Home

2012/161/EU: Uitvoeringsbesluit van de Commissie van 19 maart 2012 tot opening van een onderzoek op grond van artikel 17, lid 2, van Verordening (EG) nr. 732/2008 van de Raad, wat de effectieve tenuitvoerlegging van het Enkelvoudig Verdrag van de Verenigde Naties inzake verdovende middelen in Bolivia betreft

2012/161/EU: Uitvoeringsbesluit van de Commissie van 19 maart 2012 tot opening van een onderzoek op grond van artikel 17, lid 2, van Verordening (EG) nr. 732/2008 van de Raad, wat de effectieve tenuitvoerlegging van het Enkelvoudig Verdrag van de Verenigde Naties inzake verdovende middelen in Bolivia betreft

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 732/2008 van de Raad van 22 juli 2008 betreffende de toepassing van een schema van algemene tariefpreferenties voor de periode vanaf 1 januari 2009 en tot wijziging van de Verordeningen (EG) nr. 552/97 en (EG) nr. 1933/2006 van de Raad en de Verordeningen (EG) nr. 1100/2006 en (EG) nr. 964/2007 van de Commissie(1), en met name artikel 17, lid 2,

Na raadpleging van het Comité algemene preferenties,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Op 29 juni 2011 heeft de regering van de Plurinationale staat Bolivia, hierna „Bolivia” genoemd, bij de secretaris-generaal van de Verenigde Naties een akte van opzegging van het Enkelvoudig Verdrag van de Verenigde Naties inzake verdovende middelen neergelegd. De opzegging trad voor Bolivia op 1 januari 2012 in werking.

  2. Vervolgens heeft Bolivia een akte van hertoetreding tot het Enkelvoudig Verdrag van de Verenigde Naties inzake verdovende middelen neergelegd, met een voorbehoud betreffende het traditionele gebruik van cocabladeren (met name om te kauwen en in de geneeskunde). Dit verzoek om hertoetreding wordt momenteel door de Verdragspartijen onderzocht.

  3. Ingevolge artikel 15, lid 2, van Verordening (EG) nr. 732/2008 kan de in afdeling 2 van hoofdstuk II genoemde bijzondere stimuleringsregeling voor duurzame ontwikkeling en goed bestuur tijdelijk worden ingetrokken, met name als de in bijlage III vermelde verdragen die zijn geratificeerd om aan de in artikel 8, leden 1 en 2, gestelde eisen te voldoen, niet langer in de nationale wetgeving zijn opgenomen of als deze wetgeving niet effectief ten uitvoer wordt gelegd. Bolivia komt voor bedoelde regeling in aanmerking op grond van Beschikking 2008/938/EG van de Commissie(2).

  4. Het Enkelvoudig Verdrag van de Verenigde Naties inzake verdovende middelen is opgenomen in bijlage III, deel B, punt 24, van Verordening (EG) nr. 732/2008.

  5. In artikel 17, lid 1, van Verordening (EG) nr. 732/2008 is bepaald dat, wanneer de Commissie informatie ontvangt die tijdelijke intrekking van een preferentiële regeling kan rechtvaardigen en zij van oordeel is dat er voldoende redenen zijn voor een onderzoek, zij het Comité algemene preferenties daarvan in kennis stelt en dat comité om overleg verzoekt. Ingevolge artikel 17, lid 2, kan de Commissie na dat overleg besluiten een onderzoek te openen.

  6. Er moet worden onderzocht of de gevolgen van de opzegging van het verdrag in kwestie een tijdelijke intrekking van de bijzondere stimuleringsregeling rechtvaardigen. Er zijn dus voldoende redenen om een onderzoek te openen.

  7. Het overleg met het Comité algemene preferenties heeft op 27 februari 2012 plaatsgevonden,

HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:

Artikel 1

De Commissie opent een onderzoek om vast te stellen of de opzegging van het Enkelvoudig Verdrag van de Verenigde Naties inzake verdovende middelen door Bolivia een tijdelijke intrekking van de bijzondere stimuleringsregeling voor duurzame ontwikkeling en goed bestuur voor producten van oorsprong uit Bolivia rechtvaardigt.

Artikel 2

Dit besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt vastgesteld.

Gedaan te Brussel, 19 maart 2012.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel Barroso