingevoerde, verkochte en/of op de markt gebrachte producten. Tegen betaling van de bijdrage ontheft Eco-Emballages de producent van zijn verplichtingen op het gebied van het verwijderen, het sorteren en het terugwinnen van verpakkingsafval.
(23) Het is aan de producent om achteraf een verklaring in te vullen op basis waarvan zijn bijdrage wordt berekend. Daarin moeten de verpakkingen met het merkteken "het groene punt" die door hem in Frankrijk in de handel worden gebracht, zijn begrepen.
(24) De financiële bijdrage van de producent wordt bepaald volgens een barema. Sinds januari 1999 is het barema samengesteld uit een vast bedrag voor de verpakking en een bijdrage per gewicht die is vastgesteld voor ieder materiaal. De bijdrage op basis van het gewicht per materiaal is gebaseerd op de financiële behoeften die specifiek zijn voor elk materiaal en omvat een gedeelte van de niet-toegewezen kosten.
(25) In de overeenkomst is gestipuleerd dat het barema tijdens de looptijd van het contract kan veranderen. Eco-Emballages kan inderdaad ten hoogste eenmaal per jaar het bedrag van de bijdrage aanpassen, na goedkeuring van de baremacommissie (samengesteld uit aandeelhouders) en van het beheercomité van het barema (samengesteld uit vertegenwoordigers van de producenten, de betrokken sectorale ondernemingen en Eco-Emballages), dat is opgericht in het kader van de erkenning). Deze voorstellen worden vervolgens aan het bestuurscollege van Eco-Emballages en ten slotte aan de overheid ter goedkeuring voorgelegd. Volgens de erkenningen van 1996 en 1999 wordt de aanpassing uitgevoerd afhankelijk van de mate waarin de activiteiten van de erkende instantie met de lokale overheden worden uitgebreid, alsook van de beoordeling van de financiële behoeften per materiaal, zoals omschreven in artikel 6 van het decreet, en dit op basis van economische, technische en ecologische beoordelingen, met het oog op de vermindering van de hoeveelheden (gewicht en volume) verpakkingsafval aan de bron. Het barema mag "niet tot onrechtvaardige discriminaties leiden tussen de verpakkingsmaterialen". De middelen die voortvloeien uit de toepassing van het barema moeten zorgen voor een economisch en financieel evenwicht van het systeem zonder aanleiding te geven tot exploitatieoverschotten aan het eind van het boekjaar. De totale financiële steun die wordt betaald voor elk materiaal, met inbegrip van het gedeelte voor de niet-toegewezen kosten, moet gedekt worden door de ontvangen bijdragen uit hoofde van dat bepaalde materiaal. De uit de toepassing van het barema voortvloeiende middelen moeten eveneens zorgen voor de geleidelijke versterking van het inzamelingssysteem, zonder enige drempel, met prognosemogelijkheden op middellange termijn voor de producenten.
(26) Het door Eco-Emballages voorgestelde bestek dat gehecht werd aan de nieuwe erkenning van 1999 bevat overigens de volgende "beginselen": "Het barema van de producenten is hetzelfde voor alle erkende ondernemingen: het wordt berekend overeenkomstig de totale bijdragen die aan die ondernemingen worden betaald. Er kunnen financiële overdrachten plaatsvinden tussen de erkende ondernemingen om rekening te houden met de specifieke kenmerken van hun inkomsten in termen van het materiaal waarvoor bijdragen worden betaald. In de prognoses inzake de activiteiten van de erkende ondernemingen wordt rekening gehouden met deze financiële overdrachten, teneinde voor ieder boekjaar een evenwicht (nulsaldo) van de uit te voeren overdrachten te bereiken"(6) (vertaling).
(27) Volgens de oorspronkelijk aangemelde standaardovereenkomsten hadden de lidmaatschapsovereenkomsten een duur van drie jaar en werden zij stilzwijgend verlengd voor opeenvolgende perioden van één jaar behoudens de opzegging ervan zes maanden vóór het eind van deze eenjarige periodes. Ongeveer 75 % van de lopende contracten eind 1998 waren van dit type, en zij vertegenwoordigden ongeveer 94 % van de bijdragen. In het kader van de nieuwe erkenning van 1996 werd de duur verlengd tot zes jaar, met stilzwijgende verlenging voor drie jaar. Op grond van artikel 13 van de standaardovereenkomst is een vervroegde opzegging mogelijk in geval van het in gebreke blijven van één van de partijen.
(28) Bovendien is in de versie van juli 2000 bepaald dat moratoire intresten - de wettelijke intrestvoet plus twee procentpunten - wegens achterstallige bijdragen zullen worden geheven voor alle nieuwe lidmaatschappen van na 31 december 1993 "teneinde discriminaties tussen de leden te vermijden".
(29) In de overeenkomst met de producenten is ten slotte bepaald dat Eco-Emballages de volstrekte vertrouwelijkheid garandeert ten aanzien van alle financiële of commerciële informatie die haar door de producenten wordt medegedeeld of waarvan zij kennis kan krijgen tijdens de tenuitvoerlegging van de overeenkomst.
4. Overeenkomsten met lokale overheden
(30) De door de producenten gestorte middelen worden herverdeeld aan de lokale overheden via verschillende soorten overeenkomsten. Terwijl Eco-Emballages in het verleden "monomateriaal-", "aflossings-" en "pilootlocatie-"overeenkomsten heeft gesloten, sluit zij vandaag de dag alleen nog "langdurige programmaovereenkomsten" ("programme de durée") die bestemd zijn om een multimateriaalinzameling tot stand te brengen. Krachtens de standaardovereenkomst, heeft deze overeenkomst "ten doel de relaties te regelen tussen Eco-Emballages en de lokale overheid, die zich ertoe verbindt een project te ontwikkelen voor de selectieve inzameling van vijf materialen" (vertaling).
(31) Krachtens haar erkenning sluit Eco-Emballages overeenkomsten met alle lokale overheden die daarom verzoeken, tot een volume van verpakkingen is bereikt dat overeenkomt met het volume waarvoor de producenten op hun beurt een overeenkomst met haar hebben gesloten. De overeenkomst voldoet aan de voorschriften van de "code général des collectivités territoriales" (wettelijk deel) en van de "code des communes" (regelgevend deel).
