Home

Verordening (EG) nr. 1081/2001 van de Commissie van 1 juni 2001 tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1476/95, (EEG) nr. 1963/79 en (EG) nr. 2768/98 en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 205/73 betreffende de mededelingen tussen de lidstaten en de Commissie in de sector oliën en vetten

Verordening (EG) nr. 1081/2001 van de Commissie van 1 juni 2001 tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1476/95, (EEG) nr. 1963/79 en (EG) nr. 2768/98 en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 205/73 betreffende de mededelingen tussen de lidstaten en de Commissie in de sector oliën en vetten

Verordening (EG) nr. 1081/2001 van de Commissie

van 1 juni 2001

tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 1476/95, (EEG) nr. 1963/79 en (EG) nr. 2768/98 en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 205/73 betreffende de mededelingen tussen de lidstaten en de Commissie in de sector oliën en vetten

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening nr. 136/66/EEG van de Raad van 22 september 1966 houdende de totstandbrenging van een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector oliën en vetten(1), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 2826/2000(2), en met name op artikel 2, lid 2, artikel 12 bis en artikel 20 bis, lid 7,

Overwegende hetgeen volgt:

(1) Bijna alle bepalingen van Verordening (EEG) nr. 205/73 van de Commissie van 25 januari 1973 betreffende de mededelingen tussen de lidstaten en de Commissie in de sector oliën en vetten(3), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1058/87(4), zijn achterhaald. Derhalve is het dienstig de genoemde verordening in te trekken en de artikelen 4 en 5 daarvan betreffende de mededelingen over het handelsverkeer en de productierestituties op te nemen in Verordening (EG) nr. 1476/95 van de Commissie van 28 juni 1995 houdende bijzondere uitvoeringsbepalingen voor de invoercertificatenregeling in de sector olijfolie(5) en Verordening (EEG) nr. 1963/79 van de Commissie van 6 september 1979 houdende uitvoeringsbepalingen inzake de productierestitutie voor olijfolie die wordt gebruikt voor de vervaardiging van bepaalde conserven(6), laatstelijk gewijzigd bij Verordening (EEG) nr. 1458/89(7).

(2) Het volgen van de marktprijzen voor de verschillende categorieën olijfolie is volstrekt noodzakelijk om te kunnen beoordelen of het nodig is Verordening (EG) nr. 2768/98 van de Commissie van 21 december 1998 inzake de steunregeling voor de particuliere opslag van olijfolie(8) toe te passen.

(3) De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor oliën en vetten,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

1. In Verordening (EG) nr. 1476/95 wordt na artikel 1 het volgende artikel 1 bis ingevoegd: "Artikel 1 bis

1. De lidstaten delen de Commissie mee:

a) voor de in artikel 1, lid 2, onder c), van Verordening nr. 136/66/EEG bedoelde producten, uiterlijk op de vijfde en de twintigste dag van elke maand, telkens met betrekking tot de voorafgaande halve maand,

b) voor de in artikel 1, lid 2, onder d) en e), van de voornoemde verordening genoemde producten, in de eerste maand na het einde van het verkoopseizoen,

de hoeveelheden waarvoor invoer- of uitvoercertificaten zijn afgegeven, met vermelding van de hoeveelheden en, in de in artikel 2, lid 1, bedoelde gevallen, de herkomst van de ingevoerde producten.

Als volgens de lidstaat door de invoer of uitvoer van de hoeveelheden waarvoor in die lidstaat certificaten worden aangevraagd, een gevaar voor verstoring van de markt kan ontstaan, stelt deze lidstaat de Commissie daarvan onverwijld in kennis, met vermelding, op de aangegeven wijze, van de hoeveelheden, uitgesplitst in hoeveelheden waarvoor de certificaten nog niet zijn afgegeven of de aanvraag nog niet is ingewilligd, enerzijds, en hoeveelheden waarvoor in de lopende halve maand certificaten zijn afgegeven, anderzijds.

2. In de zin van dit artikel wordt verstaan onder:

a) aan de vijfde dag van elke maand voorafgaande halve maand: het tijdvak van de zestiende tot en met de laatste dag van de aan de bedoelde vijfde dag voorafgaande maand;

b) aan de twintigste dag van elke maand voorafgaande halve maand: het tijdvak van de eerste tot en met de vijftiende dag van diezelfde maand.".

2. In Verordening (EEG) nr. 1963/79 wordt na artikel 2 het onderstaande artikel 2 bis ingevoegd: "Artikel 2 bis

Met betrekking tot de in artikel 20 bis van Verordening nr. 136/66/EEG bedoelde restitutie bij de productie delen de lidstaten de Commissie in de eerste maand van elk verkoopseizoen mee welke hoeveelheden olijfolie in het voorafgaande verkoopseizoen onder controle zijn geplaatst.".

3. In Verordening (EG) nr. 2768/98 wordt na artikel 3 het volgende artikel 3 bis ingevoegd: "Artikel 3 bis

Elke week delen de lidstaten de Commissie uiterlijk op woensdag de gemiddelde prijzen mee die in de voorafgaande week op de belangrijkste representatieve markten op hun grondgebied zijn geconstateerd voor de verschillende categorieën olijfolie als bedoeld in de bijlage bij Verordening nr. 136/66/EEG.

Eventueel worden bij de meegedeelde prijzen ook opmerkingen vermeld over de omvang van de transacties en de representativiteit van de transacties.".

Artikel 2

Verordening (EEG) nr. 205/73 wordt ingetrokken.

Artikel 3

Deze verordening treedt in werking op de zevende dag volgende op die van haar bekendmaking in het Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 1 juni 2001.

Voor de Commissie

Franz Fischler

Lid van de Commissie

(1) PB 172 van 30.9.1966, blz. 3025/66

(2) PB L 328 van 23.12.2000, blz. 2.

(3) PB L 23 van 29.1.1973, blz. 15.

(4) PB L 103 van 15.4.1987, blz. 31.

(5) PB L 145 van 29.6.1995, blz. 35.

(6) PB L 227 van 7.9.1979, blz. 10.

(7) PB L 144 van 27.5.1989, blz. 5.

(8) PB L 346 van 22.12.1998, blz. 14.