In deze verordening wordt gespecificeerd welke gegevens door aanvragers moeten worden verstrekt om aan te tonen dat aan de voorwaarden voor een afwijking uit hoofde van artikel 11, lid 1, van Verordening (EU) nr. 510/2011 is voldaan.
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 114/2013 van de Commissie van 6 november 2012 houdende aanvulling van Verordening (EU) nr. 510/2011 van het Europees Parlement en de Raad, wat betreft de regels voor de toepassing van een afwijking van de specifieke CO 2 -emissiedoelstellingen voor nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen Voor de EER relevante tekst
Gedelegeerde Verordening (EU) nr. 114/2013 van de Commissie van 6 november 2012 houdende aanvulling van Verordening (EU) nr. 510/2011 van het Europees Parlement en de Raad, wat betreft de regels voor de toepassing van een afwijking van de specifieke CO 2 -emissiedoelstellingen voor nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen Voor de EER relevante tekst
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EU) nr. 510/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2011 tot vaststelling van emissienormen voor nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen in het kader van de geïntegreerde benadering van de Unie om de CO2-emissies van lichte voertuigen te beperken(1), en met name artikel 11, lid 7,
Overwegende hetgeen volgt:
Overeenkomstig artikel 11 van Verordening (EU) nr. 510/2011 kunnen fabrikanten van kleine aantallen (hierna „aanvragers” genoemd) alternatieve specifieke emissiedoelstellingen aanvragen die overeenstemmen met hun reductiepotentieel, inclusief het economische en technologische potentieel om hun specifieke CO2-emissies te beperken, rekening houdend met de kenmerken van de markt voor de geproduceerde types nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen.
Bij het bepalen van het reductiepotentieel van de aanvrager moet diens economische en technologische potentieel worden beoordeeld. Daarom moet de aanvrager gedetailleerde informatie over zijn economische activiteiten en de in de lichte bedrijfsvoertuigen gebruikte CO2-beperkende technologieën verstrekken. De gevraagde informatie heeft onder meer betrekking op gegevens die voor de aanvrager vlot beschikbaar zijn, en mag geen extra administratieve last opleveren.
Om de aanvragers een duidelijk referentieniveau voor de vaststelling van de specifieke emissiedoelstellingen te bieden, moeten de recentste beschikbare gegevens over de gemiddelde specifieke CO2-emissies in 2010 worden gebruikt. Indien deze gegevens ontbreken, moet de doelstelling worden getoetst aan de gemiddelde specifieke CO2-emissies in het eerstvolgende kalenderjaar na 2010 waarvoor deze gegevens beschikbaar zijn.
Om de toepassing te vergemakkelijken, moet een lijst van fabrikanten met hun gemiddelde specifieke CO2-emissies in 2010 worden verstrekt. De lijst is opgesteld volgens een op 9 juli 2012 gehouden officiële raadpleging van de lidstaten en de voornaamste belanghebbenden in de deskundigengroep voor de ontwikkeling en tenuitvoerlegging van beleid inzake CO2-emissies door wegvoertuigen.
Om rekening te houden met de beperkte hoeveelheid door bepaalde aanvragers aangeboden producten en met de daaruit voortvloeiende beperkte mogelijkheden voor de verdeling van de inspanningen ter reductie van de gemiddelde specifieke CO2-emissies over de vloot, moet de aanvragers de keuze worden gelaten tussen een vaste jaarlijkse specifieke emissiedoelstelling voor de hele afwijkingsperiode of verschillende jaarlijkse doelstellingen, die aan het einde van de afwijkingsperiode leiden tot een reductie ten opzichte van het referentieniveau van 2010.
Overeenkomstig de uitzonderingsbepaling inzake de toegang van het publiek tot documenten van artikel 4, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1049/2001 van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 2001 inzake de toegang van het publiek tot documenten van het Europees Parlement, de Raad en de Commissie(2), moeten bepaalde gegevens uit de aanvraag tot afwijking, met name gegevens inzake de productplanning van de aanvrager, de verwachte kosten en de gevolgen voor de winstgevendheid van de onderneming, worden uitgezonderd van de toegang van het publiek tot die gegevens, wanneer openbaarmaking daarvan zou leiden tot ondermijning van de bescherming van het commerciële belang. De afwijkingsbesluiten worden door de Commissie online gepubliceerd,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1 Onderwerp
Artikel 2 Definities
Voor de toepassing van deze verordening gelden naast de in de artikelen 2 en 3 van Verordening (EU) nr. 510/2011 vastgestelde definities de volgende definities:
-
„aanvrager”: een fabrikant in de zin van artikel 11, lid 1, van Verordening (EU) nr. 510/2011;
-
„voertuigkenmerken”: eigenschappen van het voertuig, waaronder de massa, de specifieke CO2-emissies, het aantal stoelen, de motorprestaties, de verhouding tussen vermogen en massa en de topsnelheid;
-
„kenmerken van de markt”: informatie over de voertuigkenmerken en de namen en prijscategorieën van de lichte bedrijfsvoertuigen die rechtstreeks concurreren met de voertuigen waarvoor een afwijking wordt aangevraagd;
-
„eigen productiefaciliteit”: een productie- of assemblagefabriek die uitsluitend door de aanvrager wordt gebruikt voor het exclusief voor die aanvrager produceren of assembleren van nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen, met inbegrip van voor de uitvoer bestemde lichte bedrijfsvoertuigen;
-
„eigen designcentrum”: een faciliteit waar het volledige voertuig wordt ontworpen en ontwikkeld en die onder leiding staat van de aanvrager en uitsluitend door hem wordt gebruikt.
Artikel 3 Aanvraag van een afwijking uit hoofde van artikel 11, lid 1, van Verordening (EU) nr. 510/2011
Een aanvraag van een afwijking uit hoofde van artikel 11, lid 1, van Verordening (EU) nr. 510/2011 wordt door de aanvrager ingediend overeenkomstig het in bijlage I bij de onderhavige verordening opgenomen formulier en met vermelding van de in de artikelen 4 en 5 van de onderhavige verordening bedoelde gegevens.
Artikel 4 Informatie over de ontvankelijkheidscriteria
De aanvrager verstrekt de volgende informatie met betrekking tot de ontvankelijkheidscriteria:
-
informatie over de eigendomsstructuur van de fabrikant of groep van onderling verbonden fabrikanten, vergezeld van de toepasselijke, in bijlage II opgenomen verklaring;
-
het aantal nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen dat officieel in de Unie is geregistreerd in de drie kalenderjaren voorafgaand aan de aanvraag waarvoor de aanvrager verantwoordelijk is, of wanneer die gegevens niet beschikbaar zijn, een van de volgende gegevens:
-
een op verifieerbare gegevens gebaseerde schatting van het aantal in de in de inleidende zin bedoelde periode geregistreerde nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen waarvoor de aanvrager verantwoordelijk is; ofwel,
-
als in de in de inleidende zin bedoelde periode geen lichte bedrijfsvoertuigen zijn geregistreerd, het aantal nieuwe lichte bedrijfsvoertuigen dat in het laatste kalenderjaar waarvoor dergelijke gegevens beschikbaar zijn, is geregistreerd.
-