(32) De langdurige programmaovereenkomst werd, in haar versie van 8 juli 1994, voor een periode van zes jaar gesloten. Volgens artikel 12 van deze overeenkomst moet Eco-Emballages de lokale overheden bij iedere verlenging van haar officiële erkenning, een verlenging van de overeenkomst aanbieden voor een tussen de partijen overeen te komen looptijd, die evenwel de duur van de nieuwe erkenning niet mag overschrijden. Volgens Eco-Emballages komt de duur van zes jaar overeen met de wensen van de lokale overheden die, gezien de zware investeringen, een bepaalde duurzaamheid in deze relatie willen hebben. Opzegging is mogelijk op grond van artikel 14 van de overeenkomst in geval van het in gebreke blijven van een van de partijen.
(33) In het kader van een langdurige programmaovereenkomst biedt Eco-Emballages de lokale overheden de garantie dat het ingezameld huishoudelijk verpakkingsafval dat werd gesorteerd volgens het vereiste kwaliteitsniveau (d.w.z. waarbij de minimale technische voorschriften "MTV") werden gerespecteerd), door haar worden teruggenomen met het oog op de terugwinning ervan. De lokale overheden zijn vrij om niet te opteren voor deze garantie ten aanzien van een gedeelte of de totaliteit van de materialen.
(34) Wanneer een lokale overheid kiest voor de terugnemingsgarantie, is in de overeenkomst bepaald dat, voor de duur van de overeenkomst, zij de totale hoeveelheid ingezameld en overeenkomstig de MTV van het betrokken materiaalafval gesorteerd afval levert aan de aangewezen recuperatieonderneming(en). Volgens Eco-Emballages is deze vereiste nodig om haar in staat te stellen haar steunbedragen te berekenen en de daadwerkelijke terugwinning van alle verpakkingen te controleren.
(35) Indien de lokale overheid evenwel tijdens de duur van de overeenkomst een nieuwe en innoverende methode voor de terugwinning zou ontdekken, kan een uitzondering worden gemaakt op het beginsel van de terugneming door de aangewezen recuperatieonderneming. Een dergelijke uitzondering moet worden goedgekeurd door de sectorale onderneming die zich gewoonlijk met de terugwinning bezighoudt.
(36) Indien de lokale overheid niet heeft geopteerd voor de terugnemingsgarantie voor één, verschillende, of alle materialen, is in de overeenkomst bepaald dat zij ervoor moet zorgen dat de door haar gekozen recuperatieondernemingen de totaliteit van het volgens de minimale technische voorschriften gesorteerde afval terugnemen, deze hoeveelheden per materiaal recycleren door gebruikmaking van technologische procédés die een daadwerkelijke terugwinning mogelijk maken en dat zij daarover om de drie maanden verslag uitbrengen aan de lokale overheid en aan Eco-Emballages. De namen van alle door de lokale overheid gekozen recuperatieondernemingen moeten vermeld worden in de langdurige programmaovereenkomst.
(37) In het kader van de langdurige programmaovereenkomst en de laatste erkenning moet Eco-Emballages de lokale overheid de volgende steunbedragen betalen, ongeacht of deze laatste al dan niet heeft gekozen voor de terugnemingsgarantie:
- financiële steun per ton afval die werd gesorteerd overeenkomstig de minimale technische voorschriften, afhankelijk van het betrokken materiaal;
- financiële steun voor de terugwinning van energie;
- steun voor de lokale communicatie;
- tijdelijke steun voor bijzondere situaties: aanloopfase, hoogbouw, versnipperde plattelandsgemeenten, "sorteerambassadeurs" in het kader van jongerenbanenplannen, enz.;
- steun voor glascontainers voor door het publiek zelf teruggebracht glas.
(38) De berekening van deze steunbedragen gebeurt op basis van het door de overheid goedgekeurde barema en wordt in de overeenkomsten beschreven. Daarbij wordt onder meer rekening gehouden met de bevolking die daadwerkelijk wordt bediend door het systeem van selectieve ophaling.
(39) De minimumprijs voor de terugneming die wordt betaald door de recuperatieonderneming welke verbonden is met een bepaalde lokale overheid, is vastgesteld in de langdurige programmaovereenkomst. Zowel onder de voorwaarden van de oorspronkelijke erkenning als van de daaropvolgende erkenningen van Eco-Emballages is deze prijs, behoudens bepaalde beperkingen, positief voor staal, aluminium en glas, en gelijk aan nul voor papier/karton en plastic.
(40) Indien de lokale overheid niet heeft gekozen voor de terugnemingsgarantie en een overeenkomst sluit met een recuperatieonderneming van haar keuze zal zij, zoals is vermeld in de erkenningsaanvraag van Eco-Emballages van 1996, de producten tegen marktvoorwaarden verkopen.
5. Sectorale overeenkomsten en operationele terugnemingsovereenkomsten
(41) De sectorale overeenkomsten (of terugnemingsovereenkomsten) regelen de relatie tussen Eco-Emballages en de industriële ondernemingen die de ingezamelde verpakkingen terugnemen en terugwinnen, voorzover deze verpakkingen voldoen aan de minimale technische voorschriften. Er bestaan vijf sectorale ondernemingen, namelijk:
- staal: oorspronkelijk Sollac SA, waarvan de rechten en verplichtingen vervolgens in 2000 werden overgedragen naar Usinor-Packaging SA;
- aluminium: France Aluminium Recyclage SA;
- papier/karton: Revipac;
- plastic: Valorplast SA; en
- glas: Chambre syndicale des verreries mécaniques de France (CSVMF).
(42) Eco-Emballages sluit niet gelijktijdig overeenkomsten met verschillende ondernemingen of instanties voor hetzelfde materiaal.
(43) De overeenkomsten zullen, na de verlenging ervan, aflopen op 30 juni 2004 (staal), of 31 december 2004 (aluminium, papier/karton, plastic en glas). Een beslissing over de voortzetting van de overeenkomsten na deze data zal ten laatste drie maand vóór de vervaldatum worden genomen.
