Home

2011/37/EU: Uitvoeringsbesluit van de Raad van 18 januari 2011 tot wijziging van Beschikking 2007/884/EG waarbij het Verenigd Koninkrijk wordt gemachtigd een maatregel te blijven toepassen die afwijkt van artikel 26, lid 1, onder a), en de artikelen 168 en 169 van Richtlijn 2006/112/EG betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde

2011/37/EU: Uitvoeringsbesluit van de Raad van 18 januari 2011 tot wijziging van Beschikking 2007/884/EG waarbij het Verenigd Koninkrijk wordt gemachtigd een maatregel te blijven toepassen die afwijkt van artikel 26, lid 1, onder a), en de artikelen 168 en 169 van Richtlijn 2006/112/EG betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde

DE RAAD VAN DE EUROPESE UNIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 2006/112/EG van de Raad van 28 november 2006 betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde(1), en met name artikel 395, lid 1,

Gezien het voorstel van de Commissie,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Bij brief, ingekomen bij het secretariaat-generaal van de Commissie op 22 juli 2010, heeft het Verenigd Koninkrijk verzocht om machtiging tot verlenging van een derogatiemaatregel teneinde het recht van de huurder of lessee op aftrek van de btw op huur- of leasekosten van een personenauto die niet uitsluitend voor bedrijfsdoeleinden wordt gebruikt, te kunnen blijven beperken.

  2. Bij brief van 12 oktober 2010 heeft de Commissie de overige lidstaten van het verzoek van het Verenigd Koninkrijk in kennis gesteld. Bij brief van 15 oktober 2010 heeft de Commissie het Verenigd Koninkrijk meegedeeld dat zij over alle gegevens beschikte die zij nodig achtte voor de beoordeling van het verzoek.

  3. Bij Beschikking 2007/884/EG van de Raad van 20 december 2007 waarbij het Verenigd Koninkrijk wordt gemachtigd een maatregel te blijven toepassen die afwijkt van artikel 26, lid 1, onder a), en de artikelen 168 en 169 van Richtlijn 2006/112/EG betreffende het gemeenschappelijke stelsel van belasting over de toegevoegde waarde(2) mocht het Verenigd Koninkrijk het recht van de huurder of lessee op aftrek van de voorbelasting op huur- of leasekosten van een personenauto die niet uitsluitend voor bedrijfsdoeleinden wordt gebruikt, tot 50 % beperken. Tevens werd het Verenigd Koninkrijk gemachtigd om het privégebruik van een auto die door een belastingplichtige voor bedrijfsdoeleinden wordt gehuurd of geleased, niet als een dienst onder bezwarende titel aan te merken. Dankzij deze vereenvoudigingmaatregel hoeft de huurder of lessee niet voor elke tot het bedrijf behorende auto een administratie van de gereden privékilometers bij te houden noch belasting over de feitelijk afgelegde privékilometers te voldoen.

  4. Uit de door het Verenigd Koninkrijk verstrekte gegevens blijkt dat de beperking van het recht op aftrek tot 50 % nog altijd aansluit bij het werkelijke zakelijke en niet-zakelijke gebruik van de voertuigen in kwestie door de huurder of lessee. Het is derhalve passend dat het Verenigd Koninkrijk wordt gemachtigd de maatregel gedurende een nieuwe beperkte periode toe te passen, namelijk tot en met 31 december 2013.

  5. Indien het Verenigd Koninkrijk een verdere verlenging na 2013 noodzakelijk acht, moet het de Commissie een verslag met daarin ook een evaluatie van het percentage van de aftrekuitsluiting voorleggen, tezamen met het verzoek om verlenging, uiterlijk op 1 april 2013.

  6. Op 29 oktober 2004 heeft de Commissie een voorstel voor een richtlijn van de Raad tot wijziging van Richtlijn 77/388/EEG, thans Richtlijn 2006/112/EG, aangenomen, dat onder meer voorziet in de harmonisatie van de uitgavencategorieën waarvoor het recht op aftrek mag worden uitgesloten. Dit voorstel voorziet in de mogelijkheid om ter zake van gemotoriseerde wegvoertuigen het recht op aftrek uit te sluiten. De in dit besluit vervatte derogatiemaatregelen dienen te verstrijken op de datum van inwerkingtreding van een dergelijke wijzigingsrichtlijn, indien die vroeger valt dan de in dit besluit vastgestelde vervaldatum.

  7. De derogatie heeft geen gevolgen voor de eigen middelen van de Unie uit de btw.

  8. Beschikking 2007/884/EG dient derhalve dienovereenkomstig te worden gewijzigd,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

Artikel 3 van Beschikking 2007/884/EG wordt vervangen door:

Deze beschikking verstrijkt op de datum van inwerkingtreding van Unieregels waarin wordt vastgesteld welke uitgaven ter zake van gemotoriseerde wegvoertuigen niet in aanmerking komen voor een volledige aftrek van de btw, doch uiterlijk op 31 december 2013.

Een verzoek om verlenging van de in deze beschikking vastgestelde maatregelen moet uiterlijk op 1 april 2013 aan de Commissie worden voorgelegd.

Bij een verzoek om verlenging van deze maatregelen dient een verslag te worden gevoegd dat ook een evaluatie omvat van het percentage van de aftrekuitsluiting van de btw op huur- of leasekosten van auto’s die niet uitsluitend voor bedrijfsdoeleinden worden gebruikt.”.

Artikel 2

Dit besluit wordt van kracht op de dag van de kennisgeving ervan.

Dit besluit is van toepassing met ingang van 1 januari 2011.

Artikel 3

Dit besluit is gericht tot het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

Gedaan te Brussel, 18 januari 2011.

Voor de Raad

De voorzitter

Gy. Matolcsy