Verzekerings- en herverzekeringsondernemingen die een matchingopslag wensen te gebruiken, dienen schriftelijk een aanvraag tot voorafgaande goedkeuring bij de toezichthoudende autoriteiten in.
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/500 van de Commissie van 24 maart 2015 tot vaststelling van technische uitvoeringsnormen met betrekking tot de procedure voor goedkeuring door de toezichthoudende autoriteiten van de toepassing van een matchingopslag overeenkomstig Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad Voor de EER relevante tekst
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/500 van de Commissie van 24 maart 2015 tot vaststelling van technische uitvoeringsnormen met betrekking tot de procedure voor goedkeuring door de toezichthoudende autoriteiten van de toepassing van een matchingopslag overeenkomstig Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad Voor de EER relevante tekst
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Richtlijn 2009/138/EG van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2009 betreffende de toegang tot en uitoefening van het verzekerings- en het herverzekeringsbedrijf (Solvabiliteit II)(1), en met name artikel 86, lid 3,
Overwegende hetgeen volgt:
Op grond van artikel 77 ter van Richtlijn 2009/138/EG kunnen verzekerings- en herverzekeringsondernemingen een matchingopslag in verband met de relevante risicovrije rentetermijnstructuur toepassen waarvoor de toezichthoudende autoriteiten voorafgaand toestemming moeten geven, indien aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Er moeten voorschriften worden vastgesteld met betrekking tot de te volgen procedures voor de goedkeuring van de toepassing van een matchingopslag.
Een aanvraag kan als volledig worden beschouwd als zij alle relevante informatie bevat die de toezichthoudende autoriteiten nodig hebben om de aanvraag te kunnen beoordelen en een besluit te nemen. Opdat de toezichthoudende autoriteiten op een geharmoniseerde basis een aanvraag kunnen beoordelen en daarover een besluit kunnen nemen, moet een aanvraag bewijs bevatten dat aan alle in artikel 77 ter van Richtlijn 2009/138/EG vastgestelde voorwaarden is voldaan.
De aanvraag voor de toepassing van een matchingopslag vormt een strategische beslissing om redenen van risicobeheer en kapitaalplanning. Omdat het bestuurlijk, beleidsbepalend of toezichthoudend orgaan op grond van artikel 40 van Richtlijn 2009/138/EG de eindverantwoordelijkheid voor de naleving draagt, moet zijn betrokkenheid bij het besluitvormingsproces over de aanvraag zorgvuldig in aanmerking worden genomen.
Niet alleen in artikel 77 ter van Richtlijn 2009/138/EG, maar ook in de artikelen 44, 45 en 77 quater van die richtlijn zijn voorschriften opgenomen die gelden voor alle verzekerings- en herverzekeringsondernemingen die een matchingopslag toepassen. Een aanvraag moet daarom bewijs bevatten dat aan al die voorschriften zal worden voldaan als goedkeuring wordt verleend.
De te volgen procedures voor goedkeuring van de matchingopslag voorzien in voortdurende communicatie tussen de toezichthoudende autoriteiten en de verzekerings- of herverzekeringsondernemingen. Dit houdt in dat er communicatie plaatsvindt zowel vóórdat een formele aanvraag bij de toezichthoudende autoriteiten wordt ingediend als nadat een aanvraag is goedgekeurd, door middel van het toezichtsproces. Een dergelijke voortdurende communicatie is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat de beoordelingen door de toezichthoudende autoriteit gebaseerd zijn op relevante en actuele informatie.
Om de procedure vlot en efficiënt te laten verlopen, moeten de toezichthoudende autoriteiten vóór hun definitieve besluit tot goedkeuring of afwijzing van de aanvraag van verzekerings- en herverzekeringsondernemingen kunnen verlangen dat zij hun aanvraag wijzigen, wanneer het ingediende bewijs niet voldoende aantoont dat aan de in artikel 77 ter van Richtlijn 2009/138/EG vastgestelde voorwaarden is voldaan.