(44) Aan de terugnemingsovereenkomsten is tevens een beheerovereenkomst gehecht. Daarin zijn de bevoegdheden, de organisatie en de werking vastgelegd van de twee comités die worden ingesteld tussen de betrokken sectorale onderneming en Eco-Emballages en is voorzien in het opstellen van een materiaalrekening, die het aandeel vormt van de nettomiddelen die Eco-Emballages toekent aan ieder materiaal. Overigens kan via een correctiemethode door de toepassing van een correctiecoëfficiënt rekening worden gehouden, onder meer voor de boeking van niet toe te wijzen kosten, met de heterogene prestaties en het verschillend terugwinningsniveau van de verschillende materialen.
(45) In het kader van een terugnemingsgarantie wordt de daadwerkelijke terugneming niet uitgevoerd door deze sectorale ondernemingen maar door de door elk van hen aangewezen ondernemingen, die "aangewezen recuperatieondernemingen" worden genoemd ("repreneurs désignés"). Eco-Emballages verklaart geen enkele invloed te hebben op de keuze van de aangewezen recuperatieondernemingen. De tussen de aangewezen recuperatieondernemingen en lokale overheden gesloten overeenkomsten, de zogenaamde "operationele terugnemingsovereenkomsten", zijn evenwel standaardcontracten "teneinde de door de sectorale ondernemingen gegeven garanties niet te ondergraven". In het kader hiervan heeft Eco-Emballages dus een modelcontract voorgesteld voor iedere sector, behalve voor plastic.
(46) In de verschillende terugnemingsovereenkomsten moet bepaald zijn dat, indien er een terugnemingsgarantie is, de lokale overheid de sectorale onderneming of de recuperatieondememing exclusiviteit toekent voor de terugneming van de totale hoeveelheid gesorteerd afval op haar grondgebied, en dit voor de duur van de overeenkomst tussen Eco-Emballages en de betrokken lokale overheid.
6. Overeenkomsten voor onderzoek en ontwikkeling
(47) De deelname van Eco-Emballages aan onderzoek- en ontwikkelingsactiviteiten is voornamelijk van financiële aard. Als tegenprestatie verbindt haar medecontractant zich ertoe het betrokken procédé industrieel uit te voeren of Eco-Emballages in staat te stellen dit te doen. Deze overeenkomsten regelen de industriële-eigendomskwesties.
E. RELEVANTE MARKTEN
(48) De Commissie heeft drie relevante markten omschreven. De eerste markt waarop Eco-Emballages werkzaam is, is die van de dienst die aan producenten wordt aangeboden door het overnemen van hun verplichtingen om bij te dragen tot of te voorzien in de verwijdering van huishoudelijk verpakkingsafval. Deze markt kan "markt van de collectieve systemen voor de overname van de verplichting om huishoudelijke verpakkingen terug te nemen en terug te winnen", of "lidmaatschapsmarkt" worden genoemd. Men zou er ook kunnen van uitgaan dat de individuele systemen behoren tot dezelfde markt als de collectieve systemen, die dan de markt zou zijn van de systemen voor het terugnemen en terugwinnen van huishoudelijke verpakkingen, zonder dat dit de onderstaande analyse zou wijzigen.
(49) De tweede relevante markt is die van de selectieve inzameling en sortering van huishoudelijke verpakkingen door de lokale overheden, van alle soorten materialen: "markt van de selectieve inzameling". Op deze markt geven de erkende instanties steun aan de lokale overheden en vragen zij als tegenprestaties ophalings- en sorteringsdiensten, of omgekeerd, leveren de lokale overheden een bijdrage tot de werking van het systeem van Eco-Emballages en vragen zij als tegenprestatie financiële compensaties.
(50) De derde relevante markt is die van de terugwinning van materialen op het niveau van de recuperatieondernemingen en sectorale ondernemingen (de "terugwinningsmarkt").
(51) Het is in dit geval niet nodig om de relevante dienstenmarkten nauwkeuriger te omschrijven aangezien de overeenkomsten geen aanleiding geven tot problemen op het gebied van de mededinging.
(52) De geografische markt voor de eerste twee hierboven beschreven diensten is het Franse grondgebied. Eco-Emballages is erkend en exploiteert haar systeem op het gehele Franse grondgebied. Haar rechten inzake het "groene punt" zijn eveneens beperkt tot dit grondgebied. Wat de derde dienstenmarkt betreft, is het in dit geval niet nodig nauwkeurig vast te stellen of deze het Franse grondgebied omvat of zich uitstrekt tot de nabijgelegen landen.
(53) Deze omschrijvingen van de relevante productmarkt (lidmaatschapsmarkt) en geografische markt (grondgebied van het betrokken land) zijn daarmee analoog met die welke werden aanvaard in de beschikking van de Commissie van 20 april 2001 betreffende het systeem van de onderneming Der Grüne Punkt - Duales System Deutschland AG (DSD).
F. STRUCTUUR VAN DE MARKTEN
(54) De officiële doelstelling van Eco-Emballages met betrekking tot de terugwinning is dat zij in juni 2002 een aandeel van 75 % heeft van de huishoudelijke verpakkingen van de bij haar aangesloten producenten. Op dit moment wordt reeds meer dan 60 % ingezameld en teruggewonnen.
(55) Eind 1997 was Eco-Emballages contractueel verbonden aan 9664 gemeenten, die gebundeld waren in 281 lokale overheden, terwijl Frankrijk in totaal meer dan 36000 gemeenten en meer dan 2000 lokale overheden telt. Eind 1998 had zij overeenkomsten gesloten met 533 lokale overheden die 13862 gemeenten vertegenwoordigden, eind 1999 met 19487 gemeenten en eind 2000 met 1114 lokale overheden die 24013 gemeenten vertegenwoordigden.
(56) In 1997 waren 9135 producenten lid van Eco-Emballages, waarvan er meer dan 700 buiten Frankrijk waren gevestigd. In 1998 had zij 9311 leden; in 1999 waren dit er 9419, en in 2000 waren dit er 9593.
(57) Van de 4,845 miljoen ton huishoudelijke verpakkingen die in Frankrijk in 2000 op de markt werden gebracht, kwam 3,395 miljoen ton van de leden van Eco-Emballages. Uitgesplitst naar de verschillende materialen, waren de cijfers als volgt: 1,37 miljoen ton van de 2,55 miljoen ton glas, 0,79 miljoen ton van de 0,9 miljoen ton plastic, 0,88 miljoen ton van de 1 miljoen ton papier/karton en 0,355 miljoen ton van de 0,395 miljoen ton metaal(7).
