Home

2010/129/GBVB: Besluit 2010/129/GBVB van de Raad van 1 maart 2010 tot wijziging van Gemeenschappelijk Standpunt 2008/109/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Liberia

2010/129/GBVB: Besluit 2010/129/GBVB van de Raad van 1 maart 2010 tot wijziging van Gemeenschappelijk Standpunt 2008/109/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Liberia

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gelet op het Verdrag betreffende de Europese Unie, en met name op artikel 29,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. De Raad heeft op 12 februari 2008 Gemeenschappelijk Standpunt 2008/109/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Liberia(1) vastgesteld.

  2. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft op 17 december 2009 Resolutie (UNSCR) 1903 (2009) aangenomen, waarbij de beperkende maatregelen betreffende reizen met nog eens 12 maanden worden verlengd en de beperkende maatregelen betreffende wapens worden gewijzigd.

  3. Gemeenschappelijk Standpunt 2008/109/GBVB moet dienovereenkomstig worden gewijzigd.

  4. Ter uitvoering van bepaalde van deze maatregelen is verder optreden van de Unie nodig,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Gemeenschappelijk Standpunt 2008/109/GBVB wordt als volgt gewijzigd:

  1. Artikel 1 wordt vervangen door:

    De lidstaten nemen de maatregelen die nodig zijn ter voorkoming van de rechtstreekse of onrechtstreekse levering, verkoop of overdracht van wapens en aanverwant materieel, en het verstrekken van bijstand, advies en opleiding in verband met militaire activiteiten, met inbegrip van financiering en financiële bijstand, aan alle niet-gouvernementele entiteiten en personen die actief zijn op het grondgebied van Liberia, door onderdanen van de lidstaten of vanaf het grondgebied van de lidstaten of met gebruik van onder hun vlag varende schepen of tot hun nationale luchtvaartmaatschappij behorende vliegtuigen.”.

  2. Artikel 2 wordt vervangen door:

    1.

    Artikel 1 is niet van toepassing op:

    1. wapens en aanverwant materieel alsmede de bijbehorende technische opleiding of bijstand, uitsluitend bestemd voor ondersteuning van en gebruikmaking door de missie van de Verenigde Naties in Liberia (UNMIL);

    2. beschermende kledingstukken, waaronder scherfwerende vesten en militaire helmen, die door VN-personeel, vertegenwoordigers van de media, medewerkers van humanitaire organisaties en ontwikkelingswerkers en aanverwant personeel louter voor hun eigen bescherming tijdelijk naar Liberia worden verzonden;

    3. andere niet-dodelijke militaire uitrusting die uitsluitend is bedoeld voor humanitair of beschermend gebruik, noch op de bijbehorende technische bijstand of opleiding, waarvan vooraf kennis is gegeven aan het krachtens punt 21 van Resolutie UNSCR 1521 (2003) opgerichte Comité („het Sanctiecomité”);

    2.

    De levering, verkoop of overdracht van wapens en aanverwant materieel, of de verstrekking van diensten als vermeld in lid 1, onder a) en c), is onderworpen aan een door de bevoegde autoriteiten van de lidstaten te verlenen vergunning. De lidstaten nemen de in lid 1, onder a) en c), bedoelde leveringen per geval in overweging, met volledige inachtneming van de criteria in Gemeenschappelijk Standpunt 2008/944/GBVB van de Raad tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor de controle op de uitvoer van militaire goederen en technologie(1). De lidstaten eisen toereikende waarborgen tegen misbruik van de krachtens dit lid verleende vergunningen en treffen zo nodig maatregelen voor het terughalen van de geleverde wapens en aanverwant materieel.

    3.

    De lidstaten stellen het Sanctiecomité vooraf in kennis van elke levering van wapens en aanverwant materieel aan de regering van Liberia, en van elke verstrekking van bijstand, advies of opleiding in verband met militaire activiteiten aan de regering van Liberia, met uitzondering van die als bedoeld in lid 1, onder a) en b).

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de datum waarop het wordt vastgesteld.

Artikel 3

Dit besluit wordt bekendgemaakt in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Gedaan te Brussel, 1 maart 2010.

Voor de Raad

De voorzitter

D. López Garrido