De toezichthoudende autoriteiten moeten niet alleen het in een aanvraag opgenomen bewijs in aanmerking nemen, maar ook andere factoren die relevant zijn om te kunnen besluiten of aan de voorschriften van Richtlijn 2009/138/EG is voldaan.
Omdat matchingportefeuilles in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening kunnen worden beheerd, moeten ondernemingen die voor de toepassing van een matchingopslag voor de waardering van de overeenstemmende verplichtingen goedkeuring hebben gekregen, ook goedkeuring krijgen om die opslag toe te passen voor de waardering van toekomstige verzekeringsverplichtingen, voor zover die verplichtingen en de daarmee overeenstemmende activa dezelfde kenmerken hebben als de verplichtingen en activa in de initiële matchingportefeuille en dus dezelfde risico's voor de betrokken onderneming met zich brengen.
Wegens de onderlinge samenhang tussen de verschillende goedkeuringsaanvragen op grond van Richtlijn 2009/138/EG moet de verzekerings- of herverzekeringsonderneming, wanneer zij een aanvraag tot goedkeuring van een matchingopslag indient, de toezichthoudende autoriteit in kennis stellen van andere aanvragen met betrekking tot in artikel 308 bis, lid 1, van Richtlijn 2009/138/EG genoemde elementen, die in behandeling zijn of in de eerstkomende zes maanden zijn voorgenomen. Een dergelijk voorschrift is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat de beoordelingen door de toezichthoudende autoriteit gebaseerd zijn op transparante en objectieve informatie.
Deze verordening is gebaseerd op de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen die de Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen bij de Europese Commissie heeft ingediend.
De Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen heeft open publieksraadplegingen gehouden over de ontwerpen van technische uitvoeringsnormen waarop deze verordening is gebaseerd, de potentiële desbetreffende kosten en baten geanalyseerd en het advies van de overeenkomstig artikel 37 van Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad opgerichte Stakeholdergroep verzekeringen en herverzekeringen ingewonnen(2).
Ter bevordering van de rechtszekerheid omtrent het toezichtkader gedurende de in artikel 308 bis van Richtlijn 2009/138/EG bedoelde periode van gefaseerde invoering, welke op 1 april 2015 zal aanvangen, is het van belang ervoor te zorgen dat deze verordening zo spoedig mogelijk in werking treedt, namelijk op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1 Aanvraag voor het gebruik van een matchingopslag
De aanvraag wordt ingediend in een van de officiële talen van de lidstaat waar de verzekerings- of herverzekeringsonderneming haar hoofdkantoor heeft, of in een taal die met de toezichthoudende autoriteit is overeengekomen, en bevat ten minste de informatie die in de artikelen 3 tot en met 6 van deze verordening wordt vereist.
Verzekerings- en herverzekeringsondernemingen zorgen ervoor dat de aanvraag alle andere relevante informatie bevat die de toezichthoudende autoriteit volgens hen nodig kan hebben om de aanvraag te beoordelen en daarover een besluit te nemen. De aanvraag bevat documenten die het interne besluitvormingsproces van de verzekerings- of herverzekeringsonderneming met betrekking tot de aanvraag aantonen.
Wanneer een aanvraag wordt ingediend met betrekking tot meer dan één portefeuille van verzekerings- of herverzekeringsverplichtingen, bevat de aanvraag het in de artikelen 3 tot en met 6 van deze verordening vereiste bewijs afzonderlijk voor elke portefeuille waarop de aanvraag betrekking heeft.