(58) Wat de mededinging betreft op het niveau van de collectieve systemen, werd Adelphe op 5 februari 1993 erkend om, in eerste instantie, de verpakkingen die worden geproduceerd in de sectoren wijn en alcoholhoudende dranken in te zamelen en terug te winnen. De erkenning van Adelphe werd op 15 oktober 1996 uitgebreid, zodat zij "overeenkomsten kan sluiten met [producenten] waarvan de activiteiten voornamelijk verband houden met de sector wijn en alcoholhoudende dranken, met het oog op de terugwinning van de huishoudelijke verpakkingen ten aanzien waarvan deze overeenkomst werd gesloten". Van toen af aan kon zij dus de van dergelijke ondernemingen afkomstige verpakkingen voor haar rekening nemen, ongeacht het soort materiaal. Eind 1997 ontving zij bijdragen van bijna 12000 producenten waarvan er vier buiten Frankrijk waren gevestigd. Het aandeel van de huishoudelijke verpakkingen in de sector wijn en alcoholhoudende dranken dat Adelphe in 1997 voor haar rekening heeft genomen, bedroeg volgens haar eigen zeggen om en bij de 88 %. Op 28 februari 2000 werd haar erkenning nogmaals verlengd voor zes jaar met ingang van 1 januari 1999, en sindsdien kan zij overeenkomsten sluiten met ondernemingen van alle sectoren, op dezelfde wijze als Eco-Emballages. Haar overeenkomsten met de lokale overheden zijn momenteel gericht op grotendeels landelijke departementen.
(59) Voorts heeft de vereniging Cyclamed een erkenning gekregen voor een individueel systeem in de sector van de geneesmiddelenverpakkingen en heeft de grote distributeur E. Leclerc een systeem ingesteld voor zijn plastic wegwerpzakken. Deze individuele systemen moeten evenwel niet dezelfde streefdoelen inzake inzameling en terugwinning bereiken als de collectieve systemen.
G. AANGEBRACHTE WIJZIGINGEN EN VERBINTENISSEN DIE OP VERZOEK VAN DE COMMISSIE WERDEN AANGEGAAN
(60) Op 18 januari 2000 stelden de diensten van de Commissie Eco-Emballages ervan in kennis dat bepaalde bedingen van de overeenkomsten volgens hen onder artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag zouden kunnen vallen en dat zij als dusdanig niet in aanmerking kwamen voor de uitzondering krachtens artikel 81, lid 3, van het EG-Verdrag.
(61) Op 28 februari 2000 heeft Eco-Emballages voorgesteld deze bedingen te wijzigen om te antwoorden op de opmerkingen van de Commissie. Vervolgens heeft zij deze verbintenissen nog verder verduidelijkt en bijkomende verbintenissen aangeboden. Zij heeft in de aangemelde overeenkomsten de volgende bepalingen daadwerkelijk gewijzigd en/of aangevuld, en is de volgende verbintenissen aangegaan:
a) Zelfs indien Eco-Emballages kan eisen dat iedere aangesloten producent aan zijn verplichtingen uit hoofde van het decreet moet voldoen en derhalve moet bijdragen tot of voorzien in de verwijdering van al zijn verpakkingsafval, maken alleen de producten van een lid waarvoor hij de verpakkingen bij Eco-Emballages aangeeft, deel uit van het systeem. Iedere producent is er dus toe gehouden bij Eco-Emballages alleen de verpakkingen van de huishoudelijke producten waarvoor hij met haar een overeenkomst heeft gesloten, aan te geven. De producent kan inderdaad met haar een overeenkomst sluiten die beperkt is tot bepaalde materiaalsoorten, en voor de totaliteit of een gedeelte van de verpakkingen in dit materiaal.
b) Aangezien het Eco-Emballages-systeem verpakkingen betreft van producten die bestemd zijn voor de Franse markt, kan een producent die (bij vergissing) bij Eco-Emballages verpakkingen heeft aangegeven van uitgevoerde producten, indien hij daarvoor voldoende bewijsstukken levert, Eco-Emballages verzoeken om zijn situatie te regulariseren.
c) Iedere producent heeft thans de mogelijkheid om zijn overeenkomst op te zeggen op de vervaldag, met inachtneming van een opzegtermijn van zes maanden.
d) Zelfs indien Eco-Emballages kan eisen dat iedere lokale overheid de vijf materialen inzamelt en sorteert, kan deze laatste een overeenkomst sluiten met Eco-Emballages voor één of meerdere materialen en met een andere instantie voor de andere materialen.
e) Iedere lokale overheid kan op gelijk welk moment haar overeenkomst eenzijdig opzeggen, zonder dat zij enige vergoeding verschuldigd is. In dat geval verstrekt Eco-Emballages, op verzoek van de lokale overheid, alle noodzakelijke inlichtingen betreffende haar voorstel om de lokale overheid in staat te stellen de offertes van verschillende instanties per materiaal met elkaar te vergelijken.
f) Alle operationele terugnemingsovereenkomsten tussen de lokale overheden en de aangewezen recuperatieondernemingen kunnen worden gewijzigd zonder dat het akkoord van Eco-Emballages is vereist.
g) Wat het gebruik van het "groene punt" in de systemen betreft, meent Eco-Emballages dat zij ertoe gehouden is, op grond van de derde aanvullende overeenkomst met Pro Europe (zie overweging 20 van de onderhavige beschikking), aan alle concurrerende systemen, in voorkomend geval, een sublicentie te verlenen met dezelfde territoriale en materiële reikwijdte als de hoofdlicentie.
h) De kaderovereenkomst tussen Eco-Emballages en Adelphe werd op 16 februari 2001 gewijzigd zodanig dat geen enkele partij de ledenlijst van de andere mag eisen maar dat de ene partij de andere kan verzoeken haar binnen acht dagen te bevestigen of een bepaalde persoon die het "groene punt" op zijn producten aanbrengt, al dan niet aangesloten is.
i) Eco-Emballages ontvangt nooit bedragen van de producenten die geen tegenprestatie zouden zijn voor het overnemen door Eco-Emballages van hun verplichting krachtens het decreet.
