Voor het in de bijlage gespecificeerde preparaat, dat behoort tot de categorie „zoötechnische toevoegingsmiddelen” en de functionele groep „verteringsbevorderaars”, wordt onder de in die bijlage vastgestelde voorwaarden een vergunning voor gebruik als toevoegingsmiddel voor diervoeding verleend.
Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1896 van de Commissie van 17 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541), als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen, legkippen, mestvarkens, minder gangbare pluimveesoorten en kleine varkenssoorten gehouden voor mestdoeleinden en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 255/2005 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 668/2003 (vergunninghouder Andrés Pintaluba SA) (Voor de EER relevante tekst. )
Uitvoeringsverordening (EU) 2017/1896 van de Commissie van 17 oktober 2017 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541), als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen, legkippen, mestvarkens, minder gangbare pluimveesoorten en kleine varkenssoorten gehouden voor mestdoeleinden en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 255/2005 en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 668/2003 (vergunninghouder Andrés Pintaluba SA) (Voor de EER relevante tekst. )
DE EUROPESE COMMISSIE,
Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,
Gezien Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding(1), en met name artikel 9, lid 2,
Overwegende hetgeen volgt:
De verlening van vergunningen voor toevoegingsmiddelen voor diervoeding, met inbegrip van de vergunningsgronden en -procedures, is geregeld bij Verordening (EG) nr. 1831/2003. Artikel 10 van die verordening voorziet in de herbeoordeling van toevoegingsmiddelen waarvoor een vergunning is verleend overeenkomstig Richtlijn 70/524/EEG van de Raad(2).
Voor het gebruik van een preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541) is overeenkomstig Richtlijn 70/524/EEG een vergunning zonder tijdsbeperking verleend als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor mestkippen bij Verordening (EG) nr. 668/2003 van de Commissie(3) en voor legkippen bij Verordening (EG) nr. 255/2005 van de Commissie(4). Vervolgens is het preparaat overeenkomstig artikel 10, lid 1, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 als bestaand product opgenomen in het repertorium van toevoegingsmiddelen voor diervoeding.
Overeenkomstig artikel 10, lid 2, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 in samenhang met artikel 7 van die verordening is een aanvraag ingediend voor de herbeoordeling van het preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541), als toevoegingsmiddel voor voeding voor mestkippen, legkippen en, overeenkomstig artikel 7 van die verordening, voor een nieuw gebruik voor mestvarkens, minder gangbare pluimveesoorten en kleine varkenssoorten, waarbij is verzocht om indeling van dat toevoegingsmiddel in de categorie „zoötechnische toevoegingsmiddelen”. Bij de aanvraag waren de krachtens artikel 7, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vereiste nadere gegevens en documenten gevoegd.
De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft in haar adviezen van 11 juli 2013(5) en 25 januari 2017(6) geconcludeerd dat het preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541), onder de voorgestelde gebruiksvoorwaarden geen ongunstige gevolgen voor de diergezondheid, de menselijke gezondheid of het milieu heeft. De EFSA concludeerde tevens dat het preparaat een gunstige invloed kan hebben op de verbetering van zoötechnische parameters van mestkippen, legkippen en mestvarkens. Verder was de EFSA van oordeel dat de werking van de enzymen in het toevoegingsmiddel als vergelijkbaar kan worden beschouwd in minder gangbare pluimveesoorten en kleine varkenssoorten, en dat derhalve de conclusie over de werkzaamheid in mestkippen, legkippen en mestvarkens kan worden geëxtrapoleerd tot minder gangbare pluimveesoorten en kleine varkenssoorten gehouden voor mestdoeleinden. Specifieke eisen voor monitoring na het in de handel brengen acht de EFSA niet nodig. De EFSA heeft ook het verslag over de analysemethode voor het toevoegingsmiddel voor diervoeding geverifieerd dat door het bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 ingestelde referentielaboratorium was ingediend.
Uit de beoordeling van het preparaat van endo-1,3(4)-bèta-glucanase (EC 3.2.1.6) en endo-1,4-bèta-xylanase (EC 3.2.1.8), geproduceerd door Aspergillus niger (NRRL 25541), blijkt dat aan de in artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vermelde voorwaarden voor de verlening van een vergunning wordt voldaan. Het gebruik van dat preparaat zoals omschreven in de bijlage bij deze verordening moet daarom worden toegestaan.
Aangezien er geen veiligheidsredenen zijn die de onmiddellijke toepassing van de wijzigingen van de vergunningsvoorwaarden vereisen, moet een overgangsperiode worden vastgesteld om de belanghebbende partijen in staat te stellen zich voor te bereiden om aan de nieuwe eisen van de vergunning te voldoen.
Verordening (EG) nr. 255/2005 moet dienovereenkomstig worden gewijzigd. Verordening (EG) nr. 668/2003 moet worden ingetrokken.
De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,
HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:
Artikel 1 Vergunningverlening
Artikel 2 Wijziging van Verordening (EG) nr. 255/2005
In bijlage II bij Verordening (EG) nr. 255/2005 wordt vermelding E 1601 betreffende „endo-1,3(4)-bèta-glucanase EC 3.2.1.6” en „endo-1,4-bèta-xylanase EC 3.2.1.8” geschrapt.
Artikel 3 Intrekking
Verordening (EG) nr. 668/2003 wordt ingetrokken.
Artikel 4 Overgangsmaatregelen
Het in de bijlage omschreven preparaat en diervoeding die dat preparaat bevat die vóór 7 mei 2018 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 7 november 2017 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en worden gebruikt totdat de bestaande voorraden zijn uitgeput.