Home

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/323 van de Commissie van 24 februari 2016 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen inzake samenwerking en inlichtingenuitwisseling tussen de lidstaten over goederen onder een accijnsschorsingsregeling overeenkomstig Verordening (EU) nr. 389/2012 van de Raad

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/323 van de Commissie van 24 februari 2016 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen inzake samenwerking en inlichtingenuitwisseling tussen de lidstaten over goederen onder een accijnsschorsingsregeling overeenkomstig Verordening (EU) nr. 389/2012 van de Raad

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EU) nr. 389/2012 van de Raad van 2 mei 2012 betreffende administratieve samenwerking op het gebied van de accijnzen en houdende intrekking van Verordening (EG) nr. 2073/2004(1), en met name artikel 9, lid 2, artikel 15, lid 5, en artikel 16, lid 3,

Na raadpleging van de Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming,

Overwegende hetgeen volgt:

  1. Voor de uitwisseling van inlichtingen zoals bedoeld in de artikelen 8, 15 en 16 van Verordening (EU) nr. 389/2012 betreffende goederen onder een accijnsschorsingsregeling moet voornamelijk worden gebruikgemaakt van een geautomatiseerd systeem. Daarom moeten de structuur en de inhoud worden vastgesteld van de documenten voor wederzijdse administratieve bijstand waarbij deze inlichtingen worden doorgeven.

  2. Om goederen onder een accijnsschorsingsregeling doeltreffend te kunnen controleren, moet de verzoekende autoriteit een andere bevoegde autoriteit om de geschiedenis van overbrenging van goederen onder een accijnsschorsingsregeling binnen de Unie kunnen vragen door de overeenkomstig artikel 21, lid 3, van Richtlijn 2008/118/EG van de Raad(2) toegekende administratieve referentiecode van het betreffende elektronische administratieve document te verstrekken. De aangezochte autoriteiten moeten dergelijke verzoeken automatisch kunnen beantwoorden. Het antwoord moet alle elektronische documenten en overige uitgewisselde inlichtingen overeenkomstig artikel 21 tot en met 25 van Richtlijn 2008/118/EG bevatten.

  3. Wanneer de verzoekende autoriteit de administratieve referentiecode van het elektronische administratieve document onder dekking waarvan een overbrenging van goederen onder een accijnsschorsingsregeling binnen de Unie plaatsvindt, niet kent, moet de verzoekende autoriteit de betreffende administratieve referentiecode kunnen verkrijgen door andere relevante gegevens over de overbrenging te verstrekken.

  4. Om te controleren of handelaren de bepalingen van hoofdstuk III en hoofdstuk IV van Richtlijn 2008/118/EG naleven, moeten in sommige gevallen gegevens worden verzameld die uitsluitend buiten het geautomatiseerde systeem te vinden zijn. Om dergelijke gegevens te vinden, moet het geautomatiseerde systeem daarom de verzending van verzoeken om administratieve samenwerking en de antwoorden op deze verzoeken ondersteunen. Het geautomatiseerde systeem moet tevens het verzenden van wettelijk gerechtvaardigde weigeringen van de aangezochte autoriteiten ondersteunen.

  5. Het geautomatiseerde systeem moet voorzien in standaardformaten voor documenten voor wederzijdse administratieve bijstand ter ondersteuning van de verplichte inlichtingenuitwisseling wanneer er vermoedelijk of daadwerkelijk een onregelmatigheid of een inbreuk op het gebied van de accijnswetgeving heeft plaatsgevonden.

  6. Er moet voor worden gezorgd dat het geautomatiseerde systeem op dezelfde manier wordt gebruikt voor inlichtingen die facultatief worden uitgewisseld als voor inlichtingen die op verplichte basis worden uitgewisseld. In beide gevallen moeten dezelfde documenten voor wederzijdse administratieve bijstand worden gebruikt.

  7. De bevoegde autoriteiten van de lidstaten moeten op een uniforme manier rapporten kunnen ontvangen of verstrekken over de vervolgmaatregelen die op basis van de uitgewisselde inlichtingen zijn genomen.

  8. Er moeten nadere regels worden vastgesteld voor de uitwisseling van inlichtingen ten behoeve van de administratieve samenwerking wanneer het geautomatiseerde systeem niet beschikbaar is en voor het opslaan van deze inlichtingen in het geautomatiseerde systeem wanneer dit weer beschikbaar is.