j) In het geval van een gemengd systeem (de producent is lid van Eco-Emballages voor een gedeelte van zijn verpakkingen, en voor het resterende deel bestaat er een individueel systeem dat werd erkend door de overheid waarvan hij lid is of dat hij heeft opgericht) heeft de producent, indien de onder het systeem van Eco-Emballages vallende verpakkingen de meerderheid uitmaken, het recht het "groene punt" op al zijn verpakkingen aan te brengen, met inbegrip van die welke onder zijn individueel systeem vallen. De producent moet, op verzoek van Eco-Emballages en niet systematisch, een verklaring van zijn accountant kunnen overleggen met betrekking tot de hoeveelheid verpakkingen die onder het individueel systeem valt. Indien daarentegen de onder het individueel systeem vallende verpakkingen de meerderheid vormen, moet de producent in principe het aanbrengen van het "groene punt" beperken tot de hoeveelheid die onder het systeem van Eco-Emballages valt, tenzij hij dit niet voldoende en rationeel acht. In dit laatste geval, en voorzover hij kan aantonen dat de recyclage- en terugwinningsresultaten van het individueel systeem gelijkwaardig zijn aan die welke de Franse autoriteiten vereisen van de Franse collectieve systemen en hij, op verzoek van Eco-Emballages en niet systematisch, een verklaring van zijn accountants betreffende de hoeveelheid van de onder het individueel systeem vallende verpakkingen kan verstrekken, kan hij het "groene punt" aanbrengen op al zijn huishoudelijke verpakkingen.
k) Indien een producent in Frankrijk de toestemming heeft om een individueel systeem te gebruiken voor al zijn verpakkingen, en indien deze zelfde soorten verpakkingen deel uitmaken van een collectief inzamelings- en terugwinningssysteem met gebruikmaking van het "groene punt" in een ander land van de EER, en op voorwaarde dat hij bewijst dat de recyclage- en terugwinningsresultaten van het individueel systeem gelijkwaardig zijn aan die welke de Franse autoriteiten vereisen van de Franse collectieve systemen, biedt Eco-Emballages hem een overeenkomst aan uit hoofde waarvan de producent het recht heeft op het Franse grondgebied verpakkingen met het "groene punt" te distribueren. Hij moet evenwel in de nabijheid van het "groene punt" een vermelding aanbrengen waardoor de Franse consument duidelijk kan begrijpen dat de verpakking niet heeft bijgedragen tot een Frans collectief systeem. Indien de partijen binnen een periode van drie maanden geen overeenkomst kunnen bereiken over de aard van deze vermelding zal een deskundige worden aangesteld door de president van de Franse handelsrechtbank met territoriale bevoegdheid, op verzoek van de meest gerede partij, overeenkomstig de procedure van de expertise in kort geding.
l) Het beding betreffende de moratoire interesten wegens laattijdig lidmaatschap werd vervolledigd door de verduidelijking dat deze interesten verschuldigd zijn met ingang van 31 december 1993 of van de datum, indien later, waarop met de onder het decreet vallende activiteit werd aangevangen, indien de betrokken producten niet waren onderworpen aan een ander terugwinningssysteem, noch het onderwerp zijn geweest van een rechtsgeding wegens niet nakoming van het decreet van 1 april 1992.
(62) De nieuwe versie van de overeenkomst met de producenten (overweging 61, onder a), b) en c), van de onderhavige beschikking) is van kracht sinds 21 juni 2000. Wat de nieuwe versie van de langdurige programmaovereenkomst met de lokale overheden betreft (overweging 61, onder d) en e)), heeft Eco-Emballages de Commissie ervan in kennis gesteld dat de Association des Maires de France deze op 12 juli 2000 heeft goedgekeurd, dat de aanhangsels bij de lopende overeenkomsten aan de betrokken lokale overheden werden gestuurd en dat de nieuwe overeenkomsten die sindsdien werden ondertekend eveneens deze bepalingen bevatten. De in overweging 61, onder f), bedoelde wijziging werd door Eco-Emballages bevestigd in een brief aan de Commissie van 7 juli 2000. De in overweging 61, onder g), vermelde verbintenis vloeit voort uit de interpretatie door Eco-Emballages van haar overeenkomst met Pro Europe van 4 december 1998. De in overweging 61, onder h), beschreven wijziging is van kracht sinds 16 februari 2001. Ten slotte werden de verbintenissen zoals vermeld in overweging 61, onder i), j), k) en l), aangegaan op 14 maart 2001.
H. OPMERKINGEN VAN BELANGHEBBENDE DERDEN
(63) Er werd geen enkele formele klacht ingediend tegen het aangemelde systeem.
(64) Ingevolge de publicatie van de bekendmaking overeenkomstig artikel 19, lid 3, van Verordening nr. 17, heeft de Commissie opmerkingen ontvangen van twee belanghebbende derde ondernemingen. Deze opmerkingen hadden in het bijzonder betrekking op de voorwaarden van de sublicenties voor het gebruik van het "groene punt" door een concurrerend systeem, de reikwijdte van de overeenkomsten met de producenten en de barema's voor de bijdragen van de producenten, alsook op het verzoek van Eco-Emballages om de beschikking van de Commissie met terugwerkende kracht toe te passen.
(65) Na een grondig onderzoek van deze opmerkingen is de Commissie van mening dat er geen redenen zijn om terug te komen op haar voorlopig gunstig standpunt, wegens de volgende redenen.
(66) Ten eerste, zoals reeds werd vermeld, heeft het onderzoek van de voorwaarden waarop sublicenties worden verleend, geleid tot een wijziging waardoor Eco-Emballages niet meer kan eisen dat de ledenlijst wordt verstrekt van de onderneming die een sublicentie bezit.
(67) In deze beschikking spreekt de Commissie zich niet uit over het bestaan zelf van een hoofdlicentie per land en van sublicenties; deze kwestie wordt afzonderlijk onderzocht. Er zij dus op gewezen dat deze beschikking geen gunstig, noch ongunstig oordeel behelst over de beginselen van de door Pro Europe ingestelde licenties.
