Bij deze verordening worden de uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 318/2006 vastgesteld, met name met betrekking tot de bepaling van de productie, de erkenning van de fabrikanten en de raffinaderijen, het stelsel inzake de prijzen en quota, en de voorwaarden voor de aankoop en de verkoop van suiker voor interventie.
Verordening (EG) nr. 952/2006 van de Commissie van 29 juni 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 318/2006 van de Raad, wat betreft het beheer van de interne suikermarkt en het quotastelsel
Verordening (EG) nr. 952/2006 van de Commissie van 29 juni 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 318/2006 van de Raad, wat betreft het beheer van de interne suikermarkt en het quotastelsel
DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,
Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,
Gelet op Verordening (EG) nr. 318/2006 van de Raad van 20 februari 2006 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector suiker(1), en met name op artikel 40,
Overwegende hetgeen volgt:
De toepassing van het quotastelsel in de suikersector vergt een nauwkeurige omschrijving van de begrippen „productie van suiker”, „productie van isoglucose” en „productie van inulinestroop” van een onderneming. De mogelijkheid om een deel van de productie van een onderneming toe te rekenen aan een andere onderneming die deze suiker in het kader van een loonwerkovereenkomst heeft laten produceren, dient tot specifieke gevallen te worden beperkt.
In artikel 17 van Verordening (EG) nr. 318/2006 is bepaald dat de lidstaten op verzoek een erkenning verlenen aan ondernemingen die suiker, isoglucose of inulinestroop produceren, of aan een ondernemingen die deze producten verwerken bij de vervaardiging van een product dat voorkomt op de in artikel 13, lid 2, van die verordening bedoelde lijst. De precieze inhoud van de erkenningsaanvraag die door de fabrikanten van suiker, isoglucose of inulinestroop en door de raffinaderijen bij de bevoegde autoriteiten van de lidstaten wordt ingediend, dient te worden gepreciseerd. Bovendien moeten de verbintenissen die de onderneming als tegenprestatie voor de erkenning moet aangaan, worden voorgeschreven, met name de verplichting tot het bijhouden van een register van de hoeveelheden grondstoffen die de onderneming binnenkomen, daar worden verwerkt en de onderneming verlaten in de vorm van eindproducten.
Naast de controles die de lidstaten op de erkende ondernemingen moeten verrichten, dient tevens een voldoende ontradende sanctieregeling te worden vastgesteld.
Artikel 4 van Verordening (EG) nr. 318/2006 heeft betrekking op een systeem voor de mededeling van de gehanteerde suikerprijzen. Krachtens artikel 17 van die verordening moeten de erkende ondernemingen gegevens meedelen over de verkochte hoeveelheden witte suiker en de desbetreffende prijzen en voorwaarden. De frequentie en de inhoud van de prijsmededelingen die de suikerfabrikanten en de raffinadeurs voor de Commissie moeten opstellen, dienen te worden vastgesteld. Om een beeld te krijgen van de vooruitzichten op de korte termijn, is het dienstig de ondernemingen te vragen tevens de geraamde gemiddelde verkoopprijzen voor de volgende drie maanden vast te stellen en mee te delen. De erkende ondernemingen die suiker gebruiken om deze te verwerken tot één van de in artikel 13, lid 2, van Verordening (EG) nr. 318/2006 bedoelde producten, moeten bovendien de prijs van de aangekochte suiker even vaak en in hetzelfde formaat aan de Commissie meedelen als de suikerfabrikanten.
Om, met inachtneming van de vertrouwelijkheid van de gegevens, de bekendmaking van de prijsniveaus overeenkomstig artikel 4 van Verordening (EG) nr. 318/2006 te garanderen, dient de Commissie het Comité van beheer voor suiker twee keer per jaar in kennis te stellen van de gemiddelde prijzen van witte suiker die tijdens het vorige halfjaar in de Gemeenschap op de markt is gebracht, en moet zij daarbij een onderscheid maken tussen binnen en buiten het quotum geproduceerde suiker.
Er dient een verslag over de werking van het in de onderhavige verordening bedoelde registratie- en informatiesysteem te worden opgesteld met als doel de nodige verbeteringen en een geïnformatiseerd systeem voor de doorzending van de prijzen voor te stellen. In afwachting van deze verbeteringen moeten voor 2006 en 2007 de door de ondernemingen bepaalde prijzen rechtstreeks aan de diensten van de Commissie worden gezonden, om later aan het Comité van beheer voor suiker te worden overgelegd.