  9. Er moet worden vastgesteld in welke situaties de lidstaten documenten voor wederzijdse administratieve bijstand in de noodprocedure moeten gebruiken voor de verplichte inlichtingenuitwisseling.

  10. De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Accijnscomité,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1 Onderwerp

Met het oog op de samenwerking en inlichtingenuitwisseling tussen de lidstaten op het gebied van goederen onder een accijnsschorsingsregeling, worden in deze verordening bepalingen vastgesteld inzake:

  1. de structuur en de inhoud van de documenten voor wederzijdse administratieve bijstand die worden uitgewisseld via het geautomatiseerde systeem zoals bedoeld in artikel 2, punt 8, van Verordening (EU) nr. 389/2012, voor de toepassing van de artikelen 8, 15 en 16 van die verordening;

  2. de structuur en de inhoud van het rapport over de vervolgmaatregelen die genomen zijn als gevolg van de samenwerking op verzoek of de facultatieve mededeling van inlichtingen;

  3. de regels en procedures die de bevoegde autoriteiten moeten volgen bij de uitwisseling van documenten voor wederzijdse administratieve bijstand;

  4. de structuur en de inhoud van de documenten voor wederzijdse administratieve bijstand in de noodprocedure en de regels en procedures voor het gebruik ervan.

Artikel 2 Definities

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a) „overbrenging” :
een overbrenging tussen twee of meer lidstaten van goederen onder een accijnsschorsingsregeling in de zin van hoofdstuk IV van Richtlijn 2008/118/EG;
b) „CCN beveiligde e-mailsysteem” :
de beveiligde e-maildienst als onderdeel van het CCN/CSI-netwerk.

Artikel 3 Structuur en inhoud van documenten voor wederzijdse administratieve bijstand

1.

De documenten voor wederzijdse administratieve bijstand worden opgesteld overeenkomstig bijlage I.

2.

Wanneer er codes nodig zijn om bepaalde gegevensvelden in de documenten voor administratieve bijstand in te vullen overeenkomstig bijlage I bij deze verordening, moeten de codes in bijlage II bij deze verordening, bijlage II bij Uitvoeringsverordening (EU) nr. 612/2013 van de Commissie(3) en bijlage II bij Verordening (EG) nr. 684/2009 van de Commissie(4) worden gebruikt zoals vermeld in de tabellen van bijlage I bij deze verordening.

HOOFDSTUK II SAMENWERKING OP VERZOEK

AFDELING I Verzoeken om gegevens te downloaden die in het geautomatiseerde systeem zijn opgeslagen

Artikel 4 Verzoek om gegevens te downloaden wanneer de verzoekende autoriteit kennis heeft van de administratieve referentiecode van een overbrenging

Artikel 5 Verzoek om gegevens te downloaden wanneer de verzoekende autoriteit geen kennis heeft van de administratieve referentiecode

AFDELING II Verzoeken om inlichtingen die niet in het geautomatiseerde systeem zijn opgenomen

Artikel 6 Verzoeken om inlichtingen en administratieve onderzoeken

AFDELING III Termijnen en weigeringen

Artikel 7 Termijnen

Artikel 8 Weigering om samen te werken

HOOFDSTUK III UITWISSELING VAN INLICHTINGEN ZONDER VOORAFGAAND VERZOEK

Artikel 9 Facultatieve uitwisseling van inlichtingen

Artikel 10 Verplichte uitwisseling van inlichtingen — goederen onder een accijnsschorsingsregeling die onder de bepalingen van hoofdstuk III van Richtlijn 2008/118/EG vallen of goederen die door een geregistreerde geadresseerde zijn ontvangen

Artikel 11 Verplichte uitwisseling van inlichtingen — controleverslag

Artikel 12 Verplichte uitwisseling van inlichtingen — definitieve onderbreking van een overbrenging

Artikel 13 Verplichte uitwisseling van inlichtingen — waarschuwing of afwijzing kennisgeving

Artikel 14 Verplichte uitwisseling van inlichtingen — voorvalverslag

HOOFDSTUK IV GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN INZAKE DE UITWISSELING VAN INLICHTINGEN

Artikel 15 Niet-beschikbaarheid van het geautomatiseerde systeem en het gebruik van het document voor wederzijdse administratieve bijstand in de noodprocedure

Artikel 16 Rapport over genomen vervolgmaatregel als gevolg van de uitwisseling van inlichtingen

HOOFDSTUK V SLOTBEPALINGEN

Artikel 17 Inwerkingtreding

BIJLAGE I

BIJLAGE II