(68) Ten tweede aanvaardt de Commissie dat het barema voor de producenten berekend wordt rekening houdend met het beginsel van "de vervuiler betaalt". Op grond van de in overweging 10 vermelde onafhankelijke studie kon een kost per materiaal worden vastgesteld afhankelijk van de verschillende inzamelingsmethoden (het zelf terugbrengen, huis-aan-huisophaling) en de plaats van de inzameling (platteland, halfstedelijk, stedelijk of andere). Het gewogen gemiddelde daarvan vormt de basis van de bijdrage per materiaal, aangezien uit hoofde van het decreet de lokale overheden worden terugbetaald voor de bijkomende kosten die zij dragen voor het sorteren van het afval. Het zou buitensporig zijn om een meer gedetailleerde differentiatie te eisen, d.w.z. binnen hetzelfde materiaal. Plastic is immers het enige materiaal dat in verschillende soorten kan worden onderverdeeld, en het is onwaarschijnlijk dat de consument deze van elkaar onderscheidt. Bovendien zijn op het moment dat het verpakte product op de markt wordt gebracht, de twee bovenvermelde parameters van de berekening niet gekend. Voorts, aangezien dit barema is samengesteld uit een vast bedrag per verpakking, om een veelheid van kleine verpakkingen tegen te gaan, en een bijdrage per gewicht die wordt vastgesteld voor elk materiaal, wordt de producent ertoe aangezet de verpakkingen bij de bron te beperken; hoe minder hij zijn producten verpakt, hoe minder hij financieel bijdraagt.
(69) Ten derde is het feit dat de overheid identieke barema's goedkeurt voor de systemen met dezelfde doelstelling het resultaat van een bemoeienis van de staat en niet van onderlinge afspraken(8). Deze situatie vloeit immers voort uit de wens van de overheid om de duurzaamheid te garanderen van de selectieve inzameling en de terugwinning van huishoudelijk afval op de Franse markt. Volgens de Franse autoriteiten zouden barema's voor steun aan de lokale overheden die onderling zouden verschillen tussen de erkende ondernemingen, kunnen resulteren in hogere prijzen. De invoering van een enkel barema voor steun aan de lokale overheden zou zijn gebeurd met het oog op de beperking van dit fenomeen, dat trouwens zou kunnen aanzetten tot een stijging van de uitgaven. De Franse autoriteiten hebben tevens uitgelegd dat de kosten van de selectieve inzameling en de sortering van huishoudelijk verpakkingsafval periodiek worden geanalyseerd, onder meer door ADEME (Agence de l'environnement et de la maîtrise de l'énergie) en dat daarmee rekening wordt gehouden bij het vaststellen van de barema's. Bovendien zou het, zolang de te compenseren "bijkomende kosten" van de lokale overheden voor de selectieve inzameling en het sorteren op nationaal niveau worden vastgesteld per soort van inzameling en niet per lokale overheid, volgens de Franse autoriteiten moeilijk zijn voor de overheid om daar anders over te beslissen. Ten slotte pleegt de overheid overleg met de adviescommissie waarin alle belanghebbende partijen, met inbegrip van de consumenten, zijn verenigd alvorens de barema's vast te stellen op basis van criteria van openbaar belang.
I. ARTIKEL 81, LID 1, VAN HET EG-VERDRAG EN ARTIKEL 53, LID 1, VAN DE EER-OVEREENKOMST
a) Overeenkomsten tussen ondernemingen die de handel tussen lidstaten ongunstig kunnen beïnvloeden
(70) De overeenkomsten tussen Eco-Emballages en de producenten alsook die tussen Eco-Emballages en de sectorale ondernemingen zijn overeenkomsten tussen ondernemingen aangezien al deze natuurlijke of rechtspersonen een economische activiteit uitoefenen. Wat de vraag betreft of de overeenkomsten die werden gesloten met de lokale overheden overeenkomsten tussen ondernemingen zijn in de zin van artikel 81 van het EG-Verdrag, moet een onderscheid worden gemaakt tussen de situatie waarin de staat handelt in zijn hoedanigheid van openbare autoriteit en die waarin hij economische activiteiten van industriële of commerciële aard uitoefent door goederen of diensten aan te bieden op de markt(9). Aangezien de lokale overheden een overeenkomst sluiten met Eco-Emballages om financiële steun te ontvangen als tegenprestatie voor de oprichting van een dienst voor de selectieve inzameling van huishoudelijk afval en het verstrekken van het bewijs van hun terugwinning, en zij bovendien de gesorteerde huishoudelijke verpakkingen wederverkopen aan de recuperatieondernemingen die hen een bewijs van terugwinning verstrekken, gaat het hier om een economische activiteit van industriële en commerciële aard in de zin van het bovenstaande. Het feit dat de lokale overheden dit doen in het kader van hun wettelijke verplichting om huishoudelijk afval te verwijderen is niet voldoende om aan te nemen dat zij optreden in de hoedanigheid van openbare autoriteit. Deze overeenkomsten zijn derhalve overeenkomstig artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag onderhevig aan de communautaire mededingingsregels voorzover de toepassing van deze regels de uitvoering, in rechte of in feite, van de bijzondere opdracht in algemeen belang om huishoudelijk afval te verwijderen, die werd toevertrouwd aan de gemeenten en lokale overheden, niet verhindert.
(71) Aangezien een aantal leden uit andere lidstaten afkomstig is, kan de overeenkomst met de producenten derhalve gevolgen hebben op de handel tussen de lidstaten. De andere overeenkomsten dienen voor de herverdeling van de bijdragen van de producenten aan de lokale overheden, zodat deze laatste de verpakkingen zouden inzamelen en overdragen aan de recuperatieondernemingen voor de terugwinning ervan. Wijzigingen die aangebracht worden aan het systeem van steun voor de lokale overheden hebben ook gevolgen voor de bijdragen van de producenten. Daaruit volgt dat het systeem een geheel vormt en dat alle overeenkomsten tezamen aanzienlijke daadwerkelijke of potentiële gevolgen hebben voor de handel tussen de lidstaten.
b) Statuten
(72) De statuten bevatten geen enkele exclusieve bepaling waardoor de vrijheid van handelen van de aandeelhouders op de relevante markten wordt beperkt, en zijn derhalve niet in strijd met artikel 81 van het EG-Verdrag.
c) Duur en reikwijdte van de overeenkomsten met de producenten
(73) Aangezien alle producenten thans de mogelijkheid hebben tot jaarlijkse opzegging van hun overeenkomst meent de Commissie dat, wat de duur van de overeenkomsten betreft, de vrijheid van keuze en activiteiten van de producenten niet onrechtmatig wordt beperkt en, bovendien, dat een concurrerend systeem kan toetreden tot de lidmaatschapsmarkt en er geen sprake is van uitsluiting.
