De bijlagen bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU worden gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij dit besluit.
Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/569 van de Commissie van 7 april 2015 tot wijziging van de bijlagen bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU met betrekking tot de gelijkwaardigheid van officieel tuberculosevrije rundveebeslagen in de lidstaten en Nieuw-Zeeland en de op het diergezondheidscertificaat verstrekte informatie over de hoeveelheid sperma (Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 2187) Voor de EER relevante tekst
Uitvoeringsbesluit (EU) 2015/569 van de Commissie van 7 april 2015 tot wijziging van de bijlagen bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU met betrekking tot de gelijkwaardigheid van officieel tuberculosevrije rundveebeslagen in de lidstaten en Nieuw-Zeeland en de op het diergezondheidscertificaat verstrekte informatie over de hoeveelheid sperma (Kennisgeving geschied onder nummer C(2015) 2187) Voor de EER relevante tekst
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn 88/407/EEG van de Raad van 14 juni 1988 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften van toepassing op het intracommunautaire handelsverkeer in sperma van runderen en de invoer daarvan(1), en met name artikel 8, lid 1, artikel 10, lid 2, eerste alinea, artikel 10, lid 3, en artikel 11, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
Bijlage I bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU van de Commissie(2) bevat een lijst met derde landen of delen daarvan waaruit de lidstaten de invoer van rundersperma („sperma”) moeten toestaan. Nieuw-Zeeland staat op die lijst. In bijlage II, deel 1, afdeling A, bij dat uitvoeringsbesluit is het model opgenomen van het diergezondheidscertificaat dat van toepassing is op de invoer in en doorvoer door de Unie van sperma dat wordt verzonden uit het spermacentrum waar het sperma is gewonnen.
Richtlijn 64/432/EEG van de Raad(3) stelt regels vast voor het handelsverkeer in runderen binnen de Unie en voorziet in controle- en uitroeiingsprogramma's voor bepaalde ziekten die bij deze dieren voorkomen, waaronder tuberculose. Nieuw-Zeeland heeft een verzoek ingediend tot erkenning van zijn controleprogramma voor rundertuberculose als gelijkwaardig aan de controle- en uitroeiingsprogramma's die door de lidstaten overeenkomstig de voorwaarden van bijlage A.I bij Richtlijn 64/432/EEG worden uitgevoerd. Uit de informatie die door Nieuw-Zeeland over zijn controleprogramma voor rundertuberculose is verstrekt, blijkt dat de status met betrekking tot rundertuberculose van een rundveebeslag dat in het kader van de Nieuw-Zeelandse nationale strategie voor de bestrijding van rundertuberculose als „C2” is ingedeeld, gelijkwaardig is aan de status met betrekking tot rundertuberculose van een rundveebeslag dat in een lidstaat overeenkomstig de voorwaarden in bijlage A.I bij Richtlijn 64/432/EEG als een „officieel tuberculosevrij rundveebeslag” is erkend.
Daarom moeten de lijst met derde landen of delen daarvan waaruit de lidstaten de invoer van sperma moeten toestaan in bijlage I en het model van het diergezondheidscertificaat in bijlage II, deel 1, afdeling A, bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU zodanig worden gewijzigd dat zij de speciale voorwaarden weerspiegelen waaronder de Unie erkent dat de indeling van rundveebeslagen als „C2” in het kader van het in Nieuw-Zeeland geldende controleprogramma voor rundertuberculose gelijkwaardig is aan de voorwaarden voor de erkenning van een rundveebeslag als „officieel tuberculosevrij rundveebeslag” zoals vastgelegd in bijlage A.I bij Richtlijn 64/432/EEG.
Om de administratieve last voor de dierenarts van het centrum en de officiële dierenarts verder te verlichten, is het wenselijk om de informatie over de totale hoeveelheid rietjes sperma in de zending uit punt I.28 van het model van het diergezondheidscertificaat in bijlage II, deel 1, afdeling A, bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU te verwijderen, aangezien deze informatie reeds in punt I.20 van dat model wordt vermeld.
Daarnaast is het noodzakelijk bij punt I.28 van het model van het diergezondheidscertificaat in bijlage II, deel 1, afdeling A, bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU in de tabel een kolom toe te voegen waarin informatie kan worden gegeven over het aantal rietjes sperma dat op een bepaalde datum is gewonnen van een geïdentificeerde donorstier die voldoet aan specifieke voorwaarden voor bluetongue en epizoötische hemorragische ziekte.
De bijlagen I en II bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU moeten daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.
Om te voorkomen dat de invoer in de Unie van zendingen met rundersperma wordt onderbroken, moet het gebruik van diergezondheidscertificaten die zijn afgegeven overeenkomstig bijlage II, deel 1, afdeling A bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU in de versie vóór de inwerkingtreding van het onderhavige besluit onder bepaalde voorwaarden gedurende een overgangsperiode worden toegestaan.
De in dit besluit vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,
HEEFT HET VOLGENDE BESLUIT VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 2
Zendingen met rundersperma die vergezeld gaan van een bijbehorend diergezondheidscertificaat dat uiterlijk op 1 juni 2015 is afgegeven overeenkomstig het model van het diergezondheidscertificaat in bijlage II, deel 1, afdeling A, bij Uitvoeringsbesluit 2011/630/EU in de versie van vóór de inwerkingtreding van het onderhavige besluit, mogen nog tot en met 30 juni 2015 in de Unie worden binnengebracht.
Artikel 3
Dit besluit is gericht tot de lidstaten.
Gedaan te Brussel, 7 april 2015.
Voor de Commissie
Vytenis Andriukaitis
Lid van de Commissie