Op grond van artikel 14 of artikel 19 van Verordening (EG) nr. 318/2006 kan de fabrikant een gedeelte van zijn productie naar het volgende verkoopseizoen overdragen als productie van dat verkoopseizoen. Derhalve kan voor dat verkoopseizoen de suikerfabrikant alleen worden verplicht contracten voor de levering van suikerbieten tegen de minimumprijs te sluiten voor de in zijn basisquotum begrepen hoeveelheid suiker die hij nog niet heeft geproduceerd.
Met het oog op de goede werking van het quotastelsel is het wenselijk dat een nadere omschrijving wordt gegeven van de in artikel 6, lid 5, van Verordening (EG) nr. 318/2006 vermelde begrippen „vóór de uitzaai” en „minimumprijs”. Gezien de specifieke agronomische en klimatologische omstandigheden waarin in bepaalde regio's van Italië suikerbieten worden geteeld, moet een andere termijn voor het einde van de uitzaai worden vastgesteld.
In artikel 5, lid 3, van Verordening (EG) nr. 318/2006 is bepaald dat de minimumprijs wordt aangepast aan de hand van toeslagen en kortingen voor de tussen de suikerbieten bestaande kwaliteitsverschillen ten opzichte van de standaardkwaliteit. De kwaliteit, en bijgevolg de waarde van de suikerbieten, wordt vooral bepaald door het suikergehalte. De waarde van suikerbieten met een van de standaardkwaliteit afwijkende kwaliteit kan het beste worden bepaald aan de hand van een schaal van toeslagen en kortingen die worden uitgedrukt in een percentage van de minimumprijs.
Artikel 8 van Verordening (EG) nr. 318/2006 heeft betrekking op de toekenning van extra suikerquota. Deze toekenning heeft tot doel de overgang van het vorige naar het huidige quotastelsel te vergemakkelijken en dient te worden beperkt tot ondernemingen die in 2005/2006 over een quotum beschikten. Bovendien moet worden bepaald in welke omstandigheden deze extra quota vanaf het verkoopseizoen 2006/2007 kunnen worden toegekend.
Artikel 9, lid 2, van Verordening (EG) nr. 318/2006 heeft betrekking op de toekenning van aanvullende isoglucosequota. De betrokken lidstaten moeten deze quota aan de ondernemingen toekennen overeenkomstig het hun toegekende isoglucosequotum en moeten daarbij elke vorm van discriminatie vermijden. De termijn voor de betaling van de in artikel 9, lid 3, van de genoemde verordening vastgestelde eenmalige heffing moet worden bepaald.
In artikel 2, punt 5, van Verordening (EG) nr. 318/2006 is quotumsuiker gedefinieerd als elke hoeveelheid suiker die voor rekening van een bepaald verkoopseizoen binnen het quotum van de betrokken onderneming wordt geproduceerd, en in punt 9 van dat artikel worden quotumbieten gedefinieerd als alle suikerbieten die tot quotumsuiker worden verwerkt. In het licht daarvan moet een regel worden vastgesteld voor de toerekening van de suikerproductie aan een bepaald verkoopseizoen, met dien verstande dat de lidstaten voldoende ruimte moeten krijgen om rekening te houden met specifieke situaties, zoals de vervaardiging van suiker van herfstbieten en de productie van rietsuiker.
Wil men het quotastelsel goed beheren, het maandelijkse suikerverbruik vaststellen en voorzieningsbalansen opstellen, dan dient een communicatiesysteem te worden opgezet tussen de erkende ondernemingen en de lidstaten, enerzijds, en tussen de lidstaten en de Commissie, anderzijds. In het kader van dat systeem moeten gegevens worden verstrekt over de voorraden, het productieniveau en de ingezaaide oppervlakte.
Artikel 18, lid 2, van Verordening (EG) nr. 318/2006 voorziet in interventiemaatregelen door middel van aankoop van suiker. Voor de uitvoering van de communautaire interventiemaatregelen moet de suiker door de interventiebureaus op een bepaalde plaats worden overgenomen. Daartoe dient te worden voorgeschreven dat slechts suiker wordt overgenomen die zich ten tijde van de offerte in een erkende opslagplaats bevindt.
Om de interventie toegankelijk te maken in de gebieden die daar vanwege het belang van de lokale suikerproductie vooral behoefte aan hebben, moet de in artikel 18, lid 2, van Verordening (EG) nr. 318/2006 vastgestelde maximumhoeveelheid in een eerste fase over de producerende lidstaten worden verdeeld op basis van het productiequotum van die lidstaten. Er dient te worden voorzien in de mogelijkheid om die verdeling aan te passen, enerzijds vóór elk nieuw verkoopseizoen in het licht van de wijzigingen in de toekenning van de quota per lidstaat en anderzijds tijdens elk verkoopseizoen om niet-benutte hoeveelheden opnieuw toe te kennen.