(74) Zo ook, sinds uitdrukkelijk werd bevestigd(10) dat een producent kan kiezen voor de aansluiting bij een systeem voor slechts bepaalde soorten materialen en voor de totaliteit of een gedeelte van de verpakkingen in elk van de materialen, wordt ervan uitgegaan dat, wat de reikwijdte van de overeenkomsten betreft, dezelfde redenering als in overweging 73 kan worden gevolgd.
(75) De bepaling in de overeenkomst met de producenten over de moratoire intresten wegens laattijdig lidmaatschap, die wordt toegepast op alle personen die na 31 december 1993 zijn toegetreden, geeft voor de concurrerende systemen geen aanleiding tot problemen op het gebied van de toetreding tot de lidmaatschapsmarkt en vormt ook geen duidelijk misbruik.
d) Duur en reikwijdte van de overeenkomsten met de lokale overheden
(76) Sinds uitdrukkelijk werd bevestigd(11) dat de lokale overheden hun overeenkomst op elk moment kunnen opzeggen, meent de Commissie dat, wat de duur van de overeenkomsten betreft, de vrijheid van keuze en activiteiten van de lokale overheden niet onrechtmatig wordt beperkt, en dat daarenboven een concurrerend systeem de mogelijkheid heeft toe te treden tot de markt van de selectieve inzameling en dat er geen sprake is van uitsluiting.
(77) Evenzo, sinds uitdrukkelijk werd bevestigd(12) dat de lokale overheden een overeenkomst kunnen sluiten met Eco-Emballages voor één of meerdere materialen en met een andere instantie voor de andere materialen, wordt ervan uitgegaan dat, wat de reikwijdte van de overeenkomsten betreft, dezelfde redenering als in overweging 76 kan worden gevolgd.
(78) De verplichting van de lokale overheid om een overeenkomst met Eco-Emballages te sluiten voor de totale hoeveelheid gesorteerd afval van een bepaald materiaal vormt in dit geval geen beperking van de mededinging in de zin van artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag. De reden daarvoor is dat, aangezien de lokale overheid haar overeenkomst kan beëindigen wanneer zij dat zelf wil, deze bepaling geen exclusieve rechten schept die de concurrentiesituatie op de markt van de selectieve inzameling gevoelig beïnvloedt.
e) Duur van de sectorale overeenkomsten
(79) Deze overeenkomsten hebben een looptijd van zes jaar en Eco-Emballages sluit slechts één "sectorale" overeenkomst per materiaal. Eco-Emballages is verplicht aan de lokale overheden die opteren voor de terugnemingsgarantie, per materiaal de betrokken sectorale onderneming voor te stellen als aangewezen recuperatieonderneming. Deze exclusiviteit is unilateraal; het staat de sectorale ondernemingen volgens de overeenkomst vrij om met andere eventuele systemen te werken. Volgens de beschikbare informatie bestaat er overigens voor twee (aluminium en staal) van de vijf materialen slechts één fabrikant op de Franse markt en is er derhalve geen keuze van sectorale onderneming. Indien de lokale overheid niet opteert voor de terugnemingsgarantie, kan zij zelf een recuperatieonderneming kiezen; derhalve kan gelijk welke recuperatieonderneming op die wijze toegang krijgen tot de markt van de terugwinning van de door de lokale overheden ingezamelde materialen.
(80) Aangezien Eco-Emballages de lokale overheden niet zelf een terugnemingsgarantie kan aanbieden, heeft zij daarvoor voor elk materiaal een sectorale overeenkomst nodig die de duur van haar verplichtingen bestrijkt. Volgens de Commissie is, op basis van de beschikbare informatie, de toegang tot de terugwinningsmarkt niet op beduidende wijze beperkt omdat de terugnemingsgarantie facultatief is voor de lokale overheden en het systeem van Eco-Emballages slechts betrekking heeft op iets meer dan eenderde van het verpakkingsafval op de Franse markt (5,4 miljoen ton verpakkingsafval van een totaal van 13 miljoen ton verpakkingsafval in 1997). Glas is het enige materiaal dat voor het grootste deel in het systeem van Eco-Emballages of dat van Adelphe terechtkomt, en aangezien de sectorale onderneming een werkgeversorganisatie is die het systeem dat vervolgens door de collectieve systemen werd overgenomen, had ingevoerd, is het niet het systeem van Eco-Emballages dat de terugwinningsmarkt op gevoelige wijze beïnvloedt. Gezien die bijzondere omstandigheden op de Franse markt meent de Commissie dat de duur van deze overeenkomsten evenmin leidt tot een beperking van de mededinging die in strijd is met artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag.
f) Bemoeienis met de overeenkomsten op de terugwinningsmarkt
(81) De aangemelde overeenkomsten bevatten bepalingen betreffende de minimumprijs die de recuperatieonderneming betaalt aan de lokale overheid, hetgeen een relatie is waarbij Eco-Emballages niet betrokken is. Deze minimale terugnemingsprijs is in de overeenkomsten met de lokale overheden en sectorale ondernemingen vastgelegd voor een periode van zes jaar. Het gaat evenwel altijd slechts om een "minimum"prijs, en de werkelijk betaalde prijs hangt af van de marktsituatie, op voorwaarde dat deze steeds nul of positief is. Eco-Emballages is betrokken bij het vaststellen van deze prijs omdat het systeem gebaseerd is op de verdeling van de kosten tussen de producenten, de lokale overheden en de sectorale ondernemingen, en zij als interface tussen deze partijen fungeert. Bovendien zou zij deze prijs niet aan de lokale overheden kunnen garanderen indien zij niet betrokken zou zijn bij het vaststellen ervan. Deze bemoeienis van Eco-Emballages met de voorwaarden waarop de sectorale ondernemingen het door de lokale overheden ingezamelde afval opkopen, is bedoeld om te vermijden dat deze laatste met de risico's van marktschommelingen moeten kampen en zouden moeten betalen voor de recyclage van hun verpakkingsafval, waardoor zij waarschijnlijk ontmoedigd zouden worden om deel te nemen aan het systeem. Het bestaan van deze minimumprijs stelt de lokale overheden inderdaad in staat deel te nemen aan het systeem en hun gesorteerd afval te laten recycleren. De werkelijk betaalde prijs mag altijd hoger zijn dan de vastgestelde minimumprijs. Eco-Emballages heeft daar alleen indirecte winst bij. Wegens deze redenen zijn het bestaan en de gevolgen van deze bemoeienis evenmin in strijd met artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag.
