Bijlage I bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 136/2012 wordt vervangen door de tekst in bijlage I bij deze verordening.
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1414 van de Commissie van 20 augustus 2015 houdende wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 136/2012 tot verlening van een vergunning voor natriumwaterstofsulfaat als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor gezelschapsdieren en andere niet-voedselproducerende dieren (Voor de EER relevante tekst)
Uitvoeringsverordening (EU) 2015/1414 van de Commissie van 20 augustus 2015 houdende wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 136/2012 tot verlening van een vergunning voor natriumwaterstofsulfaat als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor gezelschapsdieren en andere niet-voedselproducerende dieren (Voor de EER relevante tekst)
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding(1), en met name artikel 13, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
De verlening van vergunningen voor toevoegingsmiddelen voor diervoeding, met inbegrip van de vergunningsgronden en -procedures, is geregeld bij Verordening (EG) nr. 1831/2003.
Het gebruik van natriumwaterstofsulfaat was bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 136/2012 van de Commissie(2) voor een periode van tien jaar toegestaan voor gezelschapsdieren en andere niet-voedselproducerende dieren.
Overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 is een aanvraag voor een wijziging van de gebruiksvoorwaarden ingediend. De krachtens artikel 7, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vereiste gegevens en documenten waren bij de aanvraag gevoegd.
De aanvraag betreft een wijziging van de gebruiksvoorwaarden voor gezelschapsdieren en andere niet-voedselproducerende dieren met het verzoek om wijziging van het gehalte van het toevoegingsmiddel in het volledige diervoeder.
De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid heeft in haar advies van 22 mei 2014(3) geconcludeerd dat, onder de voorgestelde gebruiksvoorwaarden, het eerder vastgestelde gehalte van natriumwaterstofsulfaat als zuurteregelaar en als aromatische stof op basis van nieuw ontvangen gegevens moet worden gewijzigd.
Om het gebruik van natriumwaterstofsulfaat onder de voorgestelde nieuwe voorwaarden toe te laten, dient Uitvoeringsverordening (EU) nr. 136/2012 te worden gewijzigd.
Uit de beoordeling van natriumwaterstofsulfaat blijkt dat aan de in artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vermelde voorwaarden voor de verlening van een vergunning is voldaan. Het gebruik van dit preparaat zoals omschreven in de bijlagen bij deze verordening moet daarom worden toegestaan.
Aangezien er geen veiligheidsredenen zijn die de onmiddellijke toepassing van de wijzigingen van de vergunningsvoorwaarden vereisen, moet een overgangsperiode worden vastgesteld om de belanghebbende partijen in staat te stellen zich voor te bereiden om aan de nieuwe eisen van de vergunning te voldoen.
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1
Artikel 2
Bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 136/2012 wordt vervangen door de tekst in bijlage II bij deze verordening.
Artikel 3
De in de bijlage beschreven stof en diervoeders die deze stof bevatten, die vóór 10 september 2017 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 10 september 2015 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en worden gebruikt totdat de bestaande voorraden zijn uitgeput.
Artikel 4
Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.