Bij de bepaling van de voorwaarden voor het verlenen en intrekken van de erkenning van opslagplaatsen moet rekening worden gehouden met de eisen voor een goede bewaring en vlotte overneming van de suiker, alsmede met de uitslagcapaciteit.
Interventie dient te worden geweigerd voor suiker die kenmerken vertoont die in de weg kunnen staan aan latere afzetmogelijkheden en kwaliteitsverlies tijdens de opslag kunnen veroorzaken; bovendien dient de vereiste minimumkwaliteit te worden aangegeven. Voorts dient te worden vastgesteld dat het interventiebureau en de verkoper een opslagcontract moeten afsluiten, dat bepalend is voor de interventieaankoop van de suiker.
Met het oog op een normaal beheer van de interventie dient te worden voorgeschreven dat de suiker in partijen moet worden aangeboden en moet worden bepaald welke hoeveelheid een partij vormt.
Het interventiebureau moet in staat zijn om met kennis van zaken na te gaan of de offerte aan de gestelde voorwaarden voldoet. Hiertoe dient de aanbieder alle nodige gegevens aan het interventiebureau mee te delen.
In artikel 18, lid 2, van Verordening (EG) nr. 318/2006 is bepaald dat de aankoopprijs wordt aangepast indien de kwaliteit van de suiker afwijkt van de standaardkwaliteit. Bijgevolg moeten de tabellen met de op de aankoopprijs toe te passen toeslagen en kortingen worden vastgesteld, rekening houdend met de kwaliteit van de aangeboden suiker. Deze tabellen, en de desbetreffende toeslagen en kortingen, kunnen worden vastgesteld op basis van de objectieve gegevens waarvan de handel over het algemeen uitgaat.
De suiker waarover de interventiebureaus beschikken, moet zonder discriminatie tussen de kopers van de Gemeenschap en tegen optimale economische voorwaarden worden verkocht. Het systeem van inschrijvingen staat doorgaans borg voor de naleving van die voorwaarden. Om te voorkomen dat de suiker bij een ongunstige marktsituatie wordt afgezet, dient vooraf toestemming voor de inschrijving te worden gegeven. Vanwege bepaalde bijzondere omstandigheden kan het echter wenselijk zijn andere procedures dan de inschrijving te kiezen.
Om een gelijke behandeling van alle belanghebbenden in de Gemeenschap te waarborgen, moeten de door de interventiebureaus gehouden inschrijvingen volgens uniforme beginselen verlopen. In dit verband moeten bepalingen worden vastgesteld die waarborgen dat de suiker voor de beoogde doeleinden wordt gebruikt.
Voor de vaststelling van de categorie van de verkochte witte suiker en van het rendement van de verkochte ruwe suiker moeten dezelfde criteria gelden als voor de aankoop van suiker door de interventiebureaus. Een gelijke behandeling van de belanghebbenden kan slechts worden gewaarborgd indien uniforme en strikte voorschriften worden toegepast voor het aanpassen van de verkoopprijs of de uitvoerrestitutie, en voor het rectificeren van het uitvoercertificaat in gevallen waarin wordt vastgesteld dat de kwaliteit afwijkt van de in het bericht van inschrijving vermelde kwaliteit.
Verordening (EG) nr. 1261/2001 van de Commissie van 27 juni 2001 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1260/2001 van de Raad met betrekking tot de contracten voor de levering van suikerbieten en de toeslagen en kortingen die van toepassing zijn op de suikerbietenprijs(2), Verordening (EG) nr. 1262/2001 van de Commissie van 27 juni 2001 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EG) nr. 1260/2001 van de Raad, met betrekking tot de aankoop en verkoop van suiker door de interventiebureaus(3) en Verordening (EG) nr. 314/2002 van de Commissie van 20 februari 2002 houdende uitvoeringsbepalingen voor de quotaregeling in de sector suiker(4) moeten omwille van de duidelijkheid worden ingetrokken en vervangen door een nieuwe verordening.
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Comité van beheer voor suiker,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
HOOFDSTUK I INLEIDENDE BEPALINGEN
Artikel 1 Onderwerp
Artikel 2 Definities
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
-
„grondstof”: suikerbieten, suikerriet, cichorei, granen en voor raffinage bestemde suiker, alsmede de tussenvormen van deze producten, bestemd om tot een eindproduct te worden verwerkt;
-
„eindproduct”: suiker, inulinestroop of isoglucose;
-
„fabrikant”: een onderneming die eindproducten vervaardigt, met uitzondering van de in artikel 2, punt 13, van Verordening (EG) nr. 318/2006 gedefinieerde raffinaderijen;
-
„opslagplaats”: een silo of een pakhuis.