Artikel 2 Inhoud van de aanvraag met betrekking tot de toegewezen activaportefeuille
Met betrekking tot de in artikel 77 ter, lid 1, onder a), van Richtlijn 2009/138/EG vereiste toegewezen activaportefeuille bevat de aanvraag ten minste het volgende:
-
bewijs dat de toegewezen activaportefeuille aan alle in artikel 77 ter, lid 1, van Richtlijn 2009/138/EG gespecificeerde voorwaarden voldoet;
-
nadere gegevens van de activa in de toegewezen portefeuille, die bestaan uit informatie over de activa per lijn samen met de procedure die wordt gevolgd om dergelijke activa per activacategorie, kredietkwaliteit en looptijd te groeperen teneinde de in artikel 77 quater, lid 1, onder b), van Richtlijn 2009/138/EG bedoelde fundamentele spread te kunnen bepalen;
-
een beschrijving van het gevolgde proces om de toegewezen activaportefeuille overeenkomstig artikel 77 ter, lid 1, onder a), van Richtlijn 2009/138/EG te behouden, daaronder begrepen het proces om de replicatie van de verwachte kasstromen te behouden wanneer de kasstromen wezenlijk zijn veranderd.
Artikel 3 Inhoud van de aanvraag met betrekking tot de portefeuille van verzekerings- of herverzekeringsverplichtingen
Met betrekking tot de portefeuille van verzekerings- of herverzekeringsverplichtingen waarvoor de matchingopslag moet gelden, bevat de aanvraag ten minste het volgende:
-
bewijs dat de verzekerings- of herverzekeringsverplichtingen aan alle in artikel 77 ter, lid 1, onder d), e), g) en j), van Richtlijn 2009/138/EG gespecificeerde criteria voldoen;
-
wanneer het mortaliteitsrisico aanwezig is, kwantitatief bewijs dat de beste schatting van de portefeuille van verzekerings- of herverzekeringsverplichtingen met niet meer dan 5 % toeneemt onder de mortaliteitsrisicostress die in artikel 52 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/35 van de Commissie(3) is gespecificeerd.
Artikel 4 Inhoud van de schriftelijke aanvraag met betrekking tot kasstroommatching en portefeuillebeheer
Met betrekking tot de kasstroommatching en het beheer van de in aanmerking komende portefeuille van verplichtingen en de toegewezen activaportefeuille bevat de aanvraag ten minste het volgende:
-
kwantitatief bewijs dat aan de criteria van artikel 77 ter, lid 1, onder c), van Richtlijn 2009/138/EG is voldaan, daaronder begrepen een kwantitatieve en kwalitatieve beoordeling van de vraag of een eventuele mismatch geen wezenlijke risico's oplevert in verhouding tot de risico's die eigen zijn aan de verzekerings- of herverzekeringsactiviteit waarvoor de matchingsopslag moet gelden;
-
bewijs dat adequate processen zullen worden ingevoerd om de portefeuille van verplichtingen en de toegewezen activaportefeuille afzonderlijk van andere activiteiten van de onderneming te identificeren, te organiseren en te beheren, en ervoor te zorgen dat de toegewezen activaportefeuille niet kan worden gebruikt ter dekking van verliezen die ontstaan bij andere activiteiten van de onderneming, overeenkomstig artikel 77 ter, lid 1, onder b), van Richtlijn 2009/138/EG;
-
bewijs van hoe de eigen middelen overeenkomstig artikel 81 van Richtlijn 2009/138/EG zullen worden gecorrigeerd om een verminderde overdraagbaarheid te weerspiegelen;
-
bewijs van hoe het solvabiliteitskapitaalvereiste zal worden gecorrigeerd om aan te geven dat er minder ruimte is voor risicodiversificatie. Wanneer dit relevant is, omvat dit bewijs dat de artikelen 216, 217 en 234 van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/35 zijn nageleefd. Wanneer verzekerings- en herverzekeringsondernemingen van plan zijn het solvabiliteitskapitaalvereiste te berekenen aan de hand van een intern model maar daarvoor niet de vereiste goedkeuring van de toezichthoudende autoriteit hebben gekregen, wordt het in dit lid vereiste bewijs ingediend op basis van het resultaat van de standaardformule en van het niet-goedgekeurde interne model.