g) Gebruik van "het groene punt"
(82) Voorzover Eco-Emballages voldoet aan haar verplichting om andere collectieve systemen de mogelijkheid te geven om het "groene punt" in hun systeem te gebruiken, op voorwaarde dat de door Pro Europe aangerekende bedragen worden gedeeld, leidt de overeenkomst op grond waarvan zij de hoofdlicentie in Frankrijk krijgt, niet tot een onrechtvaardig exclusief recht, en is zij dus niet in strijd met artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag.
(83) Wat het recht en de verplichting van de producenten betreft om het "groene punt" op de verpakkingen aan te brengen, dient eraan te worden herinnerd dat de Commissie in de beschikking betreffende DSD, in een procedure krachtens artikel 82 van het EG-Verdrag op de Duitse markt, de praktijk heeft veroordeeld volgens welke de verschuldigde vergoeding geen verband houdt met het daadwerkelijke gebruik van de dienst waarbij de producent wordt ontheven van zijn verplichtingen inzake de terugname en verwerking van de verpakkingen, maar alleen met het gebruik van het "groene punt" op de verpakkingen. Gezien de verbintenissen die werden aangegaan met betrekking tot het gebruik van het groene punt door producenten die op parallelle wijze of volledig deelnemen aan een individueel systeem of een ander collectief systeem, leiden de voorwaarden waaraan de producenten gebonden zijn niet tot een exclusief recht ten gunste van Eco-Emballages en ten nadele van haar werkelijke en potentiële concurrenten. Bovendien stellen de problemen die hebben geleid tot een negatieve beschikking wegens misbruik van een machtspositie in het geval van DSD zich momenteel niet op de Franse markt.
(84) Ten slotte, wanneer een product met het merkteken het "groene punt", wordt uitgevoerd en daarvan passende bewijzen worden geleverd, mag Eco-Emballages geen enkele bijdrage eisen voor het gebruik van het "groene punt" op de verpakking. Evenzo, indien een product waarop het "groene punt" is aangebracht in Frankrijk onder een concurrerend systeem valt, is geen enkele bijdrage verschuldigd aan Eco-Emballages.
(85) In deze omstandigheden zijn de door Eco-Emballages toegepaste overeenkomsten en bepalingen betreffende het gebruik van het "groene punt" niet in strijd met artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag.
h) Conclusie
(86) Concluderend, rekening houdend met de bovenstaande argumenten en op voorwaarde dat de aangegane verbintenissen worden nagekomen, valt het systeem van Eco-Emballages dat opgezet en geëxploiteerd wordt overeenkomstig de teksten en overeenkomsten die momenteel van kracht zijn, niet onder artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag,
HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:
Artikel 1
De Commissie constateert, op basis van de elementen waarvan zij kennis heeft en gezien met name de in overweging 61 van onderhavige beschikking beschreven verbintenissen, dat er voor haar geen redenen zijn om krachtens artikel 81, lid 1, van het EG-Verdrag en artikel 53, lid 1, van de EER-overeenkomst op te treden ten aanzien van de aangemelde overeenkomsten betreffende een systeem voor de collectieve inzameling en terugwinning van huishoudelijk verpakkingsafval dat werd opgezet door Eco-Emballages SA, zoals deze thans van kracht zijn.
Artikel 2
Deze beschikking is gericht tot Eco-Emballages SA 44, avenue Georges Pompidou F - 92302 Levallois-Perret Cedex.
Gedaan te Brussel, 15 juni 2001.
Voor de Commissie
Mario Monti
Lid van de Commissie
(1) PB 13 van 21.2.1962, blz. 204/62.
(2) PB L 148 van 15.6.1999, blz. 5.
(3) PB C 227 van 9.8.2000, blz. 6.
(4) PB L 365 van 31.12.1994, blz. 10.
(5) Voorheen had zij deze licentie uit hoofde van een overeenkomst met Der Grüne Punkt - Duales System Deutschland (DSD).
(6) Volgens Eco-Emballages bestaan dergelijke overdrachten thans niet meer. Indien er geweest zijn, dan vormden zij een tegenprestatie voor een verleende dienst. Een klein deel van de verplichtingen van Adelphe in verband met andere materialen dan glas was in het verleden immers overgedragen aan Eco-Emballages en daarvoor is er een overeenkomstige financiële compensatie geweest.
(7) In 1997 waren de cijfers als volgt: 1,24 miljoen ton van de 2,3 miljoen ton glas, 0,81 miljoen ton van de 0,9 miljoen ton plastic, 0,89 miljoen ton van de 1 miljoen ton papier/karton en 0,36 miljoen ton van de 0,4 miljoen ton metaal.
(8) Zie in dit verband bijvoorbeeld het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen van 1 oktober 1998 in zaak C-38/97, Autotrasporti Librandi, Jurisprudentie blz. I-5955, rechtsoverweging 37.
(9) Zie in dit verband bijvoorbeeld de arresten van het Hof van 16 juni 1987 in zaak 118/85, Commissie/Italië, Jurisprudentie blz. 2599, rechtsoverweging 7 en van 18 maart 1997 in zaak C-343/95, Diego Calì & Figli, Jurisprudentie blz. I-1547, rechtsoverweging 16.
(10) Volgens Eco-Emballages was dit reeds het geval vóór de wijziging van de betrokken bepaling.
(11) Volgens Eco-Emballages kon een lokale overheid, als openbare persoon, hoe dan ook haar overeenkomsten op gelijk welk moment opzeggen krachtens een vaste Franse jurisprudentie.
(12) Volgens Eco-Emballages was dit reeds het geval vóór de wijziging van de betrokken bepaling, hetgeen zij heeft bewezen met een voorbeeld van een overeenkomst.