Bij deze verordening worden de procedure en criteria vastgesteld die moeten worden toegepast om te bepalen of:
-
het hoofddoel van een voorgestelde spoorvervoersdienst erin bestaat passagiers te vervoeren tussen stations in verschillende lidstaten;
-
het economisch evenwicht van een openbaredienstcontract voor spoorvervoer door een internationale passagiersdienst per spoor in gevaar komt.